Hoofdstuk 24
De veerboot moest omvaren. Dat betekende dat de passagiers boos waren en dat de dienstregeling overhoop werd gegooid. In de mededeling die de kapitein aan boord van de veerboot deed, werd Kat er praktisch van beschuldigd dat ze het overboord springen van een passagier gewoon verzonnen had. De politie leek ook nogal sceptisch te zijn; ze vonden geen bewijs dat er iemand overboord was gesprongen.
Kat kon niet wachten tot ze van de boot af kon en de boze blikken zou kunnen vermijden van passagiers die vertraging hadden opgelopen. Ze reed de Subaru van de boot af over de rijplaten en volgde het verkeer het haventerrein af en de steile helling op die naar de autoweg voerde. Het was dezelfde weg die ze vaak namen naar de hut van Kurt Ritter, de vriend van Jace.
‘Waarom zou Landers overboord springen?’ zei Kat peinzend. Ze kwamen aan bij de autoweg en hadden een prachtig uitzicht op Howe Sound aan de overkant van de weg, maar Kat merkte dat nauwelijks op. Ze kon nog steeds niet begrijpen hoe Roger Landers vlak voor haar ogen in het niets had kunnen verdwijnen.
‘Hij was bang,’ zei Jace. ‘Ik zou ook bang worden als jij zo achter me aan zat.’
Kat rolde met haar ogen. ‘Ik wilde alleen maar met hem praten. Ik begrijp gewoon niet waarom hij er vandoor ging en ook niet waarom hij overboord is gesprongen.’
‘Hij moet hebben gedacht dat jij iemand anders was,’ zei Jace.
‘Hij wilde liever verdrinken dan te worden aangehouden?’ Landers zou het nog geen vijf minuten uithouden in het ijskoude water van de oceaan. ‘Waar loopt hij in hemelsnaam voor weg?’
Een paar passagiers om haar heen hadden haar zo ongeveer aangevallen toen ze het noodalarm deed afgaan. Klaarblijkelijk waren hun reisplannen belangrijker dan een ongeluk op zee. Maar het was zoals het was. Landers was overboord gesprongen. Ze wist wat ze had gezien, ook al was ze de enige getuige. Mensen werden toch geacht om hulp te bieden aan iemand die overboord was gesprongen? ‘We weten niet absoluut zeker dat hij dood is. Alleen dat hij verdwenen is.’
‘Jace, hij verdween voor mijn ogen. Hij kan nergens naartoe zwemmen. Niet naar de kust en niet naar een boot.’ Landers was verdwenen zonder een spoor achter te laten, ondanks dat de kapitein was omgedraaid en ondanks de vrijwel onmiddellijke komst van de kustwacht.
Kat wierp af en toe blikken op de oceaan als de Subaru door de bochten ging van de autoweg langs de kust. Welke geheimen de oceaan ook verborg, voorlopig zou dat zo blijven. Na een uur kwamen ze bij de afslag naar het conferentieoord. Na nog eens drie kilometer smallere weg zagen ze het conferentieoord voor zich liggen.
Het Tides Resort was als een soort bunker in de heuvel gebouwd. Grote rotsblokken waren bevestigd aan enorme, antieke cederbalken die drie verdiepingen hoog waren en een fantastisch uitzicht boden. Kat zag een grote ontvangsthal achter de grote glaswanden met daarachter uitzicht op de oceaan. In de grote hal bevond zich een enorme, bakstenen open haard waar een oranjekleurige gloed vanaf kwam. Er zat een aantal mensen bij de open haard met een drankje in de hand.
Links was een tweede gebouw waarvan Kat dacht dat daar wel het zalencomplex zou zijn gehuisvest. Als je langs de voorgevel van glas en staal keek, zag je alleen de oceaan. Naast de twee gebouwen stonden hoge douglassparren die aan wachtposten deden denken. Tussen de bomen bevond zich een tuin met een wandelpad en aan het einde van de tuin was een steile rotswand die direct uitkwam in de oceaan. Zelfs op een winterse dag was het uitzicht onbeschrijflijk mooi.
‘Oké. Laten we even het plan doornemen, Jace.’
‘Ik ben de technicus die de audiovisuele apparatuur gaat installeren. Ik ben op het laatste moment opgeroepen.’
Kat had de naam van het bedrijf en de medewerker achterhaald door het hotel te bellen en de kamer waar de technicus zou verblijven te bevestigen.
