***

Van alle beelden van die septemberochtend - de vliegtuigen die zich naar binnen boorden, de vlammen tegen de achtergrond van de heldere hemel, de ineenstortende torens - had het beeld van de walmende stofwolk die de vluchtende drommen mensen volgde en omhulde zich het diepst in Eve's geheugen gegrift. Die wolk leek eeuwig voort te rollen en de toekijkende wereld te omhullen, en toen hij uiteindelijk optrok, was het leven van iedereen er op de een of andere manier door veranderd.
Eve had een enorme hekel aan de luidruchtige invasie van nieuws of wat daar gewoonlijk voor doorging. Wanneer Pablo haar in de zomer en de vroege herfst kwam wekken, zette ze meestal muziek op, zette de deuren van de veranda open en liet het geluid naar buiten en het zonlicht naar binnen stromen. Haar muzieksmaak was grillig, maar werd meestal bepaald door wat ze op dat moment schilderde. Die ochtend had ze Mozart of Tom Waits, Beth Nielsen Chaplin of het gezang van Tibetaanse monniken kunnen opzetten, maar in plaats daarvan koos ze voor Bach, de Goldberg Variaties.
Pablo had een stoel onder de kersenboom gesleept en was erop gaan staan om de voedselpotjes voor de kolibries te vullen. Eve lag in haar nachthemd op haar rug op de veranda en werkte haar stretchprogramma af. Door de muziek heen hoorde ze vaag datBens mobiele telefoon overging, maar ze besteedde er geen aandacht aan tot hij in de deuropening verscheen. Ze zag aan zijn gezicht dat er iets was gebeurd en ze dacht direct aan Abbie. Sarah had gebeld, zei hij. Er was iets verschrikkelijks aan de hand in New York. Het studentenhuis van de universiteit in Water Street, maar drie of vier straten van het World Trade Center vandaan, was ontruimd. Josh werd vermist en hij nam zijn telefoon niet op. Sarah was bijna hysterisch.
Terwijl de gruwelijkheden zich op tv ontvouwden, belden ze voor hun gevoel wel een eeuwigheid iedereen in Manhattan die ze konden bedenken, in de hoop dat Josh contact met een van hen had opgenomen. Niemand had iets gehoord. Mobiele telefoons leken niet meer te werken. Er kwam misschien maar een op de twintig telefoontjes door. Bijna een halfuur nadat de tweede toren was ingestort, belde Sarah eindelijk weer. Hij leefde nog. De ruiten van het studentenhuis waren naar binnen geblazen en alle studenten hadden gepakt wat ze konden en waren gevlucht. Josh was gaan kijken of hij ergens kon helpen en daarna had hij Penn Station weten te bereiken, waar het hem eindelijk was gelukt haar te bellen. I lij was maar half aangekleed, hij hoestte en was in shock en bedekt met stof, zei Sarah, maar godzijdank was hij ongedeerd. Hij zat nu in de trein naar huis.
Het duurde weken voordat de familie Cooper begreep dat hun op die dag weliswaar het verlies van een tweede kind bespaard was gebleven, maar dat het verlies van hun eerste kind door de gebeurtenissen zekerder was geworden. Hun laatste sprankje hoop dar Abbie uit haar waanzin zou ontwaken en zichzelf zou aangeven was nu bijna vervlogen. Met een beetje geluk, goede advocaten en een clemente rechter had ze misschien begrip en wellicht zelfs een zekere mate van medeleven gewekt kunnen hebben. Maar toen de wereld zich verhardde en in de loopgraven kroop om zich op een oorlog voor te bereiden, verdwenen ook de nuances in het denken die in haar voordeel hadden kunnen werken. Er waren geen grijstinten meer, alleen maar de scherpe scheiding tussen goed en kwaad, en Abbie werd onomkeerbaar ondergebracht bij het kwaad.
