27

‘Jij nog koffie?’

‘Lekker.’

Chantal stond kwiek op van de bank en liep met een lichte tred naar de keuken. Een bewuste pose. Ze was gebroken en voelde zich minstens honderd jaar oud. Haar spieren deden bij elke beweging pijn en haar hoofd kon er elk moment afvallen of exploderen. Het gevolg van een nacht naar het beeldscherm turen.

Naast de lichamelijke ongemakken was er eveneens ruimte voor een lichtpuntje. Een rotsvast gegeven dat haar van energie voorzag. Het was niet trots waardoor haar motor aan de praat werd gehouden, dat was te veel van het goede. Het neigde meer naar opluchting, in combinatie met een fierheid waarvan ze het bestaan nauwelijks kende. Dit had alles te maken met de beslissing die ze die nacht had genomen. Een weloverwogen besluit waarvan de gevolgen nog moesten blijken. Het eeuwige twijfelaartje in haar had zowaar de knoop doorgehakt. Er was het nodige wikken en wegen aan voorafgegaan, maar oké, ze had het maar mooi gedaan! En dat helemaal in haar eentje.

‘Alsjeblieft.’ Ze zette de kop koffie op de tafel recht voor hem.

Jeroen gaf haar een knipoog. ‘Zonder koffie is er geen fatsoenlijk leven mogelijk.’

‘Drink dan maar gauw op.’

Chantal nam haar vertrouwde plekje weer in. Dit moest een ongedwongen dag worden, dacht ze. Zo’n dag waarop alles kon en niets hoefde. Beetje wandelen, televisiekijken, Chineesje pikken, in bed een roddelblad lezen. Onbewust zakte ze verder onderuit.

Het scherpe gerinkel van de telefoon sneed door haar ziel. Ze voelde hoe Jeroen verstijfde. Toen hij wilde opstaan, gaf ze hem een speelse duw. ‘Laat maar, joh. Kom ik ook eens aan beweging toe.’

Tijdens de derde rinkel pakte ze de hoorn op. ‘Met Chantal van der...’

‘Chantal... er is iets vreselijks gebeurd!’ De ontreddering klonk in elk woord door.

‘Heleen?’

‘Er is iets vreselijks gebeurd, Chantal. Ik... ik kan er niet meer tegen.’

Chantal voelde hoe een onzichtbare voet haar terugtrapte van de hemel naar de hel. Je hebt van het geluk mogen proeven, meisje, nu wordt het weer tijd voor een stevig stuk realisme. Welkom in de werkelijke wereld. Het gesnik aan de andere kant van de lijn maakte daar onmiskenbaar deel van uit.

‘Ik... ik stop ermee. Chantal, hoor je me? Ik stop ermee!’

Het was compleet mis met Heleen Kronenberg. Ze klonk als een geknakte vrouw die op het punt staat een aanval van hysterie te krijgen. Ze had hulp nodig. En snel ook.

‘Waar ben je, Heleen?’ schoot haar als eerste te binnen. Wellicht een idiote vraag, maar alles was beter dan een verbouwereerde stilte waardoor Heleen zich nog meer alleen zou voelen dan ze al was.

‘Ik ben er klaar mee, Chantal. Ik... ik... ik ben er he-le-maal klaar mee.’

De daaropvolgende ingesprektoon gaf aan dat Heleen Kronenberg de daad letterlijk bij het woord voegde. Een masker van bezorgdheid gleed over Chantals gezicht. Ze wierp een blik op het transparante balkje naast de hoorn. Het laatste nummer dat had gebeld was er een uit Almere. Hoewel ze het niet direct herkende, ging ze ervan uit dat dit het telefoonnummer van Heleen was. Hierna liep ze met grote stappen naar de gangdeur. In volle vaart griste ze naar haar handtas die naast de tweezitsbank stond.

‘Wat is er in ’s hemelsnaam aan de hand, Tal?’

‘Er is iets met Heleen Kronenberg aan de hand.’ Zonder op een reactie te wachten stormde ze de gang in en pakte haar jas. ‘Ik bel je zogauw ik iets weet,’ riep ze in alle gauwigheid. Daarna rukte ze de voordeur open en rende naar haar auto.

