Dodentrein

Proloog

 

Op een niet onthulde datum in september 1979 zat de secretaris-generaal van de Verenigde Naties een buitengewone vergadering voor, die werd bijgewoond door zesenveertig speciale afgezanten die tezamen bijna alle landen ter wereld vertegenwoordigden. Er stond maar één punt op de agenda: de schrikbarende stijging van de internationale misdaad. Misdadigers en terroristen konden in het ene land toeslaan en dan naar een ander land vluchten, maar de nationale politie kon de landsgrenzen niet overschrijden zonder in strijd met de internationale verdragen te handelen of de soevereiniteit van andere landen te schenden. Bovendien was de administratieve rompslomp bij het opstellen van verzoeken om uitlevering zowel kostbaar als tijdrovend en menige gewetenloze advocaat had mazen in de wet gevonden, waardoor hun cliënten onvoorwaardelijk moesten worden vrijgelaten. Er moest een oplossing worden gevonden. Er werd overeenstemming bereikt over de oprichting van de UNACO, de United Nations Anti-Crime Organisation, de nieuwe misdaadbestrijdingsorganisatie van de VN, die onder bescherming van de Veiligheidsraad zou opereren. Het doel ervan was 'internationale criminele activiteiten te voorkomen en te neutraliseren en/of de personen of groepen personen die zich daarmee bezighielden te arresteren'. Ieder van de zesenveertig afgezanten werd verzocht een gedetailleerd curriculum vitae te overleggen van een kandidaat uit hun eigen land die door de regering geschikt werd geacht voor de positie van directeur van de UNACO. De uiteindelijke beslissing lag in handen van de secretaris-generaal. Op 1 maart 1980 werd het geheime bestaan van de UNACO een feit.


1

 