Daarna had ze het videobedrijf gebeld om de afspraak af te zeggen. Dat gaf hen de vrijheid om de plaats van het videobedrijf in te nemen. Het was een ideale dekmantel. Ze kregen een kamer en niemand had de medewerkers van het bedrijf ooit gezien. Zolang de audiovisuele zaken niet al te ingewikkeld waren, kon er niets misgaan.
Jace had echter zijn bedenkingen. ‘Ik weet niet zeker of dit gaat lukken, Kat.’
‘Ik dacht dat je onderzoeksjournalist was.’ Ze reed de Subaru de lange, ronde oprijlaan op en stopte.
‘Ik weet niet eens hoe die vent eruitziet. Hoe kan ik voor hem doorgaan?’
‘Dat is ook niet nodig. Het personeel van het hotel heeft hem ook nog nooit gezien. Bovendien ben jij een man. Ik kan moeilijk net doen alsof ik een man ben. En Harry is te oud.’
Op de achterbank hoorde Harry zijn naam noemen. ‘Te oud voor wat?’
‘Doet er niet toe.’ Kat gaf de sleutels aan de portier en deed haar deur open.
‘O. Verblijven we hier?’ Harry’s ogen gingen wijd open. ‘Wauw.’
‘Pak je spullen, Harry.’ Jace deed de deur aan de passagierskant open. ‘Laten we gaan.’
‘Je bent moe,’ fluisterde ze tegen Jace toen ze naar binnen gingen, ‘en je wilt zo snel mogelijk inchecken. Doe maar kortaf, zodat ze niet echt met je willen praten.’
Kat liep met Harry naar een paar lage, leren bankjes. Ze volgde Jace met haar ogen toen hij naar de incheckbalie liep. Ze had erop aangedrongen dat hij een pak zou dragen. Ook al was hij de enige AV-technicus, het was belangrijk dat hij niet uit de toon zou vallen. Ze ging er zo ongeveer vanuit dat personen die in de wereld veel te zeggen hadden zelfs in hun pak naar bed gingen.
Ze was blij dat ze op deze outfit had aangedrongen. Jace was net zo gekleed als de twee mannen bij de bar, maar hij zag er duidelijk beter en sexier uit. De wijze waarop zijn maatpak zijn brede schouders en slanke taille deed uitkomen vervulde haar met trots. Absoluut geen suffe AV-technicus, die vriend van haar.
Ze keek naar de twee mannen bij de bar. Ze waren verdiept in een gesprek en zaten een beetje naar elkaar toegedraaid, waardoor het moeilijker was om ze goed in beeld te krijgen. Waarschijnlijk twee van de ongeveer honderd gasten. Een van hen zwaaide met zijn armen om zijn woorden kracht bij te zetten en gooide bijna de drankjes op de bar om. Kat pakte haar mobieltje en hield het omhoog.
‘Wat een prachtig uitzicht!’ zei ze op luide toon tegen Harry in een accent waarvan ze hoopte dat het Europees zou klinken. Ze maakte een foto en zorgde ervoor dat de twee mannen er ook op stonden. Misschien had ze er later nog wat aan.
Tien minuten later genoten Kat, Jace en Harry volop van het uitzicht vanaf het balkon op hun suite op de derde verdieping. Ze zaten ingepakt in hun winterjas met hun rug naar de gasverwarming die Jace helemaal had opengedraaid.
‘Weet je dit allemaal zeker, Kat? Ze vroegen niet eens naar mijn creditcard. Iemand moet er toch achter komen.’
‘Niet als we ons onopvallend gedragen. De mensen die alle afspraken hebben gemaakt met het hotel zijn er waarschijnlijk nog niet eens. Zelfs als het wel zo is, er zijn zoveel details te regelen en mensen op te vangen dat de kamerindeling niet direct hun hoogste prioriteit zal hebben. Afgezien daarvan hebben ze het hele conferentieoord afgehuurd, dus die indeling maakt niet uit. Niemand zal het merken.’
‘Ik weet het niet, hoor. Stel dat ze ontdekken wie we zijn?’ Jace keek over de rand van het balkon.
‘Dat gebeurt niet. We vinden het bewijs dat Nathan hier aanwezig is en ontdekken misschien zelfs hoe groot zijn betrokkenheid is. We kunnen hier binnen no time weer weg zijn en dan hebben we nog genoeg tijd om de Edgewater-zaak af te ronden.’ Ineens had ze honger. Ze stond op uit haar stoel en liep naar binnen om de minibar te inspecteren. Ze koos een pakje geroosterde amandelen, drie Snickers en een fles Merlot. Ze nam de wijn, drie glazen en de snacks mee naar buiten. ‘Laten we zo wat bestellen via de roomservice, anders gaat iemand zich misschien afvragen waarom we niet naar beneden komen om te dineren, net als de andere gasten.’