‘Laat het loos alarm zijn,’ murmelde ze. ‘Laat het alsjeblieft over iets onbenulligs gaan.’ Terwijl ze veel te hard door de straten van Almere-Buiten reed, doemde een veelvoud aan scenario’s op. Krankzinnige beelden schoten aan haar netvlies voorbij. Heleen met opengesneden polsen in een warm bad. Het water was donkerrood. Langs de randen liepen stralen bloed. Pieter zat in een stoel voor de televisie. Zijn lippen geklemd om de loop van een geweer. De achterkant van zijn hoofd was een bloederige massa. Op zijn schoot een afscheidsbrief: Ik heb één zaak te veel verloren. Op de grond in de huiskamer Rogier. Zijn gezichtje paars aangelopen. Rondom hem lag het bezaaid met knikkers. Zijn keel en mond zaten er vol mee.

‘Jezus, Chantal. Hou op met die narigheid!’ Geschrokken van haar eigen uitval nam ze gas terug. Nog twee straten. ‘Ach, leer mij Heleen kennen. Het zal ongetwijfeld over iets lulligs gaan.’ De luchtigheid in haar stem was geforceerd. Dit gold ook voor de film die zich voor haar ogen afspeelde. Heleen liep met grote ogen en een verward kapsel door het huis. Het eten was aangebrand en de hond had zijn behoefte op de nieuwe pers gedaan. Vanuit haar mobiel klonk de geïrriteerde stem van Pieter die herhaaldelijk meldde dat het geld niet op zijn rug groeide. Op de achtergrond klonk harde muziek die Rogier van internet had gedownload. Heleen hield beide handen voor haar oren en schreeuwde: ‘Ik kan er niet meer tegen.’

Met piepende remmen kwam de auto recht voor het huis van de familie Kronenberg tot stilstand. Het loopt allemaal wel los, maakte Chantal zichzelf wijs toen ze uitstapte. Toen schoot haar ineens iets te binnen: er was geen hond in huize Kronenberg. Op een drafje liep ze naar de voordeur.

‘Doe nou eens rustig aan, Heleen. Neem je tijd. Ik heb de hele dag.’ Geruststellende woorden op familiaire toon. Het eerste vereiste om iemand kalm te krijgen. Blijkbaar was deze psychologische aanpak van de koude grond ongeschikt voor warmbloedige mensen zoals Heleen, dacht Chantal. Ondanks haar pogingen om beheerst en ontspannen over te komen, kreeg de hysterie met de seconde meer vat op haar vriendin.

‘Die goorlap... die schoft... ik... ik... bah!’ Haar ademhaling kwam met horten en stoten. ‘Jarenlang heb ik voor die klootzak gezorgd. Zijn eten gemaakt, zijn was gedraaid... vuile... vieze... smeerpijp!’

De blik in de ogen van Heleen was die van een waanzinnige die op het punt staat een gruweldaad te begaan. Haar mascara was doorgelopen. De zwarte strepen en vegen gaven haar het uiterlijk van een zangeres in een gothic band na een zinderend optreden. Terwijl ze sprak, klauwden haar vingers in de lucht. Haar ge-manicuurde nagels glinsterden vervaarlijk. Wiens huid ze hiermee tot aan het bot wilde openhalen, was Chantal inmiddels wel duidelijk.

‘Heleen,’ zei ze vriendelijk maar met een strenge ondertoon, ‘ga nu zitten en begin bij het begin, anders kan ik net zo goed naar huis gaan. Hier is echt geen touw aan vast te knopen, meid.’

Schijnbaar drongen de woorden tot haar vriendin door. Ze maakte een afwerend gebaar waaruit een soort van verontschuldiging sprak. Hierna liep ze naar de dichtstbijzijnde stoel, ging zitten en sloeg beide handen voor haar gezicht. ‘Jezus, Chantal. Het spijt me zo.’ Doordat ze met haar vingertoppen in haar ogen wreef, mengde de uitgelopen mascara zich met rouge. ‘Ik... ik had jou nooit mogen bellen. Wat jij allemaal hebt doorgemaakt... Het spijt me zo, maar ik deed het in een opwelling. Ik... ik heb niemand anders...’