Ben kreeg hiervan zijn eerste vermoeden toen hij op een avond werd gebeld door Dan Kendrick. Na het gesprek was hij helemaal van slag. Na de gebruikelijke beleefdheden had Kendrick een heleboel vragen gesteld, routinevragen zoals hij ze noemde, over mogelijke connecties die Abbie had gehad met Arabische of moslimlanden. Was ze ooit naar het Midden-Oosten gereisd? Had ze, voorzover Ben wist, op de middelbare school of aan de universiteit vrienden of kennissen gehad met die etnische of religieuze achtergrond?
'Kom nou, Dan,' zei Ben.
ik weet het, Ben. Het spijt me, maar helaas is het een feit dat er vaak banden zijn tussen de verschillende terroristische groepen...'
'Terroristische groepen?'
ik weet dat het moeilijk voor je is om Abbie zo te zien, maar ze is een terroriste, Ben. Ze heeft de naam van een terroristische groep op muren geschreven. Dat is een feit. We moeten alle mogelijkheden natrekken.'
Sinds die verschrikkelijk avond in Newark hadden ze niets meer van Abbie gehoord. Ben vermoedde dat ze niet eens meer in het land was, dat zij en Rolf naar Canada of Mexico of zelfs nog verder weg waren gegaan en het geld gebruikten om een nieuw leven te beginnen. Toen Ben terugkwam in Santa Fe, zag hij er met zijn twee blauwe ogen en gebroken neus uit als een profbokser. Eve maakte zich natuurlijk zorgen over de diepere wonden die de avond had veroorzaakt.
Maar naarmate de maanden verstreken en de realiteit van Abbies nieuwe status als terroriste tot hem begon door te dringen, leek er merkwaardigerwijs iets in hem te veranderen. Hij praatte er met Eve niet veel over, hoewel ze wist dat hij met zijn therapeut over bijna niets anders praatte. Maar wat hij zei, wekte bij haar de indruk dat de gebeurtenissen van die avond hem in zekere zin hadden geholpen een streep onder de zaak re zetten. Hij had haar een keer verteld dat het gezicht dat hij achter de autoruit had gezien van iemand anders was geweest, van een vreemde die hij niet meer als zijn dochter herkende. Alleen door haar echt te zien had hij dat kunnen ontdekken. Omdat hij er nu niets meer aan kon doen, was de keus duidelijk: hij kon zich aan zijn verdriet overgeven, zichzelf de schuld blijven geven en het leven van degenen die van hem hielden ondraaglijk maken, óf hij kon zich aan het leven zelf overgeven en alles omhelzen, zowel het nieuwe als het oude, wat goed en onbezoedeld was.
Wat hem bij dit proces het meeste leek te helpen, was zijn werk. Na een trage start - veel telefoontjes, onvruchtbare gesprekken en onbetaalde offertes waaruit niets voortkwam - had hij nu goede contacten en werkte hij aan een paar projecten waarover hij enthousiast was. Een jonge filmproducent uit Hollywood had hem gevraagd een huis te ontwerpen op acht hectare glooiende, met struiken begroeide woestijngrond voorbij Tesque, met aan alle kanten uitzicht op de bergen. Ben had inmiddels alle boeken gelezen die ooit over de zuidwestelijke architectuur en adobe waren geschreven, en nog een heleboel andere over 'groen bouwen' en de vele maatregelen die tegenwoordig genomen konden worden om een huis milieuvriendelijker te maken. Hij zei het nooit, maar Eve wist dat hij het soort huis wilde bouwen waarop zijn dochter trots zou zijn. Toen hij zijn tekeningen inleverde, was de jonge producent opgetogen. Ze begonnen de volgende lente met de bouw ervan. Eve had Ben nog nooit zo energiek gezien.
