Daelheym saga 3 - Festival in Luzern
In Leni Saris' Festival in Luzern loopt Gabrielle weg uit een Zwitsers pensionaat. Ze vindt het geluk bij André, totdat een leugen uit het verleden tussen hen in komt te staan.
Op vijftienjarige leeftijd steekt Teri Maclver met voorbedachten rade haar ouderlijk huis in brand. Hierbij komen haar moeder en stiefvader om het leven. Teri wil niets liever dan bij haar vader wonen, die ontzettend rijk is. Ze is namelijk dol op luxe, iets wat haar moeder Teri niet kon geven. Er is echter één maar aan verbonden: ze moet de aandacht van haar vader delen met halfzusje Melissa. Melissa is een verlegen en stil meisje, dat voortdurend door haar vrienden en vriendinnen wordt gepest. Wat Teri echter niet weet, is dat Melissa een vreselijk geheim met zich meedraagt. Een geheim dat zo afschuwelijk is dat ze iedere nacht aan haar bed vastgebonden moet worden opdat ze niet gaat slaapwandelen. Maar Teri blijft haar halfzusje pesten; en de wraak van Melissa is huiveringwekkend, bloedstollend en niets of niemand ontziend...
Consumenten nemen hun beslissingen vooral onbewust. Althans, dit zeggen enkele toonaangevende wetenschappers. Als deze stelling waar is kan dit verregaande implicaties hebben voor traditioneel marktonderzoek en hun opdrachtgevers, die primair naar bewuste attitudes kijken. Is het onbewuste echt almachtig en bewustzijn slechts een slaaf van het onbewuste? En hoe wetenschappelijk is fMRI-onderzoek eigenlijk? Om deze vragen te beantwoorden heeft MARE Research een expert- en literatuuronderzoek uitgevoerd. 'De (on)zin van het (on)bewuste' is het resultaat van dit onderzoek. De bevindingen in deze publicatie zijn even verrassend als verhelderend. Onmisbaar voor iedereen die zich in de praktijk bezighoudt met consumentengedrag. Waldo Swijnenburg is psycholoog en socioloog en Managing Partner van MARE Research. Dr. Liesbeth Gerritsen is psycholoog en werkzaam bij MARE Research als Research Director. Jesse Derkx is afgestudeerd in Reclame, Marketing en Communicatie en werkt momenteel als freelance schrijver.
(source: Bol.com)
Beschrijving In dit revolutionaire boek, resultaat van een dertigjarige studie, heeft de schrijver oeroude teksten, kosmologiën en pas ontdekte kaarten van ruimtevluchten naar de Aarde bijeen gebracht… om tot de schokkende conclusie te komen dat wij afstammelingen zijn van de Nefilim, een superieur ras op Mardoek, de twaalfde planeet. Recensie(s) NBD|Biblion recensie Dit boek werd bij verschijning in 1976 (in Amerika) een briljante combinatie genoemd van geschiedkundige, archeologische, astronomische, mythologische en bijbelse informatie. De auteur toont overtuigend aan dat het begin van de Soemerische beschaving, 3800 v.Chr., met een plotselinge onwaarschijnlijk hoge cultuur in bouwen, aardewerk en muziek maken, metaal verwerken, geneeskunde, kookkunst, rechtspraak, textielindustrie en zeevaart moet zijn gestimuleerd door astronauten die in het olierijke Mesopotamie een brandstof-station hadden gevestigd. Op duizenden kleitabletten werd een compleet planetarium met aanvliegroutes en planeetbewegingen vastgelegd. Deze kennis was voor de lokale mens van generlei waarde, maar ze biedt hedendaagse astronomen een volstrekt aannemelijke verklaring voor het ontstaan van ons zonnestelsel, inclusief het bestaan van een grote, bewoonde planeet die met een verre omloop van 3600 jaar de aarde aandoet. De 'goden' lijken in families verwant maar soms ook bitter verdeeld. Hun onderlinge conflicten worden in talloze heilige mythen (Vedisch, Egyptisch, Babylonisch, Grieks) vergelijkbaar beschreven. Met zeer veel zwartwitillustraties wordt Sitchins hypothese uiterst aannemelijk gemaakt. Met bronnenlijst en index. (Biblion recensie, Redactie)
