HOOFDSTUK DRIE

Carlo LaFata kreunde toen het geluid van zijn mobiel tot hem doordrong. Hij stak zijn hand automatisch uit in de richting van zijn nachtkastje en stootte een half leeggedronken fles Cristal om.

‘Verdomme,’ mompelde hij terwijl de kamer zich vulde met de geur van verschaalde champagne.

Hij tastte in het donker in een poging de fles te vinden. De koeienhuid naast het bed was doordrenkt en de fles leeg. Zijn mobiel stopte met overgaan. Wie belde hem in vredesnaam op dit tijdstip? En hoe laat was het verdomme? Het moest midden in de nacht zijn. Carlo tastte naar zijn iPhone en vond hem uiteindelijk onder een vochtig papieren zakdoekje dat hij op het kleed naast de lege fles gooide. Hij gluurde naar de telefoon: 6.27 uur. Gemiste oproep. Frankie. Die kon wachten. Dat zijn pientere, hulpvaardige zus op dit goddeloze uur wakker was, betekende nog niet dat hij dat ook moest zijn. Bovendien was het zaterdag! Hoe haalde ze het in haar hoofd? Niets kon belangrijk genoeg zijn om hem om halfzeven wakker te maken. Ze wist dat hij vrijdagnacht op zijn vroegst om drie uur naar bed ging.

Hij liet zich weer op het kussen vallen. De wereld draaide om hem heen en hij voelde een golf van misselijkheid opkomen. Hij had een afgrijselijke kater. Alweer. Hoe laat was hij naar bed gegaan? En hóé was hij in zijn bed terechtgekomen? Carlo had er geen flauw idee van. Hij probeerde de gebeurtenissen van de vorige avond te reconstrueren maar er was niets – alleen een groot, gapend, zwart gat waar zijn geheugen had moeten zijn. Maar wat maakte het uit? Op dit moment had hij alleen slaap nodig. De gemorste champagne kon wachten en Frankie al helemaal. Hij deed zijn ogen dicht. Meteen daarna ging zijn mobiel opnieuw over.

‘Jezus…’ Hij pakte zijn mobiel weer. Het was opnieuw Frankie.

‘Rot. Op,’ zei Carlo, terwijl hij de reject-knop indrukte en zijn mobiel uitzette.

Wat was er met haar aan de hand? Hij was waarschijnlijk iemands verjaardag vergeten of zo, en nu belde Little Miss Efficiency hem om hem daaraan te herinneren. Slaap. Hij ging weer slapen. Frankie kon wachten. Carlo lag in het donker te wachten tot de slaap terugkwam, maar zijn hoofd bonkte en zijn mond was afschuwelijk droog en smaakte naar verschaalde champagne en, jezus, hij voelde zich kotsmisselijk. De kamer draaide in het donker. En er was nog iets. Iets waar hij niet meteen zijn vinger op kon leggen. Carlo voelde zich vreemd claustrofobisch.

Het appartement was aardedonker dankzij de verduisteringsrolgordijnen voor de ramen. Vanaf zijn penthouse op de vijfde verdieping had hij een fantastisch panoramisch uitzicht over het strand en de zee, maar de vroege zonsopgangen waren een verschrikking voor een feestbeest als hij. En het was doodstil dankzij de driedubbele beglazing die hij had laten installeren. Carlo was gek op de zee; hij kon urenlang naar de golven staren. Het geluid ervan verpestte echter zijn uitslaapochtenden, dus had hij de zee het zwijgen opgelegd. Maar wat was dat zachte, snuivende geluid ergens naast zijn linkeroor dan? Hij lag een tijdje te luisteren naar het zachte opkomen en wegsterven van het gesnuif. Het klonk bijna als een spinnende kat, maar hij had natuurlijk geen kat. Een kat had voedsel en water en liefde nodig, en dat was veel te veel verantwoordelijkheid voor hem. Hij kreunde inwendig. O, god, niet weer…

Carlo zag niets, maar hij had het onrustige gevoel dat hij niet alleen was in zijn appartement. Hij gleed met zijn vingers aarzelend over de lakens en onder het dekbed, tot hij iets raakte wat warm, zacht en onmiskenbaar menselijk was. Shit! Hij trok zijn hand terug alsof hij een elektrische schok had gekregen. Er lag iemand in zijn bed. Hij voelde hoe de moed hem in de schoenen zonk. Waarom bleef hij dit doen? Hij had met zichzelf afgesproken dat hij nóóit meer een vrouw ’s nachts zou laten blijven. Het was veel te verwarrend en pijnlijk de volgende ochtend, als zij hem vroeg wanneer ze elkaar weer zouden zien, en erop stond dat hij haar telefoonnummer aanpakte, terwijl hij alleen wilde dat ze ophoepelde.