In juli van dat jaar kwam Josh voor het eerst logeren. Natuurlijk was Eve nerveus, maar ze kende genoeg boze-stiefmoederverhalen om te beseffen dar te hard haar best doen om aardig gevonden te worden de grootste fout was die ze kon maken (al lag dat sowieso niet in haar aard). Ze had zich geen zorgen hoeven maken. Hoewel hij maar een lang weekend kwam, was Josh vanaf het begin open en gemakkelijk in de omgang. Dat ontroerde haar en Ben was er zo gelukkig mee dat hij er nog dagen over bleef praten. Het was de eerste keer dat ze Josh zag sinds die noodlottige week op de Divide, en ze herkende hem amper. Hij was langer, maar niet meer zo onhandig en onbeholpen, alsof hij eindelijk degene was geworden die hij hoorde te zijn. Afgezien van zijn nieuwe kapsel, dat eruitzag alsof zijn haar in her donker was geknipt door een wraakzuchtige marinier, zag hij er veel beter uit dan in haar herinnering.
Pablo liet hem geen moment met rust. Hij wekte de arme jongen elke ochtend om zeven uur en sleepte hem steeds mee naar buiten om te voetballen, softballen of frisbeeën of in de wildernis naast Eve's atelier op insecten en hagedissen te jagen. Nadat ze zaterdagochtend op de markt in Tesque hadden ontbeten, nam Ben hen mee om naar het huis te kijken dat er na nog geen drie maanden al spectaculair uit begon te zien. Josh leek oprecht onder de indruk. Hij bleef maar herhalen dat het fantastisch was en hoewel Ben gepast
bescheiden probeerde te lijken, zag ze dat hij ervan genoot.
Op Josh' laatste avond barbecueden ze en bleven ze tot laat op de veranda zitten, onder een gemarmerde grijze maan die over twee dagen vol zou zijn. Pablo was allang onder zeil en Ben was naar binnen verdwenen met de borden, ongetwijfeld om Eve en Josh alleen te laten. Ze staarden een tijdje naar de gloeiende kolen van de barbecue en luisterden naar de schrille, ritmische geluiden van insecten die de koeler wordende lucht in de tuin vulden.
'Pablo is een cool ventje.'
'Ja, hij vindt jou ook behoorlijk cool.'
Ze glimlachten naar elkaar en keken weer naar de gloeiende kolen. Ze merkte dat hij nog iets wilde zeggen, maar misschien wist hij niet hoe.
'En jullie, jij en pappa... jullie lijken me... goed samen. Gelukkig, bedoel ik.'
'Dat zijn we ook.'
'Daar ben ik blij om.'
'Dank je, Josh. Dat betekent veel voor me.'
iedereen praat over gelukkig of ongelukkig zijn alsof het iets is wat zomaar gebeurt, weet je wel?'
'Mm-mm.'
'Ik denk dat het soms niet zo is, en dat we allemaal kunnen beslissen wat we willen zijn. Gelukkig of niet. Begrijp je wat ik bedoel?'
'Volkomen.'
Iris keek al vijf minuten naar de jongen die Sarahs gazon aan het maaien was. Ze keek door de open verandadeur, maar stond er een stukje achter in de schaduw, omdat ze niet wilde dat het voorwerp van haar wellustige blik het zou merken.
'Jeetje, moet je die armspieren eens zien,' zei ze.
'Besef je wel dat je bijna oud genoeg bent om zijn grootmoeder te zijn, Iris?'
'Doe niet zo stom.'
'Hij is pas zeventien.'
'Echt waar? Dat meen je niet.'
'Ja, hoor.'
'God, wat is er met de mensheid aan de hand? Jongens zien er op hun zeventiende uit als mannen.'
De grasmaaier was een kleine John Deere waarop je kon zitten en de gebruinde, blonde Jason met zijn blote gespierde bovenlijf stuurde hem behendig om de zilverberken heen en liet kleine eilandjes van langer gras achter, zoals Sarah had gevraagd.
'Wil je nog ijsthee?' vroeg Sarah.
Iris leek haar niet te horen.
'Hé, Mrs Robinson, wil je nog ijsthee?'
'Ja, lekker.'
