2
Eva Davidson deed de deur open. Hubert stapte binnen en zette de kleine koffer die hij droeg in de gang neer. Ze sloot de deur geruisloos. Al haar bewegingen waren afgemeten en vloeiend. Ze wekte soms de indruk zich in een vloeistof te bewegen.
Gelukkig dat ik een kaart van de omgeving had, zei hij. Anders had ik het nooit gevonden.
Ze draaide zich om.
Ja, dat is nu Tokio. Daar moet je aan wennen. Geen nummers op de huizen, en geen namen voor de straten. De aanwijzingen 1ste straat, 2de straat, A-laan, B-laan enzovoorts, zijn Amerikaanse uitvindingen, maar daar maken de Japanners geen gebruik van. Ze zullen je vertellen dat de heer Tsjosoeki op Tsjome 1 of Tsjome 2 woont, en dat wil dan zeggen in het eerste of het tweede blok, in de Maroenoutsji of in de Kiöbasji-wijk, en daarna moet je het zelf maar uitzoeken. De Japanners gaan altijd een half uur vroeger van huis, als ze een afspraak hebben, maar ze doen niets om die toestand te verbeteren.
Hubert was met dit alles op de hoogte. Maar hij bezat een sterk ontwikkeld oriënteringsvermogen en dat kwam hem uitstekend van pas bij zijn tochten door de Japanse hoofdstad.
Woont u hier al lang?
Iets meer dan zes maanden. Het is wel wat ver van het centrum, maar ik vond het prettig niet ver van de Itsjigaja-Hom-moera-Tsjo te wonen.
Itsjigaja-Hommoera-Tsjo was de wijk waar het hoofdkwartier van het leger der Verenigde Naties voor Korea gevestigd was
en ook dat van de Amerikaanse strijdkrachten in het verre Oosten.
Wilt u de flat bekijken?
Graag.
Het tamelijk kleine appartement bestond uit een halletje, een zitkamer, een slaapkamer, een badkamer en een heel klein keukentje. Toen ze de vertrekken rond waren geweest keek Hubert op zijn horloge.
Vijf over negen, we hebben geen tijd meer te verliezen.
Hij liep terug naar de hal om het koffertje te halen dat hij op de tafel in de woonkamer zette en open deed.
Kijkt u eens.
ie kwam naderbij, maar zonder de minste haast. Alles scheen haar onverschillig, ze leek treurig en berustend. Hubert vroeg zich af, of ze hem wel éen enkele maal had aangezien sinds hij was binnengekomen. Hij haalde een wit satijnen lange bustehouder uit de koffer te voorschijn die op een bijzondere manier versterkt was en spreidde ‘m voor haar uit.
Ik wilde u vragen dit nu aan te trekken; ik geloof dat het ongeveer uw maat is. U moet u er maar niet over verbazen dat de cups van de bustehouder opgevuld zijn; we hebben echt niet gedacht dat u met uw figuur een aanvulling op uw ‘sex-appeal’ nodig had, maar er zit eenvoudig een listig verborgen radiozendertje in. In de ene cup zitten de kleine batterijtjes en in de andere de eigenlijke zender, voorzien van de transistors. Dit is het beste wat er op het gebied van kleine apparaten bestaat. De antenne loopt door de maagband heen, net als de verwarmingsdraden van een elektrische deken. De maximum reikwijdte is driehonderd meter…
Hij legde de bustehouder op tafel en nam een klein doosje uit zijn koffer dat hij openmaakte. Er kwam een fraaie broche uit te voorschijn in de vorm van een margriet, waaraan een lange draad was bevestigd.
En dit is de microfoon. Hij is niet van echt goud en de steentjes zijn ook geen echte briljanten, maar het geheel ziet er niet kwaad uit. U moet het in de punt van uw decolleté dragen en met die draad aan de zender aansluiten, kijk zo …
Hij deed het haar voor.
Aardig gevonden, vindt u niet?
Ze scheen er niet bepaald enthousiast over te zijn, integendeel.
Gelooft u nu werkelijk dat ik me met zo’n geval ga toetakelen? Ik heb mijn hele leven nog geen lange bustehouder gedragen en ik zal er vandaag ook niet mee beginnen. U kunt het zaakje wel weer inpakken.
Hubert keek haar verbaasd aan en vroeg zich af wat haar zo geërgerd had. Haar gezicht stond koppig, ze had haar ogen neergeslagen en haar lippen samengeknepen. Hij raakte even haar schouder aan. Ze reageerde niet.
