HOOFDSTUK 2

CAMI

‘Camille!’

Ik draai me om en mijn tassen draaien met me mee. Het lijkt wel alsof ik een enorme papieren tutu aanheb. Ik glimlach wanneer Heather opgewonden naar me toe komt rennen. De tasjes slaan tegen mijn lichaam aan wanneer ik mijn arm optil om mijn zonnebril af te zetten. Ze zijn zo zwaar dat mijn arm meteen weer naar beneden wordt getrokken.

‘Hé!’ roep ik net zo enthousiast als zij. ‘Niet aan het werk vandaag?’

Er verschijnt een blik van walging op Heathers vrolijke gezicht, net voordat ze haar armen om me heen slaat. Ik kan haar geen knuffel geven vanwege de enorme hoeveelheid tassen die ik in mijn handen heb en daar heb ik ook helemaal geen spijt van. Ze zal het geweldig vinden wat ik voor haar heb. ‘Ze hebben me ontslagen,’ zegt ze met afkeer en ze drukt me tegen haar aan.

‘O, shit! Wat is er gebeurd?’ vraag ik haar wanneer ze me loslaat. Heather gooit haar kastanjebruine haar over haar schouder en trekt haar Chanel-tasje weer recht.

‘Dinsdagavond. Dat is wat er gebeurd is.’ Ze geeft me een arm en leidt ons Bond Street in.

‘Oooo.’ Dinsdagavond komt weer terug. Of in elk geval wat ik me ervan kan herinneren. Champagne. Heel veel champagne en een paar dubieuze danspasjes in onze favoriete bar.

‘Ja, oooo,’ zegt ze en ze glimlacht naar me. ‘Ik was gisteren op tijd op mijn werk, maar kon absoluut de autocue niet lezen. Het was allemaal wazig.’

Ik lach en stel me voor hoe ze met samengeknepen ogen naar de monitors heeft staan turen. ‘De autocue kunnen lezen is nogal belangrijk wanneer je live op televisie bent.’

We steken over en lopen naar Nero’s. Ik heb dringend een ced lemon tea nodig. ‘Dus wat nu?’ vraag ik. Mijn handen doen zeer van de zware tassen en ik laat ze dan ook meteen op de grond zakken wanneer we bij een tafeltje aankomen.

Heather gaat met haar keurige kontje op een stoel zitten. ‘Nu kan ik me richten op onze droom, Camille!’ Haar ogen staan opgewonden. ‘Hoe staat het daarmee?’

‘Er is nog een investeerder die geïnteresseerd is,’ zeg ik en ik probeer luchtig te klinken. Ik wil mezelf nog niet toestaan al te opgewonden te raken over het opzetten van onze nieuwe modelijn. Niet totdat we een goede deal op tafel hebben liggen. We hebben die fout al eens eerder gemaakt. We hadden de pen letterlijk al op de stippellijn, toen we een clausule opmerkten die niet was besproken tijdens de onderhandelingen. Iets over het maken van kleding tot aan een bepaalde maat, wat er in feite op neerkwam dat zo ongeveer elke vrouw met een lichte ronding of een beetje kont mijn kleding niet aan zou kunnen. Daarom ging de deal uiteindelijk niet door want het is iets waar Heather en ik zeer veel waarde aan hechten. We hebben ze laten weten dat onze kleding er moest zijn voor elke soort vrouw. De investeerders wilden niet toegeven en wij ook niet. ‘Ze lijken geïnteresseerd.’

‘Echt?’ Ze glimlacht breeduit.

‘Echt,’ zeg ik en ik moet ook grijnzen, maar ik ben zo zenuwachtig. We zijn nu slechts twee knappe gezichtjes met lichamen die er goed uitzien in kleren. Ik hou van het modellenwerk maar ik wil niets liever dan aan iedereen, ook mijn vader, bewijzen dat ik meer ben dan een mannequin. Ik weet dat Heather er ook zo over denkt. Geen van beiden willen we compromissen sluiten wat betreft onze droom en daarbij komt ook nog dat we ook geen financiële steun willen van onze vaders. Heathers vader is ook superrijk. Niet zo rijk als de mijne – dat zijn er niet veel, zeker niet in Londen – maar hij is evengoed zeer rijk. ‘We hebben morgen een afspraak met mijn agent. Ze wil een paar dingen met me bespreken.’