Ze kwam terug naar de tafel en Sarah schonk haar glas vol. Ze hadden net geluncht. Het was te warm om op de veranda te eten. Iris was haar gezelschap komen houden terwijl Josh in Santa Fe was om de Katalysator te leren kennen.
Wat prima was. Het moest een keer gebeuren en Sarah voelde zich er niet zo rot over als ze had verwacht. En het was heel fijn om Iris hier het weekend te hebben. Het was net als vroeger. Zij met zijn tweetjes, zonder kinderen en zonder echtgenoten. Ze waren drie keer in de stad gaan eten, sliepen in hetzelfde bed, huilden zich door hele bakken chocolade-ijs heen terwijl ze naar The English Patiënt keken en praatten tot hun kaken er pijn van deden. Hoofdzakelijk over het huwelijk en mannen en hoe ontroerend weinig ze als soort geëvolueerd waren. Maar ook over Sarahs toekomst, want ze had eindelijk besloten de boekwinkel te verkopen, hoewel verkopen niet helemaal het juiste woord was.
Vorige maand had Jeffrey een van zijn periodieke het wordt tijd dat ik ontslag neem-toespraken gehouden. Deze plannen werden meestal in de kiem gesmoord door lof, opslag of nog een paar aandelen, alleen leek hij het deze keer bijna te menen. Brian had hem kennelijk weer aan zijn hoofd gezeurd dat hij naar Californië wilde verhuizen, wat volgens Jeffrey even serieus genomen moest worden als wanneer een vrouwelijk personage in een toneelstuk van Tsjechov zei dat ze naar Moskou wilde verhuizen. Na maar een seconde nagedacht te hebben had Sarah gezegd: 'Weet je wat, Jeffrey? Jij blijft en ik neem ontslag.'
Het duurde even voordat tot hem doordrong dat ze het meende. Omdat hij de zaak de afgelopen paar jaar toch al min of meer had gerund, zei ze, en hij al negenenveertig procent van de aandelen in handen had, kon hij de rest er net zo goed bij nemen. Althans, als hij dat wilde. De arme Jeffrey wist niet wat hij moest zeggen. Meer
ten behoeve van zijn trots dan van haar winst bedachten ze een deal waarbij hij haar een paar duizend dollar vooruit zou betalen voor haar eenenvijftig procent en in de toekomst nog iets extra's voor wat hij haar adviestaken noemde, wat weinig meer om het lijf leek te hebben dan het lezen van proefdrukken, het organiseren van een paar lezingen van schrijvers en heel vaak lunchen.
'Maar wat ga jij nu doen?' vroeg Iris weer bij de ijsthee. Het was ongeveer de achttiende keer. Sarah stak nog een sigaret op.
'Ik weet het niet. Veel reizen. Met jou, als je mee wilt.'
'En of ik dat wil. Laten we naar Venetië gaan.'
'Afgesproken. En ik ga veel lezen. Misschien probeer ik zelfs wat te schrijven. En ik wil mijn conditie verbeteren. Stoppen met roken.'
'En een verhouding beginnen met Jason de maaier.'
'Mm-mm. Of met zijn jongere broertje.'
'Even zonder gekheid: hoe lang is het geleden sinds je seks hebt gehad?'
'Vannacht met jou. Heb je dat niet gemerkt?'
'Ik meen het, Sarah.'
'Afgezien van die nacht met Benjamin?'
'Hoe minder je daarover zegt, hoe beter.'
ik weet het niet precies. Ongeveer drieënhalf jaar! denk ik.'
'Jezus.'
'Ik mis het gezelschap, niet zozeer de seks.'
'Dat weet ik, maar drieënhalf jaar. Ik zou gek worden. Waarom probeer je geen speed dating?'
'Kom nou, Iris.'
'Dus je hebt jezelf eigenlijk drooggelegd?'
'Dat klopt precies. Als de juiste man komt opdagen, prima. Ik zou dat nu wel kunnen. Ik zou het zelfs leuk vinden, maar ik ga niet naar hem op zoek.'
