|

Jules

Jules

Nadat Nickie was weggegaan, liep ik naar boven, naar jouw slaapkamer. Op je bed lag alleen nog een matras, dus pakte ik een van je jassen uit de kast, een lichtbruine kasjmieren mantel, veel zachter en luxueuzer dan ik ooit zou kunnen bezitten. Ik trok hem aan, maar ik had het nog steeds veel kouder dan toen in het water. Ik lag een hele tijd op je bed, te stijf en te moe om me te bewegen; ik had het gevoel dat ik wachtte tot ik weer warm werd, totdat mijn bloed weer ging stromen, mijn hart weer ging kloppen. Ik wachtte tot ik jou zou horen in mijn hoofd, maar je zei niets.

Alsjeblieft, Nel, dacht ik, zeg iets. Ik heb toch gezegd dat het me speet?

Ik stelde me voor hoe jij ijzig zou reageren: al die tijd, Julia. Ik wilde alleen maar met je praten. En: hoe kon je dat nu van me denken? Hoe kon je denken dat ik een verkrachting zomaar van tafel zou vegen, dat ik je er zelfs mee zou pesten?

Dat weet ik ook niet, Nel. Het spijt me.

Toen je je mond bleef houden, veranderde ik van tactiek. Vertel me dan over Lauren. Vertel me over die lastige vrouwen. Vertel me over Patrick Townsend. Vertel me wat je me wilde vertellen. Maar je zei geen woord. Ik vóélde bijna dat je zat te mokken.

De telefoon ging over en op het felblauwe scherm zag ik brigadier Morgans naam verschijnen. Ik had heel even de neiging om niet op te nemen. Wat zou ik doen als er iets met Lena was gebeurd? Hoe kon ik ooit goedmaken wat ik verkeerd had gedaan, als zij er ook niet meer was? Met trillende hand bracht ik mijn mobiel naar mijn oor. En zie daar! Mijn hart ging weer kloppen en stuwde warm bloed door mijn ledematen. Ze was veilig! Lena was veilig. Ze hadden haar gevonden. Ze zouden haar naar huis brengen.

 

Het leek een eeuwigheid te duren, uren en uren, voordat ik een autoportier hoorde dichtslaan en mezelf zover kreeg dat ik opstond, jouw jas uittrok en de trap af rende. Erin stond al onder aan het buitentrapje en keek toe hoe Sean Lena uit zijn auto hielp.

Er hing een mannenjack over Lena’s schouders en haar gezicht was bleek en vies. Maar ze was in orde. Ze was ongedeerd. Het ging goed met haar. Pas toen ze opkeek en ik haar ogen zag, wist ik dat dat niet klopte.

Ze liep voorzichtig, zette haar voeten zorgvuldig neer, en ik wist hoe dat voelde. Haar armen had ze beschermend om zich heen geslagen; toen Sean haar arm wilde pakken om haar naar het huis te leiden, kromp ze ineen. Ik dacht aan de man die haar ontvoerd had, aan zijn voorkeur voor tienermeisjes. Mijn maag draaide zich om en ik proefde de zoete wodka met sinaasappelsap, voelde de hete adem in mijn gezicht, de druk van vingers op zacht vlees.

‘Lena,’ zei ik, en ze knikte naar me. Ik zag dat er geen viezigheid op haar gezicht zat, maar bloed, afkomstig van haar mond en haar kin. Ik strekte mijn arm naar haar uit, maar ze omklemde zichzelf nog steviger, dus liep ik achter haar aan de stenen treden op. In de gang keken we elkaar aan. Ze liet het jack op de grond glijden. Ik bukte me om het op te rapen, maar Erin was me voor. Ze gaf het jack aan Sean en er gebeurde iets tussen hen, een blik die ik niet kon duiden, maar het had boosheid kunnen zijn.

‘Waar is hij?’ fluisterde ik tegen Sean. Lena stond bij het aanrecht en dronk water rechtstreeks uit de kraan. ‘Waar is Henderson?’ Ik wilde hem pijn doen, de man die een vertrouwenspositie bekleedde en er vervolgens misbruik van had gemaakt. Ik wilde hem vastgrijpen, zijn zaakje omdraaien en eraf rukken; mannen als hij verdienden niet beter.