‘Ik zal er zijn!’ Ze grijnst en wijst op mijn tassen. ‘Wat heb je gekocht nu de modelijn van Camille Logan en Heather Porter nog niet beschikbaar is? Je beseft toch dat zodra dat wel het geval is, je alleen nog maar je eigen kleding mag dragen, hè?’

Het is een opwindende gedachte. Stoffen uitkiezen, ontwerpen bedenken, kleding maken van een goede kwaliteit met een goede prijs. Mode is veel te vluchtig voor vrouwen om een fortuin te spenderen aan de nieuwste trend. ‘Gewoon een jurk voor Saffrons vijfentwintigste verjaardagfeestje.’ Ik haal mijn portemonnee uit mijn tas. ‘En een stofje dat ik in Camden heb gekocht waar je even naar moet kijken. Het is geweldig voor een jurk.’ Ik heb het ontwerp al in mijn hoofd zitten en ik weet dat Heather met haar talent er zeker iets moois van kan maken. ‘Icetea?’

‘Graag.’ Ze snuffelt al in mijn tassen nog voordat ik in het café ben. Ik voel ook nog steeds de gevolgen van mijn dinsdagavond. Mijn huid straalt minder en is niet zo zacht als anders. Ik pak een flesje water en heb het al opgedronken voordat ik bij de toonbank ben. Ik had echt een beetje hydratatie nodig en misschien zelfs wel een gezichtsbehandeling. Jezus, ik ben vijfentwintig en ik voel me nu al alsof mijn sociale leven hier in Londen voorbij is.

‘Graag een gewone icetea en een gewone lemon icetea. Dank je,’ zeg ik tegen het meisje achter de toonbank. Ik pak mijn portemonnee en haal er een tientje uit. ‘O, en het water.’

‘O, mijn god!’ gilt ze en ik schrik achteruit. ‘Jij bent toch Camille Logan?’

Ik voel mijn wangen rood worden. Ik kijk haar aan en zie een gezicht vol ontzag voor me. Het is zowel vleiend als gênant. ‘Ja,’ bevestig ik en ik hoop maar dat ze niet een hele toestand gaat maken.

‘Je bent in het echt nog veel perfecter!’

‘Dank je.’

‘Ik ben zo jaloers! Jouw leven is perfect! Ik hou van je!’

Ik glimlach nu geforceerd. Perfect. Ja, natuurlijk. Ze kan niet veel ouder zijn dan zeventien. Ze heeft geen idee. Niemand heeft een idee van de constante strijd die ik moet voeren om mijn aandacht op de toekomst gericht te houden en niet mijn verleden, mijn overheersende vader die probeert mijn leven te regelen, of de uitdaging waar ik bijna dagelijks mee word geconfronteerd in het uitgaansleven van Londen met z’n cocaïne en champagne. Dit zijn persoonlijke gevechten die ook persoonlijk zullen blijven. Te veel van mijn problemen zijn al publiekelijk bekend en ook bij mijn vader. ‘Dat is heel erg lief.’ Ik doe mijn best oprecht te klinken ondanks het feit dat ze daadwerkelijk erg lief is. Naïef, maar lief. ‘Mijn vriendin staat buiten te wachten. Kun je misschien…’ Ik knik naar de machine achter haar en hoop dat mijn subtiele hint haar weer wakker zal schudden uit haar droomwereld.

‘O god, ja!’ Ze komt meteen in actie, helemaal zenuwachtig. Mijn bestelling is in recordtijd klaar. Met een trots gezicht geeft ze mij mijn drankjes. Dan leunt ze een beetje voorover. ‘Deze zijn van mij. Dan kan ik tenminste zeggen dat ik een drankje heb betaald voor Camille Logan!’

‘O nee, dat moet je echt niet doen.’ Ik schud mijn hoofd en weiger haar aardige gebaar te accepteren. ‘Ik betaal de drankjes, maar in elk geval bedankt.’

