Hoofdstuk 29
De eerste dag van een nieuwe opnamereeks verloopt zelden soepel en gaat nooit snel voorbij. Er zijn altijd op het laatste nippertje nog veranderingen in het script of dingen die moeten worden doorgenomen met de cast en crew. De nieuwe mensen moeten voorgesteld worden en hebben vaak een peptalk nodig van een van de producenten, meestal de grote baas, degene die dikwijls wekenlang niet op de set komt en die stilletjes op de achtergrond werkt; degene die zorgt voor de financiële middelen die nodig zijn om de camera's draaiende te houden. De man die de cheques ondertekent. Zelfs een gevestigde serie heeft weer even tijd nodig om op gang te komen, en Justice liep pas een jaar. Het zat er niet in dat de daadwerkelijke opnamen nog vóór de lunch zouden beginnen.
Maar zodra de camera's eenmaal lopen, ontstaat er een bepaalde routine, een energie die het hele proces geleidelijk voortstuwt, en tegen het eind van de tweede dag is het alsof je nooit weg geweest bent. Vanaf dat moment vliegen de maanden om tot aan je laatste dag, gevolgd door de koortsachtige run op een stijlvol project om de vrije periode mee te vullen. Het lijkt wel lopendebandwerk. Geen wonder dat Hollywood 'de droomfabriek' wordt genoemd.
De eerste dag zijn er een heleboel mensen op de set. Halverwege de week wordt de aanhang minder en komen de agenten en managers niet meer langs, maar de eerste dag is het min of meer open huis voor gelukwensers en volgelingen. Lynsey wilde het liefst in beide categorieën vallen. Ze keek vanaf de zijlijn trots toe hoe Serena haar plaatsje innam in wat de producenten zonder een spoortje ironie 'de Justice-familie' noemden.
Serena won de harten van de crew door op de set te verschijnen met cadeautjes voor iedereen. Alle teamhoofden kregen iets wat zo persoonlijk was dat het duidelijk werd dat Serena er zorgvuldig over nagedacht had. Kaartjes voor een wedstrijd van de Lakers voor een van de regieassistenten en kaartjes voor de Dodgers voor de andere.
Ze had geregeld dat er om de dag biologisch fruit bezorgd zou worden voor in de blender die ze aan de cateringploeg had gegeven. Serena kwam een uur te vroeg om haar cadeautjes uit te delen, zodat ze niet te veel tijd van anderen zou verspillen. Toen het moment aanbrak waarop ze zich officieel moest melden, zat ze al bij de make-up te wachten tot ze opgemaakt zou worden.
Buiten op de set stond Lynsey naar de voorbereidingen van de allereerste opnamen van die dag te kijken toen er op haar schouder werd getikt. Ze keek om en daar stond Fabien; in plaats van zijn gebruikelijke zorgeloze uitdrukking had hij een frons op zijn gezicht.
'Hallo,' zei hij.
'Hallo,' antwoordde ze. Ze kreeg de indruk dat hij niet voor de gezelligheid kwam.
'Jij bent tegenwoordig toch min of meer Melanies rechterhand?'
'Inderdaad,' antwoordde Lynsey. 'Daar begint het wel op te lijken.'
'Mooi zo. Je moet iets voor me doen.'
Tegen de tijd dat hij uitgepraat was, was Lynsey al aan het telefoneren.
Melanie Chapman verscheen twintig minuten te laat bij de make-up, en de visagiste was ongeduldig. Het viel Serena, die halfopgemaakt in de stoel naast haar zat, op hoe kil de ontvangst voor Melanie was. Ze had zich voorgenomen om lief en luchtig tegen Melanie te doen, maar als niemand haar mocht, waarom zou ze dan? Ze had wel een zekere vijandigheid verwacht, want per slot van rekening had Serena volgens de media een zeer publieke verhouding met Douglas Mullraine, de man van Melanies enige zus. Serena was van plan om haar zo snel mogelijk te vertellen hoe het echt zat, maar toen ze Melanies staalharde blik zag, vroeg ze zich af of ze daar de kans voor zou krijgen. Op de een of andere manier kon ze zich niet voorstellen dat ze ooit vriendinnen zouden worden.
De sfeer in de make-upruimte ontging Melanie compleet. Vergeleken met de sfeer bij Fabien in huis leek het hier een gezellige zondag aan het strand.
Ze praatte niet meer met hem, en hij niet met haar. In het begin had Melanie nog gedacht dat ze het moesten uitpraten, aangezien ze de komende acht maanden zouden samenwerken, maar Fabien had niet eens geprobéérd om zijn excuses aan te bieden en ze verdomde het om zelf het vredesproces te starten. Toch was de openlijke vijandigheid erg vermoeiend. Ze waren allebei koppig en het huis was een broeikas van negatieve gevoelens geworden. Daardoor vond ze het moeilijk om zich te concentreren.
Melanie wist dat ze blij mocht zijn als ze vandaag haar teksten nog kende, en ze bladerde door het script terwijl haar gezicht werd opgemaakt met een dikke basismake-up die haar huid verstikte. De visagiste dacht dat Melanie haar bewust negeerde.
Serena vond dat Melanie ontzettend bot deed en ze voelde zich beledigd. Ze waren collega's en min of meer leeftijdgenoten. Ze was verdorie geen klein kind dat zich liet intimideren. Serena keek opzij naar Melanie, vastberaden de stilte te doorbreken. Als ze dan toch vijanden waren, wilde ze in ieder geval nog lol hebben van de ruzie.
Na een tijdje draaide Melanie haar stoel ze ver als ze kon zonder het werk van de visagiste te hinderen. 'Oké,' zei ze. 'Waar ben jij mee bezig?'