‘We zijn naar hem op zoek,’ zei hij. ‘Onze mensen staan op de uitkijk.’

‘Hoe bedoel je, op de uitkijk? Was ze dan niet bij hem?’

‘Dat wel, maar...’

Lena stond nog steeds water naar binnen te klokken.

‘Ben je met haar naar het ziekenhuis geweest?’ vroeg ik aan Sean.

Hij schudde zijn hoofd. ‘Nog niet. Lena wilde daar beslist niet naartoe.’

Ik zag iets in zijn gezicht wat me niet aanstond, iets steels.

‘Maar...’

‘Ik hoef niet naar het ziekenhuis,’ zei Lena, die eindelijk overeind kwam en haar mond afveegde. ‘Ik ben niet gewond, er is niets met me aan de hand.’

Dat was een leugen. Ik wist precies wat voor leugen ze ophing, omdat ik die tegen mezelf had opgehangen. Voor het eerst zag ik mezelf en niet jou in haar. Ze keek bang en opstandig; het was me duidelijk dat ze haar geheim als een schild voor zich hield. Je denkt dat het minder pijn doet, dat de vernedering minder erg is als niemand het kan zien.

Sean pakte me bij de arm en leidde me de kamer uit. Hij zei heel zacht: ‘Ze stond erop dat we eerst naar huis gingen. Wij kunnen haar niet dwingen om een onderzoek te ondergaan als ze dat niet wil. Maar jij moet wel met haar naar het ziekenhuis. Zo snel mogelijk.’

‘Ja, dat zal ik zeker doen. Ik snap alleen nog steeds niet waarom jullie hem niet hebben opgepakt. Waar is hij dan? Waar is Henderson?’

‘Weg,’ zei Lena, die plotseling naast me opdook. Haar hand streek over de mijne; hij was net zo koud als die van haar moeder toen ik haar voor de allerlaatste keer aanraakte.

‘Waar dan?’ vroeg ik. ‘Wat bedoel je met “weg”?’

Ze keek me niet aan. ‘Gewoon weg.’

Townsend trok zijn wenkbrauw op. ‘De politie is naar hem op zoek. Zijn auto staat er nog, dus ver kan hij niet zijn.’

‘Waar denk jij dat hij naartoe is, Lena?’ vroeg ik. Ik probeerde oogcontact te maken, maar ze ontweek mijn blik.

Sean schudde spijtig zijn hoofd. ‘Ik heb mijn best gedaan,’ zei hij zacht. ‘Ze wil niet praten, ze zal wel uitgeput zijn.’

Lena pakte mijn hand beet, zuchtte diep. ‘Dat ben ik ook. Ik wil gewoon slapen. Kan het morgen, Sean? Ik ben kapot.’

 

De rechercheurs gingen weg, nadat ze ons ervan verzekerd hadden dat ze terug zouden komen. Lena moest namelijk nog een verklaring afleggen. Ik keek hen na toen ze naar Seans auto liepen. Erin stapte in en trok het portier zo hard dicht dat het een wonder was dat de ruit heel bleef.

Lena riep me vanuit de keuken.

‘Ik sterf van de honger,’ zei ze. ‘Zou je weer spaghetti bolognese willen maken, zoals laatst?’ Haar stem was zacht, dat had ik nog niet eerder bij haar meegemaakt; het was al even verbazingwekkend als het feit dat ze mijn hand had gepakt.

‘Ja, natuurlijk,’ zei ik. ‘Ik ga er meteen aan beginnen.’

‘Dank je. Ik ga even naar boven, ik moet echt douchen.’

Ik legde mijn hand op haar arm. ‘Nee, Lena, dat mag niet. Pas nadat je in het ziekenhuis bent geweest.’

Ze schudde haar hoofd. ‘Dat hoeft niet, ik ben niet gewond.’

