Smaak

 

 

 

 

 

 

‘Wat heb je nou aan?’

‘Een nieuw pak.’

‘Dat zie ik ook wel.’

‘Waarom vraag je het dan?’

‘Omdat het een afschuwelijk pak is, daarom! Om te beginnen is het van corduroy. Wie loopt er nou in een corduroy pak? Verder is het getailleerd, nou ja, het lijkt wel een mantelpak. En het is lichtbruin. Heb je wel in de spiegel gekeken?’

‘Het is geen corduroy.’

‘Ooh nee? Wat is het dan?’

‘Ribcord.’

‘Ribcord. En ribcord is geen corduroy volgens jou?’

‘Ik vind het mooi.’

‘Man, waar heb je het gekocht? Ooh nee, niet zeggen. Ik weet het al. Bij die vreselijke zaak met die rode homo. Die heeft het je aangepraat. Ooh ooh, wat ben je toch dom soms.’

‘Ribcord is in de mode.’

‘Ribcord is in de mode? Zei ie dat? Laat me niet lachen. Dertig jaar geleden was het in de mode, en toen ook alleen nog maar bij leraren en ambtenaren.’

‘Ik vind het mooi. Het zit heerlijk.’

‘Het staat voor geen meter.’

‘Het staat wel.’

‘Dat zei hij zeker? Jij bent ook wel heel makkelijk te lijmen, hè? Je gaat het maar ruilen.’

‘Dat kan niet. Het was in de uitverkoop.’

‘Dat geloof ik graag. Zo’n pak kun je alleen aan sukkels kwijt die de uitverkoop afstruinen.’

‘Ik ben geen sukkel.’

‘Je dacht niet: hoe komt zo’n mooi pak in de uitverkoop terecht?’

‘Moet je kijken wat je zelf in de uitverkoop koopt.’

‘Egbert, je loopt voor lul. Van wie is het eigenlijk?’

‘Uh? Van mij natuurlijk, van wie anders?’

‘Nee man, van welke ontwerper is het?’

‘Weet ik veel.’

‘Ik wed van een Belg. Laat eens kijken.’

‘Afblijven.’

‘Nou zeg, doe niet zo kinderachtig! Laat zien.’

‘Jij doet hier kinderachtig.’

‘Ik maak me zorgen, ja.’

‘Je hoeft je over mij geen zorgen te maken, hoor.’

‘Als mijn man er zo bij gaat lopen, maak ik me zorgen ja. Hoewel, misschien moet ik me juist nergens zorgen over maken. Geen vrouw die je nou nog serieus neemt.’

‘Trut.’

‘Nou ja, die homo misschien, uit die winkel van je. Ben je stiekem nicht geworden, schat?’

‘Jezus, zeg…’

‘Ooh, wat zijn we weer gevoelig. Grapje, schat, grapje.’

‘Ik hou niet van grapjes.’

‘Nee, precies. Dat is het met jou.’