Hoofdstuk 16
„Wat deed Adam in vredesnaam in Freds werkkamer? Heeft hij je gezien?" Sam keek Tess bezorgd aan en draaide haar straat in. Tess schudde haar hoofd en keek uit het raam naar haar oude, vertrouwde buurt. „Wat denk jij dat het te betekenen heeft, Sam?"
„Geen idee, maar ik kom er wel achter. "
„Luister eens, Sam, ik heb nagedacht, " begon Tess aarzelend. „Het lijkt me beter als we elkaar een tijdje niet zien. "
Sam keek haar van opzij aan. „Je bent pas één keer met me uit geweest en je wilt me nu al niet meer zien?"
„Het ligt niet aan jou, " zei Tess vlug.
„O, ik snap het al. Je wilt me niet meer zien, maar ik moet het me niet persoonlijk aantrekken. Wat is er aan de hand, Tess?" Zijn stem klonk ernstig.
„Nou ja... na gisteravond... Als het inderdaad Adam is, die achter me aan zit... Jij kreeg bijna een ongeluk omdat je met mij uit was. Ik zou het vreselijk vinden als jou iets overkwam. "
Sam legde zijn hand op de hare. „Tot we weten wat er aan de hand is, zit je aan me vast. Zo simpel ligt dat. En kijk wat vrolijker, want volgens mij is je moeder daar. "
Mevrouw Swanson stapte uit haar auto op het moment dat Sam en Tess aankwamen. Tess stelde haar moeder voor aan Sam die beleefd de uitnodiging voor een kop koffie afsloeg. Hij zei dat hij Cobbs had beloofd nog even langs de supermarkt te gaan.
Tess keek hem na. Toen ze zich omdraaide om naar binnen te gaan, gaf haar moeder haar een goedkeurend knikje. „Wat een leuke knul. "
„Ja, hè, " antwoordde Tess. „Hij is ook heel aardig. "
„En hoe voel jij je nu?" vroeg haar moeder bezorgd. „Dat was een hele schrik gisteravond. "
„Ik voel me al een stuk beter. "
„Ik vond het een prettig idee dat Sam bij je was. "
Hoewel mevrouw Swanson doodop was na de dubbele dienst, stond ze erop alles over de barbecue en het ongeluk erna te horen voordat ze naar bed ging. Tess zette koffie.
„Ik ben blij dat ik je heelhuids terug heb, " zei mevrouw Swanson opgelucht. „En ik ben blij dat je het zo goed met Sam kunt vinden. Denk je dat jullie elkaar vaker zullen zien?"
„Ik weet niet precies hoe lang Sam hier blijft, " antwoordde Tess ontwijkend.
„Nou, " merkte haar moeder peinzend op, „jullie zijn in ieder geval een knap stel. "
„Dat zeg je altijd als ik een paar keer met iemand ben uit geweest, " grinnikte Tess.
Haar moeder stond lachend op en liep naar de deur. „Ik duik mijn bed in. Tot vanavond. "
„Welterusten, mam. " Tess keek haar moeder zuchtend na. Ze wenste voor de zoveelste keer dat alles weer normaal was. De telefoon ging over en ze haastte zich om hem op te nemen. Ze klaarde op toen ze Hildy's stem hoorde.
„Waar heb jij uitgehangen, Tess Swanson? Ik heb gisteren de hele avond geprobeerd je te bereiken!"
„Eh... er was een soort noodgeval, " antwoordde Tess. „Ik ben bij Sam thuis blijven slapen. "
„Wat?!" riep Hildy uit. „Vertel eens. "
„Zullen we vanmiddag afspreken in het winkelcentrum?" stelde Tess voor.
„Oké. "
Tess legde 's middags een briefje op de keukentafel, pakte een paraplu en vertrok lopend in de richting van het winkelcentrum. Het miezerde en de wereld om haar heen was nat en kil. Het was erg rustig op straat.
Opeens liep Tess niet meer op de stoep, maar was het 1 april en reed ze weer in de auto. Ze zag het brandende wrak en hoorde hoe iemand het uitschreeuwde van pijn. De gedaante verscheen boven op de heuvel. Hij hielp niet en zei niets. Hij keek alleen maar.
