•10•
De naarste dag van Sean Kings leven was 26 september 1996 geweest, de dag waarop Clyde Ritter om het leven was gekomen terwijl de toenmalige Secret Service-agent King met zijn aandacht bij iets anders was geweest. Jammer genoeg was vandaag de op een na naarste dag van zijn leven. Zijn hele kantoor had vol gestaan met politiemensen, federale agenten en medewerkers van het gerechtelijke onderzoeksteam, die allemaal een heleboel vragen stelden en niet al te veel antwoorden kregen. Tussen al die forensische spoorzoekerij door hadden ze ook vingerafdrukken genomen van King, Phil Baxter en hun secretaresse; zodat ze hun aandacht alleen op verdachte vingerafdrukken hoefden te richten, hadden ze erbij gezegd, maar King besefte maar al te goed dat die woorden op twee verschillende manieren uitgelegd konden worden.
De plaatselijke pers was inmiddels ook ter plekke. Gelukkig kende hij die journalisten persoonlijk en zijn vage antwoorden werden zonder commentaar geaccepteerd. Het zou helaas niet lang duren voordat de nationale pers erbij kwam, want het slachtoffer had iets heel nieuwswaardigs. King had al zoiets vermoed en zijn vermoedens werden bewaarheid toen er een groepje mensen van de US Marshal’s Service voor de deur stond, de federale politiedienst die zich onder meer bezighield met het beschermen van gerechtshoven, het transport van gevangenen en het beheer van geconfisqueerde gelden en goederen.
De overledene, Howard Jennings, was bij Kings advocatenbureau in dienst geweest als een soort manusje-van-alles: iemand die onderzoek deed naar eigendomsakten, juridische documenten nakeek op fouten en toezicht hield op de rekeningen waarop de gelden stonden die de maatschap voor verschillende cliënten beheerde. Zijn kamer bevond zich op de begane grond. Jennings was een rustige man geweest, die hard werkte en niet veel met anderen omging. Er was niets opmerkelijks aan de manier waarop hij in zijn onderhoud had voorzien. Maar in één opzicht was hij wel speciaal geweest.
Jennings had deelgenomen aan het witsec, het federale overheidsprogramma voor de bescherming van getuigen. De 48-jarige Jennings (die natuurlijk niet werkelijk zo heette) was ooit boekhouder geweest bij een misdaadsyndicaat in het Midwesten dat zich had gespecialiseerd in afpersing en witwassen, en dat om zijn klanten duidelijk te maken wat de bedoeling was, gebruikmaakte van middelen als brandstichting, mishandeling, verminking en zo nu en dan een moord. De zaak had in het hele land sterk de aandacht getrokken, niet alleen vanwege de moorddadige methoden van de organisatie, maar ook vanwege de ingewikkelde details van dit ene geval.
Jennings had al snel het licht gezien en meegeholpen om een stel gevaarlijke criminelen veilig achter slot en grendel te krijgen. Enkelen van de allergevaarlijksten hadden echter door de mazen van het federale net weten te glippen, zodat hij zijn toevlucht bij het witsec had moeten zoeken.
Nu was hij overleden, en dat wilde zeggen dat King zwaar in de problemen zat. Als voormalig federaal agent die beschikte over toegang tot hooggekwalificeerde staatsgeheimen was King betrokken geweest bij een paar gemeenschappelijke projecten van de Secret Service en de US Marshal’s Service. Toen Jennings bij hem was komen solliciteren, hadden het antecedentenonderzoek en de andere manieren waarop een advocaat als King de achtergrond van nieuwe medewerkers natrok, hem doen vermoeden dat de man bij het witsec betrokken was. Hij wist het natuurlijk niet zeker – de US Marshal’s Service zouden hem over zoiets heus niet in vertrouwen nemen – maar al had hij daar nooit tegen wie dan ook iets over gezegd, hij had zo zijn vermoedens gehad. Dat kwam doordat Jennings’ cv zo bescheiden was en de man over zo weinig referenties beschikte. Van iemand die zijn voormalige bestaan volledig had uitgewist, viel zoiets natuurlijk te verwachten.
King had te horen gekregen dat hij geen verdachte was, en dat wilde natuurlijk zeggen dat hij ergens boven aan het lijstje stond. Als hij de rechercheurs nu ging vertellen dat hij wel had vermoed dat Jennings meedeed aan het witsec, was het heel goed mogelijk dat hij binnen de kortste keren in staat van beschuldiging werd gesteld, en dus besloot hij zich voorlopig maar op de vlakte te houden.
