Hoofdstuk 8

 

 

Amanda Jaffes telefoon deed haar uit een diepe slaap ontwaken. Toen hij drie keer was overgegaan, nam ze op.

   ‘Hallo?’ mompelde ze slaapdronken toen ze de hoorn eenmaal had gevonden.

   ‘Met Amanda Jaffe?’

   ‘Met wie spreek ik?’

   ‘Met Martha Brice. Ik ben hoofdredacteur van World News.’ 

   Verdomme, een verslaggever, dacht Amanda terwijl ze haar benen over de zijkant van het bed sloeg en haar lange zwarte haar uit haar gezicht wreef. Amanda’s vriend, Mike Greene, de hoofdaanklager bij het bureau van de officier van justitie van Multnomah County, was die nacht bij haar blijven slapen in haar appartement, omdat ze geen van beiden tot twaalf uur een vergadering hadden of in de rechtszaal moesten verschijnen. Amanda had zich er op verheugd dat ze, bij wijze van uitzondering, een keer kon uitslapen. 

   ‘Weet u wel hoe laat het is, juffrouw Brice?’

   ‘Het is mevrouw Brice, en als het hier in New York zeven uur in de ochtend is, moet het bij u vier uur zijn,’ antwoordde de vrouw op kalme toon. 

   ‘Hebt u er een bepaalde reden voor dat u me niet op een beschaafd tijdstip op mijn kantoor kunt bellen?’

   ‘Die heb ik zeker. Ik zit op dit moment in het vliegtuig van ons bedrijf, op weg naar Oregon. Als alles goed gaat, kom ik over vier uur op het vliegveld aan. Ik wil zo snel mogelijk na de landing met u spreken.’

   Brice’ gebiedende toon had dezelfde uitwerking als een dubbele espresso.

   ‘Luister eens, mevrouw Brice,’ snauwde Amanda haar toe, ‘ik behandel mijn zaken niet in de pers, en als u denkt dat de beste manier om een interview met mij te krijgen is om mij in het holst van de nacht wakker te maken, moet u eens een opfriscursus gaan volgen bij die school voor journalistiek waar u op hebt gezeten.’

   ‘U hebt me kennelijk niet begrepen, mevrouw Jaffe. Dat zal wel komen doordat ik u wakker heb gemaakt. Ik ben geen verslaggever. Ik ben de hóófdredacteur van World News. Ik ben de báás van ons blad. Ik neem geen interviews af. Ik vlieg naar Portland om u in te schakelen bij een rechtszaak. Het gaat om een zaak waarvan ik zeker weet dat u hem in behandeling wilt nemen.’ 

   ‘Wat voor zaak?’

   ‘Ik wil de bijzonderheden niet via de telefoon bespreken.’

   Amanda was even stil. Brice’ houding stond haar niet aan, maar ze was wel nieuwsgierig geworden.

   ‘Tegen de tijd dat u aankomt, ben ik op kantoor,’ zei ze.

   ‘Ik heb geen tijd om naar de stad te rijden. Ik heb later vandaag nog een belangrijke vergadering in New York. Ik wil in het vliegtuig met u spreken. Er is een vergaderruimte aan boord. Er is ook een keukentje, zodat ik voor ontbijt kan zorgen. Heb ik het juist dat u van pannenkoekjes met bosbessen houdt?’

   Amanda’s mond viel van verbazing open. ‘Als u daarmee de bedoeling had om indruk op me te maken, bent u daar zeker in geslaagd.’

   ‘Ik ben toch bang dat u wat al te gemakkelijk onder de indruk raakt. Een van mijn medewerkers heeft u gegoogeld. Dat stukje informatie ben ik te weten gekomen uit een interview dat u na de zaak-Cardoni aan een van mijn concurrenten hebt afgestaan.’

   ‘Dat is een paar jaar geleden.’

   ‘Ga me nou niet vertellen dat u op dieet bent.’

   Amanda schoot in de lach. ‘Nee, mevrouw Brice, en uw aanbod van bosbessenpannenkoeken heeft zijn nut gehad. Ik heb die koolhydraten nodig om de dag door te komen, want ik ga last krijgen van slaaptekort.’

   ‘Kom dan om acht uur naar de terminal van Flightcraft.’

   ‘Flightcraft?’