'Ik vroeg me alleen maar af hoe je je huid zo soepel en vlekkeloos houdt.'
De twee visagisten keken elkaar geamuseerd aan.
Melanie keek haar kwaad aan. Ze was ontzettend chagrijnig. 'Jammer dat we dat niet kunnen zeggen van jouw acteerwerk,' antwoordde ze.
'Misschien kun je beter wachten tot je me aan het werk ziet voordat je me afkraakt. Op deze manier maak je jezelf alleen maar belachelijk,' zei Serena.
'Nee, schat,' zei Melanie. 'Dat is jouw afdeling. Vertel eens, met wie ben je naar bed geweest om deze rol te krijgen? Laat het me even weten, dan kan ik hem doorsturen naar de kliniek voor geslachtsziekten.'
'Oké, dames,' kwam een van de visagisten tussenbeide, en ze ging expres tussen de vrouwen in staan om de woedende blikken tegen te houden. 'Klaar. Jullie zien er allebei prachtig uit.'
Beide actrices liepen tegelijk naar de deur, een van hen zou de ander moeten voorlaten.
Serena deed een stapje opzij. 'Leeftijd gaat voor schoonheid,' zei ze met haar liefste glimlach. 'Het was leuk je te ontmoeten.'
Later, toen ze elkaar tegenkwamen bij de waterkoeler, probeerde Serena het nog een keer.
'We hebben veel scènes samen,' zei ze. 'Denk je niet dat we vriendinnen zouden kunnen worden?'
'Maak je over onze scènes maar geen zorgen. Ik ben actrice, dus ik kan best doen alsof ik je aardig vind. Maar vriendinnen zullen we nooit worden,' zei Melanie.
'Ik heb niks met Douglas Mullraine,' zei Serena. 'Nooit gehad ook.'
'Ach, je meent het. Dus het ging hem niet om je lichaam? Je denkt toch niet dat ik achterlijk ben, Serena? Ik ken mijn zwager; die gaat niet met een meisje van vijftien op stap omdat ze zo'n goede gesprekspartner is.'
'Waarom heb je bij voorbaat al besloten om een hekel aan me te hebben? Ik heb je niets misdaan.'
'Blijf uit mijn buurt,' zei Melanie. 'Dan blijf ik bij jou uit de buurt.'
In Serena's eerste scène moest ze weglopen van Fabien Stewart. Het was een korte scène waarin Fabien op een avond laat op kantoor kwam en hij Serena betrapte terwijl ze in zijn dossiers snuffelde. Hij riep 'hé!' en Serena sprong door een open raam. Van daaruit moest ze over de daken rennen voor een panoramische ontsnappingsscène (die waarschijnlijk over een week of acht opgenomen zou worden). De opnamen van de kantoorscène namen vrijwel de hele middag in beslag. Eerst was de belichting niet goed, en toen er eindelijk een geschikte lamp was gevonden, knalde die uit elkaar en moest de kleur van het licht opnieuw bepaald worden. Fabien en Serena kregen veel tijd om met elkaar te praten.
Fabien was er de man niet naar om zich bij de aanblik van een mooie vrouw te laten weerhouden door haar zeer jeugdige leeftijd. Hij goot zijn charmes over haar uit als warme chocoladesaus over een ijscoupe. Ze smolt meteen. Hoewel Serena zodra ze de deur uit ging door mannen werd benaderd, had ze er nog nooit een ontmoet die zo gemakkelijk met haar omging. Normaalgesproken klapten mannen helemaal dicht in haar aanwezigheid, of ze compenseerden hun ongemakkelijke gevoel door haar te overladen met afgezaagde complimenten. Ze staarden haar schaamteloos aan óf meden juist ieder oogcontact in een poging afstandelijk te lijken. Fabien daarentegen flirtte losjes, met veel nonchalante aanrakingen en zo nu en dan een indringende blik.
Melanie zag het vanaf de zijlijn aan en begreep het. Ze werd getroffen door een verzengende jaloezie en ging terug naar haar kleedkamer om de rest van de dag af te wachten.
Serena zag haar weglopen. 'Vertel me eens wat over Melanie.'
'Het wordt tijd dat ze een goede man vindt,' zei Fabien onmiddellijk.
Serena glimlachte. 'O, ik dacht dat jullie...?'
'Nee. Niet meer. Er is nooit echt iets tussen ons geweest, maar we hebben samen een zoontje. Joseph. Je zult hem nog wel zien, hij is geweldig.'
Serena kon haar blijdschap nauwelijks verbergen. Dat was een snelle opheldering van zijn huidige liefdesleven én een verwijzing naar hun toekomst. Er raasde meer adrenaline door haar lijf dan tijdens een auditie of voor de camera, maar het gevoel was vergelijkbaar. Een natuurlijke kick.
Dit, dacht ze met de naïeve zekerheid van een tiener, is echte liefde.
Lynsey ging naar Melanies kleedkamer zodra ze haar de set zag verlaten.
Melanie deed ongeduldig open, maar toen zag ze Lynseys ernstige gezicht. 'Wat is er?' vroeg ze. 'Is er iemand dood?'
Lynsey zweeg net even te lang.
'O god,' jammerde Melanie. 'Er is iemand dood.'
'Ja, Jonathan.'
'Wie?'
Lynsey overhandigde haar een fax met een krantenartikel uit Engeland.
'O, Jonathan,' zei Melanie. 'Ik dacht dat je zei...' Ze maakte de zin niet af omdat ze besefte dat ze geen fatsoenlijke uitvlucht kon bedenken, en ze las het berichtje over de dood van haar meest recente ex-vriend.
