Kom niet te vlug met je oordeel naar buiten. Een verborgen oordeel vermag vaak meer. Het kan tot reacties leiden waarvan de gevolgen pas merkbaar worden als het al te laat is om ze nog af te wenden.

Bene Gesserit Advies aan Kandidaten

Sheeana rook wormen al van verre: de kaneelachtige geur van melange, vermengd met de bittere lucht van zwavel en vuursteen; het door kristallen tanden ingedamde hellevuur van de reusachtige Rakische zandeters. Maar ze bespeurde deze kleine afstammelingen alleen maar omdat ze in zulke grote aantallen voorkwamen.

Ze zijn zo klein.

Het was vandaag heet geweest hier op de Woestijnuitkijkpost en nu, laat in de middag, verwelkomde ze de kunstmatige koelte binnen. Haar oude kamer had een draaglijke temperatuur gekregen, hoewel het raam op het westen was opengelaten. Sheeana liep naar dat raam en staarde naar het blikkerende zand.

Haar geheugen vertelde haar wat ze vanavond voor uitzicht zou zien: door de kurkdroge lucht zouden de sterren heel fel zijn en een zwak licht werpen over de zandgolven die zich uitstrekten tot aan een donkere, gekromde horizon. Ze herinnerde zich de manen van Rakis en miste ze. Met alleen sterren was haar Vrijmanse bloed niet tevreden.

Ze had dit beschouwd als een bezinningsverblijf, een plek en een moment om na te denken over wat er allemaal met haar Zusterorde gebeurde.

Axolotl-tanks, cyborgs, en nu dit weer.

Odrades plan had geen geheimen meer voor haar sinds hun Delen. Een gok? En als het slaagde?

Misschien zullen we het morgen weten en wat zal er dan van ons worden?

Ze gaf toe dat de Woestijnuitkijkpost een magnetische aantrekkingskracht voor haar had en meer was dan een plaats om consequenties te overwegen. Ze had vandaag in de schroeiende hitte van de zon gewandeld om zichzelf te bewijzen dat ze nog steeds wormen kon oproepen met haar dans van in beweging uitgedrukte emotie.

De Verzoeningsdans. Mijn taal van de wormen.

Ze had als een derwisj rondgetold op een duin tot honger haar geheugentrance verstoorde. En overal om haar heen lagen kleine wormen met open muil toe te kijken, herinnerde vlammen in een omlijsting van kristallen tanden.

Maar waarom zo klein?

De woorden van onderzoekers verklaarden wel maar stelden niet tevreden. 'Het is de hoge vochtigheidsgraad.'

Sheeana herinnerde zich de reusachtige Shai-hulud van Duin, 'de Oude Man van de Woestijn', groot genoeg om hele specie fabrieken op te slokken, het oppervlak van zijn ringsegmenten zo hard als plaston. Meesters in hun eigen domein. God en duivel in het zand. Ze voelde de potentie vanuit haar hoge positie bij het raam.

Waarom koos de Dwingeland voor een symbiotisch bestaan als worm?

Herbergden die kleine wormen zijn eindeloze droom? In deze woestijn leefde zandforel. Als ze die als nieuwe huid aannam zou ze de weg van de Dwingeland kunnen volgen. Gedaanteverandering. De Gespleten God. Ze herkende de verleiding.

Durf ik het te wagen?

Ze werd overvallen door herinneringen aan haar laatste ogenblikken van onschuld - amper acht jaar oud toen, in de maand Igat op Duin.

Geen Rakis. Duin, zoals mijn voorouders het noemden.

Het was niet moeilijk om zich haar zelf te herinneren met een donkere huid en uitgebleekt bruin haar. Een melangejager (omdat dat een taak voor kinderen was) die door de open woestijn zwierf met kameraadjes van de zelfde leeftijd. Wat een dierbare herinnering.

Maar de herinnering had ook zijn schaduwzijde. Aandachtig speurend met haar scherpe neus, werd een meisje sterke geuren gewaar - een pre-speciemassa!

De spuiter!

Een melange-explosie lokte Shaitan. Geen enkele zandworm kon een speciespuiter in zijn territorium weerstaan.