‘Nee!’ Ze zet ze neer en stapt naar achteren, buiten mijn bereik zodat het tientje tussen ons in valt op de toonbank. Ze vouwt stellig haar armen voor haar borst, met een brutale glinstering in haar ogen.

Met woorden ga ik dit niet winnen dus kies ik voor de enige andere mogelijkheid. Ik pak mijn portemonnee, haal er nog een tientje uit en leg dat op de toonbank neer. Dan pak ik de drankjes en sprint weg. ‘Nu kun je zeggen dat Camille Logan jóú heeft getrakteerd!’ Ik hoor nog net een gil van verrukking wanneer ik buiten op de stoep sta. Heather heeft het geweldige fluwelen materiaal dat ik had gevonden al gepakt en laat het door haar handen glijden.

‘En?’ vraagt ze en ze legt mijn nieuwe hoed terug in de hoedendoos.

‘Dat was een levendige.’ Ze lacht. Ik geef haar haar icetea terwijl zij haar nek uitrekt om in het café te kunnen kijken.

‘Proost!’ zegt Heather en ze neemt een flinke slok van haar ijsthee. ‘Wat een geweldig materiaal!’

‘Vond ik ook.’ Ik por wat in het ijs met mijn rietje, hang achterover in de metalen stoel en laat mijn huid de zonnestralen opzuigen.

‘Ik dacht innemen bij de taille…’

‘Lange rok.’ Heather maakt grijnzend mijn zin af.

‘Ja!’ Dit is waarom ik zo gek op haar ben en we zulke geweldige zakenpartners zijn. Onze gedachtes en ideeën zijn zo goed op elkaar afgestemd.

‘Eind van de week krijg je een ontwerp van me.’

‘Ik ga er meteen mee aan de slag.’

‘Geweldig. En we moeten nog een afspraak maken bij die stoffenleverancier waar je het over had.’

Ik blader door mijn agenda. ‘Volgende week?’

‘Prima. Ik heb nu overdag toch niets anders meer te doen.’ Ik lach. Ze klinkt zwaar aangeslagen. ‘Dan laat ik jou dat regelen.’

Ik staar naar mijn ijsthee. Het ijs is al aan het smelten. Ik steek het rietje in mijn mond en neem een flinke teug en zet dan mijn bril op. ‘Wat trek jij eigenlijk aan naar Saffrons feestje?’

Ze leunt voorover en moedigt me aan hetzelfde te doen. Het lijkt wel alsof ze me een of andere vette roddel of een geheim wil vertellen. ‘Ik zat te denken aan een rood jurkje en gouden hakken.’

‘Goed plan,’ zeg ik snel.

‘En jij?’

‘Heb je nog niet in die tas gekeken?’ vraag ik terwijl ik mijn nieuwe jurk eruit haal.

‘Dat zou onbeschoft zijn,’ zegt ze terwijl haar ogen groter worden wanneer ze het prachtige zwarte kledingstuk ziet. ‘Wauw, te gek!’

‘Vind ik ook,’ zeg ik instemmend.

‘Wel kort.’ Ze beweegt haar wenkbrauw op en neer en ik snap meteen wat ze bedoelt.

Paparazzi.

Met fotografen die altijd op de loer liggen als we uitgaan, zijn we ons altijd bewust van mogelijke schade door een verkeerde foto in de bladen. Zoals een jurk die een beetje te ver omhoogkruipt zodat er net een beetje te veel been te zien is en, God verhoede, een beetje cellulitis. En dat is dan nog een onbenullig voorbeeld van wat er allemaal kan gebeuren. Er zit ook nog een akeliger kant aan de pers, eentje die veel schadelijker is. Helaas heb ik daar in een moeilijke periode vorig jaar, toen Seb en ik uit elkaar gingen, mee te maken gehad. Ik weet dat mijn vader de kranten veel geld heeft gegeven en beloftes heeft gedaan om de foto’s niet te publiceren. Maar hij heeft geen connecties en relaties bij de glossy’s en er waren gewoon te veel foto’s in omloop.