'...toneelregisseur Jonathan Ellis is vandaag dood aangetroffen in het huis waar hij woonde met zijn verloofde Alicia Marness, dochter van edelachtbare Gordon Marness. Ellis (43, op de foto met Marness) is waarschijnlijk gestorven aan een hartaanval...''
'Zijn verlóófde?' zei Melanie. Ze las het artikel nog eens over en keek naar de korrelige zwartwitfoto van Jonathan met de onbekende vrouw. Jong en knap. Wat had ze in vredesnaam in Jonathan gezien?
'Amanda heeft het me gefaxt,' zei Lynsey. 'De begrafenis is maandag.'
'Dan kan ik niet,' zei Melanie automatisch. 'Ik moet werken.'
'Er is nog iets,' zei Lynsey.
Melanie maakte met moeite haar blik los van de foto. 'Wat dan?'
Lynsey keek steels om zich heen en dempte haar stem. 'Fabien kwam vanmorgen naar me toe.'
'Wat? Hoezo?'
'Hij wil dat ik een vlucht naar Londen voor je boek om Joseph te gaan halen. De baby,' zei ze er voor de zekerheid achteraan.
'Heeft Fabien dat gezegd? Achter mijn rug om?'
'Ja,' zei Lynsey, zich ervan bewust hoe gênant het was. Ze wilde dit zo snel mogelijk achter de rug hebben. 'Hij eh... zegt dat hij het niet op een rechtszaak wil laten aankomen.'
'Hij begint te dreigen?'
Melanie kon haar oren niet geloven. Was dit alles wat er over was van hun vriendschap? Ze kon zich een tijd herinneren dat ze hem had vertrouwd - en hij haar. Dat ze vrienden waren geweest. Hoe had het zo ver kunnen komen dat ze via derden communiceerden en hij al over een rechtszaak begon? Ze waren het er wel over eens geworden dat Joseph zou terugkomen, maar dat was voordat ze weer aan het werk gingen en vóór Fabiens door drugs beïnvloede gedrag, dat haar aan het twijfelen had gebracht over zijn geschiktheid als vader.
'Hij weet dat ik op dit moment onmogelijk weg kan,' zei Melanie.
'Nou...' Lynsey wees op een strook papier die ze in haar hand had. 'Ik heb het opnamerooster bekeken. Je zou zondagmiddag hier kunnen vertrekken en dinsdag weer op tijd terug kunnen zijn.'
'Laat zien.' Melanie griste Lynseys aantekeningen uit haar hand. Een auto van de studio, on line inchecken voor de vlucht, aan de andere kant ook een auto, vierentwintig uur in Londen en dan weer terug. Met een baby.
Lynsey wees op de tijden. 'Ik denk dat Fabien het helemaal uitgezocht heeft, Melanie. Hij had overal een oplossing voor en kennelijk is dit je enige mogelijkheid in maanden om Joseph te gaan halen.'
'Als Fabien het godverdomme zo belangrijk vindt, waarom gaat hij dan zelf niet?'
'Hij heeft niet zoveel ruimte in zijn rooster. Dit is puur geluk. Er is ook nog speciale toestemming van de producenten voor nodig.'
'Misschien weigeren ze wel,' zei Melanie hoopvol.
'Ze hebben toegezegd.'
'Heb je het al gevraagd?'
'Ik dacht dat je het graag zou willen!' zei Lynsey.
Ze had bijna de hele ochtend aan de telefoon gehangen om vluchten en auto's te reserveren. Ze had de producenten gesmeekt of Melanie twee dagen het land uit mocht -zogenaamd omdat de werkrelatie tussen haar en Fabien anders wel eens zou kunnen stuklopen - en ze had Amanda in Londen gebeld. Het was allemaal geregeld. Ze meende inmiddels wel te weten hoe Melanie het graag had: alles moest snel, en hoe minder beslissingen ze hoefde te nemen hoe liever, maar Lynsey had geen moment vermoed dat Melanie dit helemaal niet zou willen.
'Je moet echt gaan,' zei ze.
'Ik moet helemaal niks! Hoe durf je? Dit is iets tussen Fabien en mij, jij hebt er niks mee te maken.'
'Hij heeft me gevraagd...'
'Dat kan me niet schelen. Je werkt voor mij, niet voor Fabien. Niet te geloven dat je zomaar met de producenten bent gaan praten, verdomme!'
'Melanie, rustig nou.'
'Rustig? Ik moet in twee dagen tijd vijftienduizend kilometer vliegen en een baby ophalen die ik niet eens wil...'
Lynsey keek om zich heen en zag tot haar afschuw dat een handjevol crewleden belangstellend mee stond te luisteren. Ze legde verzoenend een hand op Melanies arm. 'Toe nou,' zei ze.
'Blijf met je poten van me af!' zei Melanie. Ze ademde zwaar, zich ervan bewust dat ze iets verschrikkelijks had gezegd, maar ze was niet van plan om het terug te nemen.
Er was geen enkel excuus meer te bedenken. Lynsey had gelijk. Fabien had het helemaal uitgezocht en had haar in een onmogelijke positie gemanoeuvreerd.
'Goed,' zei ze uiteindelijk. 'Ik ga naar Londen, maar dan ga jij mee. Dit is allemaal jouw schuld.'
Lynsey verheugde zich op de ultrakorte trip over de Atlantische Oceaan, op kosten van een ander. Melanie was niet zo gul dat er twee business class-tickets af konden, dus zat Lynsey in haar eentje in economy, maar dat vond ze prima. Hoe meer tijd ze met Melanie doorbracht, hoe meer klusjes die voor haar verzon. Nu kon ze acht uur lang slapen, films kijken en genieten van de gratis drankjes. Tegen de tijd dat ze op Heathrow landden, was ze een tikkeltje aangeschoten en moest ze het hele tubetje gratis tandpasta gebruiken om haar adem weer fris te krijgen.
