Hoofdstuk 38

 

 

‘Pap,’ zei Amanda zodra Frank Jaffe de telefoon opnam, ‘Sally Pope is dood. Ze is vermoord.’

   Amanda wachtte op een reactie. ‘Pap?’ zei ze nogmaals toen hij niet reageerde.

   ‘Ik… Dat is… Wat is er gebeurd?’

   Het was tweeëntwintig minuten voor zeven in de ochtend. Frank maakte zich gereed voor zijn werk. Hij kwam juist uit de badkamer en schrok toen de telefoon onverwacht overging. De woorden van zijn dochter hadden hem met stomheid geslagen. Hij liet zich op de rand van het bed zakken.

   ‘Ik weet niet wat er precies is gebeurd, maar ik ben erachter gekomen omdat iemand Charlie Marsh heeft neergeschoten. Hij heeft me vanuit het ziekenhuis door iemand laten bellen. Sally is in haar eigen huis vermoord. Hij was daar ook.’

   ‘Wat deed Marsh in Sally’s huis?’

   ‘Dat weet ik niet. Ik ga nu naar het ziekenhuis. Zo gauw ik meer weet, hoor je het.’

   Amanda verbrak de verbinding. Frank bleef nog even met de hoorn in zijn hand zitten. Het kostte moeite om hem weer op de haak te leggen. Frank voelde zich plotseling heel oud. Hij liet zijn schouders zakken. Er kwam een snik over zijn lippen. Hij werd door verdriet overmand.

 

De politieagent die Charlies ziekenhuiskamer bewaakte, controleerde Amanda’s legitimatie voordat hij haar naar binnen liet. Charlie zat, half overeind gehouden door kussens, in bed. Een heel assortiment draden en plastic buisjes verbond hem met monitors en zakjes intraveneuze voeding. Zijn zonverbrande huid was een paar tinten bleker en zijn linkerarm zat in een mitella. 

   ‘Hoe voel je je?’ vroeg Amanda terwijl ze een stoel naast het bed trok.

   ‘Als ik geweten had wat voor een fijn gevoel je van morfine krijgt, had ik me al een tijd geleden laten neerschieten,’ antwoordde Charlie met een melige grijns. Meteen daarop werd hij serieus. ‘Ze wilden me niets vertellen. Is Sally dood?’

   Amanda knikte. ‘En Gina, haar persoonlijke assistent, ook. Sally’s zoontje heeft geen verwondingen, maar hij is zo getraumatiseerd dat de artsen niet willen dat hij door de politie wordt ondervraagd. Jij bent de enige andere overlevende. De rechercheur die belast is met het onderzoek zit in de wachtkamer. Hij wil je ondervragen. Ik heb tegen hem gezegd dat ik je zou vragen wat je wilt.’

   ‘Wat vreselijk. Ik mocht Sally erg graag.’

   ‘Wil je met de rechercheur praten? Ik blijf bij je om je te beschermen als hij te ver mocht gaan.’

   ‘Ja, ik praat wel met hem.’

   ‘Een van de dingen die ze zullen willen weten is waarom jij niet dood bent.’

   ‘Dat is eenvoudig. Iemand heeft me gered.’

   ‘Wie?’

   ‘Geen idee. Dat heb ik niet gezien.’

   ‘Wat deed je in het holst van de nacht in het huis van Sally Pope?’

   ‘Ze belde me. Ze wilde dat ik meteen naar haar toe kwam. Ik moest alleen komen. Ze beweerde dat ze iets wist waardoor mijn zaak geseponeerd zou kunnen worden.’

   ‘Wat voor iets?’

   ‘Dat wilde ze me niet vertellen. Ze zei dat ze het me moest laten zien.’

   ‘Hoe klonk ze tijdens dat gesprek?’

   ‘Haar stem beefde. Ze klonk paniekerig.’

