image2

DIDERICH

 

Er schijnt een grote aanval op de Melkweg voor de deur te staan, maar de solaire vloot is te zwak om alle Terraanse gebieden te kunnen beschermen. Dit blij*kt heel duidelijk op het moment, dat Old Man opdoemt in Jellico's stelsel en hypnokristallen uitbraakt, die de mensen van de planeet New Luna onderwerpen.

Bijna tegelijkertijd ontstaat er in het heelal een nieuwe bron van gevaren: Het solaire vlaggeschip Omaso, dat een belangrijke controletaak heeft gekregen, meldt zich niet meer, nadat de psychoval is dichtgeklapt. Maar de mannen van de Omaso mogen niet voor eeuwig en altijd in handen van deze afstotelijke tegenstander blijven. De koning van de vrije handelaars, Hoi Danton, grijpt in om DE MACHT VAN DE GLAZIGEN te breken ...

 

 

HOOFDPERSONEN IN DEZE ROMAN:

Atlan - Bevelvoerend admiraal - lordadmiraal van de USO.

Roi Danton - Koning van de vrije handelaars van het heelal.

Oro Masut - Dienaar en lijfwacht van 'koning' Danton.

Melbar Kasom - Generaal en specialist van de USO.

Pen Tunither, Gilbert Hestinger en Hain Mungu - Drie niet te beïnvloeden figuren op de Omaso.

Rasto Hims en Tusin Randta - Twee 'edellieden' op de Francis Drake.

 

 

1.

Op Aarde geboren mensen, gewoonlijk Terranen genoemd, waren het met hun niet op Aarde geboren, maar niet minder menselijke soortgenoten, eens, dat ze er te losse zeden op nahielden en als personeel op ruimteschepen met een 'twijfelachtige discipline' behept waren. Het begrip 'twijfelachtige discipline' was al vaak aanleiding tot felle discussies geweest. Experts zeiden, dat het uit taalkundig oogpunt een fout begrip was. Ze hadden 'de spijker op zijn kop geslagen', zeiden de Terranen, die de uitdrukking voor het eerst gebezigd hadden.

Zeker was, dat hij niet meer weg te denken was. Maar daarmee was nog steeds niet duidelijk of de discipline van de niet op Terra geboren bemanningen slechter was dan die van Terranen.

Maar op 20 oktober 2435 na Christus leek het er veel op, dat de op Terra geborenen gelijk hadden. Een radiosergeant van de solaire vloot zou het bijvoorbeeld nooit hebben gewaagd om zonder speciaalbevel een allrounderbericht uit te zenden: vooral niet wanneer er duidelijk sprake was van een privébericht.

Een Terraanse radiosergeant zou zich hoogstens ertoe hebben laten verleiden om een protestbericht rechtstreeks door te geven aan zijn commandant, zonder rekening te houden met de voorgeschreven dienstwegen.

 

Noris Menehl, radiosergeant op het USO-vlaggeschip Imperator III, was geen Terraan. Hij had het levenslicht aanschouwd op Mukal IV en van zijn vader, een jager op groot wild, achttien jaren lang te horen gekregen dat de persoonlijke vrijheid van een man meer waard was dan alle andere dingen in het heelal.

Deze visie op de werkelijkheid, die in principe juist was, had Noris Menehl tijdens zijn opleiding op de ruimteacademie wel wat moeten bijschaven.

Natuurlijk had men zijn persoonlijke vrijheid nooit aangetast, maar wel hadden ze dingen van hem gevergd, die in een groot bedrijf als de solaire vloot niet achterwege gelaten konden worden. Een van die dingen, die Menehl zeker als een inperking van zijn rechten classificeerde, was het gedurende enige tijd verblijven in de grote radiocentrale van de Imperator. Meer dan zitten was er niet bij. De imperator bevond zich als eerste schip van een sterke eenheid in de geheime opmars en uitvalsector Morgenrood aan de zuidelijke grens van de Melkweg. Bevelhebber was de chef van de USO, lordadmiraal Atlan.

 

De Arkonide, met zijn leeftijd van tienduizend jaar, had niets anders te doen dan wachten. Niemand wist precies, wat het plotselinge opduiken van de reuzenrobot Old Man te betekenen had. Ze hadden alleen gehoord, dat hij in zijn functie als transporteenheid ongeveer vijfduizend schepen van de Galaxis-klasse vervoerde en ze tegen het zonne-imperium inzette.

 

In de springplanksector Morgenrood, waar vandaan zowel de gevaarlijke Eastside van de Melkweg met de daar vechtende Blueseenheden als de twee wolken van Magelhaen snel bereikt konden worden, was het rustig. Old Man was verdwenen. De gigantische halve bol met zijn transportplateaus, die aan de afgeplatte onderkant bevestigd waren, cirkelde op dat moment rond het verre stelsel van Jellico's ster. Daar bevond zich ook Perry Rhodan, opperregent van het zonne-imperium. Zijn missie naar New Luna, de enige gekoloniseerde planeet van het pas enige jaren geleden ontdekte stelsel, was in alle opzichten een mislukking geweest.

 

Old Man, die, zoals gebleken was, niet alleen door een supercomputer maar ook door levende wezens werd bestuurd, stond onder bevel van de kristalagenten, die door hun hypnosuggestieve straling de vijftigduizend kolonisten van New Luna al tot slaaf hadden gemaakt. Eigenlijk was er geen dwingende reden binnen het kader van de solaire strategie te bedenken, om in de sector Morgenrood een bezetting van een paar duizend moderne ruimteschepen te handhaven. Maar Atlan stond er op om het gebied, dat voorzien was van allerlei soorten steunpunten, niet veilig te verklaren. Hij scheen daar bijzondere redenen voor te hebben. Sergeant Menehl interesseerde zich slechts zijdelings voor de onbegrijpelijke plannen van zijn hoogste chef. Zijn met moeite gehandhaafde discipline stortte finaal in elkaar, toen hij een gecodeerd bericht ontving in de streng geheime privécode van de bevelvoerende admiraal. Binnen de USO waren er maar een paar mannen, die deze code kenden. Binnen het zonne-imperium waren dat alleen Perry Rhodan, de chef van de veiligheidsdienst Mercant, en Reginald Bull. Noris Menehl kon daarom wel raden, dat een bijzonder belangrijk iemand iets aan Atlan te vertellen had, toen de rode signaallamp aanfloepte. Menehl keek op zijn horloge en vergeleek de tijd met de standaardtijd op de automatische registrator. Het was 18:36 uur. De ontcijferaar draaide al. Het gecodeerde bericht, dat nog lang niet ontcijferd was, werd eerst in orde gebracht wat betreft de woordlengte.

 

Menehl observeerde de strook die uit de machine gleed. Uit de twee symbolen bleek voor wie het bestemd was.

'Ho!' bromde Menehl en draaide zijn stoel om. Behalve hij zelf waren er nog zeven anderen in de centrale. De peiler in de belendende ruimte was ook werkeloos. De vele groene punten op de schermen van de superechotasters veranderden nauwelijks van positie. Het waren de eenheden van de Morgenroodvloot.

Menehl stond op, pakte de strook en liep naar de geheugenbank van de positronische decodeur. De man achter de programmeertafel floot tussen zijn tanden, toen Menehl zijn speciale pasje uit zijn borstzak haalde en hem tegen de impulsreceptor drukte.

'U wordt herkend als dienstdoend radio-onderofficier,' blèrde de automatische stem even later. 'Uw verzoek alstublieft.'

'Codesleutel USO-pr-I Atlan,' zei Menehl in de microfoon. De automaat bevestigde het verzoek. Toen de ontcijferstrook samen met de sleutel uit de gleuf gleed en de twee in de centrale gestationeerde gevechtsrobots zich op grond van een radiobevel van het herkenningsmechanisme in beweging zetten, floot de korporaal achter de programmeertafel opnieuw tussen zijn tanden.

 

Plotseling hing er een gespannen sfeer in de centrale. 'Voor de grote ouwe van de Melkweg himself?' riep de korporaal naar hem.

'In hoogst eigen persoon. Hou nou je mond, Isko. Papa moet nadenken.'

 

Sergeant Menehl werd geëscorteerd door de beide robots. Het was niet aan te bevelen om ze een strobreed in de weg te leggen, of om een vinger uit te steken naar de ontcijfersleutel. Op de grote gevechtsschepen van de USO waren degelijke veiligheidsmaatregelen getroffen.

Menehl keek somber naar de twee stampende robots, liep naar de grote dekodeur, drukte de strook in de gleuf en knikte naar de programmeur.

'Laat je kunsten maar eens zien. Eén-pr-chef, normale tekst zonder directe verzending. Alarm uitschakelen. Ik wil eerst eens zien wie de euvele moed heeft om hem in zijn slaap te storen.'

 

De robots trokken zich terug. Ze interesseerden zich niet voor de concrete tekst. Het ging ze alleen om de code, en die was nu in de machine verdwenen.

 

Twee minuten later was de evaluatie klaar. De tekst verscheen op een ampexband met de mogelijkheid van geluidsweergave. Menehl pakte de strook, las hem en begon meteen te grijnzen. Hij las hem nog een keer en dat was voldoende om een gesmoorde lach te produceren.

'Zo te zien staat het lot van de mensheid toch niet op het spel,' zei de korporaal. 'Zou ik als drievoudig beëdigd lid van de USO-radiogarde mogen horen, wie er iets te vertellen heeft?'

Menehl was plotseling een en al activiteit. Hij rende naar de grote schakeltafel van de hyperzender, ging op de stoel van de afwezige hoofdofficier zitten en liet zijn vingers over toetsen en knoppen glijden.

 

Diep in de romp van het schip werd een energieapparaat van de atoomcentrale, die op de zender was aangesloten, aangejaagd. De richtstralers op de bovenste koepel bewogen zich niet, maar wel werd de grote rondstraalantenne uitgevouwd.

Niemand stoorde Menehl. Glimlachend stelde hij de antenne in en daarna bracht hij de microfoon naar zijn lippen. Hij wist, dat alle andere scheepsstations, net als op de Imperator, constant op 'ontvangst' stonden. De zendcapaciteit was net voldoende om dit bericht uit te zenden naar alle schepen in de sector Morgenrood. 'Imperator III, sergeant Menehl aan alle belanghebbenden,' zei de Mukalees. Alleen al deze oproep druiste tegen alle voorschriften in. Dat was voldoende om de aandacht van drieduizend hyperradiotechnici te trekken.

 

'Het lijkt me in het belang van alle eenzamen en wachtende om mede te delen, dat de koning van de vrije handelaars, Roi Danton, zich zoeven heeft verwaardigd een bericht te doen toekomen via de topcode. Waar die schurk die vandaan heeft, moet je mij niet vragen. Ik weet het ook niet. We mogen dit raadsel gevoegelijk voegen bij de andere raadselen, waarmee zijne Majesteit zich gewoonlijk omgeeft.'

Menehl zweeg even. Het plotseling opkomende, galmende gelach staafde hem in het idee, dat hij een goede daad had gedaan. Hij ging verder: 'Rustig, vrienden, hij komt echt. De, eh!, dringende noodzaak om in het belang van allen dit bericht door te geven was voor mij, ik met mijn enorme gevechtservaring, onmiddellijk duidelijk. Ik doorzag bliksemsnel de situatie, die eventueel zou kunnen leiden tot het vernietigen van een ruimteschip, dat zich niet volgens voorschrift had gemeld.' De luidsprekers boven Menehls hoofd begonnen te gieren. De radio-officier van een USO-slagschip meldde zich.

'Uw commandant zal u vast met vriendelijke woorden belonen, sergeant. Wie heeft u opdracht gegeven voor dit bericht?' Menehl kuchte. Hij lette niet op de grijnzende gezichten van zijn ondergeschikten.

'Mijn geweten, Sir. Roi Danton kan ieder moment opduiken uit de lineairruimte. Het was misschien al te laat geweest als ik eerst de commandant of misschien zelfs de chef zelf had geïnformeerd. Een goede soldaat moet zelf, indien mogelijk, complicaties ...'

'Hou op met dat doorzichtige geklets,' onderbrak de officier de woordenstroom. 'Doe dat ding uit, man. We zijn al op de hoogte.' Menehl verbrak inderdaad de verbinding. Daarna drukte hij op de oproepknop voor de centraleofficier en gaf hem de tekst door. De dienstdoende officier bracht de commandant op de hoogte. Slechts een minuut later begon het communicatiescherm in Atlans hut te zoemen.

 

De lordadmiraal lag wakker op de harde matras van zijn bed. Hij had zijn armen achter zijn hoofd en lag na te denken over de dingen, die hem waren opgevallen. Atlan draaide zijn hoofd om, keek naar het scherm en overwoog of hij zou ingaan op de oproep. Tenslotte drukte hij dan maar op een knop van het langeafstandsapparaat aan de rand van zijn bed. Het gezicht van de commandant van het vlaggeschip, Gys Reyht, werd zichtbaar.

 

Overste Reyht was een van de weinige Epsalezen, die er na veel moeite in was geslaagd om een soort baard te kweken. Hij was even lang als breed en zo stond hij in de centrale voor de kamera en wachtte op het ontvangstsignaal. 'O, Mister Reyht, wat fijn om u weer eens te zien,' hoorde hij Atlans stem. 'Welk dreigend gevaar noopt u, mij te storen?'

'Een galactische gek, genaamd Danton,' antwoordde de Epsalees kort en bondig. 'Hij kondigt via uw privécode zijn spoedige komst aan. Ik, neem me niet kwalijk, melding van peiler. Dantons Francis Drake is midden in de veertiende offensieve eenheid opgedoken, Sir. Wat een brutaliteit!' Atlan kwam plotseling tot leven. Hij richtte zich op. 'U zegt het heel duidelijk, Mister Reyht. Omdat deze unieke figuur van brutaliteit aan elkaar schijnt te hangen, moeten we hem maar vergeven. Laat een bericht uitzenden aan iedereen. Het vrijbuiter-, ik bedoel vrijehandelaarsschip kan ongehinderd passeren.'

'Is al gebeurd, Sir. Dat wil zeggen, zonder toestemming. Onze dienstdoende radiosergeant is onmiddellijk na ontvangst aan het schakelen geslagen. Als ik een opmerking zou mogen maken ...' Atlans interesse was gewekt. 'Vergeef hem zijn eigenmachtige optreden maar. Een flinke vent, die sergeant. Ja, wat wilde u zeggen?' 'De mannen van alle eenheden verwachten een circus van klasse. Ik zag in de centrale van de Imperator alleen maar grijnzende gezichten.' 'Nou en?' 'De commandanten zouden instructie moeten krijgen, dat ze op hun post blijven. Minstens duizend schepen volgen die vrijbuiter.' 'Vrije handelaar!'