Na een lange taxirit, waarin Melanie gelukkig half lag te slapen, plofte Lynsey meteen in het krappe eenpersoonsbedje bij Amanda op zolder. Binnen twee uur na haar aankomst in Engeland sliep ze.
Hoewel ze erg weinig tijd had, besloot Melanie de volgende dag naar de begrafenis van Jonathan te gaan. Natuurlijk vroeg ze Lynsey om haar te vergezellen.
Lynsey had stiekem gehoopt in Londen een paar oude vriendinnen te kunnen bezoeken voordat ze terugvlogen, maar al snel werd duidelijk dat Melanie van haar verwachtte dat ze haar op de voet volgde, alsof ze deel uitmaakte van haar persoonlijke entourage.
Jonathan was thuis in de badkamer gestorven. 'Net als Elvis,' zei Melanie toen ze het hoorde.
De afscheidsdienst was in een lommerrijk gedeelte van Zuidoost- Londen, waar zijn ouders nog steeds woonden. Overal stonden mensen; loerend als zwarte kraaien op het gras. Ze zag een hoop bekende gezichten; Jonathan had een lange carrière gehad en samengewerkt met veel acteurs die op maandagmiddag toch vrij waren.
Het onderscheid tussen familie en vrienden was overduidelijk. De vrienden zagen er allemaal enigszins ongemakkelijk uit en bedekten hun ogen met duizenden ponden aan designerzonnebrillen. De familie stond in een groepje bij elkaar, de ogen onbedekt, voornamelijk oudere mensen. Ooms en tantes verdrongen zich rond een echtpaar waarvan Lynsey aannam dat het Jonathans ouders waren.
Vlak bij een pas gedolven graf was een rij stoelen neergezet. Een vrouw zat helemaal alleen in het midden. Melanie stootte Lynsey aan. 'Kijk dan,' zei ze. 'De verloofde. Zou ze weten wie ik ben? Zal ik naar haar toe gaan of is dat ongepast?'
Lynsey vond het vreemd dat Melanie haar de ene dag overal de schuld van gaf en de volgende dag om haar mening vroeg. Melanie was veranderd. Ooit was ze een veelbelovend actrice geweest die met beide benen op de grond stond, maar nu kreeg ze duidelijk sterallures. Vanochtend had ze nog geen uur met haar baby doorgebracht voordat ze opeens besloot dat ze beslist naar de begrafenis moest. Lynsey wist bijna zeker dat het gewoon een excuus was geweest om het huis uit te gaan en het onvermijdelijke uit te stellen.
Melanie wachtte Lynseys antwoord niet af. Ze keek snel nog even in het spiegeltje van haar compactpoeder en liep naar de verloofde toe.
'Melanie, ik weet niet of...' begon Lynsey, maar ze was al te laat. Melanie beende vastberaden op de rouwende vriendin af.
Alicia, hield Melanie zichzelf voor. Ze heet Alicia.
Van achteren was ze in ieder geval heel mooi, met kastanjebruin haar dat over haar schouders golfde en een zwart pak dat wel eens van Armani zou kunnen zijn. Goeie schoenen ook.
Melanie werd overvallen door een morbide nieuwsgierigheid. Als Jonathans ongezonde leefwijze hem een paar jaar eerder fataal was geworden, had zij daar kunnen zitten. Stiekem dacht ze dat Alicia vast snel over zijn dood heen zou zijn. Ze was nog jong en zou wel een nieuwe liefde vinden. Waren ze echt verliefd op elkaar geweest of hadden ze, net als Melanie en Jonathan, een punt bereikt waarop ze eigenlijk niets meer om elkaar gaven? Werd het verdriet van Alicia niet voor een gedeelte - al was het nog zo klein - veroorzaakt door schuldgevoel?
Alicia ging staan toen Melanie op haar af kwam. Toen pas werd duidelijk waarom ze al die tijd had gezeten: ze was hoogzwanger.
Achter hen hapte Lynsey naar adem. Niet alleen in de rouw, ook nog in verwachting. Ze hoopte maar dat Melanie het haar niet al te moeilijk zou maken.Melanie bleef met een ruk staan. Dat wil niets zeggen. Misschien is het niet van Jonathan. Misschien heeft ze een ivf-behandeling ondergaan. 'Je bent zwanger,' zei ze.
'En jij bent zeker Melanie?' vroeg Alicia.
'Sorry. Ik bedoel... dat wist ik niet.'
'Praat me er niet van. Die lul heeft jou zeker ook wijsgemaakt dat hij geen kinderen kon krijgen?' Alicia streek met een geoefend gebaar een lok haar uit haar gezicht. 'Ik dacht dat hij zich alleen voortijdig terugtrok omdat hij zijn kwakje zo graag over mijn tieten spoot.'
De woorden klonken zo belachelijk uit de mond van Alicia, met haar chique accent, dat Melanie met stomheid geslagen was.
'En moet je me nu zien,' zei Alicia, wijzend op haar dikke buik. 'Gatver!' Ze rommelde in haar Fendi-tas. 'Heb je een sigaret voor me?' vroeg ze aan Melanie.
'Nee, sorry.'
'Hoe laat begint dat gedoe hier eigenlijk, weet jij dat?'
'Zo meteen, geloof ik.' Precies op dat moment reed de lijkwagen het kerkhof op. Het grind knerpte onder de langzaam draaiende wielen.
Alicia zette een Gucci-zonnebril op en ging weer op haar stoel zitten. Ze plooide haar fijne gelaatstrekken zorgvuldig in een gekwelde, verdrietige uitdrukking.