Beschrijving Abeltje gaat samen met meneer Tump, juffrouw Klaterhoen en Laura naar de kermis in Middelum. Maar daar loopt het helemaal mis, want tijdens een goocheltruc van professor Pinsky verdwijnt Laura. Niemand weet waar ze is gebleven. Abeltje maag de woonwagen en het paard van de professor lenen. Samen met meneer Tump en juffrouw Klaterhoen gaat hij op zoek naar Laura en op weg naar........nieuwe avonturen! Recensie(s) NBD|Biblion recensie Laura, Abeltjes vriendinnetje, verdwijnt spoorloos tijdens een goocheltruc op de kermis. Abeltje, juffrouw Klaterhoen en mijnheer Tump lenen een woonwagen en trekken rond op zoek naar Laura. Zo beleven ze allerlei nieuwe avonturen. Het verhaal dateert oorspronkelijk uit 1955 en kwam tot en met de tiende druk uit met illustraties van Wim Bijmoer. Deze zijn bij de elfde druk vervangen door tekeningen van The Tjong-Khing. Het formaat is royaal, wat de tekst prettig leesbaar maakt en ook de humoristische zwart-witillustraties in hun volle glorie herstelt. De originele wendingen in het verhaal houden de aandacht gespannen, evenals het gevarieerde taalgebruik - zonder moeilijke woorden - waardoor personen en omstandigheden goed getekend worden. Ook verschenen samen met 'Abeltje'*, dat in 1998 succesvol werd verfilmd. Een fijn leesboek voor kinderen van ca. 10 jaar, als voorleesboek ook voor jongere kinderen geschikt. (NBD|Biblion recensie, Redactie)
Ongewild racet Pieter Van Dyck tegen de klok om het plan de wereldbevolking te decimeren via gecontroleerde oorlogsvoering, te verijdelen. Hij wordt een pion in een dodelijk plot uitgedacht door een groep consultants die een nieuw Utopia willen uitbouwen. Maar die opzet valt in duigen wanneer een reeks onverklaarbare ongelukken plaats vinden in wat de ideale samenleving zou moeten zijn.
Marak Viervinger, de held van Stones Duivel-trilogie, is niet meer.
Maar de informatie in zijn Nagelaten Vertellingen biedt de meedogenloze Godkeizer van het naargeestige Kadish een unieke kans. Met de kennis uit de geschriften van Marak is het namelijk mogelijk de almachtig makende Achtste Rune te ontsluiten, en dan zal hij onoverwinnelijk zijn. Een jonge Runenpriester en een zwaardmeester krijgen opdracht het boek in Carolia te stelen, een vrijwel onmogelijke taak.
Tegelijkertijd wordt Serina, een jonge Caroliaanse priesteres van Viguru, door Runenpriesters gevangengenomen. Haar wacht een periode van kwelling en ellende in het verschrikkelijke Zusterschaphuis, waar ze op vernederende wijze kennismaakt met de Godkeizer, de tiran wiens macht verder reikt dan men ooit heeft kunnen vermoeden....
Een meeslepend spannend avontuur waarin Adrian Stone zijn visie geeft op levensbepalende aspecten van alle tijden: macht en machtsmisbruik, discriminatie, mondiale harmonie en hoe die te bereiken. De moraal van dit dubbele verhaal: honger naar absolute macht keert zich onherroepelijk tegen je.