Een golf van medelijden overspoelde Chantal. Nu pas zag ze hoe kwetsbaar Heleen eigenlijk was. Recht voor haar zat een hoopje ellende. Een vrouw zonder vrienden of sociale contacten. Vrijwel alleen op de wereld. Een gouden kooi diende als luxe omhulsel om de boze wereld buiten te sluiten.

Ze liep naar Heleen toe en omhelsde haar. De band die er tussen hen nooit was geweest voelde ineens aan als iets vanzelfsprekends. Een kleinood dat enkel opgepoetst diende te worden om daarna weer als vanouds te stralen.

‘Dankjewel,’ fluisterde Heleen. ‘Jij bent mijn enige vriendin.’

Chantal sloot even haar ogen en knikte. Ze schoof een stoel bij en ging tegenover Heleen zitten. Hoewel het moeilijk was om haar vriendin niet met vragen te bestoken, hield ze haar lippen stijf op elkaar. Heleen moest beginnen, wist ze. En zo te zien kon dit elk moment gebeuren, aangezien ze redelijk gekalmeerd was.

Heleen wapperde met haar handen om haar verhitte gezicht enigszins te verkoelen. Het schokkende was uit haar ademhaling verdwenen. Het was nog slechts een kwestie van seconden voordat haar longen weer op het regelmatige ritme over zouden schakelen.

‘De laatste weken zat ik in een soort van dip,’ begon ze zonder enig teken vooraf. ‘Ik voelde me zo nutteloos. Ineens miste ik in mijn leven inhoud. Moeilijk uit te leggen wat ik precies bedoel, maar ik zat gewoon niet lekker in mijn vel. Voelde me een nietsnut. Iemand die opstaat en naar bed gaat. Wat daartussenin gebeurde mocht geen naam hebben. Vaak was ik het de volgende dag dan ook weer vergeten.’

Chantal bleef rustig zitten. Dat de woorden van Heleen op het gênante af waren deed haar niets. Voor haar zat een vrouw die haar hulp had ingeroepen. Iemand die haar hart wilde luchten, haar verdriet aan iemand wilde vertellen. Een vrouw die er min of meer alleen voor stond en zeker geen zus genaamd Denise had...

‘Opeens kreeg ik een idee. Zoals je weet is Rogier helemaal gek van internet. Ook Pieter...’ Ze hapte direct naar adem. ‘Die smerige rat...’

‘Heleen!’

De kreet temperde meteen de plotselinge woedeaanval. Heleen wreef zich over haar gezicht en mompelde: ‘Sorry.’

‘Ga door en maak je niet zo druk, oké?’

Heleen knikte kort, maar leek heel ver weg te zijn. Verwoed beet ze enkele seconden op haar duimnagel. Haar kaken haalden hierbij het tempo van een knaagdier dat vol overgave aan een noot knabbelt. ‘Goed,’ zei ze bedachtzaam. ‘Ik kwam dus op het lumineuze idee om mezelf de grondbeginselen van de computer eigen te maken. Hiermee kon ik dan een aantal vliegen in één klap slaan. Ik zou Rogier begrijpen als hij weer over site zus en site zo begon. Gedeeltes van zijn huiswerk die hij op de computer maakt, bleven niet langer ontoegankelijk voor me. Plus het niet onbelangrijke feit dat ik door hem niet langer als het sufferdje van de buurt werd gezien als internet ter sprake kwam.’

De duimnagel ging weer in de richting van haar mond. Opeens bedacht Heleen zich en legde beide handen in haar schoot. Blijkbaar wilde ze verder met haar verhaal. ‘Ook naar Pieter toe leek het me een leuke geste. Veel van zijn werk handelt hij via de computer af. Contracten, afspraken... communicatie.’