Het kostte Melanie moeite om rustig te blijven. Ze hoopte maar dat de toeschouwers haar enorme schok zouden aanzien voor verdriet.
De begrafenis ging in een roes voorbij. Melanie kon alleen maar denken aan de laatste keer dat ze met Jonathan naar bed was geweest, toen ze net terug was geweest uit Indonesië, een maand of negen voordat Joseph werd geboren.
Ze keek toe hoe de kist langzaam de grond in zakte, en diep in haar hart was ze ervan overtuigd dat hier de vader van haar kind werd begraven.
Terwijl Lynsey zat te mijmeren dat dit haar allereerste begrafenis was, en nog wel van een man die ze nooit had gekend, begaven Melanies benen het en zakte ze in elkaar. Lynsey schoot toe om haar op te vangen. Ze vroeg zich onwillekeurig af of Melanie een showtje opvoerde. Er waren een paar fotografen aanwezig, die discreet op een afstandje bleven. Ze zouden Jonathan bij leven niet eens herkend hebben; ze waren gekomen voor de bekende acteurs die de begrafenis bijwoonden.
Bij haar vertrek sprongen de fotografen Melanie voor de voeten en ze schoten achteruitlopend hun plaatjes, met hun lenzen op slechts een paar centimeter van haar gezicht. Ze keek naar de grond en liep recht vooruit. In het voorbijgaan hoorde Lynsey iemand 'verwaande trut' zeggen. Ze had wel willen uitroepen: 'Het is verdomme een begrafenis!' maar ze hield zich in.
'Heb je haar gezien?' vroeg Melanie aan Lynsey. 'Ze was zwanger.'
'Dat zag ik, ja.'
'Hij zei altijd dat hij geen kinderen kon krijgen.'
'Waarom zou hij dat gezegd hebben?' De mogelijke gevolgen ontgingen Lynsey.
'Hoe moet ik dat nou weten?' zei Melanie. 'Maar hij is dus wél vruchtbaar.'
'Nu niet meer,' antwoordde Lynsey. 'Shit, sorry. Wat een vreselijke opmerking.'
Zwijgend liepen ze verder. Lynsey vond dat Melanie overdreven heftig reageerde. Alsof Jonathan haar laatste kans was geweest om een kind te krijgen. Ze had Joseph nu toch? Toen pas viel het kwartje.
Ze wierp een schuine blik op Melanie. Geen wonder dat ze zo benauwd keek. Dit kon nog wat worden.
Tijdens de vlucht naar huis was Melanie stil en zorgelijk.
Lynsey had het gevoel dat ze iets moest zeggen. 'Het hoeft niet te betekenen wat jij denkt dat het betekent,' zei ze.
'Jawel, ik weet het zeker. Ik voel het. Kijk eens naar hem.'
Ze keken allebei naar de baby.
'Ik heb Jonathan niet gekend,' zei Lynsey.
'Neem maar van mij aan dat ze op elkaar lijken.' Ze vond het onvoorstelbaar dat het haar niet eerder opgevallen was. De gelaatskleur was anders, maar Joseph had dezelfde diepliggende ogen en hetzelfde hoge voorhoofd, en van dat dikke, golvende haar. Melanie knuffelde hem ongewoon stevig en troostte haar zoon met het verlies waarvan hij niets wist.
Lynsey had nooit eerder gezien dat Melanie ook maar enige genegenheid voor Joseph vertoonde en ze vroeg zich vluchtig af of deze crisis haar moederinstinct misschien wakker zou maken. Maar toen hoestte Joseph iets onaangenaams op en legde Melanie hem met een blik van afkeer neer.
Melanie was dus verwikkeld in een netelige situatie die normaalgesproken voorbehouden was aan de gasten van Jerry Springer. Heel vervelend, vooral gezien de verhouding tussen Melanie en Fabien. Hij stond toch al bekend om zijn opvliegendheid, maar dit zou geen enkele man licht opvatten. Fabien zou te horen krijgen dat het kind van wie hij had gehouden alsof het van hemzelf was en dat hij in huis had genomen, met moeder en al, helemaal niet van hem bleek te zijn. Lynsey durfde niet aan de gevolgen te denken.
'Weet je het zeker?' vroeg ze. 'Want als je het niet heel zeker weet...'
'Ik weet het zeker,' zei Melanie. 'Wat ben ik stom geweest. Ik geloofde Jonathan gewoon toen hij zei dat hij gesteriliseerd was. Naïef hè?'
'Dat noemen ze vertrouwen,' zei Lynsey.
'Nou, misschien is het dan wel naïef om iemand te vertrouwen.'
Het was geen prettige vlucht. Joseph sliep het grootste gedeelte van de reis, en toen hij wakker werd, kreeg Melanie een soort paniekaanval en vluchtte ze naar het toilet. Lynsey bleef achter met de baby in haar armen en vroeg zich af hoe het zou zijn om daar zo heerlijk te liggen zonder ook maar iets van deze vreselijke toestand te beseffen. Melanie had een verrukkelijk zoontje, met nieuwsgierige oogjes en ongelooflijk zachte wangetjes. Dat zei Lynsey tegen haar toen ze terugkwam.
'Dat is een truc van de natuur,' zei Melanie. 'Ze maken baby's expres lief en schattig, zodat je je verplicht voelt om ze te beschermen. Op die manier sterft de mens niet uit. Pure manipulatie.'Toen ze Los Angeles naderden, zwegen ze allebei. Tot haar grote verbazing betrapte Lynsey zich erop dat ze aan Toby dacht. Ze had iemand nodig die haar hoofd een beetje tot rust zou brengen na deze hectische dagen, iemand die geen eisen stelde. Haar enige zorg was dat hij het type man was dat waarschijnlijk na drie afspraakjes zou denken dat ze een vaste relatie hadden, en die indruk wilde ze hem niet geven. Nog één etentje en hij zou haar misschien wel 'mijn vriendin' noemen, haar willen voorstellen aan zijn ouders en van haar verwachten dat ze zijn was deed. Verwachtingen, daar was ze het type niet voor.