‘Ik neem aan dat ik weer iets moet doen?’ Jace haalde een Snickers uit de verpakking.
‘Jij bent de baas.’ Kat gooide de menukaart van de roomservice over de tafel naar hem toe. Ze schonk de wijn in de glazen.
‘Ik hoef niet.’ Harry stond op. Hij had de laatste twee nachten niet zo veel geslapen. ‘Ik ben bekaf. Ik heb een dutje nodig.’
Kat stond op en bracht Harry naar zijn kamer. Hun suite bestond uit twee aan elkaar grenzende kamers, met in elk een open haard.
‘Denk erom dat je niet zonder ons weggaat.’
‘Goed, hoor. Welterusten, Kat.’
Kat deed de deur dicht en keerde terug naar de andere kamer. Had ze haar oom wel hier mee naar toe moeten nemen? Waarschijnlijk niet, maar ze kon Harry ook niet zomaar een paar dagen alleen laten.
Jace kwam van het balkon naar binnen toen ze op haar horloge keek. Het was inmiddels zes uur en ze zette de tv aan in de hoop dat ze iets meer zou horen over Roger Landers en zijn verdwijning van de veerboot. De presentator van het nieuws bracht het plaatselijke nieuws zonder dat de verdwenen journalist werd genoemd. De uitzending werd gedomineerd door het wereldnieuws. Griekenland en Portugal hadden niet voldaan aan de voorwaarden die ze met het Internationaal Monetair Fonds hadden afgesproken als onderdeel van het eerdere reddingsplan.
‘Toevallig dat de baas van het IMF op de conferentie aanwezig is.’ Jace zette de telefoon terug in de houder. Hij had biefstuk besteld voor hen beiden en een Monte Cristo sandwich voor Harry voor het geval hij wakker werd.
‘Jean-Claude Bruneau, bedoel je?’ De uitdrukking op het gezicht van Jace beviel Kat niet. ‘Zet het uit je hoofd, Jace. Ga niet achter hem aan en spreek hem niet aan.’
‘Ik zal discreet zijn. Dit is de kans van mijn leven.’
‘Absoluut niet. Niet voordat ik bewijzen heb tegen Nathan. Beloof je dat?’
Jace rolde met zijn ogen. ‘Vooruit dan maar.’
‘Ik vraag me af wat hij vindt van het redden van die landen.’ Het lot van zo velen in handen van zo weinigen. Het deed Kat denken aan feodale edellieden in de middeleeuwen, toen de elite in kastelen woonde en de horigen buiten de muren leefden. Een paar gelukkigen hadden de kans om binnen de kasteelmuren te wonen en de rest bleef onbeschermd en kwetsbaar achter.
‘Bruneau? Het maakt hem niets uit. Hij doet wat het IMF geacht wordt te doen. Hij hoeft dat niet leuk te vinden.’
‘Dat is waar, maar je moet je afvragen of het mondiale financiële systeem de economische crisis in die landen niet zelf heeft veroorzaakt. Een paar landen maken de regels die alle andere landen moeten volgen. Regels die voor henzelf voordelig zijn.’ Kat richtte haar aandacht weer op de tv. De weersverwachting voor morgen voorspelde een combinatie van regen en sneeuw. Er was nog steeds geen nieuws over Landers en zijn verdwijning van de veerboot.
‘Als ze hun lening niet afbetalen, dan maken de rijke landen hun zaak niet sterker,’ zei ze. ‘Tenzij ze natuurlijk wílden dat de lening niet zou worden terugbetaald.’ De betalingen aan Research Analytics toonden aan dat geld werd weggesluisd voor iets anders dan legitieme onderzoekshonoraria. Als Research Analytics een dekmantel was, waar gebruikte het World Institute het geld dan voor? Ging het echt om een samenzwering gericht op het vernietigen van de valuta in de wereld?
Kat pakte de afstandsbediening toen ze buiten de kamer een mannenstem hoorde. Haar hart begon sneller te slaan. Het was nog te vroeg voor de roomservice. Ze zette het geluid zachter en besefte toen dat de mannenstem niet van de gang kwam. Het was alleen oom Harry maar, die in de kamer naast hen in zijn slaap praatte.