De man die geen peper kon proeven
Een enorme verscheidenheid van nationale en
regionale gerechten heeft in de loop der jaren geïnspireerd tot het
schrijven van honderden kookboeken en geleid tot het openen van
talloze restaurants die gespecialiseerd zijn in verschillende
keukens. Gladys Bertha Stern (1890-1973), beter bekend als G.B.
Stern, was enthousiast over het internationale koken en haar werk
als romanschrijfster en tekstschrijfster in Engeland en Hollywood
bood haar de gelegenheid om in veel landen restaurants te bezoeken.
Haar verhaal 'De man die geen peper kon proeven' speelt zich af in
Wenen in het jaar 1922 in een klein restaurant met de verrukkelijke
naam 'De kleine Hot Dog'. Het is een verhaal over een man met een
heel vreemde aandoening en natuurlijk over de
dood...
'Jij houdt dus van paprika, Niki?'
'Ja. En om de paprika zelf, niet omdat het een nationaal gerecht is. Hoewel nationale gerechten ook altijd iets bijzonders hebben - net als volksliederen.'
'Bouillabaisse in Marseille,' mijmerde Franz, 'Fritto del mare in Venetië. Lamsrug in Londen. Ice-cream-soda in Amerika - of liever pie?'
'Paprika heeft iets opwindends,' ging Veronica verder. 'In poeder-vorm heeft het een prachtige vermiljoenkleur; en als cayenne weer een andere kleur rood. Hoewel ik denk dat die mensen hem niet weten te waarderen. Denk je niet dat ze onze Little Hot Dog voor een soort Simpson verslijten ? Ik bedoel-meestal stort je je hier toch niet op een diner van negen gangen?'
'Dat kan wel, maar dat doe je niet. Ik ben blij dat jij paprika weet te appreciëren, Niki - hoewel ik een man heb gekend die helemaal geen peper kon proeven, of dat nu witte, zwarte, cayenne of paprika was.'
'Stel je voor dat je geen rozen kon ruiken of Chopin kon beluisteren! Vertel me eens iets meer over die man, Franz. Je hebt me al in geen tijden een verhaal verteld. En ik kan toch niet dansen, zolang die mensen zitten te eten; als ik naar hen kijk, voel ik me als een tijger na een flinke verslindpartij. Wat zou er gebeuren als je een flinke portie peper in het eten van de man zou doen?'
'Wat er gebeurde was, dat hij een man doodde en het land uit moest vluchten.'
'Ai! Vertel dat maar eens aan je lieve Niki. Ze houdt van alles wat rood is - bloed, paprika, soldatenjassen en kreeft.'
'Het was twintig jaar geleden - toen de wijn nog wijn was en er veel mannen in soldatenjassen rondliepen, al waren die niet rood. Het bloed stroomde snel door je aderen en het leven was net een wals van Strauss-een en al emotie en sentiment, met een snik aan het eind. Ik was een jonge luitenant bij de dragonders en had een Engelse vriend -eigenlijk een kennis, want ik ontmoette hem op een avond in een bar. We zijn toen een tijdje samen blijven hangen. Hier in de Little Hot Dog danste La Belle Denise, en hij was helemaal weg van haar - hij en een Spanjaard uit Sevilla - ik ben hun namen vergeten, hoewel de Spanjaard Juan of zo heette en de Engelsman Charles, meen ik.
Ik geloof niet dat ze een snars gaf om een van hen, maar ze vond ze wel amusant en speelde de een tegen de ander uit, tot de twee mannen elkaar zo gingen haten, dat ze elkaar wel konden vermoorden. Ik heb meer dan eens gezien hoe Juan met zijn hand over zijn mes streek als de Engelsman met Denise danste. Als de een haar een boeket gaf dat tegenwoordig een paar miljoen kronen zou kosten, reageerde de ander daarop met een streng parels, waarna de eerste de volgende avond met een armband met robijnen aankwam. En dat ging zo maar door.
Ze maakte er een sport van hen volkomen gelijk te behandelen. Een krachttoer in evenwicht. We sloten er weddenschappen op af. Als ze even iets aardiger deed tegen de Spanjaard of de Engelsman, dan werden er weer druk weddenschappen afgesloten.
Er ontbrandde een echte wedstrijd tussen hen, omdat ze allebei het meest fantastische en meest bijzondere voor haar wilden doen. Juan liet dit restaurant eens volhangen met zwarte doeken met lichtgevende skeletten; Charles liet de binnenplaats van het Imperial Hotel vollopen met water en gaf een Venetiaans feest met gondels; Juan liet een speciale tzigane-band uit Hongarije komen; Charles gaf haar zeven getijgerde buldoggen, elk met een zilveren halsband met punten.
De gevoelens liepen hoog op in de "Dog", ledereen had er geld op gezet, en iedereen had een favoriet; en de zaak werd zo op de spits gedreven dat een aanhanger van Charles niet wilde drinken met een Juaniet, en vice versa.