   ‘Denk je dat ze gedwongen werd om te zeggen wat ze zei om jou naar haar huis te lokken?’

   ‘Dat weet ik wel zeker. De moordenaar heeft waarschijnlijk haar zoontje bedreigd om haar te dwingen mij te bellen.’

   Amanda knikte instemmend. ‘Ga verder.’

   ‘Ik heb een taxi genomen. Toen ik bij het huis aankwam, was alles donker. Ik ging naar binnen en zag dat iemand de hond had gedood en dat er licht uit de woonkamer kwam. Toen ik de kamer binnen ging, zag ik dat Sally met tape op een stoel was vastgebonden. Haar hoofd hing omlaag, zodat ik niet goed kon zien of ze dood was, maar haar nachtpon zat onder het bloed. Er lag nog een vrouw languit op de vloer.’

   ‘Dat was Gina.’

   ‘Sally’s zoontje probeerde me te waarschuwen, maar de moordenaar had tape over zijn mond geplakt, zodat ik niet kon horen wat hij zei. Het volgende moment stapte die vent achter de gordijnen vandaan en schoot me neer.’

   ‘Weet je zeker dat het een man was?’

   ‘Vrij zeker. Hij droeg een skimasker en handschoenen, maar hij had de bouw van een man.’

   ‘Goed. Wat is er daarna gebeurd?’

   ‘Vlak voordat ik werd neergeschoten hoorde ik iemand achter me, maar ik werd geraakt voordat ik me om kon draaien. Voor en achter me werden nog meer schoten afgevuurd en ik hoorde brekend glas. Ik neem aan dat het het glas van de tuindeuren was. Het eerstvolgende wat ik me herinner, is dat ik hier wakker werd.’

   ‘Er waren dus twee schutters,’ peinsde Amanda. ‘Dat kan misschien het telefoontje naar de alarmcentrale verklaren.’

   ‘Wat voor telefoontje naar de alarmcentrale?’

   ‘Het telefoontje dat ervoor heeft gezorgd dat je niet doodgebloed bent. Iemand heeft anoniem naar de alarmcentrale gebeld, anders hadden ze je nooit op tijd gevonden om je te kunnen redden. Toen de ziekenauto kwam, was je bijna dood door al het bloedverlies. Ik vermoed dat degene die je heeft gered ook het telefoontje heeft gepleegd.’

   De deur ging open en de politieagent die de kamer bewaakte, kwam binnen. Hij zag er niet vrolijk uit.

   ‘Er staat iemand op de gang die beweert dat hij deel uitmaakt van het team van de verdediging. Hij wil met meneer Marsh spreken.’

   ‘Zeg tegen die agent dat ik met je samenwerk en dat ik het recht heb om met onze cliënt te spreken,’ schreeuwde een woedende Dennis Levy vanaf de gang.

   ‘Wil je me even excuseren?’ vroeg Amanda aan Charlie. Ze liep de gang op en pakte Levy bij zijn elleboog.

   ‘Kom mee,’ zei ze terwijl ze Dennis de gang op leidde tot ze zo ver van de agent verwijderd waren dat hij hen niet kon horen.

   ‘Jij bent géén lid van het team van de verdediging,’ zei Amanda. ‘Jij bent een verslaggever en je hebt geen wettelijk recht om met Charlie te praten.’

   ‘Wacht even. Het gaat om een groot verhaal,’ zei Levy terwijl hij van opwinding op en neer stond te springen.

   ‘Kan het je helemaal niets schelen dat Charlie is neergeschoten?’

   ‘Dat vind ik heel erg. Dat meen ik. Maar je hebt geen idee hoe groot dit verhaal is. Daar heb je écht geen idee van.’

   ‘Ik weet hoe groot jij denkt dat het is, omdat je me dat al een paar keer hebt verteld. Waar ik niets van gemerkt heb, is ook maar een greintje medeleven met degenen die erbij betrokken zijn. Is het tot je doorgedrongen dat er de afgelopen nacht een aantal mensen is vermoord? Die zijn dood, Dennis.’