Chantal zag in haar blik dat er iets knapte. Haar ogen draaiden weg en ze haalde luidruchtig adem door haar neus. ‘Hij heeft me bedrogen, Chantal! Die smeerlap heeft me bedrogen met zijn secretaresse. Ik heb hun vunzige praatjes op internet gelezen.’ Het hoge woord was eruit. Heleen trilde nu over haar hele lichaam. Dikke tranen stroomden langs haar wangen. Ze deed geen enkele moeite ze tegen te houden. Haar wereld was toch opgehouden met bestaan. Wat maakte een doorweekt lichtroze Versace-shirtje meer of minder dan nog uit. ‘Kun je het je voorstellen?’ zei ze snikkend. ‘Hij doet het met een kantoorsloerie. Pieter de geniale strafpleiter is een achterbakse hufter die op kantoorsletjes valt.’

Heleen was volkomen over de rooie. Chantal boog zich wederom voorover om haar te troosten. Hoewel ze Jeroen niet te lang alleen wilde laten, kon ze het niet maken om haar vriendin nu aan haar lot over te laten. Een lastig dilemma, waarvoor ze een oplossing moest zien te vinden.

Toen zei Heleen agressief: ‘Ik pluk die rotzak helemaal kaal.’ Er was weinig hoop op een spoedige wapenstilstand. Dit kon nog wel even duren, dacht Chantal mismoedig.

‘Goh, wat een verhaal,’ zei Jeroen. Hij strekte zijn benen en trok het dekbed een stukje omhoog tot vlak boven zijn borst. ‘Het gebeurt altijd bij degene van wie je het nooit verwacht,’ voegde hij er met een licht cynische ondertoon aan toe.

‘Ik wist niet dat jij Pieter kende?’

‘Dat hoeft ook niet. Advocaat, knappe vrouw, een kind, mooi huis en een gouden toekomst. Daarvoor hoef ik hem dus echt niet te kennen, Tal.’

‘Ik vind dat je nu wel erg kort door de bocht gaat.’

Jeroen glimlachte dunnetjes. ‘Ik zal eerlijk tegen je zijn. Natuurlijk vind ik het een rotstreek van die Pieter en hartstikke zielig voor Heleen. Aan de andere kant is het ook weleens prettig om te horen dat het gras bij de buren niet altijd groener is.’

Chantal zuchtte diep. ‘Jezus, jij bent echt erg,’ zei ze quasi geschokt.

‘Soms is er niets mooier dan leedvermaak, Tal. Normaal gesproken is dat niet mijn stijl, maar op dit moment ben ik ver van mijn normale vorm verwijderd, begrijp je?’

De betekenis hiervan drong enkele seconden later pas echt tot haar door. In stilte was ze blij dat ze haar antwoord rustig had geformuleerd, in plaats van impulsief te reageren.

‘En zo letterlijk bedoelde ik het niet, joh,’ krabbelde Jeroen terug. Hij had de bedenkelijke uitdrukking op haar gezicht goed op waarde geschat. ‘Ik wilde alleen maar zeggen dat het soms als een steuntje in de rug kan aanvoelen als een ander ook eens tegenslag heeft. Een zetje om verder te gaan. Dat alle ellende op de wereld niet alleen op jouw nek terechtkomt.’ Hij klakte zacht met zijn tong. ‘Ik weet dat het onzinnig klinkt. Het lukt me gewoon niet om datgene wat ik wil zeggen goed en logisch onder woorden te brengen.’ Hij keek Chantal aan. ‘Begrijp je een klein beetje wat ik bedoel? Met een héél klein beetje zou ik al tevreden zijn.’

Chantal knikte. Ze dacht precies te begrijpen wat hij bedoelde.

‘Maakt Heleen er geen groter drama van dan het daadwerkelijk is?’ ging hij verder. Hij hief direct zijn hand op om aan te geven dat ze hem niet enkel op deze woorden moest beoordelen. ‘Ik bedoel... luister... Wat ik over haar weet, heb ik van jou, nietwaar? Een aardige vrouw met de herseninhoud van een cavia. Ze zit de godganse dag op haar luie reet en houdt zich hoofdzakelijk bezig met de nieuwste mode en hoe ze het geld van haar man kan uitgeven. Zoonlief heeft de status van een halfgod en krijgt alles wat zijn hartje begeert. Komen er echter essentiële dingen om de hoek kijken, zoals met het ventje gaan spelen of helpen bij zijn huiswerk, dingen die niet met geld te koop zijn, dan geeft mevrouw niet thuis. In een opwelling stapt zij in de wereld van internet. Ze koopt een dure laptop en huurt via die winkel een expert aan huis in die het spulletje aan de praat krijgt en haar snel wat foefjes leert. Helemaal in de zevende hemel vanwege de opgedane kennis, opent ze in het kantoortje van haar man naast hun slaapkamer zijn e-mail. Ze stuit op erotische correspondentie van Pieterlief met zijn secretaresse. Het huis is te klein. In plaats van Pieter ter verantwoording te roepen, belt ze jou. Een vage kennis wordt gebombardeerd tot hartsvriendin.’