]e verzwolg alles, Dwingeland, die ellendige verzameling hutten en krotten die wij 'thuis' noemden en al mijn vrienden en familieleden. Waarom spaarde )e mij?

Wat een woede was er in dat slanke kind gevaren. Alles waarvan ze hield weggenomen door een reuzenworm, die haar pogingen om zichzelf in zijn vlammen te werpen verhinderde en haar overdroeg aan Rakische priesters, waarna ze bij de Bene Gesserit terecht kwam.

'Zij praat tegen de wormen en ze sparen haar.'

'Zij die mij spaarden worden door mij niet gespaard.' Dat had ze Odrade verteld.

En nu weet Odrade wat ik moet doen. Je kunt het wilde element niet onderdrukken, Dar. Ik durf je Dar te noemen, nu ik je in mijn binnenste draag.

Geen antwoord.

Bezat elk van de nieuwe zandwormen een bewustzijnsparel van Leto II? Haar Vrijmanse voorouders beweerden hardnekkig van wel.

Iemand gaf haar een boterham. Walli, de ouderejaarsleerling die haar assistent was geweest en de leiding van de Woestijnuitkijkpost had overgenomen.

Op mijn aandringen toen Odrade mij tot raadslid verhief. Maar niet louter omdat Walli van mij ongevoeligheid voor de seksuele knechting van Achtenswaarde Matres leerde. En niet omdat ze mijn behoeften goed aanvoelt. Wij spreken een geheime taal, Walli en ik.

Walli's grote ogen waren niet langer poorten naar haar ziel. Ze waren versluierde barrieres die bewezen dat ze al wist hoe ze onderzoekende blikken moest buitensluiten. Ze hadden een lichte blauwe tint die spoedig in volledig blauw zou overgaan als ze de Marteling overleefde. Ze was bijna een albino, zo weinig pigment had ze en haar genetisch materiaal was van twijfelachtig nut voor het teeltprogramma. Walli's huid bevestigde dit oordeel: bleek en vol sproeten. Een huid die aandeed als een doorschijnende oppervlaktelaag. Je keek niet naar de huid zelf maar naar wat eronder lag: roze, doorbloed weefsel dat geen enkele bescherming tegen de woestijnzon had. Alleen hier in de schaduw kon Walli dat gevoelige oppervlak blootstellen aan onderzoekende ogen.

Waarom krijgt zij juist de leiding over ons?

Omdat ik erop vertrouw dat zij Z^l doen wat er gedaan moet worden.

Sheeana at afwezig de boterham op terwijl ze haar aandacht weer op het zandlandschap richtte. Eens zou de hele planeet er zo uitzien. Een tweede Duin? Nee... gelijksoortig maar anders. Hoe veel van dit soort oorden scheppen wij in een oneindig heelal? Zinloze vraag.

Een gril van de woestijn maakte in de verte een zwarte stip zichtbaar. Sheeana tuurde door half toegeknepen oogleden. Ornithopter. Hij werd langzaam groter en vervolgens weer kleiner. Doorkruiste systematisch het luchtruim boven het zand. Inspectietocht.

Wat scheppen we hier nu eigenlijk?

Als ze naar de oprukkende duinen keek, bekroop haar een gevoel van aanmatigende overmoed.

Aanschouw het werk mijner handen, kleine mens, en wanhoop. Maar dit hebben wij gedaan, mijn Zusters en ik. O, ja?

'Ik voel een nieuwe droogte in de hitte,' zei Walli.

Sheeana was het met haar eens. Het was niet nodig om dat hardop te zeggen. Ze liep naar de grote werktafel om nu ze nog daglicht genoeg had de topografische kaart te bestuderen die daar uitgespreid lag; er staken kleine vlaggetjes in, groene draadjes aan kopspelden, precies zoals zij het oorspronkelijk had uitgedokterd.

Odrade had eens gevraagd: 'Heb je dit echt liever dan een projectie?'

'Ik moet hem kunnen aanraken.' Odrade aanvaardde dat.

Projecties verloren hun betekenis. Ze stonden te ver van het zand af. Je kon niet met je vinger langs een projectie gaan en zeggen: 'We gaan hierlangs.' Een vinger in een projectie was een vinger in een leeg stuk lucht.