Intussen vroeg Melanie zich af hoe en wanneer ze Fabien dit voor hem ongetwijfeld vreselijke nieuws moest vertellen. Ze was bang voor zijn reactie, en in wat ze zelf beschouwde als een geniale inval vroeg ze zich af of ze misschien een advocaat in de arm kon nemen om het vuile werk voor haar op te knappen. Zo gingen die dingen toch in Hollywood?
Maar van de andere kant hoefde ze het hem misschien, heel misschien, helemaal niet te vertellen. Jonathan was dood, dus die zou niet aan de deur verschijnen om een omgangsregeling te eisen. Het zou een akelig geheim zijn, maar het zou haar leven wel een stuk gemakkelijker maken.
'Je mag het aan niemand vertellen,' zei ze tegen Lynsey. 'Over Jonathan, bedoel ik. Over... je weet wel.'
'Natuurlijk niet,' zei Lynsey. 'En als je wilt dat ik vanavond met je meega...'
'Hoezo?'
'Fabien zal wel erg van streek zijn. Misschien kun je steun gebruiken.'
'Dank je,' zei Melanie. 'Maar ik ga het hem vanavond niet vertellen.'
'Maar...' Melanie slikte de vraag in hoe Melanie in vredesnaam kon aanzien dat Fabien zijn baby verwelkomde met kussen en knuffels zonder dat ze het hem vertelde. Hoe kón ze? 'Oké,' zei Lynsey, en daar liet ze het bij.
Melanie keek naar de hereniging van Fabien en Joseph. Fabien was dolblij en hun eigenaardige gezinnetje was weer compleet. Wat schoot ze ermee op om hem de waarheid te vertellen?
Toen Riley de volgende dag belde, overviel hij Lynsey met zijn vraag. Dat deed hij altijd: het gesprek beginnen als vriend en dan opeens ter zake komen. Daar kreeg ze de zenuwen van.
'Hoe was je weekend?' vroeg hij. 'Vanavond is er een feestje ter ere van de nieuwe film met Tom Cruise, heb je zin om mee te gaan? Toby komt ook. Hoe staan de zaken eigenlijk tussen jullie?'
Ze vertelde hem het een en ander over haar weekend, zei 'ja, graag' op de uitnodiging en herinnerde hem eraan dat Toby en zij vrienden waren, meer niet.
'Hoe bedoel je?' vroeg hij. 'Vrienden die ook het bed delen?'
'Doe niet zo kinderachtig.'
Toen, zo geleidelijk als de overgang van twee nummers die gemixt waren door een superdeejay, zei Riley: 'Dus die vent die nu dood is, was een vriend van Melanie?'
'Ja. Hoe weet je dat?'
'Ik heb een foto gezien,' zei Riley. 'Hij is haar vriend geweest, toch?'
'Dat is al eeuwen geleden,' antwoordde ze luchtig. 'Zeg, wie komen er allemaal op dat Tom Cruise-feestje?'
'Zo'n beetje rond de tijd dat Myanmar werd opgenomen, bedoel je?'
'Zou kunnen. Kom op, Riley, moet dit nu iedere keer als ik jou spreek? Heb je niks beters te doen? Vers nieuws over mensen die nog leven, bijvoorbeeld?'
'Rustig maar, Disco. Hoe oud is dat kind van Fabien en haar nu? Ik probeer gewoon iets uit te zoeken,' zei Riley.
'Als je het maar laat.'
'Ik heb gelijk, hè?'
'Geen commentaar,' zei ze. 'Ik dacht dat wij vrienden waren.'
'Vrienden hebben geen geheimen voor elkaar.'
Riley voelde zich wel een tikkeltje schuldig, maar ze hadden een prachtfoto van Melanie aan het graf en daar moest nog een tekst bij.
'Wat ga je precies plaatsen?' vroeg Lynsey.
'Alleen een foto van Melanie tijdens de begrafenis en wat medelevende woorden. Ze hebben vast een heel hechte band gehad.'
'Geen commentaar.'
'Kom op nou, Disco. Je kunt me toch wel iéts vertellen? "Een woordvoerster van Melanie Chapman zei..." Of zal ik er "goede vriendin" van maken? Wat jij wilt. Als je het maar bevestigt.'
'Rot op, Riley,' zei ze. 'En dat mag je citeren.' Met die woorden ramde ze de hoorn op de haak.
Het was donderdag. Rileys blad kwam pas dinsdag uit. Zonder interview zou hij dit niet laten uitlekken naar de concurrentie, maar als hij de data had uitgevogeld, zouden de anderen snel volgen. Lynsey belde het mobiele nummer van Melanie, maar haar telefoon stond uit. Ze pakte snel haar autosleutels en reed helemaal naar de studio om haar te waarschuwen.
Melanie probeerde in haar kleedkamer een kop koffie te drinken zonder vlekken te maken met haar lipgloss. Net toen ze iemand op pad wilde sturen om een rietje te halen, klopte Lynsey op haar deur.
'Hallo, liefje,' zei Melanie. 'Kun jij misschien een rietje voor me versieren?'
'Riley Daniels weet het,' zei Lynsey.
'Van...?'
'Heb jij het hem verteld?'
