35
Sam Wingo liep snel.
Hij was terug in Amerika. Hij stak de straat over, ontweek de auto’s, bereikte de overkant en liep snel door. Hij trok zijn kraag op en scande vanachter zijn bril zijn omgeving in een boog van honderdtachtig graden. Elke paar seconden keek hij achterom. Als hij nu werd opgepakt, daar was hij zeker van, zou niemand hem ooit terugzien.
En zou hij Tyler nooit weer terugzien.
Hij vluchtte een koffietent in toen het begon te regenen. Hij bestelde een kop koffie en nam die mee naar een tafeltje helemaal achterin. Hij ging met zijn rug naar de muur zitten, zodat hij de deur in de gaten kon houden.
Hij haalde een wegwerptelefoon met minuten en MB’s erop die dankzij Adeel in India voor hem had klaargelegen en keek ernaar. Hij had zijn persoonlijke e-mailaccount erop gezet.
Het bericht was binnengekomen zodra hij, meteen nadat het vrachtvliegtuig was geland, zijn telefoon had aangezet. Eigenlijk had hij verwacht een hand op zijn schouder en een wapen in zijn ribben te voelen, en een stem in zijn oor te horen die zei: ‘U moet met ons meekomen, meneer Wingo.’
Maar dat was allemaal niet gebeurd en Wingo begon te denken dat men echt dacht dat hij dood was.
Nou, ze gaan hun gang maar.
Hij keek weer naar het mailtje. Dat was verzonden vanaf een onbekend Gmail-account. Maar hij wist dat ie afkomstig was van Tyler. Hij was in hun gebruikelijke code opgesteld. Hij kon hem moeiteloos ontcijferen.
Zijn zoon wilde hem zien, zo snel mogelijk.
Wingo wilde dat ook. Maar hij wist dat dit niet gemakkelijk zou zijn. Zijn e-mailaccount was bekend. Anderen hadden dit bericht ongetwijfeld ook gezien. En wat hij terugschreef, zouden ze ook kunnen zien. Er zat geen gps-chip in deze telefoon, zodat hij niet bang hoefde te zijn dat ze hem op die manier zouden kunnen vinden.
Maar hij zou in beweging moeten blijven. Hij had zijn verschijning drastisch veranderd en droeg kleren die zijn uiterlijk zo veel mogelijk verborgen. Toch wist hij heel goed van welke middelen ze gebruik konden maken. En niet alleen zijn eigen regering zat achter hem aan. Er waren ook anderen, en hij wist niet eens zeker wie dat waren.
Hij nam een paar minuten de tijd om zijn koffie op te drinken en een antwoord aan zijn zoon te bedenken. Daarna tikte hij de tekst in en drukte op Verzenden. Hij dronk zijn kopje leeg, stond op en liep via de andere deur naar buiten. Hij nam een taxi en die zette hem af bij een hotel in de buurt van D.C.’s Chinatown waar hij al eerder had ingecheckt.
Hij had geld en onder een valse naam een paar creditcards. Er zouden markers in het systeem zitten, zodat hij niet langer Sam Wingo kon zijn. Hij hoopte dat hij ooit weer kon terugkeren naar zijn normale leven, maar daarvoor had hij nog een lange weg te gaan.
Wingo liep naar zijn kamer, ging op het bed zitten en keek naar buiten. Aan de overkant van de rivier stond het Pentagon, het grootste kantoorgebouw ter wereld en dat was verrassend, omdat het maar een paar verdiepingen had. Nadat de VS in Pearl Harbour waren aangevallen en een gecentraliseerd commando- en controlecentrum nodig hadden, was het in iets meer dan een jaar gebouwd, met kruiwagens, spades en Amerikaans zweet. Dat was een prestatie waarop het land bijzonder trots was.
Wingo was ook trots op zijn eigen dienst. Hij was het Pentagon altijd met een extra lichte tred binnengegaan. Nu vond hij dat dat gebouw niets dan ellende veroorzaakte. Hij had het vermoeden dat hij erin was geluisd, door mensen in dát gebouw. Waarom wist hij niet. Maar de reden daarvoor moest zich daar wel bevinden!
De uiteindelijke bestemming van die ruim tweeduizend kilo − één miljard euro in ongemerkte biljetten van vijfhonderd euro zodat ze vrijelijk konden worden uitgegeven − was een ingewikkelde, gefaseerde missie geweest. De aflevering van het geld was de allereerste fase en Wingo was een van de weinigen die het hele plan kende.
Ergens was dat goed, omdat het aantal mensen dat hem kon hebben verraden dus klein was. En hij was vast van plan uit te zoeken wie dat waren. Hij had geprobeerd zijn werk te doen. Iemand had hem belazerd. Hij was niet van plan die de andere wang toe te keren. Hij was een soldaat. Soldaten waren niet gemaakt voor mededogen of vergeving. Zij waren getraind om terug te slaan als iemand hen sloeg.