Ogen alleen zijn nooit genoeg. Het lijf moet zijn wereld voelen.

Sheeana werd een scherpe lucht van mannenzweet gewaar, een muffe geur van inspanning. Ze hief haar hoofd op en zag een donkere jongeman in de deuropening staan; hooghartige houding, hooghartige blik.

'Oh,' zei hij. 'Ik dacht dat je alleen zou zijn, Walli. Ik kom straks wel terug.'

Een doordringende blik naar Sheeana en hij was verdwenen.

Kr zijn vele dingen die het lichaam moet voelen om ze te kennen.

'Sheeana, waarom ben je hier?' vroeg Walli.

jij die het zo druk hebt met je raadswerk, wat zoek je hier? Vertrouw je me niet?

'Ik kwam om na te denken over wat de Missionaria me nog steeds wil laten doen. Zij zien een wapen - de mythen van Duin. Miljarden bidden tot mij: "De Gewijde die met de Gespleten God sprak".'

'Miljarden is niet genoeg,' zei Walli.

'Maar het is een maatstaf voor de kracht die mijn Zusters in mij zien. Die aanbidders geloven dat ik met Duin ben omgekomen. Ik ben "een machtige geest in het pantheon van de onderdrukten" geworden.'

'Meer dan een missionaris?'

'Wat zou er kunnen gebeuren, Walli, als ik in dat wachtende heelal opdook met een zandworm aan mijn zij? De ongekende mogelijkheden die zoiets biedt vervullen sommige van mijn Zusters met hoop en twijfels.'

'Twijfels begrijp ik.'

Zeg dat wel. Precies het soort religieuze inprenting dat Muad' Dib en zijn zoon de Dwingeland op een nietsvermoedende mensheid loslieten.

'Waarom overwegen ze het zelfs maar?' vroeg Walli.

'Met mij als draaipunt zouden ze toch een geweldige hefboom hebben om het heelal in beweging te brengen!'

'Maar hoe zouden ze zo'n kracht in bedwang kunnen houden?'

'Dat is het grote probleem. Iets dat van nature zo instabiel is. Religies zijn nooit helemaal beheersbaar. Maar sommige Zusters zijn van mening dat ze een rond mij opgebouwde religie een bepaalde richting zouden kunnen geven.'

'En als ze nu slecht kunnen richten?'

'Men zegt dat de religies rond vrouwen altijd dieper wortelen.' 'Echt?' Twijfel aan een mededeling van een meerdere. Sheeana kon alleen maar knikken. Andere Herinneringen bevestigden het. 'Waarom?'

'Omdat in ons het leven zich vernieuwt.' 'En dat is alles?' Openlijk ongeloof.

'Vrouwen worden vaak gezien als onderdrukten. Mensen bewaren altijd een speciaal plekje in hun hart voor degenen onderaan de maatschappelijke ladder. Ik ben een vrouw en als Achtenswaarde Matres mij dood wensen moet ik wel een heilige zijn.'

'Je praat alsof je het met de Missionaria eens bent.'

'Als je een van de opgejaagden bent, overweeg je elke ontsnappingsroute. Ik word vereerd. Ik kan de mogelijkheden daarvan niet negeren.'

Noch het gevaar. Mijn naam is dus een stralend licht geworden in de duisternis van de onderdrukking door Achtenswaarde Matres. Wat zou dat licht gemakkelijk in een verterend vuur kunnen veranderen!

Nee... het plan dat ze met Duncan had uitgewerkt was beter. Ontsnappen van de Kapittelplaneet. Die was een dodelijke val, niet alleen voor zijn bewoners, maar ook voor de Bene Gesserit dromen.

'Ik begrijp nog steeds niet waarom je hier bent. Misschien wordt er wel geen jacht meer op ons gemaakt.' 'Misschien?'

'Maar waarom juist nu?'

Ik kan het niet openlijk zeggen omdat de waakhonden het dan zoude?! weten.

'Ik ben nu eenmaal ontzettend geboeid door wormen. Dat komt deels omdat een van mijn voorouders de oorspronkelijke volksverhuizing naar Duin leidde.'