Overste Gys Reyht gaf het op. Hij kende Atlans onbegrijpelijke sympathie voor die kerel, die er behagen in schepte om gekleed te gaan volgens de mode van het eind van de achttiende eeuw en met de maniertjes van een verwijfde hoveling alle intelligente wezens van de Melkweg voor schut te zetten. Minder fijnbesnaarde bemanningsleden hadden daar andere uitdrukkingen voor; maar dat veranderde niets aan het feit, dat ze in Roi Danton een fantastische figuur zagen, die je in ieder geval moest zien optreden.

 

'De Francis Drake begint met zijn remmanoeuvre,' meldde de peiler van de Imperator III. 'Exact, Sir. Keurige manoeuvre, precies berekend.'

'Had u iets anders verwacht?' vroeg Atlan. 'Je zou denken, dat u Roi's negenhonderd mannen wel had leren kennen op Rubin. Ter uwer informatie, Mister Reyht, ik verwachtte de koning van de vrije handelaars. Hij heeft die code van mij gekregen. Als hij wat te vertellen heeft, verbind hem dan door met mijn hut.'

 

Atlan verbrak de verbinding. In de verbindingsdeur met het ruime woonvertrek was Melbar Kasom, de Ertruser met zijn lengte en breedte van twee en een halve meter, opgedoken.

Naar Ertrusische maatstaven gemeten was Kasom nog altijd een jonge man, met zandkleurig borstelhaar, dat kaarsrecht oprees uit zijn kale schedel.

Zwijgend, wijdbeens, zijn reusachtige armen over elkaar geslagen voor zijn borst, stond hij in het vertrek. Met zijn haar kwam hij bijna bij het plafond.

Atlan stond op en rekte zich uit. Hij had in vol ornaat op bed gelegen. Atlan keek de gigant onderzoekend aan.

'Nou, ouwe strijdmakker, waarom trek je een gezicht als een verregende oorwurm? Ben je boos? Heb je problemen?'

Kasom fronste alleen zijn voorhoofd. De opmerking deerde hem toevallig niet, want hij kwam net uit de eetzaal. Vijf Terraanse kalkoenen en tien pond gedroogde groenten hadden ze voor hem alleen uit de provisiekast moeten halen.

'Ik heb geen problemen,' zei hij met zijn bulderende stemgeluid. 'Ik heb zoeven bescheiden getafeld.' 'Aha! Het doet me plezier te horen, dat ze je niet dwingen om mensen aan te vallen.'

Kasom grijnsde plotseling. Hij droeg de onderscheidingen van generaal van de USO, maar bovendien het veel belangrijke insigne van specialist. Voor Kasom was dat waardevoller dan de gouden kometen.

Hij kwam in beweging. Hij stampte door de hut. Atlan kamde zijn lange haar en pakte zijn brede combiriem met zijn wapens. 'Wat wil die boef?' informeerde Kasom. 'Hij moet toch een reden hebben om de gevechtszone in Jellico's stelsel te verlaten en op te duiken op een plek, waar niets te beleven is.'

'Dat klopt. Maar er is hier wel iets te halen. U vergeet, dat de feitelijke bevelhebber over ongeveer zevenduizend schepen van vrije handelaars met een behoorlijke omvang, bewapening en uitrusting, het idee heeft, dat hij door ons in de maling wordt genomen.'

Melbar schaterde van het lachen. Atlan hield zijn handen tegen zijn oren. 'In de maling genomen. Uitgerekend die Danton, die het als zijn levensdoel beschouwt om andere mensen voor de gek te houden?' Atlan keek peinzend in de spiegel. Kasom had het gevoel, dat de admiraal er doorheen keek. 'Ik geloof dat u zich vergist. Die jongeman, die ik, de duivel moge weten waarvan, ken, speelt een gecompliceerd spelletje. Zijn optreden is een maskerade. Ik vraag me af, wat hij te verbergen heeft en voor wie hij zich wil verbergen.' 'Voor zijn eigen "ik",' stelde Kasom spottend als oplossing voor. Atlan draaide zich om. 'Toevallig heeft u het bij het rechte eind. We gaan aan boord van de Francis Drake. Bij mijn eerste bezoek heb ik helaas geen kans gehad om eens rustig rond te kijken. Het staat vast, dat Danton ons met zijn unieke schip weggevoerd heeft uit de vuurzone van de reuzenrobot Old Man. Anders zaten we hier nog op Rubin. Maak u gereed. Normale scheepsuniform. Paradekleding niet nodig.'

Kasom fronste opnieuw zijn voorhoofd. Hij verbaasde zich over de eigenaardige mentaliteit van zijn chef. Hij voelde een soort ongerustheid opkomen, toen hij zei: 'Sir, ik heb tranen met tuiten gelachen om die vent en zou waarschijnlijk weer tranen met tuiten lachen; maar dat betekent niet, dat ik al zijn maatregelen billijk. Hij heeft transformatiekanonnen aan boord!'

'Precies! En dat weet Perry Rhodan! Iemand anders had hij om die reden achter slot en grendel gezet. De veiligheidsdienst zou nu al bezig zijn met een grootscheeps opgezet onderzoek, om uit te vissen, waar die wapens vandaan komen. Niets van dien aard is gebeurd. De grote Terraan heeft Roi door laten vliegen. Inderdaad heeft Danton even later een beslissende rol gespeeld en door zijn exact uitgewerkte plannen ervoor gezorgd, dat we de eerste gegevens over de aard van de reuzenrobot kregen. We kwamen aan boord en wisten zelfs weer te ontsnappen. Sindsdien weten we, dat Old Man niet alleen door een prima computer wordt bestuurd, maar op de eerste plaats door intelligente levende wezens, die ik, rekening houdend met onze gebrekkige informatie, voorlopig als organische eenheden heb bestempeld. Ik ben benieuwd met wat voor nieuws Danton deze keer aan komt zetten. Op de basisplaneet van de vrije handelaars, waarvan we de positie nog steeds niet kennen, schijnen ze goed te kunnen rekenen. Bent u zover?'

Kasom reageerde niet op zijn vraag, maar veegde met de rug van zijn hand over zijn mond. 'Ze noemen deze planeet Olymp, en de zon die er omheen cirkelt, Boscyks ster. Keizer Lovely Boscyck moet de eigenlijke baas over de vrije handelaars zijn. Helaas hebben we nooit een eind aan zijn praktijken kunnen maken. Rhodan had ze als autonome macht moeten inlijven bij het zonne-imperium en ze op die manier moeten onderwerpen aan de Terraanse wetten. Dan zouden we hem makkelijker op zijn vingers kunnen tikken.' Atlan liep naar de deur en joeg een robot weg, die hem een schoon uniform wilde opdringen. 'U ziet de zaken verkeerd. Die zogenaamde keizer Boscyck is een oude, zieke man. Hij heeft alleen maar een representatieve functie, hij heeft niets te vertellen. Bovendien betwijfel ik het of de kosmische kapiteins zich bevelen laten geven.' 'Op een of andere manier moet die organisatie bestuurd worden.' 'Die bestuurder is Roi Danton, Boscycks rechterhand. Als je bedenkt, dat Roi Danton lange tijd de bodemschatten van Rubin kon exploiteren, zonder dat hij door ons werd gehinderd, dan is het duidelijk, dat hij een van de machtigste particulieren is, op economisch gebied. Op Rubin wordt zeer veel Howalgonium gevonden; onmisbaar voor met verstand begiftigde wezens, die allerlei instrumenten bouwen, die sneller werken dan het licht zich verplaatst. Danton heeft de andere vrije handelaars waarschijnlijk economisch goed in de hand. Hij geeft ze spiksplinternieuwe schepen, een complete uitrusting en startkapitaal. In ruil daarvoor moeten ze een behoorlijke portie van hun winst als belasting en schulddelging afstaan. U kunt er zeker van zijn, dat de organisatie van vrije handelaars minstens drie positronische computers gebruikt. Kom nu.'

 

Vijf minuten later doken Atlan en de Ertruser op in de centrale van de Imperator III. Op de grote beeldschermen van de panoramische galerij was de flonkerende romp van de Francis Drake al te zien. De bolvormige romp met zijn doorsnede van achthonderdvijftig meter naderde met hoge snelheid. De jets braakten vurige energiestromen uit, die op het scherm van de tastapparatuur veranderd werden in gloeiende kaskades. 'Groter dan een schip van de Stardustklasse,' bromde overste Reyht. 'Ik zou wel eens willen weten hoe zulke reuzen met zo'n perfectie gebouwd worden. Ik denk op de eerste plaats aan de bewapening. De Francis Drake heeft de vuurkracht van een imperiaal ruimteschip van de orde van grootte van vijftienhonderd meter.'

'Meer, veel meer,' corrigeerde Atlan hem, terwijl hij de woedende commandant van het vlaggeschip van opzij geamuseerd aankeek. 'U vergeet het nieuwe laadmechanisme van het transformatiegeschut. Danton schiet drie tot vier keer zo snel als wij. Is dat niks?' 'Teveel van het goeie, zou ik zo zeggen,' zei de Epsalees tandenknarsend. 'Sir, het gaat er bij mij niet in, dat de opperregent een particulier zomaar rond laat vliegen met zo'n gevaarlijke machine.' 'Perry Rhodan zal zijn redenen wel hebben. Maar een ding staat vast, Mister Reyht: Als Danton ook maar een keer de euvele moed heeft om de mensheid te bedreigen, dan is 't met hem gedaan. Vraag me niet, wat Rhodan in zo'n geval doet. Nu tolereert hij de vrije handelaars met een lach en een traan. Het zijn in feite alleen maar kosmische kooplui, die het niet zo nauw nemen met de wet.'

'Glazen kralen in ruil voor Howalgonium, nietwaar?' bromde de Epsalees.

'Niet altijd. Op Rubin heeft Danton de inboorlingen wat beschaving bijgebracht. De machines en de onderwijswerkplaatsen die ik daar zag hebben vele miljoenen gekost. Maar daar hebben we het niet meer over. Het is niet de taak van de USO om Rhodans maatregelen te bekritiseren. Ik heb niets tegen een organisatie van vrije handelaars, die onafhankelijk van het Imperium opereert, zolang men blijft optreden binnen het kader van de wet.' 'En de oorlog tegen de Galactische Springers?' reageerde Kasom traag.

Atlan haalde zijn schouders op. 'Een louter interne zaak tussen twee economisch geïnteresseerde groepen; de ene groep indirect niet-menselijk, de andere totaal menselijk. Volgens mij was het de hoogste tijd om het achtduizend jaren durende monopolie van de aan Arkoniden ontsproten Springers te breken. Ik, maar kijk nou eens!' Atlan keek geïnteresseerd naar de beeldschermen die de Francis Drake nu totaal te pakken hadden. De infraroodopnames waren van een prima kwaliteit.

 

Het machtige bolvormige schip werd met zijn loeiende motoren binnen een seconde tot stilstand gebracht. Het leek wel alsof een onzichtbare reus een aanstormende kogel met zijn hand had opgevangen.

Toen het geloei weggeëbd was, zweefde het schip van de vrije handelaars met nauwelijks meetbare snelheid aan de stuurboordzijde van de Imperator in het heelal. De afstand bedroeg maar twee kilometer.

'Minimum veilige afstand, natuurlijk!' zei de commandant. 'Danton kan geen veiligheidsscherm optrekken, maar wij ook niet. De duivel hale hem.'

'Doet u toch niet zo hatelijk, Mr. Reyht. Nou, wat is dat nou weer! Peiler, meet de gastongen, die overal langs de romp weg schieten. Kijk wat voor soort energie het is.' De robotevaluatie liep al. Voordat de verschijnselen verdwenen, was het resultaat er al. 'Peiler aan admiraal: Dat zijn nieuwe stuurjets voor het stabiliseren van de koers en voor zeer kleine correcties. Louter chemische miniatuurmotoren.'

Kasom schudde zijn reusachtige schedel.

'Je raakt nooit uitgeleerd! Chemische motoren op een ruimteschip met superlatieven qua constructie. Ik zou wel eens willen weten, wat die charmante boef nog meer te bieden heeft en waarvan wij nog geen enkel idee hebben. Wie bouwt dat voor hem? Wij hebben een onderzoeksteam nodig van minstens duizend man en vijf speciale computers, als we maar een kleine verbetering tot stand willen brengen. Ook Danton kan niet toveren. Waar zitten al die mannen en vrouwen uit verschillende disciplines, die hem van uitrusting voorzien?' Atlan gaf maar geen antwoord. Deze vraag was al zo vaak gesteld. Hij zou alleen op te lossen zijn, als men de veiligheidsdienst met alle ter beschikking staande middelen had ingezet.

 

Verder geheim houden van de thuishaven en de andere factoren was dan niet meer mogelijk geweest.

De mannen en vrouwen van de veiligheidsdienst, maar vooral de mutanten waren nodig voor stukken belangrijkere zaken. De ontdekking van de bases van vrije handelaars was sinds het opduiken van de reuzen robot Old Man en de kristalagenten nog onbelangrijker geworden dan gedurende die ongeveer dertig jarige periode van vrede van 2406 tot 2435. Daar moest Atlan aan denken, toen de oproep van de Francis Drake ontvangen werd. Roi Danton had vanwege de geringe afstand tussen beide schepen zondermeer de gewone ultrakorte golf kunnen gebruiken, met de normale snelheid van het licht. Maar dat deed hij niet, hij gebruikte de supersnelle beeldspreekverbinding. Atlan vermoedde, dat de vrije handelaar er belang bij had, dat hij op alle andere schepen van de Morgenroodvloot gehoord en gezien werd.

De Arkonide kon een glimlach nauwelijks onderdrukken. Zijn rode ogen begonnen vreemd te glanzen. Danton, de man, die zich de naam van een reeds lang gestorven Terraan uit de tijd van de Franse revolutie had toegeëigend, was een scherpzinnig tegenstander.

 

'Oproep Francis Drake,' gaf de radiocentrale van het USO-vlaggeschip door. 'Ik verbind door met de centrale.'

'Doe dat. Wat is er bij jullie aan de hand? Wat betekent die herrie?' De radio-officier schraapte zijn keel.

'De, eh, de mannen, die geen dienst hebben, hebben plotseling allemaal iets in de centrale te doen. Belangrijke, kleine reparaties, kunnen niet uitgesteld worden.' 'Aha, ik begrijp het. Stuur de heren terug. Het bericht wordt via de universele omroep naar alle afdelingen uitgezonden. Ik ben geen onmens.' 'Namaak-Terraan,' mompelde Kasom zachtjes en lachte brutaal. Zijn 'gemompel' was zo luid, dat je het wel moest horen.