(source: Bol.com)
Beschrijving De jonge Stijn Miller, hoofdpersoon van Smeets' eerdere sportromans, is in 1954 met zijn vader bij een uniek sportevenement: de proloog van de Tour de France in Amsterdam. Later maakt hij als sportjournalist ook de prologen in Scheveningen (1973), Leiden (1978) en 's-Hertogenbosch (1996) van dichtbij mee. In 2010 gaat de Tour in Rotterdam van start. De oude Miller wordt weer opgetrommeld voor allerlei knotsgekke evenementen rond de proloog. Wanneer hij op een podium een groot tv-spektakel staat te presenteren, slaan plots de stoppen bij hem door. Wat een idioterie om hem heen! Halsoverkop vlucht hij weg uit de Tour, weg uit de schijnwerpers en het leven dat hem al die jaren als gegoten heeft gezeten. De volgende dag kijkt hij eenzaam maar gelukkig naar een softbalwedstrijd van zijn dochter. Omstanders hoort hij opgewonden vertellen over de prachtige proloog. He does not give a shit. Na afloop gaat hij naar huis. Dan gaat de telefoon... Recensie(s) NBD|Biblion recensie Stijn Miller, Smeets' alter ego, al bekend uit diens eerdere sportromans*, denkt terug aan de rol die sport, het wielrennen en vooral de Tour de France-prologen in Nederland in zijn leven hebben gespeeld. In 1954 was hij als klein jongetje samen met zijn vader bij de Grand Depart in Amsterdam. Later maakt hij als sportjournalist ook de prologen in Scheveningen (1973), Leiden (1978) en 's-Hertogenbosch (1996) van dichtbij mee. In 2010 start de Tour weer in Nederland, dit keer in Rotterdam, en de oude Miller wordt gevraagd om mee te doen aan allerlei evenementen rond die start. Maar dan wordt hij opgeschrikt door een telefoontje waarin een onbekende hem en zijn 'vriendje' Lance Armstrong dreigt met moeilijkheden. Vervolgens verschijnen er valse aantijgingen op de website GeenStijl. Problemen genoeg dus, maar gelukkig krijgt Miller een aantrekkelijke P. A. (personal assistent) toegewezen. Vlot en met humor geschreven sportverhaal van een bekende sportjournalist met veel herinneringen aan Nederlandse Tour-prologen en autobiografische elementen erin verwerkt. Die mix van feiten en fictie is hier en daar wat ongemakkelijk, de toon soms wat zelfgenoegzaam, maar wielerliefhebbers zullen er zeker van genieten. Paperback, normale druk. (NBD|Biblion recensie, Redactie)
De legende: Nicolas Flamel werd geboren in Parijs op 28 september 1330. Bijna 700 jaar later wordt hij gezien als de grootste alchemist van zijn tijd. Er wordt gezegd dat hij het geheim van het eeuwige leven heeft ontdekt. Volgens de archieven stierf hij in 1418. Maar zijn graf is leeg... De waarheid: Nicolas Flamel is dankzij het Elixir van het Eeuwige Leven nog steeds in leven. De formule hiervan zit verborgen in het boek van Abraham de Magus. Dit boek is het machtigste boek met oude magie dat er bestaat. Dr. John Dee, de hofmagiër van Koningin Elizabeth meer dan 400 jaar geleden, heeft zich verbonden met de Onsterfelijken, de krachten van het kwaad, die van plan zijn de mensheid te vernietigen zodra ze het boek in handen krijgen. En als de millenniaoude voorspelling juist is zijn Sophie en Josh Newman de enigen die hem kunnen tegenhouden - als Flamel er tenminste op tijd in slaagt hun bijzondere krachten te doen ontwaken...
## Recensie(s)
De tweeling Josh en Sophie (15) raakt verzeild in een magische strijd tussen goed en kwaad als ze getuige zijn van een krachtmeting tussen de onsterfelijke alchemist Nicolas Flamel en zijn aartsvijand John Dee. Ze ontsnappen met een deel van de oeroude Codex: een boek dat de wereld kan vernietigen. De Ierse auteur, gespecialiseerd in mythologie en folklore, heeft voor zijn verhaal een beroep gedaan op de complete wereldmythologie. Hij geeft hier zijn eigen draai aan. Zo is het mogelijk dat de Griekse godin Hekate de Noorse Wereldboom bewoont en de - in dit boek inslechte - Dee (volgens de geschiedenis hoftovenaar van Elisabeth I) het zwaard Excalibur hanteert. Het verhaal heeft geen gebrek aan actie. De hoofdpersonen hollen van het ene magische gevecht naar het andere. Daardoor blijft er weinig tijd over voor het scheppen van sfeer of het overtuigend uitdiepen van de personages. Het resultaat is een spannende, maar ook wat kleurloze roman voor verstokte fans van het genre. Achterin vertelt de auteur het verhaal achter de roman. In goede fantasytraditie is dit boek het begin van een serie, 'De geheimen van de onsterfelijke Nicolas Flamel'. Vanaf ca. 15 jaar.