'Melanie! Nee, natuurlijk niet. Maar hij weet het dus. Je moet het Fabien vertellen voordat hij het in de bladen leest.'
Melanie aarzelde. 'Ik heb zitten denken... Misschien vertel ik het hem wel niet. Hij is gek op dat jochie. Alsof het zijn eigen kind is.'
'Omdat hij denkt dat het zijn eigen kind is.'
'Ik heb een vraag voor je,' zei Melanie. 'Wie zou jij liever hebben als vaderfiguur voor je kind? De man die er al sinds de geboorte bij is of een dooie die toevallig de biologische vader blijkt te zijn?'
'Melanie, Riley weet ervan.'
'Ik ontken het gewoon.'
'En als Fabien een vaderschapstest eist?'
'Dat doet hij heus niet. Neem dat maar van mij aan.'
Lynsey zag hier de grens tussen vriendin en cliënt razendsnel dichterbij komen. Rood flitslicht en knipperende alarmlampjes waarschuwden haar om die niet te overschrijden. Er was één neonbord met de woorden 'Bemoei je met je eigen zaken' en nog een met 'Blijf hier alsjeblieft buiten'.
'Je moet het Fabien vertellen,' zei ze. 'Dit kun je hem niet aandoen.'
Melanie hapte hevig geschrokken naar lucht. Even vroeg Lynsey zich af waarom, maar toen realiseerde ze zich dat Melanie over haar schouder naar iemand anders keek.
'Wat kun je mij niet aandoen?' klonk een sexy stem in haar oor.
Natuurlijk. Fabien stond achter haar.
'Wat moet je me vertellen?' vroeg hij.
Melanie drukte haar vingers stevig tegen haar slapen. Dit kon niet waar zijn. Als ze heel hard haar best deed, kon ze de tijd misschien terugdraaien. Ze deed haar ogen stijf dicht, maar toen ze ze opendeed, stond Fabien er nog steeds, met een verbaasd en bezorgd gezicht. Ze nam een slok koffie en veegde niet alleen het schuimlaagje van haar mond, maar ook haar haar lipgloss. 'Oké Lynsey,' zei ze. 'Je kunt gaan. Ik moet met Fabien praten.'
Lynsey bleef voor de kleedkamer staan. Binnen hoorde ze de gedempte stemmen. Het leek een beetje op een nummer uit een musical. Eerst Fabien die een vraag stelde, dan een lange pauze, gevolgd door Melanie die zachter antwoord gaf. De stemmen zwollen aan en ebden weg, het ene moment luid en dan weer zachtjes, als het krachtige crescendo van een opera. Dat was Fabien. En hij was kwaad. Lynsey kon zijn woorden niet verstaan, maar de diepe tonen trilden als bassen op een dansvloer. Ze beschouwde dit niet echt als afluisteren, ze hield gewoon de wacht. Om hun privacy te beschermen. Ach, wie hield ze nou voor de gek? Ze wilde dolgraag weten wat er allemaal werd gezegd.
Toen de deur openvloog en Fabien naar buiten stoof, dook Lynsey snel opzij. 'Nog één ding,' zei hij tegen Melanie, die als een hoopje ellende achterbleef. 'Jullie verlaten binnen vierentwintig uur mijn huis, allebei.'
'Waar moeten we dan naartoe?' vroeg Melanie.
'Dat is jouw probleem, schat. Ik hoef me niet langer om jullie te bekommeren.'
Melanie bleef stokstijf staan. Haar mond hing open in afwachting van de woorden om hem terug te roepen, maar toen er niets kwam, perste ze haar lippen op elkaar.
Heel even zag Lynsey haar hulpeloze blik, maar zodra Melanie zich tot haar wendde, veranderde die in woede.
'Wat heb je aangericht?' jammerde Melanie. 'Wat heb je verdomme aangericht?'
'Ik?' zei Lynsey. 'Ik heb helemaal niks aangericht!'
'Jij moest toch zo nodig dat stomme journalistenvriendje van je inlichten? Je had je grote mond moeten houden.'
'Ik heb het hem niet verteld, Melanie. Echt niet. Ik heb niks gezegd.'
Melanie kon niet helder denken. Er moest toch een manier zijn om dit allemaal ongedaan te maken? 'Hij moet het me vergeven,' zei ze. 'Dat móét. Wat kan ik zeggen om daarvoor te zorgen?'
Lynsey besefte tot haar schrik dat Melanie een antwoord op die vraag verwachtte. 'Ik weet het niet,' zei ze.
'Denk dan verdomme na! Ga achter hem aan en zeg... Zeg dat het me spijt. Dat ik alles zal doen om het goed te maken.' Er welden tranen op in haar ogen en ze begon wazig te zien. Melanie klampte zich vast aan de deurstijl en probeerde haar blik scherp te stellen, maar ze zag alleen Lynsey, die haar met onverholen medelijden aankeek. Melanie liet zich huilend op de grond zakken.
Instinctief probeerde Lynsey haar naar binnen te schuiven, de kleedkamer in. Om hen heen stonden diverse crewleden enigszins geamuseerd te kijken hoe Melanie instortte.
Eenmaal binnen, met de deur stevig achter hen gesloten, hield Melanie op met huilen. Lynsey probeerde het laatste beetje make-up te redden. Ze deed haar best om op het juiste moment de juiste meelevende geluidjes voort te brengen.
'Hij haat me,' zei Melanie.
'Dat trekt wel bij,' zei Lynsey. 'Hij is erg geschrokken.'
'Jij weet niet hoe hij is. We hebben al eerder ruzie gehad. Heel vaak. Maar dat was niets vergeleken met dit.'
'Je hebt hem in ieder geval de waarheid verteld.'