'Zelfs niet in de tuin?'
'Je bent een slecht mens.'
Iris ging diezelfde middag terug naar Pittsburgh. Een paar uur later kwam Josh terug en hij ontweek handig elke vraag die ze hem over de Katalysator, haar huis en haar zoontje stelde. Zijn discretie was frustrerend, maar ze respecteerde zijn houding, hoewel ze niet wist of die voortkwam uit een verlangen om haar te beschermen of uit loyaliteit jegens zijn vader.
Ze had Benjamin in de vijftien maanden sinds de avond waarop het geld afgeleverd was maar twee keer gezien, al hadden ze elkaar wel een paar keer telefonisch gesproken. Ze zou nooit vergeten hoe hij eruitzag toen hij bij haar op de stoep stond. Zijn overhemd was gescheurd, hij zat onder het bloed en zijn ogen waren nog maar spleetjes in het gezwollen hoofd van een Neanderthaler. En toen hij in de keuken zat, waar ze zijn wonden verzorgde, zei hij steeds weer hoe stom hij was en dat hij het verknald had. Had hij de sleutels maar te pakken gekregen, een of ander wapen gehad of de banden doorgesneden...
Toen hij de volgende maand bij de diploma-uitreiking van Josh' middelbare school aanwezig was, waren de zwellingen verdwenen, maar om zijn bloeddoorlopen ogen heen was zijn gezicht nog een palet van blauw, paars en geel en de boksersbobbel op zijn neus zou hij waarschijnlijk nooit meer kwijtraken. Het was dapper van hem dat hij was gekomen, want hij wist dat Sarahs ouders er ook zouden zijn. Ze deden bijna alsof hij lucht voor hen was en ze vertrokken direct na de diploma-uitreiking. Die avond ging Josh naar een feestje en zij gingen uit eten. Natuurlijk praatten ze vrijwel uitsluitend over Abbie, maar nu op een andere manier. I let leek alsof er door wat er die avond in het winkelcentrum was gebeurd iets duidelijk was geworden of was uitgekristalliseerd. Hoewel het onuitgesproken bleef, leken ze allebei te accepteren dat hun dochter niet meer te bereiken en te redden viel, een conclusie die een paar maanden later door de nasleep van 11 september bevestigd werd.
Sarah wist dat het krankzinnig was om het in zulke termen te zien, maar het leek alsof de gebeurtenissen van die ochtend en de verschrikkelijke uren waarin Josh werd vermist een soort perverse ruil inhielden: haar zoon was gespaard gebleven en haar dochter was weg, waarschijnlijk voor altijd.
Het was raar hoe mensen zichzelf probeerden te beschermen, dacht Josh. Alsof iets niet bestond als je er niet over praatte en het dan vanzelf zou verdwijnen. Ze deden dat nu allebei, zowel zijn moeder als zijn vader. In de vier dagen dat hij in Santa Fe was geweest, had niemand Abbies naam genoemd en hij kon zich de laatste keer dat zijn moeder over haar gepraat had niet eens herinneren. Hij kon zich niet voorstellen dat ze niet nog steeds de hele tijd aan haar dachten. Hij wist zeker dat ze dat deden. Misschien wilden ze alleen niet in zijn bijzijn over haar praten, omdat ze bang waren dat hij overstuur zou raken. Ach, misschien hadden ze wel gelijk. Met praten veranderde je toch niets.
Zijn bezoek aan Santa Fe was bij lange na niet zo erg geweest als hij gevreesd had. Hij had het zelfs leuk gevonden, vooral her gedol met Pablo, hoewel het vreemd was om zijn vader met zijn nieuwe gezin te zien. Hij sloeg zijn arm om Eve heen zoals hij bij Josh' moeder had gedaan en hij deed dingen met Pablo alsof hij de echte vader van het jochie was. Toch was het raar hoe snel je eraan wende. En Eve was aardig, echt aardig. Hij had niet geweten wat hij moest verwachten. Of ze op haar hoede en koud zou zijn en hem als een vijand zou behandelen of juist heel overdreven aardig en te hard haar best zou doen om zijn beste vriendin te worden. Maar dat had ze geen van beide gedaan. Ze was gewoon ongedwongen en vriendelijk geweest en had niets geforceerd. En hij vond haar echt aardig. Ze was natuurlijk ook heel mooi en hij kon begrijpen - nou ja, bijna - waarom zijn vader het had gedaan.
