Hoofdstuk 31
Kate reed met Dennis Levy naar de hoorzitting, zodat Amanda de zaak met Charlie kon bespreken, maar tijdens de rit naar het gerechtsgebouw van Washington County had Charlie niet veel zin om te praten. Hij zat het grootste deel van de tijd naar de omgeving te staren. Hoewel Amanda’s auto over airconditioning beschikte, had hij het raam opengedaan. De wind in zijn gezicht en de geur van frisse lucht waren fysieke tekenen van de vrijheid die hem later die ochtend ontnomen zou kunnen worden als Amanda er niet in zou slagen de rechter ervan te overtuigen dat hij hem op borgtocht moest vrijlaten. Charlie besefte dat hij tussen zijn tijd in de gevangenis en de psychologische gevangenis waarin hij in Afrika vast had gezeten in de afgelopen vijftien jaar erg weinig echte vrijheid had genoten. Hij zat zich af te vragen wat voor soort leven hij had geleid.
Amanda maakte zich zorgen hoe ze zich een weg moest banen langs de horden verslaggevers bij het gerechtsgebouw, maar Karl Burdett had onbedoeld voor afleiding gezorgd door bij de hoofdingang tegen de pers te gaan staan oreren, wat het voor Amanda gemakkelijk maakte om Charlie via een weinig gebruikte zijingang naar binnen te smokkelen. Ze had kwaad kunnen worden op de officier, omdat hij de media gebruikte om de kandidaten voor de jury een vooroordeel aan te praten, maar ze kon zich na het fiasco van gisteren op het vliegveld ook weer niet al te star opstellen.
Amanda zei kortaf ‘geen commentaar’ tegen de verslaggevers die zich voor de deur van de rechtszaal hadden opgesteld en leidde haar cliënt haastig naar de betrekkelijke veiligheid van de tafel van de verdediging. Charlie hield zijn hoofd voorover, zodat hij de slanke Afrikaanse man op de achterste rij van de publieke tribune niet zag. Hij zag hem pas toen hij zich omdraaide en Karl Burdett samen met een vrouwelijke aanklager door de deuren van de rechtszaal zag komen. Op het moment dat hij oogcontact maakte met Nathan Tuazama voelde Charlie een hevige drang om naar het toilet te rennen. Een paar tellen later kwamen Burdett en zijn medewerkster langs en onttrokken Tuazama aan het zicht. Charlie wendde zich snel af en huiverde.
‘Gaat het?’ vroeg Amanda toen ze Charlies asgrauwe gezicht zag.
‘Ik ben een beetje zenuwachtig,’ loog Charlie, die zich voorstelde hoe Tuazama’s ogen zich dwars door zijn rug in zijn ziel boorden.
‘Goedemorgen, Karl,’ zei Amanda toen Burdett zijn attachékoffer op de tafel van de aanklager smeet.
Burdett knikte, maar beantwoordde haar groet niet. Vervolgens keerde hij Amanda de rug toe en begon zijn papieren op orde te brengen. Amanda vroeg zich af waarom de officier er zo gespannen uitzag terwijl hij bij de hoorzitting over vrijlating op borgtocht toch duidelijk in het voordeel was, maar voordat ze dat had uitgedokterd sloeg de griffier met zijn hamer en haastte de edelachtbare Marshall Berkowitz zich vanuit de raadkamer naar de stoel van de rechter. De rechter was een korte, veel te zware man. Hij hijgde terwijl hij naar zijn plaats op het podium waggelde.
‘Goedemorgen,’ zei hij, vriendelijk naar beide partijen knikkend. Als rechter Berkowitz al onder de indruk was van de grote schare verslaggevers in zijn rechtszaal en de publiciteit die zijn zaak kreeg, liet hij daar niets van merken.
‘Goedemorgen, edelachtbare,’ zei Burdett terwijl hij ging staan om het hof toe te spreken. ‘Dit is het tijdstip dat is vastgesteld voor de hoorzitting in verband met borgtocht in “de staat versus Charles Lee Marsh alias goeroe Gabriel Sun”. Ik verzoek u in het verslag te laten vastleggen dat de Staat vertegenwoordigd wordt door Karl Burdett en Rebecca Cromartie. De verdachte is aanwezig en wordt vertegenwoordigd door zijn advocaat, Amanda Jaffe.’
‘Goedemorgen, edelachtbare,’ zei Amanda. ‘Om te beginnen wil ik het hof verzoeken om de alias van de heer Marsh te schrappen. Hij heeft die naam jaren geleden gebruikt om de verkoop van zijn boek en zijn cursusbijeenkomsten te bevorderen, maar hij heeft die naam al meer dan tien jaar niet gebruikt.’