‘Lena.’ Ik kon haar niet aankijken. ‘Je moet eerst worden onderzocht voordat je onder de douche kunt.’

Ze keek eventjes beduusd, maar toen liet ze haar schouders hangen, schudde haar hoofd en zette een stap in mijn richting. Ik kon er niets aan doen, ik barstte in snikken uit. Ze sloeg haar armen om me heen. ‘Het komt goed,’ zei ze. ‘Het komt goed, het komt goed.’ Net zoals jij had gezegd, die avond na het water. ‘Dat heeft hij niet gedaan. Zo was het helemaal niet. Je snapt het niet, hij was niet een of andere walgelijke kinderlokker. Hij was alleen maar een zielige oude man.’

‘O, godzijdank!’ zei ik. ‘Wat ben ik daar blij om, Lena!’ We omhelsden elkaar totdat ik niet meer huilde, en zij het van me overnam. Ze snikte als een klein kind, haar magere benen werden slap en ze gleed op de grond. Ik hurkte naast haar neer en wilde haar hand pakken, maar ze had haar vuist stevig gebald.

‘Alles komt in orde,’ zei ik. ‘Wat er ook gebeurt. Ik zal voor je zorgen.’

Ze keek me zonder iets te zeggen aan; ze leek niet in staat om te praten. In plaats daarvan stak ze haar vuist uit en deed ze hem langzaam open om me de schat te tonen die ze had vastgehouden – een zilveren armband met een met onyx versierde sluiting – en toen kreeg ze haar stem weer terug.

‘Ze is niet gesprongen,’ zei ze met glinsterende ogen. Het werd ijskoud in de kamer. ‘Mama heeft me niet in de steek gelaten. Ze is niet gesprongen.’

In het water
cover.xhtml
Section001.xhtml
Section002.xhtml
Section003.xhtml
Section004.xhtml
Section005.xhtml
Section006.xhtml
Section007.xhtml
Section008.xhtml
Section009.xhtml
Section010.xhtml
Section011.xhtml
Section012.xhtml
Section013.xhtml
Section014.xhtml
Section015.xhtml
Section016.xhtml
Section017.xhtml
Section018.xhtml
Section019.xhtml
Section020.xhtml
Section021.xhtml
Section022.xhtml
Section023.xhtml
Section024.xhtml
Section025.xhtml
Section026.xhtml
Section027.xhtml
Section028.xhtml
Section029.xhtml
Section030.xhtml
Section031.xhtml
Section032.xhtml
Section033.xhtml
Section034.xhtml
Section035.xhtml
Section036.xhtml
Section037.xhtml
Section038.xhtml
Section039.xhtml
Section040.xhtml
Section041.xhtml
Section042.xhtml
Section043.xhtml
Section044.xhtml
Section045.xhtml
Section046.xhtml
Section047.xhtml
Section048.xhtml
Section049.xhtml
Section050.xhtml
Section051.xhtml
Section052.xhtml
Section053.xhtml
Section054.xhtml
Section055.xhtml
Section056.xhtml
Section057.xhtml
Section058.xhtml
Section059.xhtml
Section060.xhtml
Section061.xhtml
Section062.xhtml
Section063.xhtml
Section064.xhtml
Section065.xhtml
Section066.xhtml
Section067.xhtml
Section068.xhtml
Section069.xhtml
Section070.xhtml
Section071.xhtml
Section072.xhtml
Section073.xhtml
Section074.xhtml
Section075.xhtml
Section076.xhtml
Section077.xhtml
Section078.xhtml
Section079.xhtml
Section080.xhtml
Section081.xhtml
Section082.xhtml
Section083.xhtml
Section084.xhtml
Section085.xhtml
Section086.xhtml
Section087.xhtml
Section088.xhtml
Section089.xhtml
Section090.xhtml
Section091.xhtml
Section092.xhtml
Section093.xhtml
Section094.xhtml
Section095.xhtml
Section096.xhtml
Section097.xhtml
Section098.xhtml
Section099.xhtml
Section100.xhtml