De rest van de dag was hij bezig zijn partner tot bedaren te brengen. Baxter was een grote, forsgebouwde footballspeler die was uitgekomen voor de University of Virginia en zelfs een paar jaar op het reservebankje van de National Football League had mogen zitten voordat hij zich tot een agressieve en uiterst competente strafpleiter had ontwikkeld. Lijken in zijn kantoor was hij echter niet gewend en hij voelde zich er duidelijk niet erg prettig bij.
Toen hij bij de Secret Service werkte had King zich vele jaren beziggehouden met valsemunterij en fraude, en daarbij had hij met heel gevaarlijke misdadigersbenden te maken gehad. Bovendien had hij zelf natuurlijk ook mensen gedood. Daarom was hij er beter op toegerust om met moord om te gaan dan zijn zakenpartner.
Zijn receptioniste, Monica Hall, had hij vandaag maar naar huis gestuurd. Ze was een tenger en nerveus type en de aanblik van een bloederig lijk zou haar niet goed bekomen zijn. Ze was echter ook een verwoed roddelaarster, en King twijfelde er dan ook niet aan dat de lokale telefooncentrale nu roodgloeiend stond van alle wilde speculaties over de moorddadige toestanden ten kantore van King & Baxter. In zo’n rustig plaatsje als Wrightsburg kon dat nog maanden-, zo niet jarenlang hét onderwerp van gesprek blijven.
Omdat hun kantoorgebouw inmiddels door federale agenten was afgezet en 24 uur per etmaal werd bewaakt, moest King & Baxter zijn werkzaamheden tijdelijk uitoefenen vanuit de woningen van beide partners. Die avond droegen de twee advocaten dozen vol dossiermappen naar hun auto. Terwijl de forsgebouwde Phil Baxter wegreed in zijn al even forse auto leunde King tegen de motorkap van zijn eigen auto en keek omhoog naar zijn kantoor. Door de vensters scheen een fel licht naar buiten. De rechercheurs waren nog steeds druk bezig en keerden het hele vertrek binnenstebuiten om iets te vinden waaruit ze zouden kunnen opmaken wie Howard Jennings een kogel in zijn borst had geschoten. Achter het gebouw zag King de bergen liggen. Daar stond zijn huis, een huis dat hij eigenhandig had opgetrokken op de puinhopen van zijn vorige bestaan. Het was een goede therapie voor hem geweest. Maar nu?
Hij reed naar huis en vroeg zich af wat de volgende dag voor hem in petto had. Hij ging met een kom soep aan de keukentafel zitten en keek naar het plaatselijke nieuws. Ze lieten foto’s van hem zien en er werd verwezen naar zijn loopbaan bij de Secret Service – inclusief de manier waarop hij daar in ongenade was gevallen – en naar zijn carrière als advocaat hier in Wrightsburg. Daarnaast waren er ook een hoop gissingen over de vermoorde Howard Jennings. Hij zette de tv uit en probeerde zich op het werk te concentreren dat hij mee naar huis had genomen. Hij kon er echter zijn aandacht niet bij houden, zodat hij enige tijd later maar wat voor zich uit zat te staren in zijn studeerkamer, omgeven door zijn wereldje van wetboeken en saaie documenten, tot hij plotseling opschrok uit zijn gemijmer.
Hij trok een korte broek en een trui aan, pakte snel een fles rode wijn en een glas uit de kast en liep naar de overdekte aanlegsteiger achter zijn huis. Daar stapte hij in de 6 meter lange speedboot die hij daar had liggen, samen met een bijna 5 meter lang zeilbootje, een Sea Doo wave runner (een soort jetski), plus een kajak en een kano. Het meer was zeer geliefd bij sportvissers, zeilers en andere recreanten. Het was een kilometer of 12 lang en op zijn breedste punt 800 meter breed, het beschikte over allerlei baaien en inhammen en het diepe heldere water zat vol vis. De zomer was echter voorbij en de bewoners van de talloze vakantiehuisjes waren verdwenen.