Andrea Oostdijk
(source: Bol.com)
Artur Aiguader, handelaar in antiquiteiten en oude manuscripten, wordt vermoord. Hij laat zijn aangenomen zoon Enrique Alonso een in het Latijn geschreven manuscript na. Enrique slaat aan het vertalen omdat hij vermoedt dat dit manuscript iets met de moord op Artur te maken heeft. Het blijkt in de vijftiende eeuw te zijn geschreven door een bouwmeester van de Kathedraal van Barcelona, en bevat cryptische aanwijzingen over de plaats waar een magisch voorwerp uit de Joodse geschiedenis verborgen is. Enrique gaat op zoek, maar hij is niet de enige met belangstelling voor het mysterieuze object.
Met De antiquair heeft Julián Sánchez een fascinerende literaire thriller vol mystiek en avontuur geschreven.
NBD|Biblion recensie
In de antiquarische wereld van Barcelona ontdekt de antiquair Artur Aiguader een bijzonder manuscript. In een laatste brief aan zijn adoptiefzoon Enrique, een bekend schrijver woonachtig in San Sebastian, maakt hij melding van dit manuscript. Kort daarop is Artur vermoord. Enrique is vastbesloten de moordenaar te vinden en tevens het mysterie van het manuscript te ontrafelen. Al snel raakt Enrique daardoor verwikkeld in een hachelijk avontuur. Het voorwerp waarnaar in het manuscript cryptisch verwezen wordt, blijkt namelijk een eeuwen geleden verstopte z.g. 'Steen van God' te zijn, waarop een vloek rust: ieder die zich ermee bezighoudt en verlangt naar de magische steen, moet het met de dood bekopen. Debuutroman van een Spaanse schrijver, opgegroeid in Barcelona en woonachtig in San Sebastian. Een goed opgebouwd, vlot leesbaar en meeslepend verhaal met een beeldende couleur local, levendige dialogen en soms verrassende wendingen. Het aantal belangrijke personages is beperkt, hun karakters komen goed uit de verf. Paperback met vrij kleine druk.
(NBD|Biblion recensie, Ria Scholten-Boswerger)
(source: Bol.com)
De apotheker van Auschwitz is een van de meest authentieke, precieze en schokkende boeken die er ooit over de Holocaust zijn geschreven. Het is een zeer realistisch portret van het concentratiekamp Auschwitz, vooral van de doodsfabriek Birkenau, waar een Roemeense apotheker, dr. Victor Capesius, assistent van Mengele, een belangrijke rol speelde bij de selectie en vergassing.
Hoewel hij naar eigen zeggen persoonlijk niets tegen joden had, stuurde hij velen van hen, onder wie een groot aantal bekenden uit zijn geboortestreek, koelbloedig de gaskamer in en verrijkte zich met hun bezittingen. Na de oorlog ontsnapte hij aan een doodsvonnis en hervatte hij zijn civiele bestaan. Dieter Schlesak, afkomstig uit dezelfde stad als Capesius, deed tientallen jaren research en sprak vele getuigen.
In deze documentaireroman, die tot in detail is gebaseerd op historische bronnen, reconstrueert hij de carrière van de apotheker voor, in en na Auschwitz-Birkenau. De apotheker van Auschwitz is vertaald en van een nawoord voorzien door Jacq Vogelaar, auteur van Over kampliteratuur (2006).