Ik probeerde Charles eruit te halen. Het ging te ver. Maar hij wilde niet luisteren. De idioot zei, dat hij met Denise wilde trouwen en haar naar Engeland wilde meenemen. Alsof je met een danseres trouwt! En dan nog wel een danseres als Denise! Alsof ze hem zou nemen -een jongste zoon, die alles wat hij naast zijn loon bezat, al aan haar had besteed. Dat ontdekte ik, zie je, toen ik hem wilde laten zien hoe zinloos het was om een huwelijk te overwegen met een paradijsvogel als Denise. Ze was immers al de chère amie geweest van ten minste twee Russische groothertogen, en haar juwelen waren een klein fortuin waard. Verder waren er nog geruchten over een regerend vorst. Enfin, er werd gezegd dat de koningin van Moldavië opmerkelijk koel deed tegen haar man nadat Denise Blatzen had verlaten.
Toen ik merkte dat Charles niet voor reden vatbaar was, benaderde ik La Belle Denise zelf. "Wat denkt u te bereiken, mademoiselle," zei ik, "door voortdurend twee motten om de vlam van uw weergaloze schoonheid te laten dansen. Mademoiselle is charmant, ze is betoverend; men hoeft maar naar haar te kijken om haar slaaf te-worden. Een Engelsman kiest liever een vrouw die minder opwindend en wat huiselijker is. Iemand die kan koken en naaien, en die een goede moeder zal zijn voor zijn kinderen. Ook een Spanjaard stelt prijs op huiselijke deugden; en voor hem wordt het huwelijk door de ouders geregeld. N'est-ce pas?"
De gele ogen van Denise schoten vuur. "Denkt u dan dat ik geen goede vrouw kan zijn? Bah! Ik kan niets leren van uw Hausfrau, of van die Engelse miss met haar poppegezichtje! Ik zal het u laten zien, mon ami; komt u morgenavond maar chez moi, dan nodig ik u uit voor het diner; u en die twee arme dröles. De tafelschikking, het koken, alles zal ik zelf doen."
'En dus klopten wc die volgende avond met z'n drieën op de deur van haar flat. Denise deed zelf open. Ik zag tot mijn groot plezier dat ze een opvallend mooie huiselijke jurk droeg - blauwe katoen, van een heel mooi model, en ze had natuurlijk een witte koksmuts op en een schort om. Ze had er nog nooit zo mooi uitgezien. Ze bracht ons naar de zitkamer die ook helemaal was aangepast: geen exotische bloemen, maar een in het oog vallende naaidoos; in de open haard brandde een gezellig vuurtje, en alle foto's waren weggestopt, op twee ouderwetse foto's na die van haar vader en moeder hadden kunnen zijn, of die ze wellicht had gekocht in de curiosawinkel op de hoek. En als klap op de vuurpijl, lager op het haardkleedje een vreselijk burgerlijke kat te slapen - niet zo'n Perzische met blauw bloed zoals die van jullie - en zat er een grote pop in een kinderstoel.
"Dit," zei Denise terwijl ze hem oppakte en streelde, "is mijn kind, mijn eigen kleintje. Ze heet Joan, een kleine Engelse miss." Ze keek ondeugend naar Juan. "Niet leuk, mon ami? Dan noemen wc haar Juanita."
Die hele avond zat ze als een kleine duivel met die pop te spelen, tot haar twee bewonderaars bijna kookten. Het is een gemene truc van vrouwen - knappe vrouwen - om opzettelijk en verleidelijk iets anders te omhelzen - een hond of een katje, of zelfs het kussen van de sofa - als ze weten dat er iemand in de kamer is die hen zou willen omhelzen. Ze kunnen zo een man gek maken.'
'Ja,' mijmerde Veronica, 'dat zal best.' En afwezig gaf ze, heel zacht, een kus op haar eigen schouder. Franz keek op. 'Gelukkig,' merkte hij op, 'ben ik van steen. Ik ben in de loop der jaren wel wat gewend...'
'Dat was echter die avond bij Charles en Juan nog lang niet het geval. Ze waren nog zeer ontvlambaar; en ik, stommerik en kwajongen die ik was, maakte het alleen nog maar erger, door Denise te pesten.'
'O, Franz, wat heb je dan gedaan?'
'Ik heb een hele pot cayennepeper in de omelet gestrooid. Want zie je, die omelet zou het culinaire hoogstandje van Denise moeten worden. Daarmee wilde ze mij bewijzen dat ze juist heel huiselijk was, heel goed een huishouden kon besturen en het een man naar de zin kon maken. Eigenhandig dekte ze de tafel. Ze huppelde heen en weer tussen de keuken en de zitkamer, wreef de glazen nog eens op, en riep ons om de sneeuwwitte servetten in de linnenkast te komen bewonderen.
O, het toneelspel zat goed in elkaar. Dat moet ik toegeven. En koken kon ze. "Wacht maar," riep ze, "tot jullie mijn omelet hebben geproefd. Er zal geen kruimel overblijven voor la p'tite Juanita, dat beloof ik jullie. Zij heeft toch liever rosbief." En met een schittering in haar ogen keek ze van de een naar de ander, waarna ze een triomfantelijke blik op mij wierp en mij uitnodigde naar de keuken te komen om te helpen bij het kloppen van de eieren.
