Hoofdstuk 51

==

‘Matthew, wat is er in godsnaam aan de hand?’ vroeg Stevie. Ze was noodgedwongen toch maar de deur open gaan maken voordat hij er dwars doorheen sloeg. Hij zag er verschrikkelijk uit: verbleekt en verward en zijn haar stond alle kanten op.

‘Kan ik je even spreken, Stevie?’ Hij keek langs haar heen naar Adam, die hen alleen liet.

‘Wat is er?’

‘Kun je met me meekomen naar de overkant, alsjeblieft?’

Stevie keek hem geschokt aan. ‘Daarheen? Nee, dat kan ik niet. Waarom?’

‘Jo en ik zijn uit elkaar.’

‘Wat?’ Stevies hoofd begon te tollen van de shock.

Ze keek achterom. Adam stond er niet meer maar ze wist dat hij gehoord moest hebben wat Matthew net zei. Ze wilde naar hem toe gaan om te zien wat deze informatie met hem gedaan had. Maar dat deed ze toch maar niet. Jo was weer vrij. Het was duidelijk wat dat voor hem betekende.

‘Alsjeblieft, Stevie!’

Ondanks de tegenwerking in haar hart en lichaam, kon ze geen nee zeggen. Ze zou niemand in zo’n toestand kunnen laten zitten. Behalve Jo misschien. In haar geval kon ze wel een uitzondering maken.

Ze stapte in haar schoenen, keek nog eens achterom en ging daarna met Matthew mee naar de overkant.

‘Ik wil daar niet naar binnen,’ zei ze toen hij de deur opende.

‘Alsjeblieft. Ze komt hier zeker weten nooit meer,’ zei hij, en hij verdween naar binnen. Behoedzaam ging ze hem achterna terwijl ze achter in haar nek een prikkeling voelde alsof Adam naar haar stond te kijken.

Het voelde vreemd om in het huis te zijn. Het was alsof ze er nooit gewoond had maar het van oude foto’s herkende. Het was er vreselijk rommelig en overal lag een laag stof die de kamer er dof en doods uit deed zien. Ze verwachtte bijna Dickens’ mevrouw Haversham bedekt met spinrag en een stoffige bruidstaart in haar handen in de schommelstoel te zien zitten.

‘Sorry, Stevie, maar ik kon naar niemand anders toe.’ Hij ijsbeerde voor haar neus heen en weer, in overspannen toestand.

‘Matthew, ga alsjeblieft zitten. Begin bij het begin.’

‘Ik weet niet waar deze puinhoop is begonnen. Ik ben ontslagen. Jo heeft me verlaten. Toen ik vandaag thuiskwam waren al haar spullen weg. Ik weet niet wat ik moet.’

Stevie slikte. Jo was bij hem weg. Zou ze nu terug naar Adam gaan? Zou ze regelrecht het zachte, vergevingsgezinde gedeelte van zijn hart in lopen dat voor altijd voor haar open stond? Stevie voelde paniek opkomen en wilde terug naar de cottage. Ze stond op om te gaan, maar toen begon Matthew rare kermende geluiden te maken en ze wist dat ze hem niet alleen kon laten.

‘Waarom ben je ontslagen, Matthew?’

‘Omdat ik Jo zou hebben lastiggevallen. Ja, kijk maar niet zo. Ik weet al wat je gaat zeggen.’

‘Ik begrijp het niet.’

‘Ik denk dat Jo op het werk heeft lopen rondbazuinen dat ik haar sla.’

‘Dat jij haar slaat?’ Wie Matthew een beetje kende zou dat toch nooit geloven. Aan de andere kant oordeelden mensen op geruchten, was zij daar niet het levende bewijs van?

‘Het wordt nog erger. Ik ben blijkbaar ook een seksueel roofdier.’

‘Waarom zou ze zoiets zeggen?’

‘Ik denk dat ze het idee heeft gekregen dat ik meer geld had dan ik heb.’ Hij keek ongemakkelijk. ‘Toen ze erachter kwam dat ik blut was, veranderde alles. Ze begon... O god, dáárom!’

Matthew sloeg zichzelf voor de kop toen het besef waar de ruwe seks voor was geweest hem als een kogel door de hersenen raakte. De blauwe plekken! Daarom wilde ze dat hij haar beet. Wat was hij ongelooflijk dom dat hij dat niet door had gehad.

‘Wat, Matthew?’

‘Ze vroeg me om...’ Wat ben ik toch een sukkel! dacht hij.

‘Waar om?’

Matthew trok wit weg. Dit was niet echt iets wat Stevie hoefde te horen. Maar hij was wanhopig en om de juiste hulp te krijgen moest hij haar alles vertellen. Alsof ze een soort hartadviseur was, zoiets als Robert maar dan op een ander gebied.

‘Ruwe seks. Ze wilde dat ik haar pijn deed.’

Stevie ging een beetje ongemakkelijk verzitten. Het voelde vreemd om de details van zijn intimiteiten met een ander te horen. Ze kon niet zeggen of het haar pijn deed; haar gevoelens waren te verward om er zuivere emoties uit te pikken.