Ik huiver als ik terugdenk aan hoe wanhopig ik me toen voelde, hoe zwart mijn wereld was en hoe teleurgesteld ik was in mezelf. Dat heeft Sebastian me aangedaan. Hij heeft me zijn drugsroes in gesleurd en me bijna geruïneerd. Hij nam mijn geld wanneer hij het zijne had verkwanseld. Zijn ouders hebben hem zelfs de rug toegekeerd. Hij is meerdere keren gearresteerd wegens geweld veroorzaakt door drank en drugs en als hij niemand had om zich op af te reageren was ik altijd binnen handbereik. Ik hoop dat hij nooit meer terugkomt naar Londen. Ik hoop dat hij nooit meer uit de afkickkliniek komt. Ik wil hem nooit meer zien.

‘Camille?’ Heathers zachte stem doet me opschrikken en ik spring omhoog in mijn stoel. Ik kijk mijn beste vriendin weer aan. ‘Waar zat je met je gedachten?’

‘Nergens.’ Ik kijk naar mijn beker en zie dat ik alles al heb opgedronken. Ik voel dat Heather naar me kijkt, waarschijnlijk met een trieste glimlach op haar gezicht, omdat ze tot dezelfde terechte conclusie is gekomen.

Ik kijk op en forceer een glimlach. Ze glimlacht terug en pakt mijn hand beet. ‘Hij is weg,’ fluistert ze en ze knijpt in mijn hand.

Ik knik, adem langzaam uit en verman mezelf. Heather heeft het allemaal van dichtbij meegemaakt, trouw als een hond. Dankzij de media wist de wereld alles over mijn strijd met cocaïne, maar ze wisten niets van Sebs gewoonte om zijn woede op mij af te reageren. Want dat gebeurde achter gesloten deuren. Heather kwam erachter, maar na een smeekbede van mij, heeft ze het nooit aan iemand verteld. De berichten in de pers zorgden ervoor dat mijn overheersende vader doordraaide en me de onafhankelijkheid ontnam waar ik zo hard voor had gevochten. Heather heeft me geholpen weer de juiste weg terug te vinden. We zijn verwante zielen. Beste vriendinnen sinds we kinderen zijn. Elke stap van ons leven hebben we samen genomen. Ik hoop dat dat nooit verandert. Heather is de enige persoon ter wereld die de details kent van mijn relatie met Sebastian. Dat moet wat mij betreft ook zo blijven.

‘Hoe dan ook!’ zegt ze en klapt in haar handen. ‘Zin in een tripje naar Harvey Nic’s?’

Teleurgesteld laat ik mijn schouders zakken. Ik zou niets liever doen, maar ik kan niet. En daar ben ik behoorlijk pissig over want wat ik moet doen is veel minder opwindend. Veel, véél minder. ‘Ik ben door mijn vader ontboden.’ Ik trek mijn lip op naar Heather, de zogenaamde Elvis-lip. ‘Of beter gezegd, ik ben ontboden door zijn personal assistant, maar het maakt niet uit hoe ik het bevel heb gekregen. Ik moet komen, dus ik ga.’

Haar gezicht betrekt. ‘Hij zal toch niet proberen je weer aan een of andere saaie zakenpartner te koppelen?’

Ik trek hetzelfde gezicht als Heather bij de gedachte aan mijn vaders idee van een droomrelatie. Rijk. Ze zijn altijd rijk. En dodelijk saai.

Ik sta op, pak mijn spullen bij elkaar en geef Heather een kus op haar wang. ‘Ik steek mezelf nog liever de ogen uit. Kan ik je nog een lift geven?’

Ze duwt haar wang tegen mijn lippen aan. ‘Nee, ik heb met Saffron afgesproken want ze moet nog een outfit kopen voor haar verjaardag.’

Ik grom geërgerd en wilde dat ik met ze mee kon gaan. Dan loop ik naar de parkeergarage verderop in de straat waar mijn C63 staat geparkeerd. De hele reis naar Logan Tower probeer ik wanhopig om kracht te verzamelen om me door mijn ‘bespreking’ met mijn vader te sleuren.

Wat er in principe op neerkomt dat ik mijn poot stijf zal houden.