Wees er niet kwaad om, Eva. Ik vraag je niet voor de grap dit aan te trekken. Ik heb veel ervaring in dit soort dingen, geloof me en dit moet je veiligheid waarborgen. Die Japanner, die je straks weer moet ontmoeten, komt niet alleen. Er zullen meer leden van zijn organisatie in de buurt zijn, om zeker te zijn dat je alleen gekomen bent, en hij zal je alleen maar aanspreken als hij er zeker van is dat hij geen enkel risico loopt. Ikzelf heb een klein ontvangertje bij me waardoor ik je op het gehoor kan volgen en waardoor ik gewaarschuwd word als je buiten mijn gezichtskring plotseling in gevaar zou komen te verkeren wat heel goed mogelijk is.
Ze keek hem een ogenblik aan.
Dat is de reden niet waarom u me wilt noodzaken dit te dragen.
Niet de reden? Wat zou dan wel de reden zijn, Eva? Haar stem trilde van ingehouden woede toen ze antwoordde:
U hebt geen vertrouwen in me en dit is een middeltje om me te bespioneren en om precies te horen wat er gezegd wordt,
want u bent bang dat ik wat voor u verberg. Hij zuchtte.
Je vergist je, Eva. Zeker, ik moet op de hoogte zijn van het gesprek dat jij met die Japanner zult hebben maar dat is alleen maar omdat je geen enkele ervaring in spionagezaken hebt en omdat woorden die jóu zonder betekenis lijken, mij op een interessant spoor kunnen brengen.
Ze keek hem weer aan, verre van overtuigd, en hernam een beetje ironisch:
-In ieder geval doet u vergeefse moeite, want die Japanner
kent geen Engels en wij spreken in zijn taal.
Hubert trok een lelijk gezicht; dat had hij niet voorzien.
Dat doet er niet toe. Trek het toch maar aan. Dan kun je me altijd waarschuwen als je in gevaar bent.
-Nou, vooruit dan maar, maar alleen om u een genoegen te doen.
Ze nam de b.h. en ging haar slaapkamer binnen, waarbij ze de deur open liet. Hubert deed de koffer dicht en zette hem weer op de grond. Hij was teleurgesteld en geërgerd door de houding die de jonge vrouw had aangenomen. Hij had gedacht dat ze meer medewerking zou verlenen. Ze kwam de zitkamer weer binnen, alleen gekleed in een rok en de lange b.h., die ze met haar handen op haar rug vasthield.
Ik krijg ‘m alleen niet dicht, zei ze.
Hij bewees haar de dienst die ze hem vroeg en zei op koele toon:
Ik heb een hekel aan misverstanden, en daarom wil ik dat de zaak vanaf het begin duidelijk wordt gesteld … Eigenlijk moest je op dit moment in de gevangenis zitten. Ik heb je een reddingsboei toegeworpen die je uit vrije wil hebt gegrepen. Je staat daarom op het ogenblik onder mijn bevel en je hebt mij blindelings te gehoorzamen. Je kunt het aannemen of weigeren, en je kunt nu nog tijdig van medewerking afzien.
Ze draaide zich half om en keek hem aan. In haar grote lichte ogen stond verwarring te lezen.
U bent boos op me, fluisterde ze. Ik heb er spijt van.
Hij ging door met het vastmaken van de haakjes van de bustehouder.
Je moet me goed begrijpen, Eva. Wat we nu samen gaan ondernemen is geen spelletje voor jonge, grillige vrouwen. De geringste onvoorzichtigheid, de kleinste slordigheid, kan tragische gevolgen hebben. Spionage is net als koorddansen: éen enkele fout, éen onoplettendheid, éen verkeerde stap, en je tuimelt naar beneden; afgelopen.
Ze huiverde.
U maakt me bang.
Dat moet ik wel. Je moet goed beseffen wat je gaat doen.
Ze antwoordde niet. Alle haakjes waren nu vastgemaakt en hij deed een stap opzij.
Trek nu een blouse aan met een punthals, als je er tenminste zo een hebt.
Ik heb er een. Maar ik moet beslist ook een mantel aan, want het is niet bepaald warm.
Dat hindert niet. Maar schiet nu op, de tijd staat niet stil.
Ze ging de slaapkamer weer binnen en kwam een ogenblik later terug. Hij verbond zelf de broche-microfoon met het con-tactje dat in de cup van de bustehouder was uitgespaard, liet haar daarna de blouse dichtknopen en bevestigde de broche op de punt van het decolleté.