‘Dat is de naam waaronder hij bij het publiek bekend is, edelachtbare,’ wierp Burdett tegen. ‘Wij hebben getuigen die naar hem zullen verwijzen als Gabriel Sun of de goeroe. Bovendien heeft mevrouw Jaffe me hiervan niet in kennis gesteld en dus ben ik niet bereid om deze kwestie vanmorgen te bespreken.’
‘Ik ben geneigd om het met de heer Burdett eens te zijn,’ zei de rechter tegen Amanda, ‘maar als het een probleem voor u is, kunt u een met juridische redenen omkleed verzoek indienen.’
Amanda had niet echt een probleem met het naar verhouding niet ongunstige pseudoniem in de aanklacht. Waar ze zich wel zorgen om maakte, was de mogelijkheid dat een van de juryleden die zich Charlies pseudoniem herinnerde, zich ook zou herinneren dat de roddelbladen haar cliënt op het moment dat hij van moord werd beschuldigd ‘de goeroe van de duivel’ waren gaan noemen. Maar ze besloot die strijd op een andere dag uit te vechten.
‘Laten we ons over de kwestie van de borgtocht buigen,’ zei de rechter.
‘Ik denk dat ik het hof wat tijd kan besparen,’ antwoordde Burdett voordat Amanda iets kon zeggen. ‘Als de heer Marsh zijn paspoort inlevert, zal de staat geen bezwaar maken tegen vrijlating op borgtocht, gezien zijn vrijwillige terugkeer om een proces onder ogen te zien.’
Amanda was ontsteld door Burdetts toeschietelijkheid, maar zijn toon verbaasde haar ook. De officier klonk alsof het hem speet dat hij Charlie niet had laten arresteren. Als hij er zo over dacht, waarom stemde hij dan in met de borg?
‘Daarmee wordt zo te zien aan uw verzoek tegemoetgekomen, mevrouw Jaffe,’ zei rechter Berkowitz.
‘Zeker, en ik wil de heer Burdett danken voor zijn redelijkheid.’
Burdett reageerde niet op Amanda’s opmerking. In plaats daarvan zei hij tegen de rechter dat Charlie bij de gevangenis moest worden ingeschreven, zodat ze zijn vingerafdrukken konden nemen en hem fotograferen. De officier stelde vervolgens een borgsom voor die ruim binnen Charlies budget bleef. Amanda ging snel met het bedrag akkoord en de rechter verzocht zijn griffier de papieren in orde te maken. Zodra Amanda en Burdett het eens waren geworden over een datum voor het proces, verlieten de officier en zijn assistent de rechtszaal, op de voet gevolgd door een horde verslaggevers.
‘Ben ik nu vrij?’ vroeg Charlie, niet helemaal zeker van wat er zojuist was gebeurd.
‘Zodra we de borgsom hebben gestort.’
Charlie grijnsde, maar die grijns verdween toen hij zich Nathan Tuazama herinnerde. Hij speurde de menigte af, maar de Afrikaan bevond zich niet meer in de rechtszaal.
‘Is er iets?’ vroeg Amanda.
‘Nee, nee. Ik ben alleen maar eh… een beetje van streek omdat het allemaal zo snel ging.’
‘Dan ben je niet de enige.’
‘Ik wed dat je dat niet had zien aankomen,’ zei Kate toen ze samen met Dennis bij Amanda en Charlie aan de tafel van de verdediging ging zitten.
‘Nee, dat had ik zeker niet,’ antwoordde Amanda, nog steeds in de war vanwege Burdetts toeschietelijkheid.
Een hulpsheriff kwam aanlopen om met Charlie naar de gevangenis in het gerechtsgebouw te gaan voor de inschrijving.
‘Kate, kun jij met Charlie meegaan?’
‘Geen probleem.’
‘Ik kom naar de gevangenis zodra ik je borgsom heb gestort,’ zei Amanda tegen haar cliënt. ‘Tegen niemand iets zeggen over je zaak, begrepen?’
‘Ik zwijg als het graf.’
‘Prima. Dan zie ik je over een uur of zo.’
‘Ik neem aan dat dit niet was wat je verwachtte?’ zei Dennis Levy.
‘Het kwam wel erg onverwacht, ja. Ik had gedacht dat Burdett tot het bittere eind zou doorvechten om Charlie in hechtenis te houden.’
‘Heb je enig idee waarom hij terugkrabbelde?’
‘Dat dééd hij niet, Dennis, en waag het niet om het zo te stellen. Ik wil niet dat Karl er spijt van krijgt dat hij ons ter wille is geweest doordat jij hem als een lafaard afschildert.’
‘Nee, nee, daar heb je gelijk in. Ik zal het omschrijven als een welwillende tegemoetkoming.’