De enige keer dat hij het gevoel had gehad dat hij het een beetje verknoeid had, was toen hij vroeg of hij mocht zien waaraan ze op dat moment werkte. Ze had hem meegenomen naar haar atelier en hem die enorme schilderijen van naakte mannen en vrouwen laten zien. Ze zei dat ze geïnspireerd waren door erotische standbeelden uit tempels in India. Josh wist niet wat hij moest zeggen en had er als een debiel naar staan kijken, terwijl hij probeerde niet al te gegeneerd over te komen.
Hij voelde zich er niet prettig bij dat hij zijn moeder niet meer vertelde, maar het voelde niet goed en hij wist dat het haar ongelukkig zou maken, wat hij ook zei. Hoe zou ze het vinden als hij bijvoorbeeld zou zeggen dat Eve mooi was en dat zijn vader echt gelukkig leek te zijn? Maar zou het beter zijn als hij loog en zei dat Eve een kreng was en dat ze allebei doodongelukkig waren? Dan zou ze alleen maar denken dat het allemaal een dubbele mislukking was of, nog erger, gaan hopen dat zijn vader zou terugkomen. Nee, het was maar het beste om niet te veel te zeggen.
Ze aten samen en daarna belde Freddie om te vragen of hij naar hem toe kwam. Net toen Josh wilde zeggen dat hij weg geweest was en thuis wilde blijven om zijn moeder gezelschap te houden, riep ze uit de keuken dat hij gerust kon gaan. Dus had hij gedoucht en een schoon overhemd aangetrokken en was naar Freddie gereden.
Freddie Meachers ouders waren steenrijk. Hij had niet gewoon een kamer, maar een heel appartement boven de garage waarin zijn vader al die fantastische auto's had staan, waaronder twee Porsches en een Aston Martin. Freddie had altijd zo'n beetje mogen doen wat hij wilde. Zijn ouders wisten dat hij drugs gebruikte, maar ze vielen hem er nooit over lastig en lieten hem gewoon zijn eigen leven leiden, Josh zag hem niet vaak meer sinds ze allebei waren gaan studeren. Freddie zat op de Universiteit van Colorado in Boulder, wat volgens hem de coolste stad ter wereld was, met de mooiste meiden die hij ooit had gezien. En te oordelen naar de twee meisjes die een paar dagen bij hem logeerden, was dat inderdaad het geval. De ene, Summer, was zijn vriendin. Ze had lange, goudbruine benen en een veelbetekenende glimlach.
Josh was razend jaloers. Katie was nog steeds het enige meisje met wie hij ooit naar bed was geweest en dat was inmiddels zo lang geleden dat het bijna niet meer telde. Er waren een heleboel meisjes op de universiteit die hij leuk vond en sommigen van hen vonden hem zelfs aardig, maar helaas niet op de manier die hij wilde. Hij probeerde niet te veel medelijden met zichzelf te hebben, maar hij vond het toch een treurige toestand dat seks voor iemand van zijn leeftijd, die er niet al te slecht uitzag en sociaal niet helemaal disfunctioneel was, nog steeds neerkwam op heimelijke bezoekjes aan wazige websites of gebogen over een verkreukeld exemplaar van Hitstier zitten.