Carlo wilde geen relatie. Wat was daar mis mee? Hij hield van vrouwen, hij was gek op seks, maar hij was nog maar drieëntwintig en absoluut niet klaar voor dat saaie, monogame gedoe waarop meisjes zo gebrand leken te zijn. Ze snapten het gewoon niet. Hij kocht drankjes voor hen, danste met hen, kuste hen, vertelde hun dat ze mooi waren, nam hen mee naar zijn bed, bezorgde hun een fijne tijd en dan, bam, de volgende ochtend dachten ze ineens dat het ware liefde was. Welk deel van de onenightstand begrepen die meiden niet? Ze zagen te veel goedkope films en lazen te veel flutboeken. Daar kregen ze rare ideeën van in hun mooie hoofdjes over romantische wandelingen over het strand en diamanten verlovingsringen. Nee, Carlo zou zich niet in deze situatie moeten bevinden. Het was de drank! Een paar glazen bubbels en zijn pik begon de baas over zijn hersenen te spelen. En nu was het dus weer zo ver en lag hij naast een onbekende vrouw, terwijl hij er geen idee van had wie ze was, hoe ze hier gekomen was, en hoe hij van haar af moest komen.

Het snuiven werd luider, veranderde in gemompel en daarna rolde zijn mysterieuze gast naar hem toe. Carlo haastte zich uit bed en stapte in een plas champagne. Iets kouds en kleverigs bleef aan zijn voet plakken. Gadver! Het was een gebruikt condoom. Hij schopte het walgend van zijn voet. Het feit dat hij aan veilige seks had gedaan, bood hem op dit moment weinig troost.

Hij strompelde in het donker naar de aangrenzende badkamer, tastte naar de deurklink en de lichtschakelaar, sloop naar binnen en deed de deur achter zich op slot. Hij knipperde met zijn ogen tegen het felle licht en moest zich aan de kalkstenen wastafel vasthouden. Hij verging van de pijn in zijn hoofd en zijn spiegelbeeld draaide voor zijn waterige ogen. Hij kon zich verdomme niets van de vorige avond herinneren. ‘Wie ligt er in vredesnaam in mijn bed?’ vroeg hij aan zijn spiegelbeeld. De lange, donkere, haveloze jongeman met de bloeddoorlopen ogen die hij in de spiegel zag had daar echter geen antwoord op. Carlo gooide koud water in zijn gezicht en sloeg daarna hard op zijn wangen, in een poging enigszins bij zijn positieven te komen. Oké, hij was met zijn vrienden naar de Stars’n’Bars gegaan om hamburgers te eten en bier te drinken. Daarna was hij met Christian naar nachtclub Jimmy’z gegaan. Christian was zijn beste vriend, erfgenaam van een Zweeds diepvriesvoedselimperium en net zo blond als Carlo donker was. De vrouwen hadden geen enkele kans als zij in de zaal waren. Tijdens de rit naar Jimmy’z hadden ze een paar jonge Engelse studentes opgepikt die een dagje uit Nice waren overgekomen, gewoon om hun ego wat op te peppen. Het was ongelofelijk eenvoudig om meisjes in zijn Lamborghini Gallardo Spider te krijgen. Christian had een zwarte, maar Carlo gaf de voorkeur aan zijn rode exemplaar. Dat schatje stelde hem nooit teleur, het was bijna net zo’n meidenmagneet als zijn jacht. De meisjes waren leuk geweest, maar hun accent had Carlo geïrriteerd, en hij kon zich niet herinneren dat hij nog met hen had gepraat nadat hij hun entree voor de club had betaald en een drankje voor hen had gehaald.