'Je had hem moeten horen, Lyns. Echt. Ik kreeg niet eens de kans om het uit te leggen. Zodra hij het hoorde, ging hij helemaal door het lint. Hij schreeuwde en was niet voor rede vatbaar.' Melanie ging staan en speelde de scène na. 'Hier stond hij en hij riep iets in het Frans. Ik zei dat hij zijn kop moest houden en toen - béng! - stond hij naast me en ik zweer je dat ik dacht dat hij me zou slaan. Ik zou je een hoop over hem kunnen vertellen, weet je dat? Dingen over zijn leven waar jij niets van weet. Waar niemand iets van weet. Ik zou hem te gronde kunnen richten. En dat zal ik doen ook, als hij mijn leven verwoest. Echt.'
Toen Melanie even zweeg om op adem te komen, werd er geklopt.
'Nog een kwartier, Miss Chaplin.'
'Oké,' antwoordde Lynsey, en ze luisterde naar de wegstervende voetstappen.
'Ik kan nu niet de set op,' zei Melanie.
'Natuurlijk wel. Ik haal iemand om je make-up bij te werken. Het lukt wel.'
'Nee, echt niet. Zeg maar dat ik ziek ben of zo. Ik doe het niet. Ik kan het niet.'
'Melanie, doe dit nou niet. Ik weet dat je van streek bent, maar de halve crew heeft gezien dat je ruzie had met Fabien. Als je nu niet komt, weten ze dat je je...' Ze zweeg.
'Zeg het maar,' zei Melanie. 'Dat ik me... wat?'
'Niets.'
'Nee, ik wil het horen. Dat ik me aanstel? Dat ik me als een diva gedraag? Wilde je dat zeggen?'
'Melanie, ik...'
'Ga maar een visagist halen. En boek een hotel voor me. Een goed hotel.'
Lynsey ging met een zucht van verlichting aan het werk.
'Met goede kinderopvang!' voegde Melanie er nog snel aan toe.
De dinsdag daarop stond er in Junket een verhaal over Melanie Chapman die pasgeleden de begrafenis van haar ex-vriend had bijgewoond. Naast een plaatje van Melanie aan het graf stonden twee andere foto's: een van Jonathan Ellis en een van Joseph, een paar weken nadat hij uit het ziekenhuis was gekomen. Fabien Stewart weigerde ieder commentaar.
De volgende dag werd er per koerier een brief voor Melanie bezorgd namens Fabiens advocaat, waarin haar toestemming werd gevraagd voor een vaderschapstest. Mocht Melanie weigeren, dan zou ze alsnog wettelijk verplicht kunnen worden mee te werken.
Uit de uitslag bleek onomstotelijk dat Fabien Stewart niet de vader van haar kind was.
Lynsey probeerde zo snel mogelijk regelmaat in het leven van Melanie te krijgen. Melanie woonde tijdelijk in een hotel en had een tijdelijk kindermeisje. Niet echt een prettige situatie.
De hotels die Melanies goedkeuring konden wegdragen, waren schreeuwend duur, maar dat leek haar niet te deren. Lynsey had goed zicht op Melanies financiën en was bang dat de suite in het Four Seasons haar budget ver te boven ging, maar aangezien Melanie weigerde om zelfs maar over een hotel met minder aanzien te dénken, kon Lynsey haar niet langer behoeden voor een wekelijkse rekening die ruim twee keer Lynseys salaris bedroeg. En toen ze zag hoeveel geld het kindermeisje vroeg, overwoog ze even een carrièreswitch. Een baby was vast minder veeleisend dan Melanie.
In deze periode stond Melanie erop dat Lynsey vierentwintig uur per dag beschikbaar was om met haar te praten. Omdat ze het zo druk had, zei ze. Lynsey dacht dat Melanie eenzaam was en worstelde met haar gevoel van eigenwaarde.
De reactie van de Britse pers was meedogenloos geweest.
Melanies imago was slechter dan ooit. Tot haar verbazing werd ze nu constant gevolgd door fotografen. Lynsey moest drie keer een ander hotel voor haar zoeken om te ontkomen aan de meute paparazzi die voor de deur wachtte op een mooi plaatje om de nieuwste aanval op haar persoon te illustreren. In Amerika was niemand erin geïnteresseerd, maar in Engeland deden de bladen uitgebreid uit de doeken hoe Melanie uit de gratie was geraakt. Ze gaven Amerika er de schuld van dat 'een van hen' was veranderd in een opgeblazen ster die had gelogen. Het kwam allemaal door de roem, schreven ze, dat ze zo was veranderd.
Lynsey las ieder verhaal op internet en probeerde Melanie te beschermen tegen de ergste artikelen. Maar ze wist dat Melanie, masochistisch als ze was, alles door haar zus liet doorfaxen.
Toch stond bij ieder vals verhaal wel dat ene zinnetje: '...grote kanshebber voor een Oscarnominatie...'
De nieuwste geruchten waren dat Melanie alle ophef expres had veroorzaakt, precies in de tijd dat haar film uitkwam, om op die manier extra publiciteit te krijgen. Het was ruim een jaar geleden dat ze de opnamen hadden afgerond en na talloze malen uitstel was er eindelijk een versie waar zowel Davey Black als Bob Rosenburg tevreden over waren. Lynsey maakte zich zorgen over het effect van Melanies nieuwe reputatie als hartebreekster op de film, maar de marketingafdeling beschouwde het schandaal als een geschenk uit de hemel. Een film die was begonnen als marketingnachtmerrie, zonder grote sterren en met een politieke verhaallijn, was nu opeens hot nieuws. Het kon niemand wat schelen dat Melanie bekendstond als een enorme bitch. Zolang ze maar beroemd was.