Het zou de bekroning worden van zes maanden voorbereiding. De moord op generaal Konstantin Benin. Die maandagochtend kwam de zon op achter een grijze hemel en zette Moskou in een flets licht. Het zag ernaar uit dat de weermannen gelijk zouden krijgen met hun voorspelling dat het tegen de middag zou gaan regenen. De landelijke nieuwsuitzending van zes uur was net begonnen toen een blauw bestelbusje een van de talrijke parkeerplaatsen langs de berm van de zuidelijke ringweg opreed. Lena Rodenko schakelde de motor uit en zette de eentonige propaganda af. Ze drukte een sigaret tussen haar lippen en zocht in haar jaszak naar een aansteker. Ze hield haar bevende vingers beschermend om de vlam, stak de sigaret aan en inhaleerde diep. Ze was van nature aantrekkelijk, maar hechtte geen belang aan haar uiterlijk. Haar korte, rode haar had ruwweg de vorm van een driehoek en haar bleke wangen en kleine kin waren bezaaid met afzichtelijke acné. Ze keek even naar haar broer, die naast haar zat, en wist een flauw, nerveus glimlachje op haar gezicht te brengen. Vasili was eenentwintig, drie jaar ouder dan zij. Hij had lang haar dat slordig op zijn schouders viel en zijn onregelmatige baard zag eruit of er op goed geluk wat plukken op zijn gezicht waren geplakt. Ze haalde een cassette uit haar zak en stopte hem in de recorder. Het was een tape van een Engelse band die Vasili haar op haar laatste verjaardag had gegeven en het was haar dierbaarste bezit geworden. Ze begrepen de woorden geen van beiden, maar de muziek vertegenwoordigde alles wat eerlijk en rechtvaardig was. Democratie. Terwijl ze nadenkend aan haar sigaret trok, dwaalden haar gedachten af naar het dossier dat ze van Benin had aangelegd. Hij was in 1950 afgestudeerd aan de Militaire Academie van het Rode Leger en vier jaar later werd hij gerekruteerd door de KGB. Pas in 1961 kreeg hij bekendheid als een van de opstellers van Fidel Castro's Dirección General de Intelligencia. De beide mannen zouden de rest van hun leven vrienden blijven. Daarna bracht hij een aantal frustrerende jaren door als militair attaché in Brazilië. Het gerucht deed de ronde dat zijn superieuren, die zich in hun positie bedreigd voelden, hem in deze positie hadden gemanoeuvreerd. Hij keerde vervolgens terug naar Moskou als hoofd van de Surveillance Eenheid. Daarna bekleedde hij korte tijd een staffunctie op de Gaszyna spionageschool, voordat hij in 1974 naar Angola werd gestuurd als een van de belangrijkste militaire adviseurs. Drie jaar later kreeg hij de leiding over het beruchte Balasjikha, een opleidingscentrum aan de rand van Moskou dat werd gebruikt voor de training van internationale terroristen. Vervolgens werd hij benoemd tot onderdirecteur van het Directoraat S, de meest sinistere afdeling van de KGB, dat zich bezighield met ontvoeringen, moordaanslagen, sabotage en terrorisme, zowel binnen als buiten de landsgrenzen. Hij werd in 1984 tot directeur bevorderd. Er werd gezegd, zelfs binnen de beslotenheid van het Politbureau zelf, dat hij meer mensen de dood had ingejaagd door ze naar de Siberische concentratiekampen te sturen dan men zich van welke KGB-officier dan ook kon herinneren. Ze hadden bij het samenstellen van het dossier één tegenslag moeten incasseren. Behalve bij zijn afstuderen was er voor zover ze konden nagaan geen enkele foto meer van Benin gemaakt. Achteraf zag Lena in hoe geraffineerd dit van hem was. Hij was gewoon een van de vele gezichtsloze bureaucraten geworden. Dit had aanvankelijk een onoverkomelijk probleem geleken, tot iemand had gezegd dat zijn gezicht dan wel niet bekend was, maar dat ze zijn auto zeker kenden. Het is meer een kogelvrije tank, had iemand anders gezegd; er zou een antitankraket voor nodig zijn om er doorheen te komen. Ze had de rest van het gesprek niet meer gehoord. In gedachten begon ze al een actieplan op te stellen... Ze keek naar de gebarsten wijzerplaat van haar goedkope horloge en slikte nerveus. Het was bijna tijd. Alsof hij op haar gedachten reageerde begon de verbindingsradio op Vasili's schoot knetterend tot leven te komen. Ze kregen het signaal dat alles veilig was. Zwoegend probeerde ze het busje te starten en net toen ze dacht dat ze de motor had verzopen, kwam hij sputterend tot leven. Ze reed behoedzaam de weg op. Ze bracht het busje zeventig meter verderop naast een stalen ton tot stilstand, zette de versnelling in zijn vrij en liet de motor stationair draaien. Vasili controleerde de tijd. Ze hadden nog iets meer dan vier minuten. Ze stapten uit en liepen snel naar de achterkant van het busje om de deuren te openen.

*** 

Gennadi Potrovsky kon nog steeds moeilijk geloven dat hij zo'n geluk had gehad. Twee dagen geleden had hij nog troepentransportwagens gereden in Kuchino, een van de trainingscentra van de KGB buiten Moskou en nu was hij gevraagd chauffeur te worden van niemand minder dan generaal Benin. Hij had bevel gekregen het niemand te vertellen, zelfs zijn zwangere vrouw niet, tot zijn aanstellingsbrief het allemaal officieel zou hebben gemaakt. Zij zou het als eerste te horen krijgen, daarna zou hij een feestje geven om het zijn vrienden te vertellen die vorig jaar samen met hem waren afgestudeerd aan de Militaire Academie. Ze zouden samen met hem feestvieren, maar hij wist dat ze jaloers zouden zijn. Tenslotte was Benin op de academie een levende legende. Het was de eerste dag dat Potrovsky officieel in functie was. De vorige dag had hij de route steeds opnieuw moeten rijden tot hij hem op zijn duimpje kende. De generaal duldde geen enkel ongemak, was hem herhaaldelijk verteld. Niet dat hij Benin zelfs nog maar had gezien, want hij zat achterin de Mercedes verborgen achter de ondoorzichtige, donkere ramen. Zelfs de scheidingsruit tussen het voorste en achterste gedeelte van de auto was donker gemaakt. Benin was er echter wel, omdat hij er de voorkeur aan gaf altijd als eerste in de auto te zitten. Een adjudant had hem verteld dat dit een van Benins kleine eigenaardigheden was. Potrovsky had de auto de avond daarvoor in de was gezet en glanzend opgepoetst en was zelfs zo ver gegaan de twee vaantjes, die aan weerszijden van de motorkap wapperden, te strijken. Hij was vastbesloten een goede indruk op Benin te maken.