Jimmy’z was afgeladen geweest met het normale publiek: oude vrienden van wie de vaders bevriend waren met zijn vader, de Casiraghi’s, Lewis Hamilton met zijn Pussycat Doll, en veel gebruinde mannen in witte overhemden die zich op de dansvloer uitleefden met lange, slanke, blonde meisjes die eruitzagen als modellen maar waarschijnlijk gewoon dure Russische hoeren waren. Het was soms moeilijk om het verschil te zien tussen de dochter van een oligarch en een prostituee uit Monaco. Vooral nadat je bier had gedronken.

Ze hadden een paar flessen Cristal gedronken om een zakendeal te vieren die Christian diezelfde dag tijdens een lunch in Parijs had afgesloten.

‘Wat was de deal?’ vroeg Carlo.

Christian had zijn schouders nonchalant opgehaald. ‘Ik weet het niet. Het had iets met garnalen te maken.’

Daarna waren ze in een hysterische lachbui uitgebarsten want, tja, garnalen waren gewoon grappig, nietwaar? Christian had niet echt aanleg voor zakendoen. Hij was op papier een van de directeuren van het bedrijf. In werkelijkheid ging hij soms met zijn vader mee naar een vergadering. Dan trok hij zijn Savile Row-kostuum aan en tekende de documenten die voor hem werden neergelegd met zijn Mont Blanc-pen. Hij was de eerste om toe te geven dat hij niet echt wist wat er speelde, maar hij vond het geweldig om zijn eigen secretaresse (die behoorlijk aantrekkelijk was) en een helikopter tot zijn beschikking te hebben. Christian was goedgebouwd, energiek, vriendelijk, loyaal en enthousiast. Carlo vond dat hij een beetje op een golden retriever leek. Hij was een van de weinige mensen om wie Carlo echt gaf en die hij vertrouwde. Het was een cliché en een beetje soft, maar Christian was als de broer die Carlo nooit had gehad.

Tot teleurstelling van zijn vader had Christian niet alleen het knappe uiterlijk, maar ook de beperkte intelligentie geërfd van zijn moeder Inga, een zangeres uit Noorwegen die in de jaren tachtig een paar bescheiden hits had gehad met haar hilarische, goedkope Europop. Het was ironisch dat Christians jongere zusje, Ingrid, het evenbeeld van haar vader was – muisachtig, broodmager, brildragend en met X-benen – en een opleiding volgde aan Harvard Business School. Iedereen wist dat zij het familiebedrijf zou overnemen als ze was afgestudeerd. Als dat gebeurde zou Christian de eerste zijn die haar feliciteerde. Hij leek geen greintje jaloezie in zijn lichaam te hebben.

Carlo wilde soms dat hij meer als zijn vriend kon zijn – zorgeloos, relaxed en gul. Carlo was niet gierig. Hij gaf zijn geld (nu ja, dat van zijn vader) gemakkelijk uit. Was hij niet de eerste om een tafel in de Amber Lounge te betalen, ook tijdens de grandprixweek als dat hem 24.00024.000 pond kostte? Als het op emoties aankwam wist Carlo echter dat hij een beetje, oké, behoorlijk bot kon zijn. Hij toonde zijn gevoelens niet graag. Het was niet zo dat hij geen gevoelens had, maar als je liet merken hoe je je voelde, kon je gekwetst worden. En wie wilde er gekwetst worden? En jaloezie? Jezus, daar zat hij vol mee, vooral als het ging om zijn zusjes…

In tegenstelling tot Carlo, die er trots op was dat hij nog nooit verliefd was geweest en nooit was gedumpt, werd Christian gemakkelijk verliefd en werd hij vaak gedumpt. Op dit moment was het snoepje van de maand een Amerikaanse erfgename die Sasha Constantine heette, een sexy brunette met een fel temperament en veel te arrogant om goed voor haar te zijn. Ze was heel lekker – ernstig, pijnlijk, orgastisch lekker – maar Carlo moest helemaal niets van haar hebben. Deels omdat ze verwaand was, een grote mond had en alles wat Carlo zei in twijfel trok, en deels omdat ze zijn beste vriend al sinds Kerstmis in beslag nam. Hij mocht haar echter vooral niet omdat ze hem zo duidelijk niet kon uitstaan. Carlo verspilde geen tijd aan mensen die hem niet mochten.