   ‘Hé, verslaggevers hebben de hele tijd met de dood te maken. Als ik er emotioneel bij betrokken raakte, zou ik mijn werk niet meer kunnen doen.’

   ‘Je gebrek aan emotionele betrokkenheid is vrij duidelijk te merken, maar ik kan mijn emoties niet afsluiten. Ik geef echt om Sally Pope en Gina en Charlie. Dat zijn allemaal mensen. Charlie had wel kunnen sterven. Ik wed dat dat je plannen echt in de war zou hebben gestuurd. Ga nu naar de wachtkamer en val de agent niet meer lastig. Als ik hier klaar ben, hoor je alles wat ik je kan vertellen.’

   Amanda wachtte tot Dennis de hoek om was voordat ze de bewaker benaderde.

   ‘Ik bied u mijn verontschuldigingen aan voor het gedrag van de heer Levy. Hij gaat soms wat al te voortvarend te werk.’

   De agent knikte, maar hij keek nog steeds boos. Toen Amanda Charlies kamer weer binnen ging, zat hij diep in gedachten verzonken naar zijn deken te staren.

   ‘Ik wil je nog wat vertellen,’ zei Charlie.

   ‘Ga je gang.’

   ‘Ik lag hier na te denken over hoe ik bijna dood ben gegaan en wat ik met mijn leven heb gedaan. Voordat Freddy de kolder in zijn kop kreeg en die gijzelaars ontvoerde, was ik niemand, een kleine misdadiger. Toen werd ik iemand, maar dat kwam doordat ik loog.’

   ‘Het kwam doordat je de gijzelaars hebt gered.’

   ‘Weet je waarom ik boven op die bewaker ben gaan liggen? Hij kon me geen ene moer schelen. Ik deed het alleen voor mezelf. Ik wist dat ik de rest van mijn leven in de gevangenis zou zitten als Freddy hem vermoordde. De enige reden dat ik dat deed, was om mijn eigen huid te redden, niet die van hem. 

   En dan die onzin over innerlijk licht. Dat was het namelijk, onzin. Toen ik vannacht werd neergeschoten, heb ik geen enkel licht gezien, net zomin als toen ik werd neergestoken. Mickey Keys heeft dat trucje bedacht omdat ik ermee op televisie kon komen. En daar had hij gelijk in. Iedereen slikte het voor zoete koek, maar het is nooit echt gebeurd. Net als de helft van wat er in mijn boek staat. Tenminste niet met mij. Het was Freddy die de meeste van die misdaden beging en bij die vechtpartijen betrokken was. Ik ben een lafaard. Ik ben nooit betrokken geweest bij een gevecht waaraan ik me kon onttrekken en ik heb nooit een wapen gebruikt of… Nou ja, je begrijpt wel wat ik bedoel. Ik heb dus eens diep nagedacht. Ik moet in mijn nieuwe boek eigenlijk die zaken rechtzetten. Ik moet de waarheid vertellen. Hoe denk je dat Dennis reageert als ik dat doe?’ 

   ‘Dat weet ik niet en dat kan me eerlijk gezegd ook niet schelen. Als puntje bij paaltje komt, moet je gewoon doen wat jij denkt dat goed is en je niets aantrekken van wat Levy ervan vindt. Maar je moet nu eerst met de politie praten zodat ze degene die Sally heeft vermoord en jou heeft proberen te vermoorden kunnen pakken.’

   Amanda vertrok en Charlie dacht na over wat hij zojuist had gezegd. Hij kon de waarheid vertellen over een aantal van de dingen waarover hij had gelogen, maar hij zou alleen als hij geen andere keus had de hele waarheid vertellen over wat er op de avond dat Arnold Pope Junior was gestorven bij de Westmont-sociëteit was gebeurd.