*** 

Hij trapte de rem lichtjes in toen de Mercedes de bocht bereikte en hoewel hij zag waar hij op afreed, had hij maar een fractie van een seconde om te reageren. Een blauw bestelbusje stond op het kruipspoor van de vierbaansweg geparkeerd, terwijl een jongeman er op zijn knieën naast zat, gedeeltelijk verborgen achter een antitank lanceerapparaat op een drievoetaffuit. Potrovsky ging met alle kracht op de rem staan en de Mercedes zwenkte nog rond op de ijsgladde weg toen de raket zich in zijn flank boorde. De auto spatte uiteen in een verzengende vlammenzee. Stukken verwrongen metaal werden bijna honderd meter de lucht in geslingerd en landden in het met een dunne sneeuwlaag bedekte dennenbos aan weerszijden van de vierbaansweg. Alles wat er overbleef was een diepe, gekartelde kuil op de plaats waar de Mercedes eens was geweest, omringd door brandende restjes van de verwrongen brokstukken. Lena was verlamd door de aanblik van de gapende holte in de weg. Vasili schudde haar aan haar schouders door elkaar en sloeg haar toen met de vlakke hand in het gezicht. Er liep één enkele traan uit haar ooghoek naar beneden, maar ze wendde haar blik niet af. Hij duwde haar opzij, ontkoppelde het vijftien kilo wegende lanceerapparaat van de affuit en droeg het terug naar het busje waar hij het achterin op de grijze deken smeet die ze hadden gebruikt om het te bedekken. Hij gooide de affuit er achteraan en sloeg de deuren met een klap dicht. Hij greep Lena's hand vast, trok haar naar de voorkant van het busje en duwde haar op de passagiersplaats. Er klonk een knarsend geluid toen hij in zijn haast om weg te komen te wild schakelde en de banden protesteerden piepend toen hij het gaspedaal te snel intrapte. Het busje schoot met een ruk naar voren, maar hij wist te voorkomen dat de motor vastliep en binnen enkele seconden waren ze een scherpe bocht omgeslagen en was de groteske krater niet langer in de achteruitkijkspiegel zichtbaar. Hij keek even naar Lena. Hij had altijd gezegd dat ze te jong was om erbij betrokken te raken, maar hij had haar op haar eigen aandringen meegenomen. De bittere ironie was dat het hele plan vanaf het prille begin haar idee was geweest. Zijn allereerste zorg was nu hen in veiligheid te brengen. Veiligheid was een zomerhuisje in Teplyystan, een dorpje vijftien kilometer ten zuiden van Moskou. Het zomerhuisje was eigendom van een dokter, die naar hij aannam, Lena uit haar trancetoestand zou kunnen halen. Daarna konden ze samen naar Tula aan de oever van de Don vertrekken, waar ze zich schuil zouden houden tot mettertijd het onderzoek zou zijn vastgelopen. Hij werd zich er plotseling van bewust dat er een witte Mercedes achter hem reed. Waar was die zo snel vandaan gekomen? Zo gauw Benins auto zou zijn gepasseerd, zouden er aan het begin van de vierbaansweg verkeersborden worden opgesteld die automobilisten waarschuwden voor een op handen zijnde dynamietexplosie en hen naar een ander deel van de snelweg zouden omleiden. Zijn ogen schoten voortdurend heen en weer naar de achteruitkijkspiegel, terwijl hij de naderende Mercedes met stijgende bezorgdheid in de gaten hield. Hij dwong zichzelf niet in paniek te raken. Er was ongetwijfeld een logische verklaring voor. Op het moment dat hij na een bijzonder moeilijke bocht een vlak weggedeelte opreed, sprong de verklaring hem in het oog. Een wegversperring. Een Mercedes en een Zim blokkeerden bumper aan bumper beide rijstroken van de vierbaansweg en achter hen rees het dreigend silhouet van een T-72 tank op, die zijn loop recht op het naderende busje hield gericht. Vasili wierp een blik over zijn schouder, terwijl hij tegelijkertijd de rem indrukte en zijn hand naar de versnellingshandel uitstak. De Mercedes was