Hoofdstuk 2
==
In Catherines grote, knusse, Waltonesque keuken in het naastgelegen dorp Hoodley bakte zwartharige, zwartgejurkte, scharlakenroodlippige Kate Flanagan deskundig een taart. In haar moeders schort met kanten rand zag ze er een beetje uit als een tamme vampier.
Haar vader greep haar beet toen hij langs haar kwam onderweg naar de theepot, en zei: ‘Hehehe, je zult een goede huisvrouw worden later!’ Hij wist dat het zijn dochter met haar feministische principes zwaar zou beledigen en hoewel Kate hem wegduwde, moest ze ook wel een beetje lachen.
Catherine zat met een handdoek om haar hoofd in de voorkamer te wachten tot de kastanjebruine verf haar lokken tot hun voormalige namaak-zelf terug zou hebben gebracht en keek naar deze woordenwisseling die onverwachte tranen in haar ogen bezorgde; een eigenaardige mix van gelukstranen dat ze zo’n liefhebbend gezin had en verdrietige tranen omdat het leven vast van plan leek haar lieve vriendin altijd te benadelen op dat gebied. Waarom trok Stevie toch altijd eikels aan? Stevie die zo lief en onzelfzuchtig was en zo veel beter verdiende dan de Micks en Matthews van deze wereld, terwijl zij – Catherine Flanagan, vrijpostig, onbezonnen en luidruchtig – gezegend was met een geweldige echtgenoot, zes verrukkelijke kinderen (als ze geen ruzie maakten) en een groot chaotisch huis vol liefde, vrolijkheid en drukke huisdieren. Hoe zou zíj zich voelen als een Jo MacLean haar dat allemaal afpakte?
‘Alsjeblieft, schat,’ zei Eddie, toen hij een kop thee voor zijn vrouw neerzette. Hij keek naar haar bezorgde gezicht en wist meteen waar ze aan dacht. ‘Je had haar en de kleine mee moeten nemen.’
‘Ze wilde niet,’ zei Catherine. ‘Ik was er helemaal voor om ze hierheen te slepen, maar ze wilde echt alleen zijn.’
‘Ik kan het niet geloven,’ zei Eddie hoofdschuddend. ‘Matthew Finch! Ik zou er alles op ingezet hebben dat hij dat Stevie niet aan zou doen.’
‘Anders ik wel,’ zei Catherine, voor een kwart boos maar voor driekwart verdrietig en teleurgesteld. Ze was erg op Matthew gesteld geraakt. Mick had ze nooit gemogen en daar had ze gelijk in gekregen, maar Matthew was een goede vent; sympathiek, zorgzaam en hoffelijk. Catherine was de werkende kracht geweest achter het samenbrengen van Stevie en Matt na hun eerste ontmoeting bij het verlovingsfeest van een wederzijdse vriendin, omdat ze wist dat ze een goede match zouden zijn. Hij was knap, aardig, onbaatzuchtig en bereid om een kleine jongen op te voeden die niet van hem was, wat van groot belang was. Stevie zou nooit voor iemand gegaan zijn als hij Danny niet goed behandelde. Ze wist wat een mijnenveld het hele stiefvadergebeuren kon zijn.
Sinds Mick vijf jaar geleden het hart van haar beste vriendin gebroken had, screende Catherine iedere man die binnen een straal van vijftig kilometer van Stevie kwam. Matthew had een dikke vette vink gekregen in elk hokje van haar scorelijst met voorwaarden.
‘Ik zou liegen als ik zou zeggen dat er geen waarschuwingslampje in mijn hoofd ging branden toen Stevie me vertelde over die Jo waarmee hij bevriend was geraakt op het werk,’ zei Catherine. ‘Kwetsbare vrouwen zijn zich nooit bewust van de macht die ze hebben om een man zich een held te laten voelen, maar eerlijk gezegd was dat geen hevig alarm. We hadden het hier tenslotte over Matthew. Betrouwbare, trouwe, ouwe Matthew!’ Catherine lachte hard.
‘Heb je haar ooit gezien, die Jo?’ vroeg Eddie.
‘Eén keer maar,’ antwoordde Catherine. ‘Ik moet toegeven dat ik nieuwsgierig was geworden toen Stevie over haar praatte en ik wilde haar maar wat graag eens ontmoeten om te zien hoe ze eruitzag. Toen kwamen we haar op een dag tegen in de stad.’
