·54·
Terwijl Michelle en Sean samen koffie zaten te drinken in de eetzaal van het landhuis vertelde ze hem over haar gesprek met Ian Whitfield. Er verscheen een ongeruste uitdrukking op zijn gezicht. ‘Whitfield lijkt me er niet de man naar om loze dreigementen te uiten.’
‘Dat denk ik ook niet. Terwijl we aan het praten waren, voelde ik mijn huid over mijn hele lijf prikken.’
‘Hierdoor heb ik nog minder zin om over dat hek te klimmen, vooral als die vent ons aan de andere kant staat op te wachten.’
‘We moeten een paar andere invalshoeken zien te vinden,’ zei ze, en de opluchting stond duidelijk op haar gezicht te lezen. ‘Ik weet alleen niet precies welke dan.’
‘Laten we eens nagaan wat we nu eigenlijk wél weten. Monk is naar Duitsland gegaan en nu is hij dood. Len Rivest wilde met mij praten over Babbage Town en nu is hij dood. Hij dacht dat hier spionnen rondliepen. Champ heeft geen alibi voor de dood van Len Rivest, maar we hebben geen enkel bewijs dat hij daar iets mee te maken heeft. Ian Whitfield heeft eerst mij en nu jou gewaarschuwd dat we ons niet met zijn zaken moesten bemoeien en het contact met zijn vrouw heeft niets opgeleverd. Alicia Chadwick had iets met Rivest, is ooit een kind kwijtgeraakt en is nu Viggies voogd. Het mortuarium is opgeblazen. Een ongeluk of niet? En zo niet, waarom is het dan opgeblazen? Om het bewijsmateriaal te vernietigen misschien, maar welk bewijsmateriaal dan? Iets waaruit bleek dat Rivest is vermoord?’
‘Wacht eens even,’ zei Michelle. ‘Jij vermoedde dat Rivest was vermoord omdat er geen handdoeken meer waren en ook de badmat en de gootsteenontstopper ontbraken.’
‘Inderdaad. Dat heb ik tegen Hayes gezegd en hij heeft de patholoog-anatoom erbij geroepen om te controleren of er sporen van een gootsteenontstopper of een handdoek op het lijk waren aangetroffen.’
‘En?’
‘We hebben er niets meer over gehoord omdat de patholoog-anatoom samen met zijn laboratorium is opgeblazen.’
‘Dus misschien is het mortuarium wel opgeblazen omdat iemand wist dat jij vermoedde dat het moord was,’ zei Michelle. ‘Maar hoe kunnen ze daar dan achter zijn gekomen?’
‘Nou, misschien heeft Hayes dat per ongeluk tegen iemand gezegd.’
‘Of het iemand met opzet verteld.’
‘Waarom zou hij dat doen?’ zei Sean.
‘Ik speel gewoon advocaat van de duivel. Wat weet je nou eigenlijk van hem?’
‘Hayes ís een plattelandssheriff. Hij kan zich daar echt niet voor uitgeven als hij dat niet is.’
‘Maar we weten niet waar zijn loyaliteit werkelijk ligt.’
‘Begin je nou paranoïde te worden?’
‘Met Babbage Town en Camp Peary aan de overkant van de rivier lijkt het me dat je hartstikke gek zou zijn als je hier niet paranoïde word.’
Sean keek haar ernstig aan. ‘Je hebt gelijk. We kunnen hier werkelijk niets of niemand vertrouwen.’
‘Behalve elkaar,’ zei Michelle.
‘Dat is een vaststaand feit,’ zei Sean, maar de toon waarop hij dat zei, klonk heel wat minder overtuigend dan de inhoud van zijn woorden.
‘En we zitten met een fbi -agent die vastbesloten lijkt om ons onderzoek te torpederen en niemand van de mensen hier wil ons meer over zijn werk vertellen dan dat het de hele wereld met piepende remmen tot stilstand zal laten komen.’
‘En misschien heeft Viggie ons wel een code voorgespeeld op haar piano en moeten we erachter zien te komen wat die betekent,’ voegde Michelle daaraan toe.
‘En elke zaterdag landt er om twee uur ’s nachts een vliegtuig in Camp Peary.’
‘Dat is het wel zo’n beetje. Wat nu?’