Ergens verwachtte Chantal dat hij nu met een keiharde conclusie zou komen. Hij bleef haar echter ontspannen aankijken. De pittige woorden van zonet leken ineens alweer vergeten. Om zijn lippen speelde de amusante glimlach van iemand die het leven niet zo serieus neemt. Een plotselinge verandering in zijn lichaamstaal die vreemd bij haar overkwam. ‘Wat wil je nu eigenlijk zeggen, Jeroen?’

Hij haalde zijn schouders op. ‘Ik ben me er heus wel van bewust dat ik warrig overkom, Tal.’ Een lichte vorm van irritatie klonk in zijn stem door. ‘Via een omweg wil ik duidelijk maken dat het hele verhaal nogal vreemd op mij overkomt. Op de een of andere manier klopt er iets niet aan. Wat het precies is, weet ik niet. Het is gewoon een gevoel dat ik heb.’

Chantal knikte bedachtzaam. Op het moment dat intuïtie een rol in een discussie ging spelen moest je voorzichtig zijn, wist ze uit ervaring. Dan konden zaken die onlogisch klonken tot de waarheid worden gebombardeerd, en omgekeerd. Daar kwam bij dat Jeroen herstellende was. Hoewel hij helder overkwam, was het niet meer dan logisch dat hij nog druk bezig was om in zijn eigen gedachtegang naar evenwicht te zoeken. ‘We zullen wel zien,’ zei ze op neutrale toon. Wat haar betrof was de discussie hierbij afgesloten. Ergens had ze spijt dat ze erover begonnen was.

Hij legde zijn hand op haar schouder. ‘Ik zal het wel verkeerd zien, schat. Mijn kop is net een vergiet. Het is heel goed mogelijk dat ik bepaalde dingen anders zie dan dat ze in werkelijkheid zijn. Alvast sorry daarvoor, oké?’

Een beginnende grijns verdreef de zorgzame uitdrukking van haar gezicht. ‘Ben je gek, joh. Er zijn belangrijker dingen op de wereld dan het vermeende overspel van Pieter Kronenberg, hoor.’

Een staccato gelach welde op uit Jeroens longen. Hierna trok hij Chantal dichter tegen zich aan. ‘Ik hou het lekker bij mijn eigen vrouw. Dat is stukken veiliger.’

De losse gedachtedraden in haar hoofd zorgden voor een gordiaanse knoop van jewelste. In een relatief kort tijdsbestek was haar betrekkelijk rustige leven veranderd in een ratrace zonder eindstreep. Er kwam te veel ineens op haar af. En het categoriseren van al deze zaken ging haar slecht af. Je moest prioriteiten stellen, dat was duidelijk. Maar waarom faalde ze dan zo hopeloos op de momenten dat het er echt toe deed?

Ze sloop op haar tenen de slaapkamer uit. Jeroen was na het vrijen als een blok in slaap gevallen. Op zijn gezicht lag een uitdrukking van pure tevredenheid. Enkel van seks kon een man oprecht gelukkig worden, terwijl bij een vrouw toch echt andere factoren meespeelden, had zij ooit in een programma horen vertellen. Ze wierp nog even een blik op haar echtgenoot en onderdrukte een opkomende lach. Jeroen was dus een sprekend voorbeeld van deze stelling, dacht ze.

Ondanks de aangename temperatuur huiverde ze. Als je zelf niet lekker in je vel zit, dacht ze, is het onmogelijk om je voor de volle honderd procent voor een ander in te zetten. Dan was je veel te veel met jezelf bezig.