Je moet je dit herinneren, Walli. We hebben er een keer over gesproken, ginds op het zand, waar niemand anders dan wij tweeen het kon horen. En nu weet je meteen ook waarom ik hier ben.

'Ik herinner me dat je me eens hebt verteld dat zij een echte Vrijman was.'

'En een Zen-sunni Meester.'

Ik zal mijn eigen volksverhuizing leiden, Walli. Maar ik heb wormen nodig die alleen jij me kunt verschaffen. En het moet vlug gebeuren. De rapporten van Junction dwingen tot haast. En de eerste schepen zullen spoedig terugkeren. Vannacht... morgen. Ik ben bang voor wat ze meebrengen.

'Ben je er nog in geinteresseerd om een paar wormen mee terug te nemen naar het Hoofdkwartier waar je ze van nabij kunt bestuderen?'

O ja, Walli! Je weet het nog.

'Dat zou wel interessant kunnen zijn. Ik heb niet zo veel tijd voor zulke dingen, maar alle kennis die we opdoen is meegenomen.'

'Het zal daar alleen veel te nat voor ze zijn.'

'Het grote ruim van het non-schip op het landingsterrein zou weer in een woestijnlaboratorium veranderd kunnen worden. Zand, klimaatregeling. Alle noodzakelijke voorzieningen zijn al aanwezig van de keer dat we de eerste worm hierheen brachten.'

Sheeana keek naar het raam op het westen. 'Zonsondergang. Ik zou graag weer naar beneden gaan om over het zand te lopen.'

Zullen de eerste schepen vannacht terugkeren?

'Uiteraard, Eerwaarde Moeder.' Walli deed een stap opzij om de weg naar de deur vrij te maken.

Terwijl ze de deur uitliep zei Sheeana: 'De Woestijnuitkijkpost zal binnenkort verplaatst moeten worden.'

'We zijn erop voorbereid.'

De zon verdween net achter de horizon toen Sheeana uit de overdekte straat aan de rand van de gemeenschap naar buiten kwam. Ze beende de door sterren verlichte woestijn in, op verkenning met haar zintuigen zoals ze als kind had gedaan. Aha, daar was de sterke kaneelgeur. Wormen in de buurt.

Ze bleef staan, draaide zich naar het noordoosten met haar rug naar het laatste zonlicht, en plaatste haar handen plat boven en onder haar ogen op de oude Vrijmanse manier, om uitzicht en licht te beperken. Ze staarde in de verte door een horizontaal kader. Alles wat uit de hemel viel moest deze smalle spleet passeren.

Vanavond? Ze zullen vlak na het vallen van de duisternis komen om het moment van uitleg uit te stellen. Hebben ?e nog de hele nacht om na te denken.

Ze wachtte met Bene Gesserit geduld.

Een boog van vuur trok een dunne streep boven de noordelijke horizon. Nog een. En nog een. Ze hadden precies de goede positie voor het landingsterrein.

Sheeana voelde haar hart sneller kloppen.

Ze zijn gekomen!

En wat zou hun boodschap voor de Zusterorde zijn? Kwamen Ze terug als zegevierende krijgers of als vluchtelingen? Er kon maar weinig verschil tussen zijn, gegeven de ontwikkeling van Odrades plan.

Ze zou het morgenochtend weten.

Sheeana liet haar handen zakken en merkte dat ze beefde. Diep ademhalen. De Litanie.

Even later wandelde ze door de woestijn met de van Duin herinnerde zandloop. Ze was bijna vergeten hoe de voeten sleepten. Alsof ze een extra gewicht meevoerden. Zelden gebruikte spieren werden aangesproken, maar als je de onregelmatige gang eenmaal geleerd had vergat je hem nooit meer.

Eens had ik nooit gedroomd dat ik ooit weer op deze manier zou lopen.

Als waakhonden die gedachte zouden bespeuren zouden ze wel eens verbaasd kunnen staan over hun Sheeana.