   ‘Dat is een servicebedrijf waar we zaken mee doen. Ze regelen VIP-lounges voor ons en zo. Jennifer Gates, mijn assistente, zal u in de aankomsthal opwachten en met u naar het vliegtuig lopen. O ja, en nog iets. Praat met niemand over ons gesprek.’

   ‘Wilt u niet dat ze erachter komen dat u naar Portland komt?’

   ‘Precies. Als ik u over de zaak vertel, begrijpt u wel waarom,’ antwoordde Brice vlak voordat ze de verbinding verbrak.

   Amanda ging even op haar rug liggen om de kracht te verzamelen om op te staan en zich aan te kleden. Ze zag dat Mike op zijn zij lag en naar haar lag te kijken. Als hoofdaanklager bij het bureau van de officier van justitie van Multnomah County had Mike veel van de spraakmakende moordzaken in de county behandeld. Ze hadden elkaar leren kennen toen hij als aanklager betrokken was bij de zaak-Cardoni, die Amanda bijna het leven had gekost. Sinds die tijd hadden ze een los-vaste relatie. Als ze het niet zo druk hadden, zouden zij en Mike misschien tijd hebben om erachter te komen waar het met hun relatie heen ging.

   Mike had blauwe ogen, zwart krulhaar en een borstelige snor. Omdat hij een fors postuur had en bijna twee meter lang was, werd hij vaak aangezien voor iemand die American football of basketbal speelde voor een van de universiteitsteams, maar dat waren sporten die de pientere officier nooit had beoefend. In plaats daarvan nam Amanda’s vriend deel aan schaaktoernooien en speelde zo goed tenorsax dat hij voor een beroepsmusicus kon doorgaan. 

   ‘Dat wordt niet samen ontbijten,’ zei Mike.

   ‘Jammer,’ zei Amanda, ‘maar de plicht roept.’

   ‘Een nieuwe zaak?’

   ‘Ja.’

   ‘Wat voor een?’

   ‘Geen idee, en ik kan je niet vertellen wie de cliënt is, dus vraag er niet naar.’

   ‘Die mevrouw Brice moet wel erg rijk zijn,’ zei Mike met een grijns. 

   ‘Vergeet alsjeblieft dat je die naam hebt gehoord, anders ga ik voor het volgende millennium niet meer met je naar bed.’

   Mike lachte.

   ‘En hoe wist je dat ze rijk was?’

   ‘Ik weet wat Flightcraft is. Je moet niet vergeten dat ik advocaat in Los Angeles ben geweest. Ze komt dus met een privévliegtuig aan, hè?’

   ‘Mike!’ waarschuwde Amanda.

   Greene lachte weer. Toen keek hij naar de klok op het nachtkastje. ‘Hoe laat moet je op het vliegveld zijn?’

   ‘Om acht uur.’

   Mike sloeg zijn arm om Amanda’s buik. ‘Ik denk niet dat ik nog in slaap kan komen,’ zei hij terwijl zijn hand langzaam naar Amanda’s borsten gleed.

   Amanda draaide zich naar Mike toe. Als ze wakker gemaakt werd, werkte dat altijd op haar zenuwen en ze had nog voldoende tijd om te douchen en zich aan te kleden.

   ‘Mannen zijn allemaal varkens. Ze denken maar aan één ding,’ zei ze.

   Mike grijnsde en reageerde met de meest waardevolle zinsnede die hij tijdens zijn rechtenstudie had geleerd: ‘Aangenomen dat dat waar is, wat is er dan verkeerd aan?’

 

Het was ongewoon warm voor een Portlandse zomer. Amanda had de airconditioning hoog gezet terwijl ze over de snelweg naar Airport Way reed, de weg die naar Portland International Airport liep. Vlak voor de weg afboog naar de parkeergarage bij het hoofdgebouw en de aankomst- en vertrekhallen, zag ze een bord BUSINESS FLIGHTS. Ze reed een parkeerterrein tegenover het gebouw van Flightcraft op. Het servicebedrijf was gevestigd in een gebouw van glas en staal. Het gebouw deed dienst als terminal voor privévliegtuigen. Binnen stonden een paar rijen stoelen en een incheckbalie. Toen Amanda naar binnen ging, stond er een aantrekkelijke brunette met veerkrachtig, schouderlang haar op. Ze droeg een blauw broekpak met een krijtstreepje, een witzijden overhemd en een ketting van witte parels. Ze zag er zowel zakelijk als heel elegant uit.