In gedachten zag Tess weer hoe Frank en Hildy dichterbij kwamen. Ze riepen haar. „Tess... Tess!"
Plotseling werd ze overvallen door een onverklaarbaar dreigend gevoel. Ze keek over haar schouder en begon te rennen.
Even later zag ze het winkelcentrum voor zich. Ze liep regelrecht naar de snackbar waar Hildy en zij altijd afspraken. Hildy was er al. Tess liet zich op de stoel tegenover haar vallen.
„Lieve help!" riep Hildy geschrokken. „Wat is er met jou gebeurd?"
„Niets, ik... niets. "
„Het leek wel of je achterna werd gezeten. "
Tess schudde haar hoofd. „Hou je mond en luister naar me, Hil. We zijn alle drie in groot gevaar. "
„Waar heb je het in vredesnaam over?"
Tess legde haar hand op de arm van haar vriendin. „Stel je eens voor dat de bestuurder van die andere auto het ongeluk expres heeft veroorzaakt, " begon ze langzaam. „Toevallig waren wij ook op die weg. Hij is op het laatste moment uit de auto gesprongen en heeft daarna gehoord hoe Frank en jij mijn naam riepen. "
„Wacht eens even. Ik kan je niet volgen. "
„Denk eens terug aan die avond en de gedaante, die op de helling stond... Als dat Adam nou eens is geweest?"
Hildy kneep haar ogen tot spleetjes. Ze keek Tess aandachtig aan.
„Als die gedaante op de heuvel nou eens Adam was?" herhaalde Tess. „Hij heeft het ongeluk veroorzaakt, is op tijd uit de auto gesprongen, zag tot zijn grote schrik dat wij naar het wrak gingen en hoorde Frank en jou mijn naam roepen. Hij wil natuurlijk niet dat er getuigen rondlopen. "
Hildy staarde haar vriendin aan en schudde langzaam haar hoofd.
Tess trok de zakdoek uit haar zak en hield hem voor Hildy's gezicht. „Deze heb ik gevonden op de grond naast Franks auto. Weet je nog? Een paar dagen geleden, toen ik bij Adam was, zag hij die zakdoek. Hij wilde weten hoe ik daaraan kwam. "
Bij het zien van Hildy's verbijsterde gezicht, ging ze ongeduldig verder: „Snap je het dan niet? Hierdoor weet hij zeker dat wij op de plaats van het ongeluk waren. "
Hildy dacht er even over na. „Maar hoe weet je dat het zijn zakdoek is?"
„Hier, de A van Adam. "
„Luister Tess, " begon Hildy vermoeid, „die zakdoek kan van zoveel mensen zijn. Dit soort zakdoeken is overal te koop!"
Tess schudde koppig haar hoofd. „Gisteravond zijn Sam en ik achtervolgd en het scheelde niet veel of we waren dood geweest. Iemand probeerde ons van de weg te drukken. "
„Meen je dat?"
Tess greep Hildy's pols beet. „Een aantal jaren geleden was Adam ook al betrokken bij een auto-ongeluk. Zijn oom en tante kwamen daarbij om het leven, maar Adam ontsnapte. Dat ongeluk was bijna hetzelfde als het ongeluk dat wij hebben gezien. De auto stortte ook in een ravijn. "
Hildy staarde Tess geschokt aan.
„Snap je het nu?" drong Tess aan. „Zie je hoe het allemaal in elkaar past?"
Opeens schudde Hildy haar hoofd. „Nee, ik snap er geen bal van. Je bent overspannen, Tess Swanson. Zet die Adam alsjeblieft uit je hoofd. Hij maakt je helemaal gek. "
„Nee, niet waar!" antwoordde Tess fel.
„Nou, oké dan, als Adam inderdaad een moordenaar is, hoe verplaatst hij zich dan? Hij kan volgens jou toch niet autorijden? Trouwens, waarom zou hij zijn eigen vader willen vermoorden? Heb je soms ook een motief kunnen bedenken?"