Summers vriendin Nikki (Josh durfde erom te wedden dar ze een hartje, een bloem of een smiley in plaats van een punt boven de laatste 'i' tekende als ze haar naam schreef) was ook behoorlijk aantrekkelijk, zij het met een rustiger uitstraling. Toen ze na een paar joints met zijn allen languit op de bank voor Freddies enorme flatscreen-tv naar een pasuitgekomen dvd van Apocalypse Now lagen te kijken - ingekort door de kapper van de vrouw van de regisseur of zoiets - en ze haar hoofd op zijn schouder vlijde, dacht Josh een paar opwindende seconden dat hij deze keer geluk had, maar ze was alleen maar in slaap gevallen.
Later gingen ze naar het zwembad en Freddie en Summer zwommen naakt. Josh deed of hij verkouden was. Hij wilde het water niet in, want hij was bang dat zijn onbeheersbare pik hem weer voor gek zou zetten. In plaats daarvan ging hij op het terras met Freddies Gameboy zitten spelen en Nikki (die goddank een bikini droeg) was zo aardig om naast hem te komen zitten. Ze droogde haar haar af met een handdoek en stelde hem een heleboel vragen over Abbie. Hij was er inmiddels aan gewend geraakt om de broer van de beroemde Abbie te spelen. Het was zijn hele leven eigenlijk niet veel anders geweest, alleen was de blonde prinses nu een grote boze wolf geworden. De aard van de antwoorden die hij gaf, hing volledig af van de persoon die de vragen stelde. Bij Nikki was hij bereid zo uitgebreid mogelijk te antwoorden, zij het niet noodzakelijkerwijs altijd even waarheidsgetrouw.
'Heeft ze ooit contact gezocht?'
'Nee.'
'Heeft ze je ouders nooit geschreven of gebeld?'
'Nee, nooit.'
'Mijn god, dat moet vreselijk voor ze zijn.'
'Ja, het is zwaar geweest.'
'En voor jou ook, mijn god!'
Josh klemde mannelijk zijn kaken op elkaar en knikte. Hij negeerde het stemmetje in zijn hoofd dat zei: Wat ben je toch ook een rat dat je dit probeert te gebruiken om er seks uit te slepen. Hoe diep kun je zinken?
Nikki kwam oorspronkelijk uit Boston, maar haar ouders waren naar Colorado verhuisd toen ze nog op de middelbare school zat. Ze zei dat ze het daar heerlijk vond - de bergen, wandelen, snow- boarden. Josh moest eens met Freddie meekomen, zei ze. Omdat hij niet bekrompen, dom of al te stads wilde lijken, vertelde Josh haar over hun vakanties in Montana, en hij zei dat hij altijd al in Colorado had willen snowboarden. In Vail of zo'n coole plaats. De waarheid was dat hij nog nooit op een snowboard had gestaan. Soms, vooral wanneer hij probeerde niet te aandachtig naar de borsten van een meisje te staren, flapte hij dit soort dingen er zomaar uit.
Maar wat deed een leugen meer of minder ertoe? Ze waren nu allemaal leugenaars. Daar had Abbie wel voor gezorgd. En de grootste leugen was dat hij al die tijd iets voor zijn ouders had verzwegen, want dat hij iets achterhield, dat hij zoiets belangrijks voor hen geheimhield, was even erg, zo niet erger, dan dat hij hun iets zou vertellen wat niet waar was. Abbie had wél contact met hem opgenomen. Hij had haar twee keer gesproken en het aan niemand verteld.
Hij had nog steeds de prepaid telefoon die ze hem had laten kopen en hij controleerde hem elke ochtend, precies zoals ze hem gezegd had. De dag nadat zijn vader thuis was gekomen met een hoofd alsof hij met Mike Tyson op de vuist was geweest, had hij een boodschap van twee woorden gekregen die, nadat hij die gedecodeerd had, een nummer bleek te zijn dat hij moest bellen. Hij was naar een munttelefoon gegaan en had op precies de juiste tijd gebeld. Hij had tien minuten geluisterd terwijl Abbie raasde en tierde en hun vader uitschold voor alles wat mooi en lelijk was. Ze ging er maar over door dat er maar vijftienduizend dollar in de tas zat, maar vijftienduizend dollar, de vuile gierigaards! Hij had bijna opgehangen, maar was toch met gebogen hoofd blijven luisteren tor ze eindelijk haar hart gelucht leek te hebben en zei: Oké, dat was het dan. Zeg hun maar namens mij dat ze geen tweede kans krijgen. Hij had bijna geantwoord: Tot je weergeld nodig hebt, zul je bedoelen.