   Amanda was knap, maar niemand zou haar elegant noemen. Aan het jarenlang wedstrijdzwemmen had ze brede schouders overgehouden. Ze had een gespierd gestel, dat ze in conditie hield door de trainingen te blijven volgen waar ze ‘Pacific 10’-kampioen mee was geworden en een gooi had gedaan naar een plaats in het olympische team. Haar figuur leek in niets op dat van een mannequin, maar mannen vonden haar toch aantrekkelijk. 

   ‘Mevrouw Jaffe?’

   Amanda knikte. De vrouw stak haar hand uit en ze begroetten elkaar.

   ‘Ik ben Jennifer Gates, de assistente van mevrouw Brice. Mevrouw Brice verwacht u.’

   ‘Aangenaam kennis te maken, Jennifer. Ga maar voor.’

   Een gestroomlijnde witte Gulfstream G500 met het logo van World News op de romp geschilderd stond vlak bij het gebouw op de landingsbaan te wachten. Amanda liep een trap op en betrad een interieur dat in niets leek op dat van een van de vliegtuigen waarin zij ooit had gevlogen. Op de vloer lag een hoogpolig beige tapijt dat je eerder in een penthouse in Manhattan zou verwachten en de wanden waren met donker hout betimmerd. Er stonden veertien ruime, met donkerbruin leer beklede stoelen, waarvan er één was omgebouwd tot een keurig opgemaakt bed. Halverwege de deur naar de cockpit stond een eiken vergadertafel, waaraan voor één persoon was gedekt. Er lag een linnen servet met het monogram van World News erop en er stonden een kristallen glas met ijskoud water en een glas voor de jus d’orange, die in een kristallen schenkkan klaarstond. Amanda zou erom hebben gewed dat het bestek van zuiver zilver was. 

   Amanda had in Bay op de universiteit gezeten en in Manhattan rechten gestudeerd, dus ze was niet helemaal onkundig als het om mode ging, maar de vrouw die tegenover de plaats zat waar voor één persoon was gedekt was duidelijk een deskundige op dat gebied. Ze droeg zwarte open Manolo Blahnik-pumps, een zwarte pantalon van crêpe de Chine en een met zwart afgezet Donna Karan-colbert van grijs tweed met een tailleriem. Een gouden halsketting sierde haar hals, aan haar oren hingen gouden oorbellen en ze kon de tijd aflezen op een groot Cartier-horloge. Op een lege stoel naast haar stond een grote zwartleren Prada-schoudertas. Brice’ nagels waren gemanicuurd, ze was perfect opgemaakt en haar kapsel zag eruit alsof een kapper er zojuist de laatste hand aan had gelegd. Niemand zou ooit hebben vermoed dat ze net een vermoeiende nachtvlucht van de ene kant van het land naar de andere achter de rug had. 

   ‘Fijn dat u gekomen bent, mevrouw Jaffe,’ zei Brice.

   ‘Chique boel,’ antwoordde Amanda toen ze het interieur van de Gulfstream helemaal had bekeken.

   ‘Ik vind het zelf niet onaardig. Kan ik u jus d’orange aanbieden? Wilt u koffie?’

   Amanda liet zich op de stoel zakken waar de tafel gedekt was. ‘Jus d’orange graag, en ik neem aan dat uw kok voor een latte kan zorgen?’

   ‘Enkel of dubbel?’ vroeg Brice met een geamuseerde glimlach om haar lippen.

   Amanda glimlachte terug. ‘Dubbel, graag.’

   Brice keek naar Jennifer Gates, die een groot glas jus d’orange voor Amanda inschonk en vervolgens naar achteren liep om haar bestelling voor een latte door te geven.

   ‘Ik ben behoorlijk onder de indruk geraakt. Kunt u me nu vertellen wat er aan de hand is?’

   ‘Zeggen de namen Gabriel Sun en Charlie Marsh u iets?’

   ‘De goeroe van de duivel! Natuurlijk weet ik wie dat is. Het proces van Sally Pope was mijn vaders grootste zaak.’