Twijfel. Altijd vrat die eeuwigdurende onzekerheid aan haar.

Had ze die ochtend wel naar Heleen toe moeten gaan? Jeroen was net thuis. Als er iemand om haar aandacht verlegen zat, was hij het wel. Nu ze dit expliciet de revue liet passeren, kon ze slechts de conclusie trekken dat het geen moment in haar opgekomen was de noodkreet van Heleen te negeren. Ze was min of meer het huis uit gerend en had Jeroen aan zijn lot overgelaten. Haar geliefde, die herstellende was van een zenuwinzinking. Voor hetzelfde geld had hij direct Dorien gebeld en was al haar werk in het ziekenhuis voor niets geweest...

‘Jezus,’ fluisterde ze. De waarheid kon hard, helder en bijzonder confronterend zijn. Wat had ik dan moeten doen? schreeuwde ze geluidloos. Het was spitsuur in haar hoofd. Een filevorming van verwijten zocht naar een gaatje.

Had ik Heleen moeten laten stikken? Het komt nu niet uit, meid. Ik heb hier mijn handen vol, bel morgen maar terug. Was dat soms verstandiger geweest?

Misschien wel.

Tijdens haar afwezigheid was er in elk geval niets vreemds voorgevallen. Godzijdank. Jeroen had wat televisiegekeken en minstens een halfuur met haar ouders aan de telefoon gehangen. Een dezer dagen zouden ze langskomen, had hij op enthousiaste toon gemeld. Daarna hadden ze op de bank wat geknuffeld en was de dag geruisloos voorbijgegaan. Pas in bed was ze over Heleen begonnen. Best wel vreemd, nu ze erover nadacht. Daarvoor had Jeroen geen enkele interesse in haar plotselinge uitstapje getoond.

Ook zijn reactie was merkwaardig te noemen, dacht ze terwijl ze de computer aanzette. Hij vond het een vreemd verhaal, maar wat er dan zo vreemd aan was liet hij in het midden. Ze kon er echt geen hoogte van krijgen wat hij nu precies bedoelde. Nou ja, dat gold eigenlijk ook voor alles wat betreft Jeroen zelf. Daar was hij in elk geval wel duidelijk in. Ondanks de medicijnen was hij nog steeds verward. Dingen op de juiste manier onder woorden brengen ging hem niet altijd even goed af. Dit was een kwestie van tijd, had de arts hun verzekerd. Langzamerhand zou er verbetering optreden. Het tijdsbestek kon variëren van enkele weken tot enkele maanden. Dat lag bij iedereen verschillend.

Terwijl de site tot leven kwam, voelde zij zich een verrader. In plaats van aan die stomme computer te zitten hoor je naast je man te liggen, ging het door haar heen. Je doet dingen in het geniep. Geniepigheid in een relatie is zo’n beetje de ergste zonde. Wat zou jij ervan zeggen als Jeroen hetzelfde deed?

Het stille gefoeter op zichzelf was een uitlaatklep, wist ze. Haar leven was in een stroomversnelling terechtgekomen. Het gedeelte van de wildwaterbaan waarin zij met haar volle verstand was gestapt, bevond zich recht tegenover haar. Hierin wilde zij meevaren. Tot het bittere einde. Die beslissing had ze inmiddels genomen.

Op het scherm verscheen een mededeling: Je hebt 1 nieuw bericht.

Gulzig ademde ze in door haar neus.

Het was zover.

‘Ik hou van jullie,’ fluisterde ze.

All-inclusive
titlepage.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_0.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_1.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_2.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_3.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_4.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_5.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_6.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_7.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_8.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_9.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_10.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_11.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_12.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_13.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_14.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_15.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_16.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_17.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_18.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_19.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_20.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_21.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_22.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_23.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_24.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_25.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_26.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_27.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_28.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_29.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_30.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_31.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_32.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_33.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_34.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_35.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_36.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_37.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_38.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_39.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_40.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_41.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_42.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_43.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_44.xhtml
awb_-_all_inclusive_split_45.xhtml