Atlan keek de Ertruser dreigend aan. Sinds Rhodan de Arkonide bij de onderneming 'verleden' ongeveer dertig jaar geleden had bewezen, dat hij afkomstig was van mensen uit de Terraans-Lemurische periode en niets anders was, dan een enigszins gemuteerde afstammeling van Lemuriaanse kolonisten, was hij zijn bijnaam 'namaak-Terraan' niet meer kwijtgeraakt. Atlans oorspronkelijke Arkonidische arrogantie was minder geworden. Nu herinnerde hij Rhodan er alleen nog maar meesmuilend aan, dat Perry's voorouders nog in grotten gewoond hadden, toen de Arkonidische schepen al oprukten in de ruimte en een Imperium stichtten. Een gedeelte van de beeldschermgalerij werd verlicht. Het brede, zo te zien platgedrukte gezicht van een stevig gebouwde Epsalees dook op. Het was Rasto Hims, eerste officier en plaatsvervangend commandant van de Francis Drake. De commandant had recht op de titel van 'vorst'. De officieren waren 'edellieden', de gewone bemanningsleden 'boeren'. Danton was net als de bekroonde koning een zogenaamde 'keizer', die nog nooit als zodanig in het openbaar was opgetreden. Atlan haalde diep adem, toen hij Rasto Hims zag. Deze Epsalees was een typische vrije handelaar, met brutale manieren of bijna brutale manieren. Hij leek op alle andere kapiteins van de vrijehandelsvloot, die als hobby schenen te hebben, de commandanten en officieren van reguliere vlooteenheden brutaliteiten naar het hoofd te gooien en voortdurend te benadrukken, hoe vrij, progressief en ongebonden ze waren.

Het had lange tijd geduurd, voordat men op de solaire vloot had begrepen, dat deze opmerkingen tot het normale taalgebruik van de vrije handelaars behoorden, Ze schenen zonder hun verregaande stekeligheden niet te kunnen leven. Pijnlijk was alleen het feit, dat ze zeer vaak tere plekken raakten en waarheden zeiden, die niemand graag hoorde. Nog pijnlijker was het, dat je er niets tegen kon doen, want geen enkele vrije handelaar verzuimde om zijn suggesties met die bepaalde grijnslach te verkopen, waartegen iemand met gevoel voor humor vrijwel machteloos was.

 

Atlan wapende zich met geduld. Zijn lichaam spande zich, zonder dat hij het besefte. Hij stond voor de beeldschermen, als een tijger, gereed voor zijn sprong.

 

2.

De machtigen en kindervrienden, wier vertegenwoordiger ik, edelman, Rasto Hims, de eer heb te zijn, groeten met alle respect die lieden, die in het armetierige scheepje links van ons in de typische schemerige slaaptoestand van goedbetaalde nietsnutten rondlopen,' dreunde de groet uit de luidsprekers.

Het gevolg was een lachsalvo op drieduizend USO- en Terraanse schepen. 'Edelman' Hims grijnsde zo brutaal als ze gewend waren van mannen van zijn soort. Had hij zich anders uitgedrukt dan was hij door de Terranen en door de milieuaangepaste USO-specialisten niet voor vol aangezien.

Alleen commandant Gys Reyht en nog een paar mannen, die persoonlijk geconfronteerd waren met Hims, vertrokken geen spier van hun gezicht.

'Walgelijk!' zei de USO-overste. 'En die kerel is afkomstig uit mijn volk! Je zou hem toch door de Epsalesische Raad van Ouden zijn patent laten innemen. Dat zou de enige mogelijkheid zijn om hem voor zijn hele leven onschadelijk te maken.'

'Gegroet, collega,' zei Rasto Hims tegen de overste. De camera van de Imperator III beschikte op dit moment door een 'toevallige' speciale schakeling van de technici over een extreme grote opnamehoek. Op de beeldschermen van de andere schepen was bijna de hele centrale te zien.

'Goedendag, Mr. Hims,' antwoordde Reyht gereserveerd. 'Hoe gaat het met u?'

De edelman keek met gefronst voorhoofd naar andere vrije handelaars, die je niet kon zien. 'Hebben jullie dat gehoord, broeders? Hij tart me opnieuw. Dat komt door die nieuwe ordes op" zijn een Epsalees onwaardige spekbuik. Die USO-commandanten mesten zich vet op onze kosten. Collega Reyht, ik straf je met nadrukkelijke terughoudendheid.' Atlan begon verdacht hard te hoesten. Maar hij vertrok geen spier van zijn gezicht. Reyhts ondergeschikten produceerden zeer vreemde geluiden, maar waakten ervoor, hun commandant aan te kijken. Rasto Hims richtte zich tenslotte tot Atlan. Joviaal groetend, verklaarde hij:

'Hartelijk gegroet, mijnheer de Admiraal. Wij zien met welbehagen, dat u een nieuw uniform hebt aangetrokken. Niveau, niveau, Sir! Per slot van rekening is er een koning op bezoek gekomen.' Atlan knikte onverstoorbaar. 'Wat u zegt, edelman Hims. Uw aanpassingsmanoeuvre was goed, maar hij leek wel op de "narrow escape" van een slechte academiecadet, die voor de eerste keer achter het instrumentenbord zit zonder er aan te denken, dat zijn verloofde zit te kijken. Toen uw edelachtbare voorouders nog op Terra leefden en er zich zelfs in hun ergste dromen tegen verzetten om door types van uw soort aangevallen te worden, noemde men zulke riskante manoeuvres onder andere "cavaliersstart". Heeft u voldoende opleiding om met dit begrip iets te kunnen beginnen?'

 

Dit keer werd er gegrijnsd op de Francis Drake. Atlan was een harde tegenstander. Edelman Hims haalde diep adem.

Weerzin stond op zijn gezicht te lezen.

'Ik zie af van een reactie, Admiraal.'

'De druiven hangen zeker te hoog, nietwaar?'

'Ik weet niet, wat u daarmee bedoelt.'

'Die uitspraak komt uit een oeroude Terraanse vertelling. Dat begrijpt u natuurlijk niet. Hoe gaat het met zijne majesteit?' 'Roi Danton, koning van de hoogwaardige vrije handelaars, stelt zich voor om binnenkort met u te spreken. De koning is nog toilet aan het maken. Men noemt het ook wel make-up, maar dat verstaat u natuurlijk weer niet. Oud Terraans!' Edelman Hims probeerde het blasé-gezicht van zijn chef te imiteren. Atlan kon zich nauwelijks beheersen. Hij begon opnieuw te kuchen. Voordat hij goed kon reageren, klonk er uit de luidsprekers van ongeveer drieduizend ruimteschepen een vreselijk gejammer en gekrijs. Iemand mengde zich met een hoge, huilerige stem in het gesprek. 'Edelman Hims, moeten ze me dan weer storen! Mijn zenuwen, mijn zenuwen! Die harde woorden en zo grof uitgesproken! Lieve hemel, ik val flauw! Vreselijk! Oro, pak een bloedzuiger, hoe weerzinwekkend die ook zijn. Ze voorkomen in ieder geval een attaque. U valt in ongenade. Oro, m'n reukflesje.' Het gejammer stierf weg in een gesmoorde snik. Drieduizend bemanningen begonnen te joelen. Rasto Hims bleek dodelijk geschrokken.

'Neem me niet kwalijk, koning. Die USO-flessen zijn te troebel om leeg te drinken.'

'Edelman Hims!' Een wilde kreet. Een paar seconden later verscheen Roi Dantons protserig ingerichte hut op het beeldscherm. Atlan zei: 'O!' De ogen rolden bijna uit Kasoms hoofd en overste Gys Reyht bezigde een Epsalesische vloek die niemand verstond. Roi Danton, een lange, slanke man, met sympathieke trekken, zat in een grote fauteuil met prachtig gebeeldhouwde leuningen en dikke kussens. Het interieur van de woonruimte leek op een salon uit het eind van de achttiende eeuw. De koning was al in vol ornaat. Zijn robijnrode jas, met goud bestikt en op een voordelige manier afstekend tegen zijn wit zijden vest, contrasteerde met de zacht blauwe stof van zijn strakke kniebroek. Lange zijden kousen en schoenen met gespen, die met edelstenen waren bezaaid, voltooiden samen met het golvende kant rond zijn hals en aan de manchetten het beeld van een voorname fransman uit het jaar 1792 na Christus. Roi's met ringen versierde handen rustten op groene zijden speciale kussentjes, die op hun beurt weer bevestigd waren aan verstelbare, rijkelijk met goud bedekte leuningen.

 

Twee Siganezen, niet langer dan vijftien centimeter, waren druk bezig met het verzorgen van de vingernagels van de koning. Deze milieuaangepaste dwergen, gekleed als scheepsofficieren uit Nelsons tijd, droegen om hun kleine voetjes witte leren schuurplaatjes, die ze met artistieke souplesse over Roi's nagels lieten glijden. Ze sprongen van vinger naar vinger, haalden ver uit en begonnen dan te poetsen, totdat het zweet onder hun witte pruiken uitstroomde Twee Lakrusers, kale dwergen met een groene huid, met kromme beentjes en rimpelige babygezichtjes, wuifden de koning frisse lucht toe. Ze droegen oosterse kleding, met kunstig gewikkelde tulbanden.

 

Oro Masut, lijfwacht en dienaar van de vrije handelaar, sproeide net uit zijn reusachtige parfumspuit grote geurige wolken, waardoor de koning, die kennelijk flauwgevallen was, weer bij zijn positieven kwam.

Kreunend deed hij zijn ogen open, zag de Siganezen, die zijn vingernagels aan het polijsten waren en hijgde:

'Sneller, schatjes, sneller. De Sire, zijne heerlijke majesteit en Imperator van Arkon, verwacht mijn oproep. Wij hebben de tijd. Oro, maak je werk rustig af. Parbleu, het zeepschuim droogt al. Mijn eindeloos gevoelige huid zal lijden. Misschien word ik wel niet om aan te zien. Afschuwelijk! Ik! Opnieuw inzepen!' Oro Masut, een milieuaangepaste Ertruser, tien centimeter langer dan Melbar Kasom, en ook breder in zijn schouders, droeg de kleding van een koninklijke musketier. Zijn dreunende stem weerklonk. 'Mijn koning, dit schuim droogt nooit! De verfrissende en stimulerende werking op de heerlijke poriën van uw huid, wordt nog verdiept door de unieke, bij uw stand behorende methode van het historische natscheren. 'Juist, juist, beste vriend,' kreunde Danton opgelucht. 'Ik vergat de kunsten der voorvaderen. Inderdaad, het zou voor een edelman van mijn stand een "faux pas" zijn om net als moderne idioten te grijpen naar een elektrisch scheerapparaat of misschien zelfs naar een ontharingscrème, met die afschuwelijke bestanddelen. Oro, het mes! Waar is de slijpacrobaat?' 'Blahkhat...!' brulde de reusachtige Ertruser en haalde een scheermes met gouden handvat uit zijn zak.

Roi sloeg zijn ogen ten hemel bij deze geluidsproductie. Ergens achter in de salon sprong een wezen naar voren met een zijdezacht glanzende leren huid. Het kennelijk half intelligente dier leek het meest op een voetbal, met zes spinnenpoten.

Oro hield het mes vlak boven de grond. Blahkhat nam een aanloop, om plotseling snel rond te draaien. Hij suisde een paar keer met grote snelheid langs het mes, deed dat toen aan de andere kant en verdween met een hoog piepend geluid.

Atlan, die het schouwspel aandachtig in de gaten hield, en de maskerade probeerde te doorzien, was niet meer in staat om een woord te verstaan.

 

De centrale van de Imperator III leek plotseling een gekkenhuis, waarin ongeveer vijftig prima opgeleide kosmonauten, computertechnici, wiskundigen en super energie-ingenieurs als dwazen brulden.

Op de andere schepen van de Morgenroodvloot hetzelfde tafereel. Sommige commandanten hadden het later over een lachorkaan, die alle bemanningen absoluut ongeschikt had gemaakt voor het gevecht.

Atlan lachte tranen met tuiten. Alleen overste Gys Reyht kookte van woede. Hij schreeuwde met zijn machtige stem door het lawaai heen:

'Stilte aan boord! Is dit een ultraslagschip van de USO of een gekkenhuis? Stilte!'

Toen niemand reageerde, zei Reyht knarsetandend:

'Natscheren! Ook dat nog! Als de Ertruser die kerel zijn hals afsnijdt, betaal ik hem een jaarsalaris uit!' Oro Masut piekerde er niet over. Met zijn scherpe mes van edelstaal vloog hij snel maar zacht over Dantons wangen, kin en halspartij. Intussen stootte de koning geluiden uit, die op het blije geroep van een kind leken. Af en toe hoorde je afzonderlijke woorden. 'Heerlijk, dit tedere strelen van mijn huid met dit superscherpe mes. Elegant geleid en behoedzaam gehanteerd. Ik zal een gedicht vervaardigen. Hoe arm zijn de boerenpummels van vandaag met hun verwoestende crèmes en hun elektrische scheerapparaten. Ga door, Oro, ga door. Ik voel nog een haartje links onder mijn stalen kin.' Atlan ging zitten. Happend naar adem probeerde hij het markante gezicht van deze dertigjarige te doorgronden. Waarvan kende hij Roi Danton?

 

Het fotografische geheugen van de Arkonide liet hem ook deze keer in de steek. Niemand van de ongeveer driehonderdduizend luid lachende mannen van de Morgenroodvloot kwam op het idee, dat deze dwaas Perry Rhodans spoorloos verdwenen zoon kon zijn. Niemand identificeerde Roi Danton met Michael Reginald Rhodan, die na zijn kosmonautische en technische opleiding op de beste Hogescholen van Terra op een leeftijd van vierentwintig jaar in de diepten van het heelal was verdwenen. Rhodan wist alleen, dat zijn zoon geen zin had gehad om binnen de vrijwel almachtige invloedssfeer van zijn vader op te groeien Mike had er geen zin in gehad om steeds en overal open deuren te vinden, alleen omdat hij toevallig Rhodan heette. Hij was van mening, dat hij zelf moest uitgroeien tot een persoonlijkheid.

 

Dat was zes jaar geleden gebeurd. Zijn tweelingzuster, Suzan Betty Rhodan, was Mikes spoor gevolgd. Ze was getrouwd met een hypernatuurkundige, zo te zien een weinig betekenend iemand, die men op Terra ook als wetenschappelijke gek beschouwde. Niemand, zelfs progressieve mannen als professor Kalup, hadden de dwaze ideeën van deze Dr. Geoffry Abel Waringer kunnen begrijpen of respecteren. Roi daarentegen had Rhodan of Atlan natuurlijk niet verteld dat hij zijn superieure wapens juist aan dit miskende genie had te danken. Dat hij op een eenzame planeet met instemming van Rhodans echtgenote, Mory Rhodan-Abro, theorieën in daden omzette, waarover Terraanse experts met toenemende ongerustheid spraken. Roi's maskerade had een goede reden. Het ging allemaal zo extreem en opvallend, dat het onopvallend werd. Zelfs Atlan slaagde er niet in om op zijn gezicht meer dan een vage herinnering af te lezen. De driehonderdduizend specialisten op de schepen van de Morgenroodvloot konden niet vermoeden, dat Roi op een klein beeldscherm het effect van zijn optreden volgde. Het natscheren was ten einde. Een groene dwerg legde twee dampende doeken op zijn gezicht en begon daarna zijn volkomen gladde huid met crème in te smeren. 'Hoe het ook zij...,' riep Atlan tegen de commandant, 'zo vlekkeloos glad ben ik nog nooit geworden. Ook niet met de beste elektrische apparaten, of met een ontharingscrème. Die koning heeft stijl, dat moet u in ieder geval toegeven.' Danton besloot zich eindelijk te melden.