‘En heb je dat gedaan?’

‘Nee, natuurlijk niet! Hoewel...’

‘Wat?’ spoorde ze hem uiteindelijk aan omdat de details uitbleven.

‘Ik heb haar hier’ – hij wees de plek op zijn eigen borst aan – ‘een zuigzoen gegeven, dat zag er behoorlijk naar uit. Maar ik heb haar niet echt gebeten of zo. En we hebben allebei wat blauwe plekken opgelopen van tegen muren stoten en van het bed vallen, dat soort dingen. Ik hou niet van dat pijngedoe, zoals je weet.’

‘Maar waarom heeft ze al die leugens verteld? Waarom is ze niet gewoon bij je weggegaan?’ vroeg Stevie, die het gesprek wegleidde van de geschiedenis van hun eigen seksleven.

‘Dat weet ik niet.’

Tenzij ze een nieuwe minnaar had. Dat had ze Adam toch ook aangedaan; sneeën en blauwe plekken verzonnen om de nieuwe sukkel mee beet te nemen? dacht Stevie in Miss Marple-modus.

‘Waar denk je aan?’ vroeg Matthew. Hij bracht zijn woorden half pratend, half hikkend uit, zoals Danny als hij overstuur was.

‘Heb je geprobeerd haar te bellen?’

‘Ze neemt niet op.’

‘Nee, natuurlijk niet,’ zei Stevie bitter.

‘Ik heb net een tweede hypotheek op mijn huis genomen, dat kon alleen als ik mijn baan nog had. Ik raak alles kwijt.’

‘Waarom heb je dat gedaan?’

Matthew zuchtte en bereidde zich erop voor een groot gedeelte van zijn trots opzij te zetten.

‘Ik heb geen geld meer, Stevie. Nee, eigenlijk heb ik nog minder dan geen geld. Ik zit tot mijn nek in de schulden.’

En dus nam je Jo mee op vakantie met het vakantiegeld van mijn zoon, dacht Stevie, maar dat zei ze niet hardop. Hoezeer hij het ook verdiend had, ze kon Matthew niet nog verder de grond in trappen. En verder de grond in kon hij toch al niet, leek het.

‘Blijf alsjeblieft nog wat langer bij me,’ zei hij toen ze verlangend naar de overkant van de straat keek en een licht uit zag gaan. ‘Tien minuutjes maar, Stevie. Ik ben zo stom geweest. Ik ben er nu niet eens zeker van of ze wel de waarheid over Adam vertelde. Misschien heeft hij haar niet geslagen en al die dingen gedaan die ze zei dat hij gedaan heeft.’

‘Ik weet zeker dat ze heeft gelogen,’ zei Stevie. ‘Hij is een goed mens.’

‘Wil je een kopje koffie?’ vroeg hij, omdat hij de smachtende klank in haar stem opmerkte en daarom snel van onderwerp veranderde. Hij wilde niet weten hoe geweldig Adam MacLean was want Matthew voelde zich op het moment helemaal geen goed mens.

‘Snel eentje dan,’ antwoordde Stevie, die helemaal niet wilde maar het niet kon verdragen hem zo verloren te zien. Matthew had een lange slapeloze eenzame nacht in het verschiet, tien minuutjes meer of minder bij hem blijven kon geen kwaad.

‘Jij kunt me helpen, Stevie. Ik vind het moeilijk om te vragen, maar jij bent de enige die dat kan.’

‘Hoe dan?’ vroeg ze op haar hoede, voor het geval hij wilde dat ze tussen hem en truttenhoofd zou bemiddelen.

‘Kun je ze op mijn werk vertellen dat ik niet gewelddadig ben?’ snufte hij. ‘Ik zal nergens meer kunnen werken als ze denken dat ik een seksueel roofdier ben. Ik kan er niet tegen dat mensen zo over me denken.’

En omdat Stevie ooit op school was beschuldigd van het jatten van appels en niet tegen onrechtvaardigheid kon, stemde ze in.

==

Toen ze terugkwam in de cottage was er nog maar één lichtje aan en was Adam naar bed gegaan. Ze klopte zachtjes op zijn deur maar hij sliep kennelijk al en gaf geen antwoord.

Zijn plan had toch gewerkt. Jo was weer vrij. Niets weerhield hem ervan naar haar terug te gaan.

Stevie dacht niet dat ze het kon verdragen.

==

Adam was nog wakker en volgde het geluid van haar voetstappen de trap op, hoorde haar zachte klop op zijn slaapkamerdeur en wilde zo graag zeggen: ‘Ik ben hier, kom maar binnen. Kom maar bij me in bed.’ Maar hij zei niets. Het leek er dus op dat zijn plan toch gewerkt had. Matthew was weer vrij en met één knip van zijn vingers had hij haar naar de overkant gekregen. Ze was uit Adams armen gesprongen om naar hem toe te gaan. Het zand van de zandloper was gevallen. Mat-thew was weer vrij. Niets weerhield haar ervan naar hem terug te gaan.

Adam dacht niet dat hij het kon verdragen.