Wakker schreeuwen
Al eeuwen schreeuwen de Amsterdamse zwervers zich door hun dakloze levens. Ze schooien wat schamele muntjes bij elkaar, drinken braaf hun flessen leeg en slapen in de keurig aangemeerde sloepjes van de hardwerkende grachtenkakkers, die zich daar weer verschrikkelijk over opwinden. Iets waar ik op mijn beurt heel hard om moet lachen. Dat schreeuwen doen ze individueel en op niet van tevoren geplande momenten. Voetbalsupporters gaan met duizenden tegelijk twee keer drie kwartier in een stadion heel rare dingen roepen naar 22 miljonairtjes. Zo’n middagje krijsen en schelden schijnt enorm op te luchten. Dan kan je er weer een weekje tegen.
Zwervers hebben dat soort bijeenkomsten niet. Die moeten het alleen doen en kiezen af en toe rare momenten. De stomdronken Damschreeuwer van afgelopen dinsdag vond de twee minuten stilte een mooie gelegenheid om verward te gaan brabbelen en liet zijn tirade poëtisch uitmonden in een radeloze oerbrul. Daarop liet een meneer zijn koffertje vallen, begon een paniektype „Bom, bom, bom!” te roepen en binnen tien seconden was de chaos compleet. Meer dan zestig gewonden was de schade. Genoeg stof voor weken lang gestotter in de media. De deskundigen vallen in de praatprogramma’s weer over elkaar heen. Was het de schuld van de zwerver? Natuurlijk niet. Dronken krijsen is zijn vak en hij kan toch niet weten dat de massa sinds 11 september 2001 zo opgefokt is dat bij de minste geringste zucht de pleuris uitbreekt. En het komt natuurlijk niet alleen door 11 september. Volkert, Mohammed en Karst hebben ook hun steentjes bijgedragen. En Geert en Rita doen er alles aan om de angst bij het klootjesvolk te vergroten. Het is toch ronduit grappig dat een schreeuw van een zwerver zoveel paniek kan veroorzaken. Dan is er toch iets aan de hand? Een Koninginnedag die een zogenaamd feestje is, terwijl de helft van het met vlaggetjes zwaaiende volk uit beveiligers bestaat, is toch iets om heel hard in de lach te schieten. Dat een hele stad een avond lang geen biertje meer mag nuttigen omdat twee voetbalteams om een of andere Mickey Mousebeker strijden is toch een gegeven om diep over na te denken. Dan is het toch ergens misgegaan?
Zwerver langer vast las ik een aantal keren en ik merkte aan het volk om mij heen dat men daar tevreden over was. Het woord doodstraf is nog niet gevallen, maar dat de man levenslang verdient is voor velen duidelijk. Hij heeft die gewonden op zijn geweten. Terwijl ik denk: laat die man vrij. Die gek deed gewoon zijn werk. Zwervers schreeuwen, krijsen, foeteren en drinken, zoals een voormalig bankier als Scheringa de boel tilde, voorloog en besodemieterde. Die is daar toch ook niet voor vastgezet? Ieder zijn werk. Natuurlijk was het moment onhandig, maar eigenlijk ook wel weer leerzaam. De man raakte in één keer de open zenuw van onze samenleving. Inmiddels heeft de stumper zijn excuses aangeboden. Maar weet hij veel. Hij is niet ziek, wij zijn het. Opgefokte doodsangst beheerst ons leven. Eén kreet en we stuiven uit elkaar. Volgens mij moeten we ook niet boos op hem zijn, maar hem juist bedanken. Voor de zoveelste keer sprak een dronken man de waarheid. Hij schreeuwde ons wakker. Hij maakte met een kreet duidelijk wat er werkelijk aan de hand is. Een massa angsthazen stond te bibberen op de Dam en bij het eerste het beste geluidje donderden ze over elkaar heen. Dat is er gaande. De doodsangst regeert. Misschien kan je beter zeggen: de doodsangst dicteert! Iedereen is voortdurend op zijn of haar hoede.
En nu? Ik vrees dat het OM wel iets vindt om de man lang vast te zetten en hij zal ongetwijfeld veroordeeld worden. Een jaar? Twee jaar? Misschien ook wel lekker voor hem. Twee winters een dak boven zijn hoofd. Maar de vraag blijft of hij schuldig is. Hoe ziek is de man? Of liever: hoe ziek zijn wij? Ik denk zelf dat we doodziek zijn. Zenuwziek. Ongeneeslijk? Ja!