Toen zij de borden wegbracht, strooide ik de peper in de omelet. Het was namelijk mijn bedoeling haar voor schut te zetten. Ik moest lachen toen ik eraan dacht hoe lelijk Charles en Juan zouden kijken. Maar wat volgde was meer fantastisch dan grappig.
Ik sloeg de omelet af met het excuus dat ik niet van eieren hield. Denise zelf wilde in haar onderdanige rol blijven en wilde als kokkin en serveerster pas na de anderen eten. En zo werd de omelet zoals gewoonlijk in gelijke delen verdeeld tussen Charles en Juan.
Charles nam een flinke hap. "Heerlijk," zei hij en viel aan. Maar Juan stikte er bijna in en begon te proesten en te niezen. Hij werd helemaal paars. Toen hij weer een woord kon uitbrengen, keek hij eerst fel naar Denise, daarna naar Charles, die zijn omelet al half op had. "Jij probeert me dus te vergiftigen en mij alleen, omdat je van dat Engelse zwijn houdt? Maar daar zal hij niet lang plezier van hebben." ' En hij sloeg Charles tweemaal met de vlakke hand in het gezicht.
Charles sprong overeind. Een duel was nu natuurlijk onvermijdelijk. Dat was wel het laatste wat ik wilde.
"Hoe kunt u nu over vergiftigen praten, senor. Ik vind de omelet van mademoiselle heerlijk. Maar u heeft mij een zwijn genoemd en mij in het gezicht geslagen. Ik laat me niet door een paellavreter beledigen. Wanneer treffen we elkaar en met welke wapens?"
Ik was stomverbaasd. Speelde Charles dit? Als dat zo was, was zijn onverschilligheid bovenmenselijk, met al die peper in zijn mond en neus en door zijn keel. Denise, die niet wist wat ik had uitgevoerd, voelde zich alleen maar beledigd door wat de Spanjaard van haar kookkunst vond. Met een lieve glimlach naar Charles en een kille blik op Juan verliet ze de kamer. Toen barstte ik los:
"Charles, heb je niets verkeerds geproefd?"
"Niets," antwoordde hij.
"Die omelet - die zat tjokvol peper - die heb ik er voor de grap zelf in gestrooid."
Toen begreep ik het. Door een eigenaardig smaakgebrek proefde Charles geen peper. Hij zat heel rustig een omelet te eten, waarvan een gewone man zich halfdood zou niezen - wat ook bij Juan gebeurde. Vandaar die ruzie-en ik kende Juan goed genoeg om te weten dat één van hen zou moeten sterven. Hij geloofde duidelijk geen woord van het peperverhaal en de lieve blik die Denise op Charles had geworpen toen ze de kamer verliet, had het er niet beter op gemaakt.
Juan koos voor de pistolen. Ze zouden elk in een hoek van een stikdonkere kamer gaan staan, met een brandende sigaret tussen de lippen. Ik vond het jammer voor Charles, want hij kon goed schermen maar had niet veel op met revolvers.
We gingen naar de salon van Denise. Ik sloot de luiken, zette hen op hun plaats en deed de lichten uit. Toen moesten de danseres en ik heel geduldig blijven wachten tot die twee gekken hadden geprobeerd elkaar van het leven te beroven.
Zes schoten, snel achter elkaar. Een zevende-gekreun en een doffe klap. Als een gek rukte ik de deur open en zocht naar de lichtknop. Toen hoorde ik de stem van Charles zeggen: "Ik geloof dat ik hem heb doodgeschoten, Franz."
Juan lag in elkaar gedoken. Er sijpelde bloed door het front van zijn overhemd. Er ontstond een lelijke bruine vlek. In zijn hand hield hij nog steeds een brandende sigaret. Charles keek ernaar en trok zijn schouders op. "Hij heeft dus tot het laatst toe vals gespeeld."
"Hoe bedoel je?"
"Zie je dat dan niet? Hij had zijn sigaret in zijn hand; ik hield de mijne al die tijd in mijn mond..."
Het lukte mij hem weg te krijgen. Duelleren werd toen meer gedaan dan tegenwoordig, maar het zou toch niet goed voor hem zijn geweest als ze hem in verband hadden kunnen brengen met de sensationele vondst van het lichaam van Juan in de flat van Denise. We hebben het op zelfmoord doen lijken. Iedereen wist dat hij helemaal bezeten van haar was en in haar mooiste kleren maakte ze zichzelf tijdens de hoorzitting bittere verwijten en zwoer in een klooster te zullen gaan en daar de rest van haar leven te blijven. Van Charles heb ik nooit meer iets gehoord.'
'En is ze het klooster ingegaan?' vroeg Niki.
Franz stak een sigaret op en schudde zijn hoofd. Hij glimlachte een beetje, alsof hij plezier had om een oude herinnering.
'En ben je er ooit achter gekomen van wie van de twee ze echt hield?'
'Nee. Dat heeft ze me nooit verteld. Zelfs
niet tijdens de verrukkelijke zes maanden die we vlak na die
betreurenswaardige affaire samen zijn geweest.'