 

Op de beeldschermen was plotseling zijn zorgvuldig gepoederd gezicht maximaal vergroot te zien. Hij scheen Atlan nu pas te zien. Roi duwde de Ertruser, die geurige wolken rond spoot opzij, kafferde de twee druipende, Siganesische dwergen op zijn vingers uit en richtte zich op. De groene dwerg rommelde nog wat aan zijn witgepoederde pruik.

 

'Sire, bent u het werkelijk?' riep Roi en spreidde theatraal zijn verzorgde handen uit. Met getuite lippen, zijn ogen gesloten, ging hij op overdreven toon verder: 'Bonjour, Sire, mijn machtige weldoener en vriend. Comment allez-vous? Je suis enchanté de vous voir.'

Atlan schraapte zijn keel en stond weer op.

'Wat zei die vent?' informeerde Gys Reyht argwanend. Hij streek met zijn rechterhand over zijn dunne baard.

'Goeiedag en hoe het met me gaat. De koning is blij om me te zien. Welkom, monsieur. Je kunt zien, dat u van messen houdt. Heeft dat indirect iets te maken met de guillotine, waarop de advocaat, wiens naam u gekozen hebt zijn mooie hoofd heeft verloren?'

'Ha, ha!' zei Reyht. 'Ik herhaal: Die Ertruser krijgt van mij een heel jaarsalaris, als bij het natscheren een keer zijn mes uitglijdt.' Roi was opgestaan. Trippelend, met de punten van zijn voeten nauwelijks de grond beroerend, liep hij naar de camera toe. Zoeven nog stralend, drukte zijn gezicht plotseling verbijstering uit. Hij zocht naar houvast, dat hem onmiddellijk gegeven werd door de aanstormende Ertruser. 'Afgrijselijk!' hijgde de koning. 'Kijk daar! Welke verdoemde idioot heeft deze gorilla vrijgelaten? Breng vrouwen en kinderen in veiligheid. Alarmeer de gendarmes. Of is het misschien een Indische orang-oetang?'

 

Roi tuurde naar het scherm, waarop de verblufte overste Reyht te zien was. Oro Masut toverde een brede grijns op zijn met littekens bedekte gezicht.

'Kalm, Heer. De mannen van de IMPERATOR zullen hem wel opsluiten.'

Wat er daarna op de Imperator III en de andere schepen gebeurde, werd geboekstaafd in de analen van de Uso.

Drie mannen lagen verkrampt van het lachen op de grond en moesten naar de ziekenboeg. Overste Gys Reyht verloor minstens vijftig haren uit zijn baard, omdat de volkomen verbijsterde Lordadmiraal niet zo gauw een ander houvast had kunnen vinden. Melbar Kasom voelde plotseling een soort sympathie voor zijn soortgenoot met het gekerfde gezicht. De Uso-bemanningsleden werden door een bepaalde psychische schok opnieuw ongeschikt voor het gevecht.

Gys Reyht verliet snuivend van woede de centrale. Voor het buitenluik werd hij opgewacht door majoor Skor Kandrete. De eerste vuurleidingofficier van de Imperator had nog veel meer te lijden van Roi's spitsvondigheden dan zijn commandant.

'Ik ben klaar om te vuren,' fluisterde hij opgewonden in het oor van de Epsalees. 'Sir, een woord van u en ik druk op de knoppen. Ik kan me niet meer beheersen.' Het gevolg was een exacte neerslag, vroeger k.o. genoemd. Overste Reyht stapte over de bewusteloze Plophoser en begon met een plotseling optredende helderheid van zinnen te overleggen, hoe hij dit ongelooflijke voorval volgens de voorschriften zou kunnen melden. Roi merkte daar niets van. Hij had alleen maar gezien, dat de commandant de centrale had verlaten. 'U bent gered, Sire,' zei hij opgelucht. 'Het monster schijnt vrijwillig naar zijn kooi te zijn gegaan. Wie heeft hem afgericht?' Atlan veegde zijn vochtige ogen droog. Het duurde nog drie minuten, voordat hij zijn eigen stem weer kon horen.

'Dat was toevallig de commandant van mijn vlaggeschip, mister Danton. Ter zake. Aan welke stiekeme bedoelingen heb ik uw bezoek te danken?'

Roi scheen flauw te vallen, toen hij deze beledigende veronderstelling hoorde. Oro's reukflesje redde hem van dit vreselijke lot. 'U miskent mij,' zei de vrije handelaar. 'U mag het uit naam van mijn edele mentaliteit schrijven, dat ik u niet onmiddellijk mijn secondant op uw dak stuur.'

Atlan grijnsde. Hij herinnerde zich het duel op Rubin, waaraan de mensheid waarschijnlijk het falen van de Old Mancomputer te danken had. De reuzenrobot had alleen twee strijdende partijen gepeild, en aangenomen, dat de door zijn constructeurs als mogelijkheid gecalculeerde zelfvernietiging van de mensheid begonnen was. 'Wat dacht u van zware Spaanse degens, monsieur? U zult uw prachtige broek verliezen, en in onmajesteitelijke kaalheid tevoorschijn komen.'

 

Danton kuchte. Het gebeurde zelden, dat hij naar woorden zocht. Tenslotte zwaaide hij arrogant met zijn hand en bracht een geparfumeerd kanten zakdoekje naar zijn lippen.

Ik was ongeveer acht weken geleden niet beschikbaar. Natuurlijk kwam het niet in mij op, u daarop opmerkzaam te maken. Een boosaardige griep, weet u. Ik wilde u in aanwezigheid van het gewone volk de blamage besparen, dat u gewonnen had van een doodzieke man.' Atlan werd serieus. Opnieuw zocht hij naar herinneringen. 'Jij moet op aarde geboren zijn, Danton! Alleen Terranen kunnen zulke fantastische smoesjes bedenken. Ik heb veel zin om jouw Francis Drake volgens een goed oud Terraans zeeliedengebruik met de Imperator te rammen. Wat denk je daarvan?'

'Horrible, afschuwelijk! Uw wilde krijgersbloed, Sire, schijnt door de voortdurende impulsstroom van uw cellenactiveerder niet geleden te hebben.'

'Reken maar. Hoe goed zijn uw sloepen, monsieur?'

Danton fronste zijn voorhoofd en bracht zijn lorgnet naar zijn oog. Hij tuurde door het glas en kreunde: 'Pardon...?'

'Hoe goed uw sloepen zijn! Ik ga samen met de specialist Melbar Kasom aan boord van uw schip. 'Weer een inspectie,' zei Hims' dreunende stem. 'Wij zijn vrije mannen en onafhankelijk van iedere vorm van betuttelarij. Het doet er niet toe van wie.' 'Edelman Hims, beheerst u!' zei Danton met een geamuseerd glimlachje. Hij maakte een nonchalant gebaar en informeerde: Ik heb het idee, Sire, dat uw besluit al enige tijd geleden tot stand gekomen is. Is het nog zinvol om u nog in te lichten, dat ik van plan was, in een royale bui, die ik zelf ook niet goed begrijp, de naar desinfecterende middelen ruikende ruimtes van de Imperator te betreden?' Het gelach op de schepen verstomde. Iedereen voelde, dat het menens werd.

'Nee! Stuur een sloep. Ik zou wel eens willen zien hoe uw vrijbuiters met kleine eenheden manoeuvreren.'

'Vrije handelaar!' brulde edelman Hims er tussen door. Ik zal...!' 'Jij zult helemaal niets, Epsalesische dwerg,' bulderde de Ertruser. Kasom was vlak voor de camera gaan staan. 'Als de chef zegt, dat we aan boord gaan, dan gaan we aan boord. Dit is geen inspectie!' 'Dan bent u welkom,' verklaarde Roi zuchtend. Ik heb u, Sire, unieke voorstellen te doen, met het verzoek, ze gewetensvol te bestuderen.'

Atlan stond op.

Ik verwacht uw sloep. Over uw zogenaamde voorstellen zullen we spreken. Einde. Radiocentrale Imperator, verbreek de verbinding.' Atlan liep langs de instrumentenborden. Driehonderdduizend teleurgestelde mannen, die op een voortzetting van dit woordenspel hadden gewacht, voelden, dat Atlan niet langer bereid was, om Dantons opvoering te accepteren.

 

3.

Roi Danton had natuurlijk een officier gestuurd. De 'edelman' Tusin Randta, derde kosmonautische officier van de Francis Drake, was een paar minuten later met een verbindingsofficier in de sluis van een Space-jet opgedoken. Atlan noch Kasom hadden ruimtepakken aangetrokken. De boot beschikte over zes makkelijke stoelen, een kleine luchtsluis vlak voor de micromotor en een drukbestendige, transparante koepel van gepantserd plastic.

Kasom had zich dapper de sluis ingedrongen. Toen zijn hoofd in de passagiersruimte was opgedoken, waren de schouders van de gigant definitief klem komen te zitten. Na een paar pogingen, die aan de vastzittende Ertruser steeds meer vloeken ontlokten, had Randta tenslotte doodernstig gevraagd, waarom meneer de specialist niet van boven instapte! De koepel kon ook opengeklapt worden en de sluis was 'eigenlijk' alleen bestemd voor manoeuvres in de luchtledige ruimte.

 

Vijf grijnzende sluistechnici hadden de tierende Ertruser naar buiten getrokken. Omdat de radiocentrale van de Imperator natuurlijk niet de verbinding had verbroken, had men Kasoms avontuur op alle schepen van de Morgenroodvloot kunnen meemaken. Deze keer lachte men om hem.

Atlan had geduldig gewacht tot Melbar Kasom van boven de boot ingeklauterd was en zich in een waaghalzige positie uitgestrekt had tussen de twee achterste zitbanken.

Zo bevond hij zich half liggend, half zittend, met ingetrokken hoofd onder een staalplastic koepel en vervloekte hij het moment, waarop Atlan besloten had om een klein vaartuig van de vrije vaarders te willen leren kennen.

 

Tusin Randta vertrok geen spier van zijn gezicht. Hij neutraliseerde binnen het zwaartekrachtveld van de Imperator de ballast van de achtersteven en gleed met zoemende impulsmachine de Jet-sluis uit. Het ultraslagschip steeg als een stalen berg achter de wegschietende zwever op. Toen Randta onder de machineafdeling arriveerde, keek hij bezorgd naar boven. De Jet-muilen van de gigant waren per eenheid vele keren groter dan de zwever.

'Doorgaan,' zei Atlan opgewekt. 'Je kunt er zeker van zijn dat niemand op de startknoppen zal drukken. Ze lieten de Imperator achter zich. De ruimte, waar in deze randzones weinig sterren te bekennen waren, slokte de boot op.

De Francis Drake, hoewel slechts twee kilometer verwijderd, was met het blote oog niet meer te zien. Alleen een klein lichtpuntje, dat net zo goed een ster had kunnen zijn, wees erop, dat er ergens een luchtsluis openstond.

Pas vlak voor het schip werden zijn omtrekken zichtbaar. De glanzende, terkonietstalen romp weerkaatste het licht van de zon. Randta vloog vlak langs het machinecompartiment, van het bolvormige schip en koerste met remmende Jets op de felverlichte rechthoek af. Uit deze manoeuvre bleek de behendigheid van de derde officier.

De zwever wankelde maar even, toen hij beetgepakt werd door het kustmatige gravitatieveld van de Francis Drake met zijn middellijn van achthonderdvijftig meter. Door de automatische apparatuur werden de meesleurende krachten onmiddellijk geneutraliseerd. De vrije handelaar landde zachtjes voor de binnenste sluisdeuren. Achter de sloep gleden de vleugels van de buitenkant naar elkaar toe. 'Voor den duivel, hoe lang duurt dat nog?' zuchtte de Ertruser. 'Ik voel me als een prop papier.' 'Word dik en zat,' antwoordde Randta met de Ertrusische groet.

'Jullie eten gewoon te veel.' 'Wij zijn lichamelijk sterk en machtig,' reageerde Melbar agressief. 'Als die Hims nog langer wacht met het neutraliseren van de druk, alleen om mij nog langer in deze oven te laten smoren, zal hij rijp zijn voor jullie kwakzalvers. Vertel hem dat maar.'

 

Uit het hoge fluitende geluid van de binnenstromende lucht bleek, dat de plaatsvervangende commandant niet aan zulke streken dacht. Toen boven de binnenste luiken het licht aanfloepte, schoot Kasoms arm uit naar het schakelbord, waarna het dak met zoveel geweld naar boven veerde, dat de scharnieren kraakten. Kreunend kwam hij overeind, verpletterde de middelste zitbank"en rekte zich uit. 'Hé, dat zul je betalen,' schreeuwde de derde officier. 'Dat is beschadiging van andermans eigendom.' 'Misschien wil ik je nek wel masseren,' beloofde de milieuaangepaste met dreunende stem. 'Geen woord meer of ik raak buiten bezinning.' Atlan stapte uit. Kasom volgde met twee geweldige stappen, waardoor de dunne romp de nodige deuken opliep. Tusin tierde en eiste tweeduizend Solar schadevergoeding. 'Ik zal je tweeduizend keer door de sluis laten gieren,' grijnsde Kasom. 'Wat denk je daarvan?' De binnenluiken schoven terug in de gepantserde wanden. In de grote hal stonden Rasto Hims en nog een paar mannen.

Ze zeiden geen woord. Kasoms houding was overduidelijk. 'Men heeft mij bevolen u welkom te heten,' meldde de Epsalees zich, die ondanks zijn vijfhonderd kilo in vergelijking met Kasom inderdaad wel een dwerg leek. 'Hé, ik heb u welkom geheten!' herhaalde Hims op luide toon.

Atlan knikte opnieuw en tikte met zijn wijsvinger tegen het vizier van zijn radiohelm. Beide USO-officieren droegen hun normale scheepsuniform.

Hims zweeg. Hij stapte kwaad opzij en maakte plaats voor de Lordadmiraal. Kasom volgde hen als een tot leven gewekte pantserwagen. Roi Danton verscheen, zoals gewoonlijk, met zijn zogenaamde hofhouding. Oro Masut liep voorop, sproeide geurige wolken in het rond en schreeuwde dat men plaats moest maken voor de koning. Danton trippelde achter hem aan en woof zich koelte toe met zijn kanten zakdoekje. 'Voorzichtig, heer, het stinkt hier naar Uso-desinfecterende middelen,' zei Rasto Hims hardop en snuffelde.

'Edelman Hims!' zei Roi verbijsterd. 'Nou vraag ik u!' Hij stopte zijn zakdoekje in zijn linker manchet en 'zweefde' langs zijn reusachtige lijfwacht. Toen hij bij Atlan gearriveerd was, rukte de koning zijn hoofddeksel van zijn hoofd, zwaaide er elegant mee en maakte daarbij een buiging, zo elegant dat Atlan vol respect knikte.