‘We kunnen alleen maar met kleine stapjes verdergaan. Afwachten of Alicia iets weet te vinden. En natrekken wat Monk in Duitsland heeft gedaan. Ik zie op dit moment geen alternatief.’
‘En misschien moeten we vroeg of laat tóch over dat hek klimmen,’ zei Michelle. ‘Als we dan ten onder gaan, gaan we in elk geval samen.’
Sean zei niets. Nadat Michelle was weggegaan, haalde hij een velletje papier met een telefoonnummer erop tevoorschijn en toetste het nummer in.
‘Valerie, met Sean Carter. Zullen we wat afspreken?’
Toen Michelle een uur later terugliep naar het huis van Alicia, zag ze recht voor zich iets waardoor ze eerst haar pas versnelde en toen zo hard begon te sprinten als ze maar kon.
‘Wat spook jij daar uit, verdomme!’ riep ze.
Viggie hield op en keek haar verbaasd aan. De brede glimlach op haar gezicht smolt weg en ze liet de vuilniszak die ze in haar hand had gehouden op de grond vallen.
Michelle keek in haar auto. Die was blinkend schoon. ‘Hoe durf je zomaar aan mijn spullen te komen? Dit is mijn auto. Wie heeft gezegd dat je zomaar mijn auto open mocht maken en aan mijn spullen mocht zitten? Wie heeft je dat gezegd?’
Viggie deed geschrokken een stap naar achteren. ‘Ik... eh. Hij was smerig. Ik dacht dat je wel blij zou zijn.’
Michelle pakte de vuilniszak op, griste er het ene na het andere voorwerp uit en smeet het weer terug in de auto. ‘Dit is geen vuilnis,’ krijste ze. ‘Die dingen zijn van mij. Blijf met je poten van mijn auto af!’
Viggie draaide zich om en rende snikkend het huis binnen. Michelle leek dat niet op te merken. Ze werd te zeer in beslag genomen door het terugleggen van alle rommel in haar auto.
‘Een beetje uit je humeur?’
Ze draaide zich razendsnel om en zag dat Horatio haar met grote ogen stond aan te kijken. O nee, hè? dacht ze.
‘Gewoon een misverstandje,’ zei ze snel.
‘Nee, volgens mij is het maar al te duidelijk wat je bedoelde.’
‘Laat me met rust, man!’
‘Het was maar een losse opmerking. En wat nu? Laten we Viggie nou gewoon in huis zitten terwijl dat arme kind zit te brullen?’
Michelle keek snel even naar het huis. Viggies gehuil was maar al te duidelijk te horen. Ze zakte met haar rug tegen de auto; de tennisschoen en de bananenschil die ze in haar hand had gehouden, vielen op de grond. Er liep een traan over haar wang. Ze ging op de treeplank van haar suv zitten en tuurde naar het gras.
‘Het spijt me,’ zei ze zachtjes. ‘Maar ze moet van mijn spullen afblijven. Ze heeft niet het recht om met mijn spullen te klooien.’
Horatio kwam naast de auto staan. ‘Nou, in zekere zin heb je natuurlijk het grootste gelijk van de wereld. Mensen moeten van de spullen van anderen afblijven, maar het lijkt me wel duidelijk dat Viggie alleen maar probeerde je te helpen, of in elk geval dacht je daarmee te helpen. Dat begrijp je toch wel?’
Michelle gaf een kort knikje.
‘Heb je nog over de hypnose nagedacht?’
‘Ik heb je al gezegd dat als we levend terug...’
‘Inderdaad,’ viel hij haar in de rede. ‘Maar laten we al dat pathetische gedoe nou maar even overslaan, want ik ben er helemaal niet zeker van of jij nog wel zoveel tijd over hebt.’
Langzaam bracht ze haar hoofd omhoog en staarde hem aan. ‘Wat wil je daar precies mee zeggen?’
‘Precies wat ik zei.’
Ze stond op en smeet de vuilniszak in haar auto. Daarna bukte ze zich, zodat haar gezicht nog maar een paar centimeter van het zijne verwijderd was en fluisterde met een dreiging die letterlijk alle haartjes in zijn nek recht overeind deed staan: ‘Wat schiet ik daar nou nog mee op, verdomme? Ik ben duidelijk al veel te ver heen.’