Nu hij erover nadacht was Sasha gisteravond in Jimmy’z geweest, samen met haar irritante vriendin Teri, de dochter van een Texaanse oliebaron met wie Carlo afgelopen zomer na een dronken avond per ongeluk naar bed was geweest en die nu leek te denken dat ze het recht had om op zijn schoot te gaan zitten zodra ze elkaar tegenkwamen. Dat had ze gisteravond ook gedaan. Hij had haar weggeduwd, ze was op de grond gevallen en was huilend naar het toilet gerend. Stomme trut. Carlo grijnsde naar zijn spiegelbeeld. Het was eigenlijk heel grappig geweest. Jezus, dat was het! Hij wist het weer! Sasha was tegen hem tekeergegaan over de manier waarop hij Teri behandelde, daarna was ze tegen hem tekeergegaan over de manier waarop hij vrouwen in het algemeen behandelde, en ten slotte had ze geschreeuwd dat hij een zielig stuk Euro-uitschot was en dat ze hoopte dat hij een druiper had, waarna ze een glas tequila in zijn gezicht had gegooid. Wat een bitch!

Maar wat was er daarna gebeurd? Carlo vertrok zijn gezicht in een poging de gebeurtenissen van de vorige avond terug te halen, maar het lukte niet. De ruzie met Sasha was wazig en alles wat er daarna was gebeurd, was één grote leegte. Hij zuchtte en sloeg een zachte witte handdoek rond zijn naakte middel. Wie lag er in vredesnaam in zijn bed? Alsjeblieft, laat het Teri niet zijn.

Hij sloop de slaapkamer in, liet de badkamerdeur op een kier en het licht aan zodat hij iets kon zien. Toen zijn ogen aan het halfdonker gewend waren, zag hij dat er inderdaad iemand in zijn bed lag. Ze lag opgerold in foetushouding, het dekbed tot haar kin opgetrokken, terwijl het weelderige donkere haar haar gezicht bedekte. Een brunette? Hé, dat was apart, normaal gesproken begon hij niet aan brunettes. Bovendien sloot het Teri uit. Hij liep dichter naar het bed toe en boog zich over het meisje heen. Ze rook naar sinaasappel en vanille. Het was een vaag vertrouwde geur, maar Carlo kon niet thuisbrengen waar hij die eerder had geroken. Het meisje snoof nog steeds in haar slaap. Carlo probeerde zenuwachtig een paar lokken haar van haar gezicht te duwen zodat hij kon zien hoe ze eruitzag, maar het was zo dik en lang dat het onmogelijk was om iets te zien, behalve een glimp van de volle, trillende, halfopen lippen. Het enige stukje zichtbare huid was het gebruinde, gladde stukje schouder dat boven het dekbed uitstak. Carlo wilde meer zien. Hij trok het dekbed heel voorzichtig en zo langzaam mogelijk weg, tot het meisje naakt was tot haar middel.

Wauw! Dat had hij goed gedaan! Het naakte lichaam voor hem was extreem lekker. Slank, weelderig, strak en absoluut prachtig. Carlo voelde dat hij een erectie kreeg terwijl hij genoot van de aanblik van haar volle, ronde borsten, haar gespierde armen, de kromming van haar middel en haar strakke, bruine buik. Hij liet de handdoek van zijn middel glijden en keek naar haar borsten, die rezen en daalden terwijl ze ademhaalde. Hij wist niet wie ze was en hij kon haar gezicht niet zien, maar op de een of andere manier werd ze daar nog sexyer van. Misschien was gisteravond toch niet zo’n vergissing geweest.

Hij zag een zwartkanten string op de vloer bij zijn voeten liggen, raapte hem op en keek naar de maat. S. Dat was goed. Hij hield niet van grote billen. Plotseling kon hij zich niet inhouden…

‘Carlo, jij smerige viezerik! Wat ben je verdomme aan het doen?!’ schreeuwde een stem.

Hij liet de string vallen en voelde zijn erectie verslappen terwijl hij vol afgrijzen naar het meisje in zijn bed staarde. Ze zat kaarsrecht en duwde haar wilde haarbos uit haar gezicht.

‘Verdomme, wat dóé ik hier?!’ ging ze tekeer. ‘Waarom ben ik naakt? Waarom ben jíj naakt? Wat deed je met mijn string en, o mijn god, je was met jezelf aan het spelen, jij walgelijke, smerige, verdomde klootzak!’

‘Sasha!’ Carlo had niet geschokter kunnen zijn als hij een paard zonder hoofd in zijn bed had aangetroffen. ‘Jij bent het…’