‘Prima.’
‘Maar waarom krabbelde hij terug?’ vroeg Levy grijnzend.
‘Geen idee. En wil je me nu excuseren? Ik wil Charlie zo gauw mogelijk op vrije voeten zien te krijgen.’
Drie kwartier later liep Amanda met Charlie de gevangenis uit het zonlicht in. Hij bleef even in de warme zomerlucht staan, sloot zijn ogen en haalde diep adem. Amanda merkte dat er een groepje verslaggevers hun kant uit kwam. Kate stond aan de stoeprand te wachten om Amanda terug naar haar auto te brengen. Amanda pakte Charlies elleboog beet en liep haastig met hem naar de straat. Ze waren er bijna toen Kates voorruit uit elkaar spatte.
Kate sloeg haar arm voor haar gezicht. Charlie bleef als aan de grond genageld staan. Amanda gaf hem een duw met haar schouder en drukte hem op het trottoir, vlak voordat er nog een kogel langs de plek vloog waar zijn hoofd zich een tel eerder had bevonden. De kogel sloeg een brok beton uit de voorgevel van het gerechtsgebouw.
Een verslaggever gilde. Anderen zochten dekking. Een cameraman draaide zich om en was zo dom om door zijn lens op zoek te gaan naar de schutter. Twee hulpsheriffs hurkten met getrokken revolvers bij de ingang van het gerechtsgebouw.
‘Hou je hoofd omlaag,’ riep Amanda terwijl ze haar cliënt half onder de auto duwde.
‘Wat is er gebeurd?’ vroeg Charlie.
‘Iemand heeft op je geschoten. Niet bewegen. De schoten kwamen van de andere kant van de auto. Ze kunnen je achter het chassis niet zien.’
Dennis Levy lag doodsbang op de vloer achter in Kates auto. Kate kroop over het glas waarmee de voorbank bezaaid lag. Ze wachtte tot ze haar pistool kon trekken, duwde vervolgens het portier aan de passagierskant open en liet zich op het trottoir rollen.
‘Alles in orde met je?’ vroeg Amanda.
‘Ja.’
Amanda hoorde een sirene. Kate kwam half overeind en gluurde even over de motorkap. Een ziekenauto kwam in volle vaart op hen af rijden en de cameraman die de schutter had proberen te vinden wees de politie naar een rij van twee verdiepingen hoge kantoorgebouwen een paar straten verderop. Toen Kate er zeker van was dat het gevaar was geweken, wenkte ze Amanda. Beide dames hielpen Charlie overeind.
‘Je hebt mijn leven gered,’ zei Charlie tegen Amanda.
‘Jaffe, Katz, Lehane & Brindisi doen alles voor hun cliënten,’ grapte ze. Ze probeerde luchtig te klinken terwijl ze de rillingen probeerde te onderdrukken, die erger werden naarmate haar adrenaline zijn uitwerking begon te verliezen.
‘Ik zal een verklaring moeten afnemen,’ zei een politieagent tegen Charlie. Charlie keek naar Amanda.
‘Dat is goed,’ zei ze. ‘Jij bent hier het slachtoffer. Heb je gezien wie er op je schoot?’
‘Nee, ik keek naar het portier van de auto. Ik wilde net instappen toen de voorruit uit elkaar spatte, en jij me op de grond duwde.’
‘Ik ben bang dat ik niets kan toevoegen aan wat de heer Marsh heeft gezegd. Ik heb niets gezien. Op het moment dat de voorruit aan stukken vloog, heb ik hem tegen de grond gegooid. Daarna kon ik niets zien doordat de auto mij het zicht benam.’
‘Ik zal u toch moeten vragen mee naar binnen te gaan om de rechercheurs een verklaring te geven,’ zei de agent tegen Amanda.
‘Dat is goed. Als we buiten blijven, worden we toch alleen maar door verslaggevers belaagd,’ zei Amanda op het moment dat Karl Burdett, op de voet gevolgd door enkele van zijn medewerkers, het gerechtsgebouw uit stormde.
‘Wat is er gebeurd?’ vroeg hij aan Amanda.
‘Er heeft een sluipschutter op de heer Marsh geschoten.’ Burdett werd bleek. Amanda wees naar de plek waar de politie heen was gegaan. ‘Waarschijnlijk zat hij in een van die gebouwen.’
‘Wat vreselijk,’ zei Burdett, meer tegen zichzelf dan tegen Amanda. Hij zag er aangeslagen uit toen hij naar een van de politieagenten liep om met hem te overleggen, Amanda in verwarring achterlatend. Ondanks de schokkende gebeurtenis waarvan ze zojuist getuige was geweest, leek de reactie van de officier van justitie haar op de een of andere manier niet op zijn plaats.