In deze documentaire roman lezen we gedetailleerd-realistisch over de gruwelijke machinerie van het concentratiekamp Auschwitz-Birkenau. De nadruk ligt op de reconstructie van de opportunistische carriere voor, in en na het doodskamp van apotheker Dr. Victor Capesius, een stadgenoot van de Roemeens-Duitse auteur/dichter/essayist (1934). Als assistent van Dr. Mengele stuurde hij ondanks vriendschappen of flirtages met joodse stad- en streekgenoten voor de oorlog (hij was zelfs bevriend met de moeder van de auteur) deze als selecteur koelbloedig naar de gaskamers en verrijkte zich met hun bezittingen (gouden vullingen). Door omkoping kon hij later zijn civiel bestaan voortzetten. Het minutieus en als in een mozaiek verweven historisch bronnenmateriaal (processtukken, brieven, interviews, citaten uit kampliteratuur en aantekeningen van daders en slachtoffers) wordt door hem en door een alternatief verteller, de bij het Sonderkommando tewerkgestelde Adam Salmen (het enige fictieve personage, in schuin schrift weergegeven) aangevuld en becommentarieerd. Met een nawoord van vertaler Jacq Vogelaar. De gedetailleerde gruwelijkheid zal sommige lezers het uitlezen bemoeilijken. Kleine druk.
J. Hodenius
(source: Bol.com)
In 1920 verscheen De Artapappa's van JB Schuil. Het is het verhaal van twee kafferjongens, Paul en Bloemhof Artapappa, die door de Transvaalse overheid naar Nederland worden gestuurd om daar een opleiding te volgen. Hun vader is kafferkoning Artapappa II en Bloemhof moet hem later opvolgen.
In Nederland komen de halfbroers in de kost bij de heer en mevrouw Van Bommel. In hun woning in Vliedrecht verblijven al drie Nederlandse jongens, die door hun vrienden Spekkie, Pukkie en De Lijn worden genoemd. De drie zijn erg nieuwsgierig naar hun nieuwe huisgenoten. Paul stelt hen niet teleur. Zijn kromme Nederlands, acrobatische toeren en opgeruimde karakter zorgen voor onvervalste lol. Bloemhof daarentegen is stil en teruggetrokken en wordt door de anderen 'de Stomme' genoemd. Puk weet zijn vertrouwen te winnen en komt meer te weten over Bloemhofs tragische achtergrond. Zij worden vrienden voor het leven, tot in de dood.
In het voorwoord van De Artapappa's schrijft Schuil al dat de kern van zijn verhaal aan de werkelijkheid is ontleend. Hij heeft het gehoord van Puk zelf, die het hem op Borneo zou hebben verteld. In een interview in 1955 heeft Schuil daar nog aan toegevoegd, dat Puk een bevriende controleur was.
## Recensie(s)
Op een dag komen er twee Transvaalse 'kafferjongens' in het kostgezin Van Bommel wonen. De andere kostgangers, Gijs van Laar (Spekkie), Dolf Roelofs (Lijn) en Rob Verhey (Pukkie) kijken hun ogen uit. Het stadje Vliedrecht is er vol van, de donkere vreemdelingen zijn het gesprek van de dag. De jongste, Paul Artapappa, is een allemansvriend, hij gaat lachend door het leven. Bloemhof Artapappa, echter, is stil, ernstig en teruggetrokken. Het waarom hiervan wordt duidelijk wanneer Pukkie en Bloemhof elkaar beter leren kennen en vrienden voor het leven worden. Ruim een jaar na hun komst moeten de jongens op last van hun regering terug naar Transvaal: voor Paul geen probleem, maar Bloemhof overleeft dit niet. Twee Ashantijnse prinsen, zoon en neef van Ashanti-koning Kwaku Dua 11, hebben waarschijnlijk model gestaan voor beide hoofdpersonen. Dit uitgebreide verhaal over de Artapappa's, gebaseerd op de eerste druk van 1920, boeit niet. De vertelwijze is traag en oubollig. Taalgebruik, humor, gebeurtenissen, waarden en normen zijn gedateerd. Pas aan het eind wat diepgang en emotie. Uitgeverij Gianni geeft het Verzameld Werk van J.B. Schuil (1875-1960) uit; achterin een korte toelichting van de uitgever. Kleine druk; voorzien van zwart-witillustraties uit de jaren '50. Vanaf ca. 11 jaar.
Elko Westervaarder
(source: Bol.com)