'U kunt er wat van, monsieur,' zei hij tegen Danton. 'Dat heb ik niet vaak beter zien doen. Ertruser, hou op met dat sproeien van geurige wolken in mijn gezicht. Kijk eens, men permitteert zich een formele fout.'

'In godsnaam,' hijgde Danton, kennelijk op het punt om flauw te vallen. 'In welk opzicht, Sire? Laat mij putten uit de schatkamer van uw herinneringen.'

Kasom begon te grijnzen. Zijn Ertrusische landgenoot nam hij met minachtende blikken op.

'Uw lijfwacht draagt de dracht van koninklijke musketiers uit de tijd van kardinaal Richelieu. In die tijd wist men nog niets van een zekere heer Danton. Maar monsieur...!' Atlan schudde verwijtend zijn hoofd.

'Faute de mieux, bij gebrek aan iets beters,' zuchtte Danton. 'Parbleu, keizerlijke vriend, ik moet om vergiffenis smeken. Oro, kleed je onmiddellijk als een Moor uit het Morgenland. Dat past in ieder geval.'

Kasom bulderde van het lachen Masut keek hem bitter aan. 'Gespecialiseerde lummel, schande van Ertrus: Huursoldaat van arrogante figuren, ik zal je inademen.' Kasom deed zijn mond dicht, boog zijn schouders naar voren en liep naar de 'musketier'. Dantons degen siste als een zilveren bliksemstraal door de lucht. Het lemmet bleef vertikaal tussen de beide reuzen in de lucht hangen.

'Tot hier en niet verder,' lachte de koning. 'Dat gaat voor beide heren op.'

Kasom bleef staan. 'Je zult de Meester op alle wapens op zekere dag beter leren kennen,' beloofde Melbar zijn landgenoot. 'Maar zoek dan een onbewoonde planeet,' stelde Danton voor. 'Mon Dieu, wilt u mijn mooie schip vernielen? Duizend maal vergiffenis, Sire. Deze reuzen verliezen makkelijk hun zelfbeheersing. Overigens typisch voor het gemene volk. Geen adel, begrijpt u; geen karaktervorming.'

'Natuurlijk, natuurlijk,' knikte Atlan ernstig.

'Vous êtes bien aimable, Sire. U bent zeer beminnelijk.' 'Pas de quoi, monsieur, het is niet de moeite waard.'

Danton begon op hoge toon te juichen.

'Hoor, hoor, hoe hij de taal van de waarlijk adellijken beheerst. Zie hoe geroerd ik ben. Ik verleen u een gunst.'

'Een ossenkarbonade, lekker knapperig,' meldde Kasom zich. Danton kromp ineen. 'Oro...!'

'Lagere schepsels moeten zwijgen, als de nette luiden spreken,' grijnsde de met littekens bedekte Ertruser. 'Verdomme, de koning wordt niet goed. Ossenkarbonades, ha! Zijn we hier bij de spilzieke Uso, of op het schip van een spaarzame vrije handelaar.'

 

Atlan verborg zijn kin in zijn handpalm. Kasom was verbluft. Roi Danton snuffelde kreunend aan zijn reukflesje.

Daarmee scheen de ontvangst ten einde te zijn. Achterin de gang doken vier gespierde Epsalezen op met een ligbed.

Atlan strekte zich zwijgend uit op de kussens en wachtte totdat Oro zijn koning had opgetild. Kasom stampte er woedend achteraan, maar begon zachtjes te lachen, toen Roi snuivend zei: 'Neem me niet kwalijk, Sire. Sportieve prestaties van dit type zijn zeer inspannend.'

'O, u bedoelt het beklimmen van een stoel?'

'Natuurlijk. Sire u stelt me teleur.' Atlan staarde in de diepblauwe ogen van de grote man, onder wiens jasje zich een gespierd en getraind lichaam aftekende. 'Jonge man, waar ken ik je van?' fluisterde de Arkonide. 'Geef me een vingerwijzing.' Danton bewoog alleen even zijn handen. Het speet hem. Atlans gezicht werd hard. 'Goed, dan ter zake. Ik heb geen tijd te verspillen. Wat wilt u? Hoe luidt uw aanbod?'

'Ik maak aanspraak op het naar mij genoemde en door mij ontdekte zonnestelsel, dat ongeveer achthonderd lichtjaren verderop ligt. Roi's stelsel met de planeet Rubin, waarvan ik de primitieve bewoners beschaafd heb gemaakt, is mijn eigendom. Kent u de ontdekkingswetten van het imperium?' Atlan keek de vrije handelaar doordringend aan.

'U moet niet steeds pruiken dragen. Die doen uw geestelijke capaciteiten afnemen. De ontdekkingswetten van het imperium gaan uitsluitend op voor Terranen, of groepen, die bij het imperium zijn aangesloten. U verbeeldt zich toch niet, dat Rhodan u de rijkste Howalgonium vindplaats, die tot nu toe ontsloten werd, zomaar laat exploiteren? Rubin is door een Terraanse kruiser voor het imperium in kaart gebracht.'

'Twee jaar, nadat ik Rubin als eerste mens had betreden.' 'Prettig, dat u het eens een keer over uw menselijke afkomst heeft. Mijn complimenten, monsieur. Hebt u deze naasting volgens voorschrift laten registreren? Waar is uw rapport met de voorgeschreven ontdekkingsgeschiedenis? Nergens, nietwaar? Denkt u werkelijk, dat u alleen maar op Rubin hoeft te landen, om de intussen door inboorlingen verzamelde massa's Howalgonium in te laden? We hebben u lang genoeg vele miljarden Solar betaald. Die tijd is voorbij, monsieur Danton.'

De vrije handelaar was ongebruikelijk ernstig. Even vergat hij zijn masker. Atlan grijnsde heimelijk. Roi's gezicht was opeens veel markanter. Opnieuw had de Arkonide het gevoel, dat hij deze man al lang kende. Hij kwam niet op het idee, om in hem de jongen te zoeken, wiens streken hij had verdoezeld en die op zijn rug paardje had gereden.

 

'C'est malheureusement tres sérieux, Sire, het is helaas zeer ernstig. U bent hard.'

'Onzin. U kende de bepalingen. Had u uw ontdekking aangemeld, dan had niemand u het eigendom van Rubin kunnen betwisten. U wilde natuurlijk voorkomen, dat Rhodan aan de weet kwam, waar hij de rijkste Howalgoniummijnen van het bekende gedeelte van het heelal kan vinden. U hebt naar schatting vijfhonderd miljard Solar verdiend. Wees tevreden.' 'Iets meer dan een biljoen, als ik zo vrij mag zijn,' glimlachte Roi. 'Mooi, ik kom nu met mijn voorstel. Eisen schijnen niet te baten. U geeft mij Roi's stelsel, waarin alleen Rubin voor mij interessant is. De andere planeten zijn verlaten werelden. Ik ben, als dat nou zo nodig moet, bereid om mijn buitenpost, bijvoorbeeld nummer vier, aan het imperium ter beschikking te stellen als vlootbasis.' 'U bent gek.'

'Denkt u? Wat zou de opperregent over hebben voor een apparaat, waarmee je schepen binnen de lineairzone feilloos kunt peilen en dus achtervolgen? Dat is nog steeds niet mogelijk. Experimenten zijn mislukt. Laboratoriumsuccessen zijn niet in daden omgezet.' Atlan kwam zo plotseling overeind dat zijn draagstoel wankelde. 'Maak u niet te dik, Sire,'jammerde Roi opeens weer. 'Denk toch aan uw bloeddruk.'

'Wat zei u?' riep Atlan. 'Wat kunt u aanbieden? Een peiler, die in de tussendimensionale half ruimte functioneert?'

'U hebt het begrip "feilloos" niet erbij vermeld,' corrigeerde de koning der vrije handelaars hem verwijtend. 'Stelt u zich eens voor, Sire, dat de Terraanse commandanten en natuurlijk ook hun bemanningen, plotseling in staat waren om iedere vijand, die in de half ruimte opduikt, ongemerkt en absoluut veilig te achtervolgen. De militaire vooruitzichten zijn toch fantastisch, nietwaar?'

'Is er voor het vervaardigen van dit toestel Howalgonium nodig?' informeerde Atlan.

Roi Danton veegde zijn lippen af. 'Helaas,' moest hij met verdacht trillende stem toegeven. Kasom stootte een Ertrusische vloek uit en Atlan liet zich terugvallen in de kussens.

'Ik zou u voor alle zekerheid ter plekke moeten arresteren.' Kasom greep zijn wapen en sprong naar voren. Voordat de geurige wolken spuitende Oro Masut de situatie had begrepen, keek hij in Kasoms reusachtige impulsstraler. De lijfwacht bleef staan, liet zijn spuit vallen en hield zijn handen stil.

De vier Epsalezen onder de liggers van de draagstoel verroerden zich plotseling niet meer. Ze kenden de hete adem van zulke thermowapens.

Roi was niet onder de indruk. 'Uw specialist handelt snel, Sire!' 'Anders droeg hij die eretitel niet; Mr. Kasom, doe uw wapen weg. Uw reactie was prima, maar wel overbodig. Wanneer u deze fijne meneer werkelijk eens wilt uitschakelen, zal ik daar zelf wel voor zorgen.'

Melbar zijn geen woord. Hij schoof de straler, een gevechtsrobotmodel, in zijn riemtas, die tot op zijn knieën hing en liep langs Oro. 'Dat is je een keer gelukt,' zei de gigant. Kasom keek hem duister aan.

'Allons, schatjes, laten we gaan,' zei Roi vrolijk tegen de vier reuzendragers.

'Laten we toch niet zo snel nerveus worden. Sire, denk over mijn aanbod na. Ik zou graag Rubin en mijn stelsel willen hebben.' Atlan kreeg geen kans meer om te antwoorden. De alarmsirenes van de Francis Drake begonnen te loeien.

 

Atlan sprong overeind. Wijdbeens staand op zijn wankelende draagbaar keek hij om zich heen. Rasto Hims was verdwenen. Met hem waren de officieren van de kosmonautische bemanning verdwenen. Kasom greep opnieuw naar zijn wapen, maar ook deze keer had Oro Masut een niet minder grote thermostraler in zijn hand.

 

4.

Het geloei ebde weg. Voor een gevechtsalarm was het te kort geweest.

'Hier Rasto Hims,' werd er uit de luidsprekers gebulderd. 'Ik ben zoeven in de centrale gearriveerd. Radiobericht voor Atlan. Afzender, Perry Rhodan, positie van de opperregent Jellico's stelsel, zender Vlootvlaggeschip Crest IV, Uso-code duidelijke tekst is zoeven aan mij doorgegeven. Attentie, belangrijk. Luistert u?'

'Spreek maar,' riep Atlan tegen de dichtstbijzijnde microfoon. Kasom deed zwijgend zijn wapen weg. Masut liet zijn straler ook verdwijnen. Roi Danton was ook overeind gekomen.

'Rhodan aan chef Morgenroodvloot: Haast, strikt geheim. Alstublieft mededelen of slagschip Omaso, type multiklasse, Stardustbasistype, commandant overste Clark Dentcher, in sector Morgenrood arriveert. Graag bericht van Dentcher. N.B.: Omaso kreeg op 20 oktober 2435, standaardtijd: 7:36, hyperradiobevel om de zwevende reuzenkristallen in het zuidelijke gedeelte van de lege ruimte met transformatievuur te vernietigen. Bevestiging voor ontvangst binnengekomen op Crest IV: 7:49. Rapport ontbreekt. Omaso antwoordt niet na gecodeerde oproep. Opgelet! Bericht wordt al veertien uur uitgezonden. Sluiten.'Atlan zag er verkrampt uit. Het dreunende geluid van de stem vervluchtigde. Toen de Arkonide zich omdraaide, haalde Roi Danton net de pruik van zijn hoofd en gooide hem weg. De koning van de vrije handelaars was plotseling veranderd. Atlan keek in een paar peinzend toegeknepen ogen. 'Neerzetten,' beval Roi met een voor hem ongebruikelijk vaste stem. De vier Epsalezen lieten de draagstoel op de grond zakken. Atlan en Roi sprongen er af. Toen stonden de beide mannen, die even lang waren, tegenover elkaar.

 

Omaso-overste Dentcher!' zei Roi. is dat niet de commandant, die vlak na onze vlucht van Old Man meldde, dat hij ten zuiden van de Melkweg in de lege ruimte een vreemd, peervormig schip had gelokaliseerd? En het na vergeefse oproepen en na pogingen het tot stilstand te brengen, had vernietigd? Dat moet, wacht eens!, ja, dat moet op 29 september geweest zijn.'

'U hebt een briljant geheugen,' bevestigde Atlan. 'Het bericht is eenentwintig dagen geleden binnengekomen. Wij bevonden ons op het buitgemaakte robotschip.' Weer kruisten de blikken van deze twee zo verschillende mannen elkaar. Atlans gezicht drukte zijn innerlijke spanning uit. 'Verder, monsieur! Ik wacht op uw uiteenzettingen. Daarbij wil ik u niet vragen hoe u zo snel de zoeven pas uitgewisselde Uso-code kon ontsluieren, waarin het radiobericht gesteld was.' 'Onbelangrijk. O, de Imperator meldt zich. Daar zijn ze nu ook zover. Wij hebben sneller gedecodeerd.'

 

Atlan beet op zijn lippen en draaide zich om naar Kasom, die zijn draagbare radiotoestel uit zijn zak had gehaald.

'Geef aan de Imperator door dat ik al op de hoogte was. Mijn fijne vriend beschikt over de codesleutel. Overste Reyht kan op verdere instructies wachten.' Kasom begon in het toestel te spreken. Op de Imperator stond opnieuw een Epsalesische commandant versteld.

'Instructies, heer?' bulderde Hims uit de luidsprekers. Ik heb al een aanvraag laten klaarmaken.' 'Wat?' riep Atlan. 'Edelman Hims, u reageert naar mijn smaak iets te snel! Wat weet u van de Omaso af?' 'Alles,' riep Danton er vastberaden tussendoor. Zijn stem klonk beheerst. 'We hoeven geen verstoppertje te spelen, Sire. De gebeurtenissen staan het niet meer toe. Toen overste Dentcher het vreemde peervormige schip vernietigde, maakte zich uit de bast van de romp een kristallen massa los, met een groene kleur en een doorsnede van vierhonderd meter. Het bestond uit talloze biljoenen microkristallen, met hypnosuggestieve straling, waar de kolonisten van New Luna en de zogenaamde "organische beveleenheden" van het reusachtige moederschip al het slachtoffer van zijn geworden. Op Old Man bevinden zich volgens mij alleen maar kleine kristalmassa's. In de lege ruimte drijft echter een compacte massa rond. Dentcher kreeg na dit bericht bevel om de kristalmassa, die met een tiende van de snelheid naar de zuidrand van het Melkwegstelsel dreef, in de gaten te houden.'