De batterij is voldoende voor twaalf uur zenden; ik hoef je dus niet lastig te vallen met allerlei moeilijke verhalen over het in-en uitschakelen van het contact. Beneden zullen we wel even controleren of alles goed werkt.
Ze keek hem aan en glimlachte. Hij voelde zich ontwapend.
Zullen we nu gaan? -Ja.
Ik doe mijn mantel aan.
Nog éen ogenblik. Je weet dat ik van nu af aan je echtgenoot ben. We gaan dus leven als echtgenoten en zullen ons in het openbaar als echtgenoten moeten gedragen.
Hij zag dat ze in elkaar kromp.
En mag ik ook weten hoever u met het spelen van die rol zult gaan?
Met een andere vrouw zou hij meteen zijn kans gewaagd hebben en hebben geantwoord: ‘zo ver als ik maar kan,’ maar tegenover deze vrouw durfde hij dat niet.
Maak hier op de divan maar een bed voor me op. De komedie wordt alleen voor het publiek opgevoerd.
En wat hoopt u nu?
Hij meende te raden dat ze ietwat geërgerd was en dat ze liever een vrijmoediger antwoord gekregen had, al had ze hem dan waarschijnlijk flink op zijn nummer gezet.
Dat als het vanavond op niets uitloopt, die goedgeklede Japanner contact met mij zal opnemen zodra het tot hem doorgedrongen is dat hij niets meer van jou te verwachten heeft.
Om u dan die foto’s te laten zien?
Hij glimlachte een engelachtige glimlach.
Precies.
Ze zweeg nu. Haar gezichtje was uitdrukkingloos. Om haar wat af te leiden haalde hij zijn paspoort uit zijn zak en liet het haar zien:
Kijk eens, ik ben werkelijk je man.
Henry Babcock had in de loop van de dag een paspoort voor hem laten maken op naam van Melwyn Davidson, leraar, wonend in San Francisco. Hij had ook nog andere papieren in zijn portefeuille op dezelfde naam: een rijbewijs, een ziekenfonds-kaart, lidmaatschapskaarten van clubs, enz. en dan verder nog enkele foto’s van Eva.
Ik moet er dus aan wennen je Mei te noemen, fluisterde ze,
terwijl ze de pas doorbladerde.
Vind je dat vervelend?
Ik weet niet eens hoe je in werkelijkheid heet.
Dat hoef je ook helemaal niet te weten. En als dit je een beetje kan troosten: er is in heel Tokio niemand die mijn naam kent.
Ze gaf hem de pas terug.
Zelfs meneer Babcock niet?
Zelfs meneer Babcock niet.
Je bent wel een heel geheimzinnig personage.
Dat is nu juist het aantrekkelijke in me.
Ze ging de slaapkamer weer in en kwam terug met haar mantel over haar arm. Hij hielp haar die aan te trekken. Ze deed alle lichten uit en ze verlieten de woning.
Hubert had zijn wagen, een gehuurde grijze Buick, achtergelaten op de hoek van de K-laan en de Mampei-straat. Hij hielp de jonge vrouw instappen en ging achter het stuur zitten.
Nu gaan we het zendertje proberen, kondigde hij aan.
Hij maakte het handschoenenkastje open en haalde er een zwart bakelieten doosje uit, zo groot als een portefeuille, waar een draad omheen gewonden was die in een zwart oorstukje eindigde. Hij draaide een knopje om, wikkelde de draad los en stopte het telefoonstukje in zijn rechteroor. Hij leek nu op een slechthorende die een gehoorapparaat droeg. Hij hield zijn andere oor dicht en vroeg:
Blaas nu eens op je broche. Ze boog haar hoofd en blies.
Spreek nu eens.
Ik wil wel aannemen dat je m’n man bent, omdat je mij je papieren hebt laten zien, zei ze alsof ze een lesje opzei, maar ik herken je nog altijd niet. Ik had nooit gedacht dat een mens in minder dan een jaar zó kon veranderen.
Hij begon te lachen en haalde het telefoontje uit zijn oor.
Hij doet het erg goed. We gaan nu maar. Hij startte de motor en stak de lichten aan.
Rij maar door tot aan het keizerlijk paleis, lichtte ze hem in, en draai daar dan rechts omheen.
Weet ik.
Ben je dan al eens eerder in Tokio geweest?
Ja, en als ik eenmaal ergens geweest ben, vergeet ik het nooit meer.