Hij bleef elke dag nauwgezet zijn geheime telefoon controleren - waarvan tot zijn verbazing nog steeds niemand behalve Abbie wist dat hij hem had - en acht maanden lang was er geen boodschap, tot hij afgelopen Kerstmis bij zijn grootouders was en gehoorzaam naar de tennisbaan glipte om zijn voicemail af te luisteren en hij haar stem hoorde, deze keer niet boos, maar alleen kwetsbaar, met de gecodeerde boodschap van twee woorden. Hij belde de volgende dag en luisterde weer tien minuten naar haar. Deze keer vloekte ze niet en schold ze niemand uit. Ze huilde alleen. Ze huilde tien lange minuten en zei dat ze zo eenzaam en verdrietig was en dat ze zelfmoord wilde plegen. Josh deed zijn best om haar te troosten, maar wat kon hij zeggen? Behalve o, Abbie en doe het niet, doe het alsjeblieft niet, het komt wel in orde, het komt alleen doordat het Kerstmis is... Wat eigenlijk een stomme opmerking was.
Hij zei niet eens tegen haar dat ze naar huis moest komen en stelde ook niet voor dat ze zichzelf zou aangeven, omdat hij niet wilde dat ze tegen hem zou gaan schreeuwen. Deze keer klonk ze in elk geval menselijk. Hij vroeg haar echter wel waar ze was en ze zei dat hij niet zo dom moest doen. Ditmaal was het nummer niet van een munttelefoon, maar van een mobiel toestel. Het wilde niets zeggen. Ze kon overal vandaan bellen. Toen hij later het nummer weer probeerde te bellen en hij zich schrap zette voor het geval ze zou opnemen en hem de huid vol zou schelden, kreeg hij alleen de toon van een toestel dat buiten werking was.
Het was al over drieën 's nachts toen Josh voorzichtig naar huis reed. Nikki had hem haar telefoonnummer gegeven, maar hij vermoedde dat dat het enige was wat hij ooit van haar zou krijgen. Hij had al een keer een langeafstandsrelaties gehad en had geen zin om er nog een keer aan te beginnen.
Het licht in de slaapkamer van zijn moeder brandde nog en toen hij op zijn tenen de trap op en langs haar deur liep, riep ze hem binnen. Ze zat met kussens in haar rug in bed te lezen met een halfleeg glas melk naast haar op het nachttafeltje. Toen hij binnenkwam, glimlachte ze, zette haar bril af en klopte op het bed ten teken dat hij moest gaan zitten. Dat deed hij en hij probeerde haar niet recht aan re kijken. Hij voelde zich niet erg stoned, maar zag er waarschijnlijk uit alsof hij dat wel was.
'Leuk feestje?'
'Ja. Het was niet echt een feestje. We hebben gewoon wat bij elkaar gezeten.'
'Hoe is het met Freddie?'
'Goed.'
'Hoe gaat het met zijn studie?'
'Prima.'
'Dat is mooi. Is alles goed met je?'
'Ja, hoor. Ik ben alleen moe.'
'Omhels me eens.'
Hij boog zich naar voren en sloeg zijn armen om haar heen. Ze hielden elkaar lang zo vast. Ze voelde mager en fragiel aan. Hij zei altijd dat ze meer moest eten, maar het haalde niets uit. Ze leek hem niet los te willen laten en toen ze het eindelijk deed, zag hij dat er tranen in haar ogen stonden.
ik hou van je, Joshie.'
ik hou ook van jou.'