18
Dick stond op en liep naar het ijskastje. Hij trok de deur open en rommelde er wat in. Met een geroutineerde beweging van zijn rechterbeen duwde hij de deur dicht.
‘Ook een colaatje?’ vroeg hij en wierp ze ieder een blikje toe. Met een briefopener wipte hij het lipje omhoog en hij nam een grote slok.
‘De tulp werd dus een statussymbool. Bij ons was het niet de aristocratie die zich met tulpen bezighield, zoals in Frankrijk, maar de nieuwe elite, de kooplieden. Op het platteland lieten zij grote buitenhuizen bouwen. Hoe groter, hoe beter. Maar ze zochten naar nog iets, iets anders waarmee ze elkaar écht de loef konden afsteken. En die status ontleenden ze niet zozeer aan hun tuinen, maar, veel specifieker, aan de omvang en inhoud van hun tulpenbedden. Kweken konden ze natuurlijk niet zelf, dus benaderden ze tuinders om dit voor hen te doen. De vraag naar dit vrij nieuwe ambacht werd steeds groter, en al snel begonnen veel tuinders hun eigen bloemenkwekerij. Voor weinig geld kochten ze stukken onvruchtbare zandgrond, vooral in Noord-Holland. De grond mocht dan niet goed genoeg zijn voor andere gewassen, maar was perfect voor de dankbare tulp, die er welig op tierde, zeer welig zelfs.’
‘Dus zo is onze geroemde bollenstreek ontstaan,’ zei Alec.
‘Precies, de bollenstreek.’
‘Dat betekent dat het aanbod van tulpen in die periode steeds groter werd’, zei Damian.
‘Ja, maar de markt verschoof. Het ging
niet meer om een schaarste van het aanbod, maar om schaarste van
soort. De standaardtulp werd steeds goedkoper, dus ook de
minderbedeelden gingen zich voor tulpen interesseren. Het aanbod
steeg, maar de afzetmarkt werd ook steeds groter, want de eens zo
kostbare tulp was nu ook voor de gewone man bereikbaar.
Tegelijkertijd steeg de vraag naar de echt unieke en
onderscheidende exemplaren, de limited
editions .’ Dick grinnikte even. Hij gooide zijn hoofd
achterover, goot de cola naar binnen en liet een
boertje.
‘Excuses heren.’ Hij veegde met zijn mouw zijn mond af. ‘Luister. Door de professionalisering van de tuinders ontstonden uitzonderlijke nieuwe tulpenvariëteiten waar maar weinig bollen van beschikbaar waren. De duurste waren de “gebroken” tulpen, met van die prachtige gevlamde kleurenpatronen op hun bloemblaadjes. Voor sommige werden duizenden florijnen neergeteld. Wacht, ik laat het even zien.’
Trappelend met zijn voeten rolde Dick zijn stoel naar de boekenkast.
‘Hier, moet je kijken.’
Hij rolde naar Alec en Damian, en legde het boek op zijn schoot. Het was de catalogus van een expositie die ooit in het Rijksmuseum te zien was geweest, en waarin kunstenaars die de afbeeldingen in tulpenboeken hadden gemaakt centraal stonden.
‘Dit zijn voorbeelden van tulpen. Moet je zien hoe prachtig, die kleuren, die schakeringen. Ongelooflijk toch?’ zei Dick, terwijl hij door de catalogus bladerde en hun een aantal prenten liet zien. De blik van verstandhouding die Alec en Damian uitwisselden ontging hem.
‘Er zitten unieke soorten tussen, hier, deze bijvoorbeeld,’ zei hij en hij wees op een tulp met prachtige donkerpaarse vlammen op de tere witte blaadjes.
‘Dit waren zeldzame exemplaren.’
‘En die waren goud waard,’ voegde Damian toe.
‘Die waren letterlijk hun gewicht in goud waard.’
Dick rolde zijn stoel terug naar de boekenkast en zette het boek terug.
‘Steeds meer mensen zagen in dat er in de tulpenhandel veel geld te verdienen viel. Na je eerste investering in een paar bollen, kon je al snel winst maken. Op een gegeven moment escaleerde het. Iedereen wilde maar meer. Meer bollen, meer geld, meer handel.’
‘Daar zit natuurlijk een grens aan,’ zei Alec.
Dick knikte. ‘En die grens was bijna bereikt.’