Wingo verliet zijn kamer, liep vier straten naar het westen en huurde een auto met zijn valse rijbewijs en een valse creditcard die hij ook in India had gekregen. In zijn nieuwe auto reed hij de garage uit. Het voelde goed om weer mobiel te zijn. Nu kan ik iets doen, dacht hij.
Maar eerst moest hij iets anders doen. Hij reed naar een terrein waar de politie in beslag genomen auto’s stalde. Hij scande de omgeving en zag geen honden, en de enige bewakingscamera aan een paal was niet eens verbonden met een bron. Er was kennelijk behoorlijk bezuinigd.
Hij klom op het hek en liet zich aan de andere kant op de grond vallen. Hij keek goed om zich heen of hij agenten zag en liep door tot hij had gevonden wat hij zocht. Achteraan stond een auto die eruitzag alsof hij hier al een hele tijd stond: de rechtervoorbumper en een portier waren ingedeukt. Hij bekeek de kentekenplaten: nog steeds geldig. Even later klom hij met de nummerborden in zijn hand over het hek.
Hij verving de nummerborden van zijn huurauto door de borden die hij had gestolen. Nu zou iemand die zijn kenteken intoetste in een poging Wingo’s alias te achterhalen, bot vangen.
Hij reed terug naar zijn hotel, liep naar zijn kamer, toetste een nummer in en luisterde terwijl die overging.
De stem zei: ‘South.’
‘Met mij,’ zei Wingo.
Het bleef een paar seconden stil. Wingo hoorde dat de andere man sneller ademde en zichzelf ongetwijfeld tot razernij opwerkte. ‘Weet je eigenlijk wel hoe diep je in de stront zit?’ brulde South.
‘Dat geldt dan ook voor u. Het was uw missie. Het leger raapt geen mensen op die zijn gevallen, kolonel. Ze schieten ze gewoon dood.’
‘En denk je soms dat ik dat niet weet, rotzak die je bent! Je hebt me verschrikkelijk belazerd.’
‘Hebben jullie Tim Simons uit Nebraska gevonden?’
‘De cia heeft nooit van hem gehoord. En zij waren niet op de hoogte van onze missie in Afghanistan. Dat spoor liep dood.’
‘Het was dus een oplichter.’
‘Als hij al ooit buiten je eigen hoofd heeft bestaan. Verdomme Wingo, waar is het geld?’
‘Ik heb u al verteld dat ze het van me hebben afgepakt. Dat weet u verdomme heel goed!’
‘Ik weet alleen dat het team dat jou daar zou opwachten is afgeslacht. De wagen met het geld is weg. Jij bent awol, afwezig zonder toestemming. Verbaast het je dan echt wat we over je denken?’
‘Als ik het geld zou hebben gestolen, zou ik u dan blijven bellen?’
‘Dat doe je om jezelf in te dekken!’
‘Als ik één miljard euro had, waarom zou ik mezelf dan moeten indekken, waarmee dan ook?’
‘Als je echt onschuldig bent, moet je komen. Dat heb ik je de vorige keer ook gezegd. Dan kunnen we samen doornemen wat er is gebeurd.’
‘U bedoelt, dan begraaft u me in een of andere afgelegen locatie, zodat de waarheid nooit boven tafel komt.’
‘Wij zijn Amerikanen. Wij laten geen andere Amerikanen verdwijnen.’
‘Als de feiten van deze missie bekend worden, dan weet u net zo goed als ik wat er gaat gebeuren. Dat zal niet alleen gevoeld worden in het Pentagon, maar ook aan de overkant van de rivier aan Pennsylvania Avenue. Ik weet waar die euro’s naartoe moesten gaan en waar ze voor zouden worden gebruikt, en u ook. En de laatste plaats waar ze dat willen zien, is op de voorpagina van de Post of de Times.’
‘Zit je mij, en daarmee je eigen regering, nou echt te bedreigen? Wat wil je, nog meer geld? Was dat miljard niet genoeg of chanteer je ons gewoon omdat je dat zo leuk vindt?’
‘Ik leg u alleen maar uit waarom het geen zin heeft om me te melden. Zelfs als ik niets verkeerd heb gedaan, wat zo is, dan maakt dat niet uit. Dan zal ik het daglicht nooit weer zien.’
‘Maar waarom heb je je dan vrijwillig aangemeld voor deze missie?’
‘Om mijn land te dienen. Ik heb niet veel aandacht besteed aan wat er zou gebeuren als alles niet volgens plan zou verlopen. Maar nu heb ik daar wel alle tijd voor gehad.’
‘Als jij het geld niet hebt gestolen, wie dan wel?’
‘Dat ga ik uitzoeken. Reken daar maar op.’
Hij verbrak de verbinding en stopte de telefoon weer in zijn zak. Hij trapte op het gaspedaal, maar sloeg even later links af, stopte langs de stoeprand en zette de auto in z’n vrij. Zijn telefoon had zojuist getrild. Hij griste hem uit zijn zak en las snel het mailtje dat net was binnengekomen.
Tyler had hem teruggemaild.