dwars over de weg gaan staan, zodat hij ingesloten was, en de twee inzittenden stonden er nu naast met AK-47 geweren in hun gehandschoende handen. Vier van de vijf mannen die de wegversperring bewaakten, hielden eenzelfde wapen vast. Vasili schakelde met tegenzin de motor uit. De ongewapende man kwam naar voren en trok de deur aan Vasili's kant open. Zodra Vasili's voeten de grond raakten, werd er een stel handboeien strak om zijn polsen geklikt. Hij keek machteloos toe, terwijl Lena uit de passagiersstoel werd getrokken en eveneens werd geboeid voordat ze naar de wachtende Zim werd geleid. De ongewapende man haalde vervolgens een vaalgeel plastic identiteitsbewijs te voorschijn, dat hij voor Vasili omhoog hield. Directoraat S. De achterdeur van de Mercedes ging open en een lange man met een verweerd gezicht stapte uit. Hij trok een met bont gevoerde hoed over zijn kortgeknipte grijze haar, terwijl hij met zijn blik strak op Vasili gericht op de bestelbus kwam toelopen. 'Laat ik mij even voorstellen. Generaal Konstantin Benin.' Vasili was niet verbaasd. Het hele plan was verschrikkelijk fout gelopen, maar wanneer? Hij verwoordde de vraag. Benin stak zijn hand het busje in, zette de muziek uit en liet de cassette uit de recorder springen voor hij antwoordde: 'Vrouwen en drank moeten in dit werk altijd gescheiden worden gehouden. Gelukkig wist een van je collega's dat niet.' 'Wie?' Vasili had er onmiddellijk spijt van dat hij had toegehapt. 'Dat zal je snel genoeg merken. De meesten van je medeplichtigen zijn al in hechtenis genomen.' 'Hoelang wist u het al?' 'Direct vanaf het begin. Je flat is de afgelopen twee maanden afgeluisterd.' 'Generaal, moet u dit eens zien.' De ongewapende man gebaarde naar de achterkant van het busje. 'Dat is er niet een van ons, generaal.' 'Nee, inderdaad niet.' Benin keek in het busje en liet zijn hand over het in Engeland gefabriceerde Carl Gustav-lanceerapparaat glijden. Benin draaide zich om naar Vasili, pakte toen de cassette met beide handen beet en brak hem in tweeën, waardoor het tapelint naar buiten golfde en op de grond viel. Hij stopte de twee stukken in de zak van Vasili's parka. 'Anatoli?' riep hij, nadat Vasili naar de Zim was weggeleid. Benins adjudant kwam haastig vanachter het busje vandaan. 'Ja, generaal?' 'Ik wil dat je je persoonlijk met Potrovsky's weduwe bezighoudt. Zorg ervoor dat ze recht heeft op een staatspensioen.' 'Ik heb gisteravond de gegevens verstuurd.' 'Goed. O, en stuur haar namens mij wat bloemen, met de gebruikelijke tekst.' 'Ja, generaal. En het persbericht?' 'Houd het kort. Geef ze maar een of ander verhaal over een onverwachte vertraging die mijn leven heeft gered. Je kunt er nog aan toevoegen dat de twee jongelui die erbij betrokken waren, zijn doodgeschoten toen ze zich tegen hun arrestatie verzetten. Zorg dat Tass het in de loop van de morgen krijgt.' 'Gaat u er geen showproces van maken, generaal?' 'Ik heb eraan gedacht, maar hoe zou dat kunnen als er geen beklaagden zijn?' Hij klopte Anatoli op de arm en liep toen terug naar de Mercedes. De chauffeur deed de deur achter hem dicht en een paar ogenblikken later maakte de auto zich los van de wegversperring en zette koers naar het zuiden. Pas toen hij de rand van Teplyystan naderde, minderde hij vaart en sloeg een smalle weg in die leidde naar het natuurpark van Bittsevsky, een panoramisch landschap met ravijnen en bergengten, waar eiken- dennen- en pijnbomen in lagen waren aangeplant. Het bord bij de ingang was dreigend genoeg: STOP! VERBODEN TOEGANG, WATERWINGEBIED. De chauffeur liet de Mercedes een paar honderd meter verderop langzaam voor een slagboom tot stilstand komen en stak zijn identiteitskaart uit naar de dienstdoende KGB-officier, die hun