Ze reden een tijdje zwijgend door. Er was bijna geen verkeer, maar Hubert bleef voortdurend op zijn hoede. Hij wist de Japanse automobilisten op hun juiste waarde te schatten: de zorgelooste en gevaarlijkste die er op de wereld bestaan. Ze sloegen rechtsaf voor de Hanzó mon-poort van het paleis. Hubert gaf iets meer gas om een tram te passeren die hem hinderde. Daarna hervatte hij het gesprek:
Ik wilde je enkele vragen stellen, Eva.
Ga je gang, Mei.
Je hebt natuurlijk wel het adres genoteerd van dat hotel waar je vriend van die avond je mee naar toe genomen heeft.
Er verliepen enige seconden voor ze antwoord gaf. -Nee. Toen ik wakker werd en begreep wat er gebeurd was, dacht ik dat ik gek zou worden. Ik heb me doodstil aangekleed en ben op mijn tenen naar buiten gegaan. Beneden heeft een kamermeisje een taxi voor me gebeld. Alles wat ik me ervan herinner is, dat de terugweg meer dan een half uur geduurd heeft.
Hoe laat was het?
Ongeveer zeven uur in de morgen.
Dus niet veel verkeer. Dat kan dan een heel eind geweest zijn. Was het in noordelijke, zuidelijke of westelijke richting?
Westelijk, geloof ik. Maar zeker ben ik er niet van.
En die man? Hoe heette die en hoe zag hij eruit?
Het was een landgenoot. Hij noemde zich Bob.
Bob, zonder meer?
Bob, verder weet ik het niet.
Hoe zag hij eruit?
Ze antwoordde, plotseling zenuwachtig.
Hij zag eruit als een Amerikaan. Groot, blond en met slechte manieren. Waarschijnlijk een soldaat.
Wind je maar niet op.
Ik was dronken. Is jou dat nooit overkomen?
In lange tijd niet. In mijn beroep werkt alcohol dodelijk en snel.
Hij vroeg niet verder. Ze reden nu langs het Hibija-park. De verkeerslichten sprongen op rood en hij moest de Buick op het kruispunt stoppen. Rechts was het bekende hotel Imperial. Hij glimlachte toen hij dacht aan het plezier dat Franse toeristen in Tokio hadden als ze het adres van dit hotel aan de taxichauffeurs opgaven. In het Japans is Impérial namelijk Teikokoe1. Ze bereikten nu spoedig Ginza met zijn overdadige veelkleurige neonlichten.
Hubert zette de wagen een eindje voor het metro-station Kiöbasji aan de kant en keek zijn metgezellin aan. Ze zag er gespannen en triest uit. Hij nam haar hand.
Wees maar niet bang, kind. Ik ben altijd in de buurt. Je loopt geen gevaar, als je maar precies doet wat ik je gezegd heb.
Er verscheen een treurig glimlachje op haar gezicht. Hij schoof naar haar toe en sloeg zijn arm om haar schouders.
Je gaat er nu op af. Ik rijd direct naar het eindpunt Asakoesa. Daar ben ik dan iets eerder dan jij, hoop ik. Op dit uur … In ieder geval moet je je niet al te veel haasten. Ik weet wanneer je daar aankomt zodra ik iets in mijn telefoontje hoor. Probeer vooral niet te zien waar ik ben. Doe wat die Japanner je gezegd heeft. Sla de R-laan in. Ik volg je op gehoorsafstand. Als je naar links gaat, kuch dan éen keer en als je naar rechts 1 woordspeling op het Franse: ‘T’es cocu’: ‘Je vrouw bedriegt je.’ (Vert.)
gaat, twee keer. En als je een huis binnengaat, kuch dan driemaal. Gesnapt? Ze knikte.
-Als je in gevaar bent, roep me dan zonder aarzelen op en geef de nodige aanwijzingen. Geneer je dan niet. Als hij afscheid van je genomen heeft ga je onmiddellijk naar huis terug. Ik kom daar later wel. Nu dan.
Hij boog zich langs haar heen om het portier te openen. Ze maakte zich gereed om uit te stappen. - Krijgt je echtgenoot geen kusje?
Ze drukte een vluchtige zoen op zijn wang. Hij keek haar na en kreeg een naar gevoel in zijn maag. Ze was bang en haar angst zou haar helderheid van geest en haar reactiesnelheid nadelig beïnvloeden.
Hij vloekte tussen zijn tanden en reed vliegensvlug weer weg. Hij zou zich toch niet door een voorgevoel bang laten maken. Hij zag haar nog in het voorbijrijden, terwijl ze de metro in ging, langzaam, als een slaapwandelaarster.