De fout lag bij haarzelf, bedacht ze. Ze was aan het ritme van de Kapittelplaneet gewend geraakt. Deze wereld praatte tegen haar op een ondergronds niveau. Ze voelde aarde, bomen en bloemen, elk groeiend ding, alsof ze allemaal een deel van haar zelf vormden. En nu was hier deze verstorende beweging, iets in de taal van een andere planeet. Ze voelde de woestijn veranderen en dat was ook een vreemde taal. Woestijn. Niet levenloos maar levend op een manier die diepgaand verschilde van de eens zo groene Kapittelplaneet.

Minder leven maar veel heviger.

Ze hoorde de woestijn: kleine schuifelbeweginkjes, snerpend getsjirp van insecten, een donker ruisen van jagende vleugels boven haar hoofd, en een watervlug plop-plop-plop op het zand -buidelmuizen, hierheen gehaald in afwachting van de dag dat de wormen de heerschappij weer zouden overnemen.

Walli zal eraan denken om flora en fauna van Duin mee te sturen.

Boven op een hoog sikkelduin bleef ze staan. Voor haar, met door duisternis vervaagde randen, lag een midden in zijn beweging stilgezette oceaan, een schaduwbranding die stuksloeg op een schaduwkust van dit veranderende land. Het was een onbegrensde woestijnzee. Zijn oorsprong lag ver hier vandaan en hij zou nog in vreemder oorden dan dit komen.

Als ik het kan zal ik )e daarheen brengen.

Een nachtbries, die van droog land naar vochtiger streken achter haar woei, liet een dun laagje stof achter op haar wangen en neus en tilde in het voorbijgaan de punten van haar haar op. Ze voelde zich treurig.

Wat had kunnen zijn.

Dat was niet langer belangrijk.

De dingen die er zijn - die zijn belangrijk.

Ze zoog een diepe teug lucht naar binnen. De kaneelgeur werd sterker. Melange. Specie en wormen in de buurt. Wormen die wisten dat zij aanwezig was. Hoe lang zou het duren voor de lucht droog genoeg was om de zandwormen groot te laten worden en hun specie te oogsten zoals ze op Duin gedaan hadden?

De planeet en de woestijn.

Ze zag ze als twee helften van de zelfde sage. Net als de Bene Gesserit en de mensheid die zij dienden. Bij elkaar horende helften. Zonder de een was de ander minder waard, een leegte met een verloren gegaan doel. Misschien weliswaar dood niet beter af, maar wel stuurloos rondzwalkend. Daarin lag het gevaar van een overwinning van Achtenswaarde Matres. Hun drijfveer was blind geweld!

Blind in een vijandig heelal.

En dat was ook de reden dat de Dwingeland het Zuster genootschap in stand gehouden had.

Hij wist dat hij ons alleen maar de weg gaf zonder richting. Een snipperjacht, met niets aan het eind.

Maar met een dichterlijke natuur.

Ze herinnerde zich zijn 'Gedachtenisgedicht' uit Dar-es-Balat, een stukje drijfhout dat de Zusterorde had bewaard.

En om wat voor reden bewaren we het? Om mij nu in staat te stellen mijn gedachten ermee te vullen. Zodat ik even kan vergeten wat me morgen te wachten kan staan?

Des dichters schone nacht,

Vul hem met onschuldige sterren.

Orion staat slechts een pas ver.

Zijn gloed ziet alles, en

Merkt onze genen voorgoed.

Verwelkom het duister en staar

Verblind in avondrood.

Daar is de dorre eeuwigheid!

Ineens kreeg Sheeana het gevoel dat haar een kans werd geboden om kunstenaar bij uitstek te worden, tot overvloeiens toe gevuld, en met een leeg vlak voor zich waarop ze kon scheppen wat ze maar wilde.

Een onbeperkt heelal!

Odrades woorden van een van de eerste keren dat ze als kind met Bene Gesserit doelgerichtheid in aanraking kwam, schoten haar te binnen. 'Waarom we ons over jou ontfermd hebben, Sheeana? Dat is eigenlijk heel eenvoudig. Wij herkenden in jou iets waarop wij al heel lang wachtten. Jij arriveerde en wij zagen het gebeuren.'

'Het?' Wat was ik naief!

Tets nieuws verscheen aan de horizon.'

Mijn volksverhuizing zal het nieuwe zoeken. Maar... ik moet een planeet vinden met manen.