onmiddellijk gebaarde door te rijden. Na ongeveer vijfhonderd meter liep de weg dood en de chauffeur draaide de auto de aangrenzende parkeerhaven op die op dat tijdstip van de morgen bijna was uitgestorven. Benin stapte uit en stak over naar het wachthuisje waar hij zijn identiteitskaart liet zien aan de dichtstbijzijnde van de drie gewapende wachten. De wacht controleerde het en activeerde toen het elektronische draaihek. Ze salueerden alle drie terwijl Benin langs hen liep, maar zoals altijd negeerde hij hen. Hij liep een voetpad af, langs uitgestrekte grasvelden en opzienbarend kleurrijke bloembedden, waarvan werd gezegd dat er plastic bloemen in stonden, zodat ze het hele jaar door dezelfde aanblik zouden bieden. Vervolgens liep hij een trapje op en ging de dubbele deuren door van het uit glas en lood opgetrokken gebouw dat de vorm had van een driepuntige ster. Het krantenstalletje zou pas over een uur opengaan, maar nadat hij een bewaker zijn identiteitsbewijs had getoond, vroeg Benin of er een exemplaar van de Pravcia in zijn kantoor bezorgd zou kunnen worden zo gauw de krant was aangekomen. Hij ging met de lift naar de zevende verdieping en liep de lege gang af tot hij bij het laatste kantoor van de rij aankwam. Een van de vele voordelen van zijn baan was dat hij een kantoor op de zevende verdieping had met een adembenemend uitzicht op het omringende bos. Hij activeerde het slot met de magnetische strip van zijn identiteitskaart en vervolgens opende hij op dezelfde wijze de binnendeur van zijn werkkamer, die hij daarna zorgvuldig achter zich sloot. Hij deed het licht aan en ging achter zijn massief eiken bureau zitten dat op zijn bevel was gemaakt van eikenhout uit het Bittsevskygebied. Hij opende zijn in leer gebonden agenda en nam snel het programma van die dag door. Eén naam ontbrak. De naam van zijn meest vertrouwde en gewaardeerde agent in Europa, wiens naam nergens in zijn administratie was terug te vinden. Hij was deze morgen heel vroeg gekomen, om juist met die agent contact op te nemen. Hij sloot zijn agenda en draaide rond in zijn stoel om de muursafe te openen. Hij haalde er een stel sleutels uit, waarvan hij er een uitkoos om de linker onderla van zijn bureau te openen. De la was in twee afdelingen verdeeld en de achterste was met weer een ander slot beveiligd. Hij opende dat ook en haalde er een telefoon uit. In zijn ogen was het in een wereld van afluisterapparatuur en scherp toezicht noodzakelijk af en toe een troefkaart te hebben om aan de winnende hand te blijven. Hij draaide een nummer en terwijl hij wachtte tot er zou worden opgenomen, was hij zich ervan bewust dat hij een lijn gebruikte die geheimer was dan welke verbinding dan ook tussen het Kremlin en het Witte Huis. Het afluisteren van de telefoongesprekken van de top van de hiërarchie in het Kremlin was de laatste jaren een van zijn lievelingsprojecten geworden. Wat hij allemaal niet wist over hun privélevens... Aan de andere kant werd opgenomen. 'Brazilië,' zei Benin. '1967,' werd er geantwoord. De codewoorden pasten bij elkaar. Benin vervolgde: 'Waren er nog problemen bij het inladen van de vracht in de trein?' 'Helemaal niet. De dekmantel werkte perfect.' 'En de trein?' 'Die is precies op tijd vertrokken. De mannen hebben allemaal hun positie ingenomen, alles verloopt volgens plan.' Benin legde de hoorn op de haak en borg de telefoon weer op. Nadat hij de la had afgesloten, legde hij de sleutels terug in de muursafe, deed hem dicht en liet de kiesschijf ronddraaien. Hij leunde achterover in zijn stoel, met zijn handen achter zijn hoofd gevouwen. De aanslag op zijn leven was verijdeld en zijn grote plan op het continent verliep exact volgens de verwachtingen. Het zou een goede week worden.