Zijn boten hingen in hydraulische liften. Hij liet de speedboot in het water zakken, startte de motor, zette de boordlichten aan en gaf een ruk aan de gashendel. Terwijl hij een kilometer of 3 het meer op voer, liet hij de frisse wind over zich heen waaien en zoog de lucht diep in zijn longen. Hij stuurde de boot een onbewoonde baai binnen, zette de motor af en liet het anker zakken, en nadat hij zich een glas wijn had ingeschonken, begon hij na te denken over de toekomst, die er voor hem plotseling zo grimmig uitzag.
Als bekend werd dat iemand die deel uitmaakte van het witsec-programma bij hem op kantoor was vermoord, zou King opnieuw in het hele land in het middelpunt van de belangstelling komen te staan, en dat was iets wat hij vol afschuw tegemoet zag. De vorige keer had een boulevardblad de euvele moed gehad om een artikel te publiceren waarin werd beweerd dat hij zich door een gewelddadige linkse organisatie had laten omkopen om de andere kant uit te kijken terwijl Clyde Ritter werd neergeschoten. Nou, laster was nog steeds strafbaar in de Verenigde Staten en hij had een forse schadevergoeding geëist en gekregen. Die ‘meevaller’ had hij gebruikt om zijn nieuwe huis te bouwen en een nieuw leven te beginnen, maar toch had het geld de nare nasmaak die hij aan die affaire had overgehouden niet kunnen wegnemen. Dat kan ook niet met geld.
Hij ging op de rand van de boot zitten, en nadat hij zijn schoenen had uitgeschopt, trok hij zijn kleren uit en dook het donkere water in. Hij zwom een eind onder water en kwam pas weer naar boven toen hij buiten adem raakte. Het water was op dit moment warmer dan de lucht.
Zijn carrière bij de Secret Service had pas echt aan duigen gelegen toen werd ontdekt dat er tijdens die noodlottige seconden een beveiligingscamera van het hotel op hem gericht had gestaan. Op de videobeelden was duidelijk te zien dat hij zijn blik veel langer van Ritter had afgewend dan had gemogen. De beelden lieten ook zien hoe de moordenaar zijn pistool trok, het in de aanslag bracht, de trekker overhaalde en Ritter doodschoot, terwijl King als in trance voor zich uit stond te staren. Op de band was zelfs te zien dat de kinderen in de menigte al op de schoten reageerden voordat King door kreeg wat er aan de hand was.
De media hadden ervoor gekozen om King aan het kruis te nagelen. Ritters aanhang was razend geweest en de media hadden niet de indruk willen wekken dat ze vooringenomen waren tegen deze impopulaire presidentskandidaat.
Hij kon zich het grootste deel van de koppen nog herinneren. lijfwacht kijkt andere kant uit terwijl kandidaat sterft, veteraan verknalt het, slapend op zijn post. Of die kop die luidde dus daarom hebben ze een zonnebril op, waarom hij onder andere omstandigheden misschien zelfs had moeten grinniken. Het ergste van alles was dat de meesten van zijn medeagenten hem hadden gemeden.
Zijn huwelijk was onder de spanningen bezweken. Hoewel, eigenlijk was het al veel eerder in het slop geraakt. King was vaker niet dan wel thuis geweest en had er soms binnen een paar uur vandoor moeten gaan zonder dat duidelijk was wanneer hij weer terug zou zijn. Onder dergelijke benarde omstandigheden had hij zijn vrouw haar eerste slippertje vergeven en het tweede ook. Maar de derde keer waren ze gescheiden. En toen ze er nadat zijn wereld was ingestort zo snel in had toegestemd om te scheiden… nou, hij kon niet zeggen dat hij er veel tranen om had gelaten.
Hij had het allemaal overleefd. Hij had zelfs een nieuw bestaan weten op te bouwen. En nu?
Langzaam klom hij weer de boot in, wikkelde de handdoek die hij daar altijd had liggen om zijn middel en voer terug. Hij voer echter niet naar de aanlegsteiger, maar zette de motor en de boordlichten uit, stuurde de boot een smalle inham binnen, op een paar honderd meter afstand van zijn huis. Om te voorkomen dat zijn boot op de modderige oever vast kwam te zitten, liet hij het kleine paddestoelanker geruisloos in het water zakken. Achter zijn huis zag hij een lichtbundel heen en weer zwaaien. Hij had bezoek. Misschien waren het de media. Of misschien was het de moordenaar van Howard Jennings, die nog eens wilde scoren.