„Misschien heeft Adam geen motief nodig. Hij is hartstikke gek en dat is motief genoeg. "
„Hou op. Ik wil er niet meer over praten. " Hildy zweeg en keek haar vriendin aan „Ik dacht dat het wel weer over zou gaan en dat je weer tot jezelf zou komen. Maar nu heb je opeens verzonnen dat Adam een moordenaar is. Die arme Adam. " Hildy keek haar smekend aan. „Tess, kun je de hele zaak niet gewoon van je afzetten? Je was altijd zo nuchter en kalm. En nu ben je... "
„Gisteravond heeft iemand geprobeerd me te vermoorden, Hildy. Of denk je soms dat ik me dat ook heb verbeeld?" Tess' stem trilde van woede. „Zelfs Sam vindt dat ik reden genoeg heb om bang te zijn. "
Hildy sprong verontwaardigd op. „Heb je Sam alles verteld? En je had beloofd dat je... Ik heb Frank nog zo gezegd dat hij het niet moest doen, " barstte ze los. „Ik heb hem gewaarschuwd, maar hij vond het een goeie grap en hij beloofde me dat hij je achteraf alles zou opbiechten. "
„Waar heb je het over?" bracht Tess moeizaam uit. Opeens begreep ze het.
„Dat pakje bij je voordeur, " stotterde Hildy. „Dat kalenderblaadje... dat heeft Frank gedaan. En hij heeft ook de politie gebeld. "
Tess voelde haar knieën knikken. Haar ogen brandden. „En die avond bij mijn raam... Wat zullen jullie een lol hebben gehad!"
Hildy begon te huilen. Een paar mensen keken nieuwsgierig naar haar. „Daar weet ik helemaal niets van... en daar heb ik ook niets mee te maken. "
„Ach, hou toch op, Hildy. Hoe lang hebben jullie nodig gehad om dat in elkaar te zetten? Tess de stuipen op het lijf jagen. Wat leuk! Tess is een moordenares, 1 april!"
„Tess, ik weet er niets van, echt niet. Als Frank dat ook heeft gedaan, heeft hij dat in zijn eentje verzonnen. Zoiets zou ik je nooit aandoen. Echt niet. "
Tess stond op en verliet de snackbar. Achter zich hoorde ze Hildy roepen. Tess negeerde haar en stormde naar buiten. Ze wilde maar één ding: Frank ter verantwoording roepen.
„Tess, blijf nou staan!" Hildy haalde haar vriendin in en pakte haar arm vast. Tess draaide zich om.
„Waar hangt Frank uit?"
„Je wilt toch niet naar hem toe gaan? Toe nou, Tess, het was gewoon een grap, " jammerde Hildy.
Maar Tess hield koppig vol. „Waar is hij?"
„Ik weet het niet. Hij is in het zwembad op school. Tess, we bedoelden het niet zo, dat moet je geloven. "
Tess draaide zich om en rende weg. Ze besefte dat ze haar paraplu in de snackbar had laten staan, maar het interesseerde haar niet. Ze werd steeds natter. En bij iedere stap werd ze kwader. Mooie vrienden, dacht ze minachtend.
Ze veegde met haar hand de regendruppels van haar gezicht.
Achter zich hoorde ze Hildy hijgen, maar Tess vertraagde haar pas niet. Ze was niet van plan om te blijven staan. Ze dacht aan wat Hildy, Frank en zij allemaal hadden meegemaakt.
Veel sneller dan ze had verwacht, stond Tess voor de ingang van het zwembad. Ze rukte de deur open.
„Frank!"
Binnen was het donker. Tess zag licht branden in de kleedhokjes van het zwembad en opeens wist ze zeker dat Frank daar was. Ze liep er naartoe. Haar hart bonsde in haar keel.
„Ik weet dat je er bent, Frank, kom maar tevoorschijn. "
Ergens vond ze het vreemd dat hij niet antwoordde. Het was helemaal niets voor Frank om niet klaar te staan met een of andere scherpe opmerking. Tess tuurde om zich heen in het donker.
„Hé, kom maar tevoorschijn. Ik weet alles. "
Ze liep naar de rand van het zwembad en keek over het wateroppervlak. Opeens zag ze iets aan de overkant van het bad. Er dreef iets in het water... het lag doodstil.
Een grote schaduw...
„Frank!"
Tess dook het water in en voelde meteen hoe koud het was. Ze hapte naar adem en hoorde Hildy's angstige kreet.
Toen werd alles stil.
Net zo stil als het ding dat slap in haar armen hing.