‘En?’
‘Ze leek me wel aardig en vriendelijk. Een beetje té aardig, als je begrijpt wat ik bedoel.’
‘Hoezo té aardig?’ vroeg Eddie, die haar een hapje van zijn chocoladekoekje met sinaasappelsmaak aanbood.
‘Nou, toen ze Stevie zag, rende ze op haar af alsof ze een lang verloren familielid was dat ze meer dan twintig jaar niet gezien had. Het leek me al een beetje overdreven, maar ja, gezien alles wat ze had doorgemaakt en hoe aardig Matthew en Stevie voor haar waren geweest, was ze misschien wel écht zo blij om haar te zien. Dat is wat ik tóén dacht in elk geval.’
‘Hoe ziet ze eruit?’
‘Lang, slank, lang donker haar, grote bruine ogen. Heel erg knap.’ Catherine realiseerde zich ineens dat ze bij een omkering van de rollen het maar niets gevonden zou hebben als Jo MacLean in Eddies buurt kwam. Bovendien had Catherine ondanks dat ze zich zo enthousiast op Stevie stortte niet veel warmte in Jo MacLeans ogen kunnen ontdekken.
‘Ik vind het allemaal maar vreemd,’ zei Eddie, waarna hij een grote slok thee nam. ‘Het is vast een midlifecrisis en hij komt wel terug.’
Catherine keek hem aan en glimlachte. Hij was geen Brad Pitt, maar ze was stapelgek op haar grote, honderdvijftien kilo zware man met het vogelverschrikkerkapsel. Nooit had ze eraan gedacht dat hij haar ontrouw zou zijn, maar na de schok van vandaag vroeg ze zich toch af of íémand zijn partner eigenlijk wel zo goed kende als hij dacht. Haar eigen prettige, mooie wereldje leek ook een beetje door elkaar geschud.
Eddie zag die blik in haar ogen en lachte. ‘Oy, gekkie! Scheer ons niet allemaal over één kam,’ waarschuwde hij met een twinkeling in zijn zachte, groenbruine ogen.
‘Ik weet niet waar je het over hebt,’ zei Catherine niet overtuigend.
‘Echt wel, vuile kleine leugenaar.’ Hij kneep in haar neus.
‘Nou, ik denk dat ik je voor de zekerheid maar laat chippen,’ zei Catherine, wat maar half als grapje klonk.
‘Het is waarschijnlijker dat jij bij mij weggaat,’ zei Eddie. ‘Ik ben nou niet bepaald Hugh Grant, hè?’
‘Ik hou helemaal niet van Hugh Grant,’ ging Catherine tegen hem in. ‘Nou ja, wel om naar te kijken, maar ik zou niet tegen hem aan willen kruipen.’
‘Ik zou jou nooit verlaten, mop,’ zei Eddie, en hij hield haar gezicht schuin omhoog naar het zijne om haar een kus te geven die nog steeds iets diep vanbinnen aan het tintelen bracht. Hij rook naar zeep en Fahrenheitaftershave en thuis.
‘Iew, moet dat?’ zei de taartbakkende Gothic op de achtergrond.
‘Bemoei je met je eigen zaken, Morticia,’ commandeerde Eddie over zijn schouder voor hij zich weer tot zijn vrouw wendde. ‘En drink jij je thee op en maak je geen zorgen meer over dingen waar je toch niks aan kunt doen.’
Dat was makkelijker gezegd dan gedaan, want Catherine vond dat ze haar vriendin vreselijk was afgevallen. Hoe had dit kunnen gebeuren? Níémand kwam door Catherines overgevoelige Stevieverdedigingssysteem. Ze zou de vrouw met wie ze hechter was dan met haar eigen zussen nooit meer zoiets door laten maken. Dat had ze zichzelf tenminste beloofd.
‘Ach, zo zijn mannen nou eenmaal!’ zei de zeventien jaar oude Kate met een diepe zucht die van ervaring sprak. Als een dramatische zwarte rookwolk dreef ze de kamer uit en liet Eddie en Catherine alleen achter, verkrampt van de inspanning om de lachbui in te houden die op dat moment zo hard nodig was.