'Klopt. Dat heeft hij ook eenentwintig dagen gedaan. Uit zijn bericht blijkt, dat er op de Omaso alles in orde was.'

'Was, daar zegt u het,' zei Danton traag. 'Sire, ga ik te ver, als ik aanneem dat uw aanwezigheid in de sector Morgenrood alleen toe te schrijven is aan dit onbekende peerschip en het rondzwevende kristal? De commandanten van de vloot breken zich het hoofd erover waarom u hier drieduizend moderne schepen vasthoudt, hoewel men u boven Jellico's Ster dringend nodig heeft.'

Atlan sloeg zijn armen over elkaar en leunde tegen de kale, stalen wand.

'Keurig, Danton! Als u ooit mijn tegenstander mocht worden, dan zal ik speciale maatregelen laten treffen. Uw verwaarloosd ogende bemanning is een elitebemanning, bijvoorbeeld Hims' reactie! Hebt u nog iets te zeggen?' Danton glimlachte vluchtig. Een seconde leek hij op Perry Rhodan. Atlan kromp ineen, maar kwam niet op het juiste idee.

 

'Zeker, die kristallen bol interesseert u niet primair. U was binnen de vuuractieradius van het Omaso-geschut goed beveiligd. Waarschijnlijk werd u weer een paar graden door dan andere mensen.' 'Goed gezegd, graden. Wat dacht u?'

'U bevindt zich hier op een verlaten post, omdat dit onbekende peervormige schip u niet meer met rust liet. Het kwam aan de hand van koersberekeningen, die u uitvoerde met de Uso, met grote waarschijnlijkheid uit de grote boog van Magelhaen, waarin al negentien Exploreerruimteschepen met achtentwintigduizend mannen verdwenen zijn. Daarom houdt u in sector Morgenrood drieduizend schepen vast. Mijn compliment. 'Sire! U bevindt zich exact op de juiste plaats!'

 

Atlan zette zich af tegen de muur en keek op zijn horloge. 'Eenentwintig, drieënveertig, standaard,' was Roi hem voor. 'Overste Dentcher heeft veertien uur geleden, plus zeven minuten, bevel gekregen het kristal te vernietigen. De vraag is, of hij daar de kans nog voor heeft gekregen! Heeft men hem wel verteld hoe mateloos gevaarlijk dit ding is? Heeft men hem verteld, dat hij in ieder geval een grote, veilige afstand in acht moet houden en nooit ook maar een man van zijn bemanning dichterbij mag laten komen? U kent de nieuwsgierigheid van die mannen, Sire. Grote goedheid geef toch antwoord!'

 

Roi was plotseling opgewonden. De twee Ertrusers hadden hun vijandschap vergeten. Als twee vlees geworden rotsblokken stonden ze voor hun chef. Op de Francis Drake hielden negenhonderd vrije handelaars de adem in.

'Ik ben bang dat niemand het aan overste Dentcher heeft verteld,' zei Atlan hees. 'Het is op de Solaire vloot geen gewoonte, om ieder bevel te motiveren. Een commanderende officier kan zo zijn eigen gedachten hebben, maar hij moet het bevel uitvoeren. Rhodan weet wat hij doet.'

Danton was verbijsterd. 'Uw uiteindelijke conclusie, Sire?' Atlan ontwaakte uit een droom, zo leek het tenminste. Hij keek naar het beeldscherm, waarop Hims' brede Epsalezengezicht te zien was.

'Mr. Hims, u had het over de voorbereidselen voor een aanvrage. Hoe luidt die?'

Roi knikte naar de plaatsvervangende commandant van het vrije handelsschip. 'Spreekt u maar. Haast u.' Hims hield een beschreven vel voor de camera.

'De tekst is waarschijnlijk wel naar uw zin, admiraal. Eerste vraag: Is Dentcher geïnformeerd over het gevaarlijke karakter van de hypnokristallen? Tweede vraag: Laatste positie van de Omaso en koers. Ten derde: Omaso in sector Morgenrood niet gearriveerd. Dat is alles.' 'Akkoord. Zendt de woorden vertekend uit en in de normale Uso-code aan Perry Rhodan. Betitelen met "belangrijke informatie, dringend, strikt geheim." Weet u de symboolgroepen?'

Hims grijnsde even. 'Natuurlijk. Wat dacht u wel?' 'Begin dan eindelijk eens te zenden!' schreeuwde Atlan onbeheerst.

 

'Als de bemanning van de Omaso in de val gelopen is, is het reuzenkristal misschien al in de Melkweg. Al een paar splinters zijn in staat om de veertienhonderd man van het slagschip hypnotisch te beïnvloeden en tot slaaf te maken! Als deze reusachtige massa's in de koloniën van de Melkweg of zelfs op aarde terecht komen, is het met ons gedaan. Begin te zenden!'

Hims verbrak de verbinding. Zo ernstig hadden ze hem nog nooit gezien.

Roi Danton greep Atlans bovenarm en trok hem naar de dichtstbijzijnde antizwaartekrachtlift.

'Kom, Sire. Uw plaats is in de centrale. Mijn marconisten zijn ervaren mannen. De opperregent zal over een paar minuten een onberispelijk bericht binnen krijgen. Komt u mee.'

Atlan rukte zich los en pakte Kasoms radio-instrument. 'Praat geen onzin. Wat moet ik op jullie schip?

Mijn plaats is in de gevechtskoepels van de Imperator. Wat denkt u wel dat ik nu ga doen? Of heeft u misschien de Omaso al gepeild? Van u kun je alles verwachten.' 'Ik ben geen verrader van de mensheid,' zei Roi op heftige toon. 'U mag van mij alles denken, alleen dit niet!

Natuurlijk heb ik geen idee, waar het schip zich bevindt. Ik kan alleen maar vermoedens uiten. Maar een ding weet ik: Met uw trotse Imperator maakt u geen enkele kans. Zelfs als u met alle drieduizend eenheden van de Morgenroodvloot de laatste positie van de Omaso zou opduiken, zou hij in de hyperruim| te verdwenen zijn, voordat u ook maar een schot had kunnen afvuren.'

 

Atlans duim lag op de spreekschakelaar van het toestel. Hij scheen de vrije handelaar met zijn blikken aan stukken te willen snijden.

'U bent zeker van uw zaak, nietwaar? Heeft u misschien dat legendarische apparaat aan boord, dat u Rhodan wilt aanbieden in ruil voor Roi's stelsel?'

De vrije handelaar aarzelde even. Op dat moment werd het radiobericht al vertekend in de opnamegleuf van de automatische zender geschoven. De machtige richtantennes van de Francis Drake werden in de juiste positie gezet. 'Ja!' zei Roi tenslotte. 'We noemen hem de halfruimteverkenner. Beseft u nu, dat alleen ik de Omaso kan achtervolgen?' In Atlan woedde een hevige strijd. Melbar Kasom stond klaar om te springen naast zijn chef. De paar vrije handelaars, die zich in de sluishal bevonden, staarden naar de Lordadmiraal en opperbevel hebber van de Uso. 'Laten we naar uw centrale gaan,' besloot hij plotseling. 'Ik dank u voor het vertrouwen. Die zaak met die halfruimteverkenner blijft onder ons, in uw belang.' 'Bedankt, Sire.'

'Niets te danken. Als de Omaso er nog is, maken we met dit apparaat een goede kans. Is hij verdwenen, dan zou u ook het nakijken kunnen hebben. Ik neem aan, dat u een achtervolging door de halfruimte alleen kunt inzetten, als u vlak achter een vluchtend schip de tussenruimte induikt, nietwaar?' 'Ja.'

'Goed. De vloot blijft hier achter. Die kan alleen ingezet worden, als de Omaso al in de Melkweg ondergedoken is. Is het radiobericht uitgezonden? Goed! Wees blij, dat u nu niet bij Rhodan in de buurt bent. Hebt u de Terraan al eens kwaad gezien?'

Er verscheen een diepe plooi op Roi's voorhoofd. 'O, ik geloof van wel.' Atlans aandacht was getrokken. 'Ach, inderdaad? Dat plezier hebben nog maar weinig mensen gehad. Wanneer en waar was dat, als ik vragen mag?' Oro Masut, de enige mens aan boord van de Francis Drake die wist dat Roi Rhodans verdwenen zoon was, keek de rijzige man waarschuwend aan.

Roi glimlachte charmant. Zo was hij niet te overtroeven. 'U vergeet het gesprek met de opperregent, toen hij ontdekt had, dat ik over transformatiekanonnen beschik. En niet alleen dat, verder ook nog laadinstallaties, die stukken sneller werken dan alle op Terra-schepen normale automatische installaties.'

'Ja, natuurlijk, ik herinner het me. Maar dat was geen woede, beste vriend. Toen beheerste hij zich nog.'

'Laten we eerst maar op het antwoord wachten,' stelde Kasom voor. 'Als overste Dentcher op de hoogte was van de kristallen, is er gegarandeerd niets gebeurd. Wie weet of hij zich niet meldt. Zijn grote zender kan uitgevallen zijn. Met de kleine apparaten van de sloepen, redt hij het niet.'

'U schijnt niet te weten, dat hij nog maar 1,3 lichtjaren van de eerste buitenster verwijderd was. De afstand tot de Morgenroodsector bedroeg in rechte lijn maar 414 lichtjaren. Die kun je ook met een korvetzender overbruggen.' 'Misschien wilde hij niets met ons te maken hebben. De opperregent is in ieder geval alleen met de grote hyperzender te bereiken.' 'Laten we het hopen. Danton, wilt u zich werkelijk inlaten met dit avontuur? Knikt u? Goed, wijst u me dan alstublieft de weg. Melbar, roep de Imperator III op en geef door, dat overste Reyht op verdere instructies moet wachten. Hij zal het retourbericht van de Francis Drake wel opgevangen hebben. Iedere vorm van radioverkeer die niet noodzakelijk is, moet onverwijld gestaakt worden. Doorgeven als universeel bevel vlaggeschip aan allen. Haast u.'

 

5.

De wijzers van de scheepsklokken kropen met zenuwslopende traagheid over de wijzerplaten. Het radiobericht was tien minuten geleden op maximale zendcapaciteit uitgestraald. Rasto Hims had alle grote energiecentrales van de Francis Drake ingezet, om er zeker van te zijn, dat hij de afstand met een superscherpe bundeling van richtstralen kon overbruggen. Het energieverlies bij een hyperradio-uitzending was enorm groot. Dat kwam door de aard van de superieure ruimte, de zenderpositie in verhouding tot de krommingconstante van het normale universum, en bovendien lag het aan de juistheid van de impulsverschuiving naar superkorte impulsen, die qua energie niet normaal waren. Roi wist, dat de ontvangers en de decodeurs van de Crest IV gebouwd waren op basis van de laatste ontwikkelingen in de ultra-energietechniek. De afstand tot Jellico's Ster bedroeg hooguit tienduizend lichtjaren.

Deze afstand was met een scheepszender alleen te overbruggen als je precies de hyperradioregels aanhield en de richtstralers exact instelde.

 

Atlan had maar even rondgekeken in de centrale. Hij leek op de schakelruimtes in Terraanse slagschepen. Maar hij kon in geen geval vergeleken worden met de stuurruimtes die gebruikelijk waren op handelsschepen.

Achter de schakelborden, die in de vorm van een hoefijzer opgesteld waren, midden in de grote ruimte stond een apparaat van twee meter lang en vier meter hoog, met een fel gekleurd kunststof omhulsel, en met een onbekende functie.

Alleen aan een groot beeldscherm langs de smalle kant kon je zien, dat dit een overdrachtapparaat was. De Lordadmiraal had geen vragen gesteld, hoewel hij de bij andere peilers gebruikelijke antenneleidingen miste. De radiotechnici van de Francis Drake hadden een visifoonverbinding met de normale lichtsnelheid tot stand gebracht met de Imperator III. Overste Reyht twijfelde er nog steeds aan, dat het bericht van het vrije handelsschip gefingeerd was. Zijn verkrampte gezicht was voortdurend op een van de vele beeldschermen te zien. Op de andere eenheden van de Morgenroodvloot was men al sinds tien minuten in een beperkte staat van paraatheid. Reyht had in een kort maar duidelijk hyperbericht de situatie beschreven. Atlan onderdrukte met geweld de impulsen van zijn logicasector, die hem constant vertelden, dat hij de koning niet moest vertrouwen. Het extrabrein van de Arkonide, tienduizend jaar geleden geactiveerd, een vorm van mutatie, lette nooit op gevoelens, terwijl Atlan die nu maar al te graag volgde.

Maar dit veranderde niets aan het feit, dat hij Roi Danton nog steeds scherp in de gaten hield. De voormalige imperator van Arkon was er niet de man naar om zich zomaar aan de genade van een betrekkelijk onbekende over te leveren. Atlans gezicht was volkomen neutraal. Hij toonde geen enkele emotie. Ook zijn stem klonk kalm, alsof het lot van de mensheid niet op het spel stond.

Atlan bleef naast Roi Danton staan en keek ook naar de radiocentrale. Voor de moderne, grote apparaten zaten avontuurlijk geklede mannen, afkomstig uit vele volkeren van het zonne-imperium. Er waren maar enkele aardlingen onder. 'U zou me eigenlijk moeten vertrouwen,' stelde Danton met gedempte stem voor.

'Een normaal mens weet nooit goed, hoe men een clown werkelijk moet taxeren.' Roi lachte zachtjes. 'Denk aan de Terraanse geschiedenis. De grootste lolbroeken waren de ernstigste lieden.' 'Met de verstandigste, wilde u zeggen.'

'Ik ben niet gek, wat natuurlijk niet wil zeggen, dat ik mezelf dom vind.'

'Waar hebt u uw omvattende kennis van Terra vandaan?' Roi haalde zijn schouders op. Sinds hij zijn pruik had afgezet, zag de rest van zijn kleding er lichtelijk misplaatst uit.

'Misschien belangstelling? Ik heb er plezier in om mijn medemensen af en toe versteld te doen staan. Ze zeggen, dat u in dit opzicht ook niet kleinzielig bent.'

Atlan keek hem van opzij aan. 'Dat geef ik toe. Ik heb in ieder geval het langzame ontwaken van de Homo Sapiens meegemaakt. Het lijkt me dat u veel dingen nabauwt, zonder ze echt begrepen te hebben. Het zit niet makkelijk in elkaar.' 'De adviseur van Columbus, de onbekende in de annalen in de geschiedenis, zou het kunnen zeggen,' verklaarde Roi hoestend. Atlans ogen werden smalle spleetjes.

'Hoe weet u, dat ik ...' 'Ze hebben het er wel eens over,' onderbrak Roi hem snel. 'Ze zeggen, dat u het nodig vond om de politieke horizon van de voormalige feodale maatschappij te verbreden door de ontdekking van Amerika. Inderdaad vertrok van dit gedeelte van de aarde vier eeuwen later de eerste bemande maanraket. De commandant heette Perry Rhodan. Een bewonderenswaardig iemand!'