   ‘Marsh komt terug naar Oregon om de aanklacht wegens de moord op het congreslid Arnold Pope Junior onder ogen te zien. Ik zou graag willen dat u hem vertegenwoordigt. U krijgt een voorschot van vijfhonderdduizend dollar. Als dat voorschot niet toereikend is voor de tijd die u eraan besteedt, wordt er een extra honorarium betaald.’

   Amanda had in het verleden een paar keer een hoog voorschot gekregen, maar dat was niets vergeleken bij dit. Ze had er al haar ervaring in de rechtszaal voor nodig om haar opwinding niet te laten merken.

   ‘Waarom is World News bereid de verdediging van Gabriel Sun te financieren?’ vroeg ze. 

   ‘Dat zijn we niet. Herinnert u zich de bestseller die hij geschreven heeft?’

   ‘Het licht in jezelf? Natuurlijk. Ik studeerde nog toen mijn vader Sally Pope verdedigde. Ik wed dat iedere student op Berkeley dat boek heeft gelezen.’ 

   ‘Ik heb namens Charlie met zijn oorspronkelijke uitgever onderhandeld over een contract voor een nieuw boek. Het gaat om een autobiografie die aansluit op zijn eerste boek. Charlie gaat daarin alles vertellen over de schietpartij bij de Westmont-sociëteit, zijn vlucht naar Afrika, zijn leven in Batanga en zijn proces – het proces dat u namens hem gaat voeren.’

   Brice boog licht voorover en keek Amanda recht in de ogen.

   ‘Het staat buiten kijf dat Charlies nieuwe boek een bestseller wordt. Iedereen in Amerika zal het lezen, en daarmee wordt u de bekendste strafpleiter van het hele land. Bent u erin geïnteresseerd, mevrouw Jaffe?’

   Brice leunde achterover om haar woorden te laten bezinken.

   ‘Natuurlijk ben ik geïnteresseerd,’ zei Amanda. Op dat moment verscheen Brice’ kok met haar pannenkoekjes. Jennifer Gates liep een paar passen achter hem aan met Amanda’s latte.

   Haar vader had naam gemaakt met de zaak-Pope. Het proces van Sally Pope en de voortdurende verhalen over Charlie Marsh’ vlucht naar Afrika hadden meer dan een jaar lang alle radio- en televisie-uitzendingen gedomineerd. Amanda was al beroemd in Oregon – en men kende ook haar naam in juridische kringen daarbuiten – maar als ze de goeroe van de duivel zou verdedigen, zou ze in elke Amerikaanse staat bekend worden.

   ‘Wat voor relatie hebt u met Charlie Marsh?’ vroeg Amanda terwijl ze warme ahornsiroop over de stapel pannenkoeken goot.

   ‘Een zuiver beroepsmatige.’

   ‘Wat levert het u dan op?’ vroeg Amanda voordat ze haar eerste hap nam.

   ‘Exclusiviteit. Hij gaat ermee akkoord dat hij alleen met World News praat, en hij heeft toestemming gegeven dat we tijdens het proces een van onze verslaggevers bij uw team kunnen detacheren.’ 

   Amanda liet haar vork zakken. ‘Ho ho, wacht even. Wat gaat die verslaggever doen?’

   ‘Hij heet Dennis Levy. Hij is jong en heel bekwaam. Ik denk dat u hem wel aardig zult vinden.’

   ‘U hebt mijn vraag niet beantwoord, mevrouw Brice. Wat stelt u zich voor dat Levy tijdens het proces gaat doen?’

   ‘Ik stel me voor dat hij zich als luistervink opstelt. Hij zal natuurlijk in de rechtszaal aanwezig zijn, maar hij zal ook uw strategiegesprekken bijwonen en erbij zijn als u met Marsh overlegt en met getuigen beraadslaagt. Daarnaast interviewt hij u en de leden van uw team afzonderlijk. Op die manier hebben we een voorsprong op alle andere kranten, tijdschriften en televisiestations.’

   ‘Dan hebben we misschien een probleem. Ik kan onmogelijk toestaan dat uw verslaggever in uw blad mijn strategie uiteenzet zodat iedereen op het bureau van de aanklager erover kan lezen.’

   ‘Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Dennis zal niets doen wat de zaak van de heer Marsh in moeilijkheden brengt.’