'Wees maar afgunstig op hem, jonge vriend. Het kan geen kwaad.' Roi glimlachte heimelijk. 'Wie zegt, Sire, dat ik dat niet doe? Misschien op mijn manier; maar in principe ...'

 

Roi kreeg geen kans om zijn principes nader toe te lichten. De groene lampen van de hyperontvanger floepten aan. Het binnenkomende bericht was deze keer niet vertekend. Dat wilde zeggen, dat iemand grote waarde hechtte aan een vlekkeloze ontvangst.

Atlan liep naar de radiocentrale. Het getik en gezoem van de superenergietransformatoren was hier niet meer weg te denken. De binnenkomende 5-D-impulsen werden ogenblikkelijk in impulsen met normale energie veranderd. De codecomputer was door drie man bezet. Een man met een rode huid rende met een gedeelte van de lange strook langs Atlan. Een ogenblik later was de band verdwenen. Het was 21:59 uur, 20 oktober. Een minuut na 22 uur verschenen de eerste woorden van de feitelijke tekst op de 'viewer'. Atlan deed een stap naar voren. Met zijn handen omklemde hij de stang onder het leesscherm. Het was een lang bericht. De afzender had zich moeite getroost zo exact mogelijk te zijn. 'Rhodan aan chef Morgenroodvloot. Commandeursinformatie, streng geheim. Oproep helder ontvangen. Grote verbijstering. Commandant van Omaso werd door gebrekkige instructies niet ingelicht over de aard van de kristallen. Herhaal: Niet ingelicht. Resultaat van logische evaluatie door computer en het psychogram over overste Clark Dentcher zijn beschikbaar. Dentcher heeft last van complexen. Opgegroeid in beperkt milieu, zich een weg naar boven gebaand, tenslotte commandant. Flink, tacticus, tot aan psychogrens. Vermoeden redelijk, dat deze grens bereikt wordt na 21 dagen passiviteit en bewaken van het kristal. Daarna neiging tot zelfstandig optreden. Vermoeden, dat psychogrens doorbroken is na krijgen van vernietigingsbevel. Motivatie werd door chef-marconist van Crest over het hoofd gezien. Het bevel leek voldoende.' 'Daar is het!' zei Roi luid en heftig. 'De motivatie werd vergeten! Ik kies voor de solaire vloot. Een mens is geen machine, die je alleen maar door een druk op de knop hoeft te vertellen, wat hem te doen staat. Ik...!'

 

'Zwijg,' vroeg Atlan. Zijn stem was totaal niet opgewonden. Hij las verder:

'Waarschijnlijk is Dentcher door jonge officieren beïnvloed. Nieuwsgierigheid, vragen naar het waarom, geen idee van kristalagenten. Voorstel aan Atlan: Met eigen initiatief optreden. Omaso zoeken, in geval van nood vernietigen. Herhaal: in geval van nood vernietigen. Proberen om bemanning eerst te bergen. Aanval naar gelang de situatie. Gefundeerde argwaan, dat Dentcher in de val gelopen is. Overname van bemanning door kristallen mogelijk. Hypothese: Oploscapaciteit van kristalmassa in stofsluiers is bekend. Dus bestaat de mogelijkheid dat bol na opsplitsing sloepenhangar binnengedrongen is. Doe iets in godsnaam. Einde van informatie. Laatste positie Omaso volgens rapport Dentcher: Buitensector SO-121745-qur GAL-004 689 sector r-1745-g-9902, doelster Alias, Koerscoördinaten bij 1/10 eLG, UL-10011, radiobakenpeiling inval cc-0024 graden ZENTA - 238 snelheid constant vrije val.

Herhaling gegevens: Buitensector ...'

 

De gegevens verschenen nogmaals op het leesscherm. Door een speciaal circuit werden ze onmiddellijk overgespoeld naar de coördinaten, en daar geëvalueerd. Het lange radiobericht eindigde met de aanwijzing: 'Iedere vorm van hulp wordt gegarandeerd. Inzetten Danton gewenst. Succes.'

Rhodan had persoonlijk getekend en Atlan nogmaals van alle mogelijke volmachten voorzien. Toen de strook met de feitelijke tekst uit de computer gleed, draaide de positie-evaluatie op volle toeren. Op de Imperator en de andere schepen waren ze nog lang zover niet. Danton beschikte over een stukken snellere decodeur. Atlan liet de gefilmde tekst nog een keer afdraaien en vergeleek hem met de geluidsband van de ponskaart. Er waren geen verschillen. Vooral de exacte gegevens waren exact doorgekomen. De Crest IV moest uitgezonden hebben met een capaciteit van minstens zes grote energiecentrales.

Atlan legde het tekstbeeld op de evaluatietafel en liep naar de positronische rekenafdeling. Danton, Oro Masut en Melbar Kasom volgden hem op de voet. De beide Ertrusers verstonden elkaar plotseling heel goed. Hun kleine pesterijtjes schenen tot het verleden te behoren.

 

Oro pakte een mouw van zijn landgenoot beet.

'Wat zal je chef doen?' fluisterde hij. 'Haal hem over om niet met drieduizend reuzenschepen op pad te gaan.'

'Denk niet dat hij gek is. Let maar op.'

Atlan stond al voor de camera. In de radioruimte begon de kleine hyperzender met zwakke capaciteit te zenden. Toen het groene licht aanfloepte, verscheen Atlan aan alle commandanten van de Morgenroodvloot. Radiostilte wordt onmiddellijk doorbroken. De feitelijke tekst ligt op de Francis Drake al klaar. Slagschip Omaso is door onjuiste instructies met grote waarschijnlijkheid overgenomen door hypnokristallen. Ik blijf op het schip van de vrije handelaars. Retourvragen zijn overbodig. Er is hier een peilapparaat, dat wij zelf nog niet hebben. Admiraal Con Bayth, u neemt van nu af aan het commando over de Morgenroodvloot op u. Klaar voor alarmstart, alle eenheden beperkt gevechtsklaar. Na mijn vertrek absolute radiostilte op hypergolflengte. Of het moest zijn, dat u belangrijke bevelen hebt door te geven. Vloot volgt in geconcentreerd gelid. 'Begrepen, Sir,' klonk de stem van een Epsalees. Het was de Uso-admiraal Con Bayth, commandant van de beroemde veertiende zware aanvalsvloot.

'Ik zal proberen om alleen met de Francis Drake de Omaso op te sporen. Blijft achter ons, in ieder geval totdat u van mij verdere instructies ontvangt. Ik zou het wild niet kopschuw willen maken, voordat het tot stilstand gebracht is.' 'Begrepen, Sir. Radiostilte, geconcentreerd volgen, klaar voor alarmstart!'

'Bedankt, Mr. Bayth. Mocht er tegen alle verwachtingen in alles op de Omaso in orde zijn, dan krijgt u bericht. Als de bemanning al overgenomen is, zal ik proberen om de Kalups voor de supersnelle vluchten te vernietigen. Misschien vinden we nog een andere mogelijkheid om levens te sparen. Als u het catastrofesignaal krijgt, is de Omaso al ondergedoken in de Melkweg. Op dat geval wacht u op mijn terugkeer. Een speurtocht kan alleen uitgevoerd worden door de hele solaire vloot.'

Con Bayth herhaalde dit nog een keer. Atlan verbrak de verbinding en draaide zich om. Roi Danton stond achter hem. De poeder kon zijn bleke gelaatskleur niet meer verbergen. In het rekencentrum werd nog koortsachtig gewerkt. 'Maak de chef-marconist van de Crest geen verwijten,' verzocht Atlan hem. 'Ik ben er ook niet verrukt over dat door een gebrekkige motivatie bij het doorgeven van een instructie de Omaso-ellende kon beginnen. Rhodan had Dentcher natuurlijk op de hoogte willen brengen.'

'Ik ben blij om dit te horen,' stamelde Danton. Waarom hij daar zo blij over was, legde hij verder maar niet uit.

'Iedere minuut telt. Hoeveel tijd hebben uw wiskundigen en kosmonauten nog nodig? We hadden allang onderweg moeten zijn.' 'Ook vrije handelaars kunnen niet heksen, Sire. Wat ik wilde zeggen ... U voert natuurlijk het commando over de Francis Drake gedurende deze actie.' Atlan keek de grote man lang aan. 'Bedankt. Ik zal die macht niet misbruiken. Denk intussen na hoe we veertienhonderd man kunnen bergen, voor we het vuur openen.' 'Ik ben practicus, Sire, ik begin pas na te denken, als wij het slagschip hebben gevonden. Een andere vraag is belangrijker. Dat weet u natuurlijk ook.' 'Herinner me niet aan de catastrofe, die over ons zal losbarsten, als de hypnokristallen al ondergedoken zijn in de sterrenzee van de Melkweg. Ik hoop op het taaie verzet van een Terraanse bemanning; op hun fantasie en hun reactievermogen. Misschien hebben ze het gevaar tijdig ingezien. Maar genoeg gespeculeerd. Daar komt Hims.'

 

'Klaar. Programmering klaar,' meldde hij kortaf. 'Als er geen fouten ingeslopen zijn, wat ik niet geloof, moeten we ongeveer uitkomen op het punt, waar de Omaso, rekening houdend met zijn laatste bekende positie, de intussen verstreken tijd, de eveneens bekende snelheid en de tijd die wij doen over die veertienhonderdveertig lichtjaren, zich moet bevinden. Kunnen we?'

Atlan meldde zich af bij admiraal Con Bayth.

'Let op de radiostilte. Rhodan weet nu, dat we op weg zijn. Geen antwoord is in vele gevallen informatiever dan tien berichten.' Het donderende geluid van machtige motoren overstemde zijn laatste woorden. Oro Masut verscheen weer in de centrale. Hij bracht twee zware combinaties mee, die leken op de modernste gevechtsuitrusting van de Uso.

'Voor jou mijn reservepak,' knorde hij tegen Melbar Kasom. 'Ik hoop dat je er niet in verzuipt!' 'Opschepper,' grijnsde de Ertruser. 'Mijn borstomvang maakt alles goed. Hoe werkt dat ding?' Atlan liet zich door Roi Danton in de combinatie helpen. De transparante helm had een grendelautomatisme, dat zowel reageerde op kritieke temperatuurverschillen als verschillen in druk. 'Zo bent u beveiligd,' zei de vrije handelaar. U kunt vliegen door middel van de antizwaartekrachtprojector en onzichtbaar worden door middel van een moderne veldprojector. Het pak is zo gepantserd, dat normale schok- en kleine energiewapens u niet kunnen deren.' 'Wat is er bij u eigenlijk niet modern?' informeerde Atlan grimmig. 'Monsieur, ik zal u Roi's stelsel inclusief Rubin bezorgen, als u mij naar de plek brengt, waar dit alles gebouwd en geconstrueerd wordt. U moet een paar duizend topgeleerden en ingenieurs van allerlei vakgebieden hebben, afgezien van hulppersoneel.'

'Klopt!' gaf Roi toe. 'Waarom zou ik dat loochenen? In ieder geval is de uitdrukking "hebben" niet op zijn plaats. Ik ben blij als ik door deze vrouwen en mannen zo vertrouwd word, dat men mij de modernste ontwikkelingen laat testen. Ik benadruk nogmaals, niemand handelt tegen de belangen van de mensheid in.'

De Francis Drake rukte op als een afgevuurde kogel, alleen met dit verschil, dat geen enkele granaat van de aardse militaire historie ooit zo'n snelheid, zelfs niet in de buurt van de loop, zou hebben bereikt. De Francis Drake verhoogde zijn snelheid met zevenhonderd kilometer per secondekwadraat. Binnen een tiende seconde was hij verdwenen uit de actieradius van de imperatorcamera's. De infraroodopnames vertoonden alleen nog maar snel verschrompelende gloeiende sporen van de impulsmotoren.

 

Admiraal Con Bayth observeerde de vrije handelaars op de schermen van de supersnelle peiltasters, totdat het groene puntje plotseling uitdoofde. 'Begonnen aan lineairmanoeuvre,' meldde de peiler van de Tosoma, Bayths vlaggeschip. Het was een gigant van de Galaxis-klasse, met een doorsnede van twee en een halve kilometer.

 

De Epsalees richtte zich tot de commandant van zijn vlaggeschip, overste Nol Astob. 'Wat denkt u van de stootkracht van de vrije handelaar?' Nol Astob, ook een Epsalees, met een reusachtige gestalte en een groot reactievermogen, ging met zijn hand over zijn kin. 'Veel goeds, Sir. De doorbraak boven Rubin moet uniek geweest zijn. Danton heeft natuurlijk veel minder transformatiekanonnen dan wij. Maar als je denkt aan zijn vuursnelheid, komt hij ongeveer op dezelfde gevechtswaarde uit als een ultraschip. Dat is moeilijk te geloven, maar het is zo.' Con Barth knikte peinzend. 'Die vent heeft zijn ijzers in het vuur. Kent u dat oud-Terraans gezegde?'

'Nee, nooit van gehoord. Heeft u dat van Atlan?'

De admiraal knikte. De eerste officier van de Tosoma was een New-tonees, mager als een lat, met een groene huid, genaamd Grench Zypus, bracht de positie-evaluatie, die men eveneens had berekend aan de hand van Rhodans radiobericht. 'Danton was sneller,' zei de kikvorsogige klagelijk. 'Wat voor computers heeft hij aan boord?' 'Vraag het hem zelf maar,' stelde de admiraal voor. 'Nol, onze eenheden naderen. Probeer om zo mogelijk een intercomverbinding tot stand te brengen. Als iemand een hyperbericht uitzendt, dat de duivel hem hale.

image3

 

Text Box: Twee Siganezen, korter dan 15 centimeter, waren ijverig de nagels van de koning aan het polijsten.

 

 

 

 

 

 

image5 image6

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Text Box: Begin dan eens te zenden!' schreeuwde Atlan onbeheerst. Text Box: .en wachtte tot ze de koning hadden opgetild.

 

 

Aan het werk, heren. Voor de Francis Drake betekenen die lichtjaren niet veel meer dan een kikkersprong van een Newtonees.' 'Op mijn planeet zijn geen kikvorsen,' verklaarde de eerste officier waardig.

'Hebt u wel eens in de spiegel gekeken?'

De admiraal liep hoofdschuddend weg. De bolle ogen rolden de Newtonees bijna uit zijn hoofd. 'Heeft u dat gehoord,' zei hij tegen de commandant.

'Hoe komt hij op het idee, dat er bij ons kikvorsen zijn? Vreemd!' 'Zeker,' lachte Astob, 'Zeer vreemd. "Hebt u al eens een Terraanse kikvors gezien?'

'Nee. Wel van gehoord. Waarom, Sir?' Astob haalde zijn schouders op.

 

6.