   ‘En hij kan ook niet aanwezig zijn bij mijn overleg met de heer Marsh. Hij is geen advocaat, zodat de vertrouwensregel tussen advocaat en cliënt niet op hem van toepassing is. Als er tijdens een gesprek tussen de heer Marsh en mij een derde aanwezig is, komt die regel te vervallen. Uw verslaggever zou dan als getuige à charge kunnen worden opgeroepen en gedwongen worden verklaringen af te leggen over alles wat de heer Marsh mij in vertrouwen heeft meegedeeld.’

   ‘Hoe zit het dan met de bescherming die het Eerste Amendement hem als persvertegenwoordiger biedt?’

   ‘Ik ben geen deskundige op dat gebied, maar ik ben er vrijwel zeker van dat er jurisprudentie bestaat waarin het hof staande houdt dat het Eerste Amendement onder deze omstandigheden een verslaggever geen bescherming biedt.’

   ‘Ik zal mijn juridische staf deze kwestie laten onderzoeken. Nogmaals, ik ben niet van plan om ook maar iets te doen wat Marsh’ kans op vrijspraak kan schaden.’

   ‘De heer Levy zal zich aan mijn instructies moeten houden. Ik wil zijn artikelen lezen voordat ze gepubliceerd worden om er zeker van te zijn dat hij niets schrijft waarmee ze ons in de kaart kunnen kijken of wat een vertrouwelijke mededeling in de openbaarheid brengt.’

   ‘Daar worden we het wel over eens. Dus u doet mee?’

   ‘Ik ben zeker geïnteresseerd, maar het kan zijn dat er sprake is van een belangenconflict. U weet toch dat mijn vader, Frank Jaffe, Sally Pope heeft verdedigd? Zij was Marsh’ medeverdachte.’

   Brice knikte.

   ‘Zoals ik al zei, ik studeerde nog toen het proces plaatsvond, maar we zijn nu compagnons en ik moet me ervan overtuigen dat er geen belangenconflict is.’

   ‘Mevrouw Pope is toch vrijgesproken?’

   ‘De zaak werd halverwege het proces voorwaardelijk geseponeerd. Dat verandert niets aan de juridische gevolgen.’

   ‘Wat is dan het probleem?’

   ‘Misschien is er geen probleem, maar dat moet ik wel zeker weten. Als er geen probleem is, neem ik de zaak zeker aan. Dat wil zeggen, als de heer Marsh wil dat ik hem verdedig. U begrijpt dat niet u mijn cliënt bent, maar hij. Als hij mij wil, doe ik mee.’

   ‘Prima.’

   ‘Waar is de heer Marsh nu?’

   ‘Onderweg naar New York. Hij logeert daar in een appartement dat eigendom is van Worlds News.’ 

   ‘U gaat zijn terugkomst toch niet in de publiciteit brengen, hoop ik? Ik wil niet dat de officier van justitie weet waar hij is. Dan zou hij hem kunnen laten arresteren.’

   ‘Ik ben niet van plan om ook maar aan iemand te vertellen dat de heer Marsh terug in de Verenigde Staten is tot u zegt dat het kan.’

   ‘Prima. Het eerste wat ik ga doen, zodra ik zeker weet dat ik de zaak kan aannemen, is regelen dat de heer Marsh zich vrijwillig ter beschikking van justitie stelt. Dat geeft me tijd om een hoorzitting te regelen over vrijlating op borgtocht. Als het aan mij ligt, wil ik niet dat hij in de gevangenis zit terwijl wij het proces aan het voorbereiden zijn.’

   Brice zocht in haar schoudertas en haalde er een enveloppe uit, die ze aan Amanda gaf.

   ‘Dit is uw voorschot. Er zit een lijst met telefoonnummers bij waarop u me kunt bereiken. Laat me zo gauw mogelijk weten hoe het met dat belangenconflict zit.’

   ‘Ik wil meteen als ik de zaak heb aangenomen met de heer Marsh spreken.’

   ‘Als u wilt, kan ik u met ons vliegtuig op laten halen, dan kunt u in New York met hem praten.’

   Amanda liet haar hand over de met leer beklede stoel glijden. ‘Daar houd ik u misschien aan, als u er tenminste nog een gratis ontbijt tegenaan gooit. Die pannenkoeken zijn heerlijk!’