De sirenes loeiden en een robotstem maakte bekend, dat de derde lineairmanoeuvre beëindigd was. Het dreunende geluid van de Kalupcompensatieconverters, waarmee men zich beschermd had tegen de invloeden van de vierde en vijfde dimensie, om zo op te kunnen rukken naar de qua energie neutrale libratiezone, verstomde na een laatste razende uithaal. Dit was ongebruikelijk. Atlan kende dit niet. Op de beeldschermen waren verschillende taferelen tegelijk te zien. De eenheden van de frontsector toonden de inktzwarte leegte van de interkosmische ruimte. Slechts hier en daar kon je een verloren ster ontwaren, die echter nog wel tot een van de spiraalarmen van de Melkweg behoorde. Op de oostsectie waren twee gloeiende vlekken te zien, die door een nauwelijks zichtbaar gloeiende band met elkaar verbonden waren.

Het waren de beide wolken van Magelhaen met hun brokstukken interstellaire gassen en de ingebedde zonnen.

Alleen de schermen van de achtersteven gloeiden fel, met een nauwelijks voorstelbare gloed. De Melkweg nam alle schermen in beslag. Hij zag er imponerend uit, op deze manier.

Niemand lette op dit fantastische schouwspel. De peilantennes van de Francis Drake cirkelden om hun as en zonden hun supersnelle echo-impulsen de lege ruimte in. Als er ergens een lichaam was, dat deze impulsen kon reflecteren, dan zou het dit ook vinden. 'Diffuse spreiding, grote hoek, anders krijgen we hem nooit te pakken!' beval Roi. 'Edelman Hims, laat energiecentrales drie en vier overschakelen op de tasters. Een lange echo is net zo goed, als geen echo.'

'Sap van drie en vier naar tasters,' zei Hims tegen de mannen in de machinekamer door de microfoon. Melbar Kasom stootte vanwege deze zeer onmilitaire uitdrukking een vloek uit. Een Terraanse commandant zou misschien flauwgevallen zijn.

 

De rondcirkelende antennes begonnen ook nog op en neer te wippen, om een zo groot mogelijke sector te bereiken. Daardoor werd de peiling nog minder exact dan bij een versnelde rotatie rond een as. Ondanks deze hoge energieproductie kwam er geen echo binnen. Atlan omklemde met zijn handen de leuningen van zijn stoel. Achter hem draaiden de computers al weer.

'Indrukpositie exact. Verschil plusminus vijf-nul-drie-een lichtminuten,' gaf de verantwoordelijke 'edelman' door.

Roi draaide zich om. 'Preciezer ging het niet meer,' beweerde hij met een onzekere lach. Atlan keek hem verbluft aan. Onzekerheid, dat was een hele nieuwe karaktertrek van Roi Danton. 'Die drie manoeuvres waren prima,' bevestigde de Arkonide. 'Tijd?' 'Drieëntwintig, vierentwintig standaard,' gaf Hims door. 'Geen echo. We moeten eigenlijk ...!' Edelman Hims werd gestoord door de uitroep van een man. Atlan sprong overeind. Dat was de chef-marconist geweest. 'Morsetekens op de USO-hyperfrequentie, feitelijke tekst zeer zwak, een beetje vertekend,' schreeuwde de marconist. 'Tekst: Omaso, radio-serg... Hestinger... overgenomen, drie ma... immuun ... lucht met Space-jet, SOS... SOS... SOS... Hestinger...; einde bericht, geen teken meer.' 'Peilen,' riep Danton. 'Geprobeerd, Heer, Helaas geen resultaat. De zender is zeer zwak, nauwelijks hoorbaar. Met normale radiogolven zou de zender niet eens doorgekomen zijn. Deze sergeant Hestinger, zoals hij wel heten zal, wist precies, waarom hij morseseinen uitzond. Op basis van de gebruikte energie moet hij niet meer dan een lichtuur verwijderd zijn, eerder iets minder. Hier zijn de woorden. Het zou juist kunnen zijn.'

 

Voor Atlan gloeide een scherm aan. De verminkte tekst was makkelijk te ontcijferen.

'Omaso, radiosergeant Hestinger aan iedereen: Overgenomen, drie man immuun, vlucht met Space-jet... SOS ... SOS ... SOS.' 'Redt onze zielen,' zei Danton somber. 'Mondieu, het enige juiste begrip voor het proces van geestelijke terreur door kristallen. Hims, waarom is het geleidende object van de zender niet ontdekt? De Omaso moet hier nog zijn, anders had de Space-jet niet kunnen vluchten.' 'Geen echopeiling, geen vreemde peiling,' gaf de peilcentrale door. 'Als het slagschip er nog is, moeten zijn machines stilstaan. We krijgen niet de minste energie-impuls binnen.

 

'De overwonnen bemanningsleden moeten zich verzet hebben,' bedacht Atlan hardop. 'De kolonisten van New Luna hebben al bewezen, dat het enige tijd duurt, voordat mensen die overvallen zijn door hypnosuggestie volkomen in de ban van de kristalagenten zijn. Die overval vindt zeer snel plaats. Maar daarmee is de individuele wil nog niet definitief gebroken. Kent iemand die radiosergeant? Misschien toevallig?' Niemand kende de man.

 

De Francis Drake peilde verder. Daarna, maar vier minuten na ontvangst van het noodbericht, brak plotseling de hel los. Het was exact 23:48 uur, 20 oktober 2435. De energietasters sloegen door. Het krakende geluid van de ontsnappende zekeringen en het herhaalde gedreun van de hydraulische schok kwamen bijna tegelijk. De overbelastingscomputer had bliksemsnel gezorgd voor het uitschuiven van het absorptiefilter en dat was ook dringend nodig. De energiebron was maar vierentwintig lichtminuten verwijderd. Minder goede tasters hadden met hun synchroon lopende P-evaluaties ogenblikkelijk vastgesteld, dat er hier sprake was van vijfdimensionale explosies van transformatiekanonnen.

Het rematerialiserende exploderende materiaal verscheen in de vorm van felgloeiende atoomzonnen op een afstand van 43,57 lichtminuten. De afstand tussen de plaats van de explosie en het doelgebied bedroeg drie lichtseconden. Dat kwam overeen met een reikwijdte van ongeveer negenhonderdduizend kilometer. 'Atoomactieradius van gemiddelde transformatiekanonnen,' brulde Kasom, en niemand ontging dit gebrul. 'Het doel is de Space-jet, Sir.

De Omaso vuurt op de sloep. Voor den duivel...'

De Ertruser zweeg abrupt. Rasto Hims en Roi Danton schakelden tegelijk.

 

Ze sloegen de preciezer werkende, maar meer tijd vergende schakelinstallatie van de centrale machinekamer over. Roi en Rasto Hims schenen soortgelijke manoeuvres al vaker uitgevoerd te hebben. Vooral de magere vingers van de koning gingen zo snel over de knoppen van de handbediening, dat Atlan een waarschuwende kreet uitstootte. Slechts vier seconden later rukte de Francis Drake op naar de libratiezone.

De manoeuvre vond plaats met een snelheid van vijftien procent van de lichtsnelheid. Het schip werd naar de berekende koers gesleurd en in de lineairruimte weer gestabiliseerd.

De induikmanoeuvre vond plaats in de onmiddellijke omgeving van laaiende atoomzonnen, die machtig en onheilspellend oprezen voor en naast de Francis Drake. Een effect, waarvoor Atlan bang voor was geweest, bleef echter uit!

Het transformatievuur van de Omaso was zo slecht, dat er zelfs niet een enkele catastrofale treffer geplaatst werd.

 

De Francis Drake rukte met onverminderde snelheid op naar het centrum van de explosies. Daar moest het doel te vinden zijn. In dit geval de Space-jet, met radiosergeant Hestinger en nog twee mannen. 'Geen energiescherm!' beval Roi Danton.

Hims keek hem verbijsterd aan en opende zijn mond om iets te zeggen.

'Geen energiescherm!' beval de koning van de vrije handelaars nog harder. 'Hebt u mij gehoord? Als wij in volle kleurenpracht aangestormd komen, zullen we ook door een geestelijk niet helemaal intact zijnde bemanning gepeild worden. Het is voldoende, dat wij plotseling als een impuls uitstralende massa op het beeldscherm verschijnen. Radiocentrale, roep met de normale visifooncircuits dringend op. Als er nog iemand leeft, zal men ons horen. Geen hyperradio gebruiken.' 'Klein lichaam gepeild, vlak voor ons. Waaiert uit naar rode sector, vertikaal negen graden, draaiende bewegingen. Korte energie-uitbarsting, kennelijk effect van treffer. Peiling staat vast, devaluator draait. Klaar, schakel automatische piloot over op databank.' Atlan was verbaasd. De chef van de peilcentrale had niets anders gezegd dan een Terraanse specialist in soortgelijke situatie gedaan zou hebben. De bemanning van de Francis Drake was nog soepeler dan hij gedacht had.

 

'Schip klaar voor het gevecht!' gaf hij als ritueel commando van de vloot door. Het stamde nog uit tijden van de oud-Terraanse marinestrijdkrachten.

Op de Francis Drake loeiden de sirenes. Plotseling verschenen er nog meer vrije handelaars in ruimte- en gevechtspakken. De radioverbinding werd omgeschakeld naar de helmapparatuur. Allen Roi Danton bleef rustig op zijn stoel zitten. De reuzenbol met zijn middellijn van achthonderdvijftig meter nog vijftig meter groter dan het trotse slagschip Omaso, verplaatste zich met brullende motoren naar de juiste koers.

De motoren sleurden hem naar stuurboord en tegelijkertijd de verticale sector in, totdat het door de peilers gesignaleerde lichaam zich in het doelkruis van de vluchtautomaat bevond.

De afstand bedroeg nog maar hooguit driehonderdduizend kilometer. Nog te veel voor een snelle, vlekkeloze beeldspraakverbinding via de ultrakorte golf.

 

De antennes werden op het doel gericht. Even later stelde de positronische automatische piloot na een ongehoord snelle berekening de snelheden van de motoren in op remsnelheid. Het zoemende geluid ging over in een gebrul, waardoor de geluidsdempers van de helmen over de oren van de mannen geklapt werden.

Atlan schreeuwde tegen Roi, dat hij zijn ruimtepak moest aantrekken, of liever nog een gevechtscombinatie.

De vrije handelaar glimlachte. Toen Atlan beter keek, zag hij de groene gloed die als een fluorescerend net rond het lichaam van de koning zweefde.

'Zo, iets nieuws.'' zei de Arkonide sarcastisch. 'Een man van formaat gaat gekleed in een energiescherm a la Roi.' Danton fronste zijn voorhoofd en viel met een overdreven kuchje in zijn oude rol.

 

Op dat moment had de Francis Drake zijn hoge snelheid bijna laten varen. Aan stuurboordzijde draaide een schotelvormig lichaam rond met een doorsnede van vijfendertig meter. De cel was zwaar beschadigd, maar de transparante stuurkoepel op het dak van de vliegende schotel scheen nog in orde te zijn. 'Kort oproepen, informatie vragen en meteen weer verder,' beval Atlan. 'Roi, stuur een sloep naar buiten. Hij moet achterblijven en de overlevenden oppikken. Wij zorgen voor de Omaso. Hebben de tasters hem nog?'

'Peiling staat vast met twee waarden,' kwam het antwoord. 'Massa en energie. We zien af van hypertasters. De naderende impulsen kunnen goed geregistreerd en geïnterpreteerd worden. Kennelijk zijn we niet herkend. De Omaso heeft het vuren gestaakt. We bevinden ons in de peilschaduw van de gigazonnen. Ik geef u het echobeeld in de centrale.'

 

Op een reflexscherm voor Atlans stoel verschenen de omtrekken van een bolvormige romp. Het waren de superlichtsnelle impulsen van het impulskanon. Het infraroodlicht was nog niet gearriveerd. Het reflexbeeld was helder genoeg om verschillende details te kunnen tonen. De impulsmotoren van het schip waren gestart. 'Voorzichtig, hij verhoogt zijn snelheid,' werd er gewaarschuwd. 'Nee, herstel, geen verhoging van snelheid, alleen schakelen van motoren.

De Omaso blijft op oude koers in vrije val. Onze afwijking van het doel moet door een korte manoeuvre van het slagschip bij de achtervolging van de Space-jet zijn ontstaan. Vierenveertig lichtminuten zijn echter niet veel.' 'Maak u klaar voor lineairmanoeuvre,' gaf Atlan door. Tegelijkertijd bracht hij een verbinding tot stand tussen zijn helmapparaat en de radiocontacten in zijn stoelleuning. Daarmee was hij aangesloten op de grote zender.

'Jet bevindt zich in richtstraal, spreken maar,' zei de radiocentrale.

Voordat Atlan op de knop drukte, riep hij Roi op.

'De Omaso is er nog. Mocht u nog andere "moderne ontwikkelingen" hebben, begin er dan vast over na te denken, hoe we veertienhonderd willoze mensen uit een schip kunnen halen, voordat ze beginnen te schieten.' 'Emotioneel type!'

Atlan bemoeide zich ermee. Op het beeldscherm van de infrapeiler was de nog steeds ronddraaiende Jet te zien. De Francis Drake bevond zich ongeveer tien kilometer verderop.

'Atlan, opperbevelhebber USO, roept radiosergeant Hestinger via beeldspreekverbinding op, ultrakorte golf. Atlan roept sergeant Hestinger op. Wij bevinden ons met een speciaal schip op een afstand van maar tien kilometer van u. Wij hebben uw SOS-bericht ontvangen. Meldt u zich, Hestinger. Lordadmiraal Atlan roept sergeant Hestinger op, marconist op Omaso. Melden, Hestinger...!'

 

7.

Overste Pen Tunither, eerste kosmonautische officier van het solaire vlaggeschip, Omaso, hoorde als eerste het geluid van het draagbare radioapparaat.

Tunither, een dikke man met stroblond haar, van veertig jaar, als eerste officier geliefd en tegelijkertijd gevreesd vanwege zijn voortdurende gemopper, kromp ineen. 'Stilte!' schreeuwde hij, iets harder dan in de kleine koepel van de Space-jet verantwoord was. Hij nam niet meer de moeite om zijn bullen en schaafwonden te masseren, die hij had opgelopen door de strakke veiligheidsriemen. Natuurlijk, als Tunither en de beide andere mannen deze riemen niet aangesnoerd hadden, zouden ze bij de overval van de Omaso als speelballen door de koepel geslingerd zijn en waarschijnlijk zwaar gewond, als ze tenminste niet gedood waren.

 

'Stilte!' riep Tunither nogmaals. Hij richtte zich op uit zijn half liggende houding en omklemde met beide handen de leuningen van zijn stuurstoel, die van zijn sokkel afgerukt was.

Ingenieurkorporaal Hain Mungu lag in de omgevallen peilstoel en wreef zijn hals, die klem had gezeten tussen twee staven. 'Ze hebben gemist, die stumpers, met drie complete gigasalvo's hebben ze gemist!' had hij de laatste minuten achter elkaar kreunend uitgebracht.

Nadat de drie mannen ingezien hadden, dat ze vreemd genoeg levend er vanaf gekomen waren, hadden ze aanvankelijk gejuicht.

Radiosergeant Gilbert Hestinger, de man met het mooiste en witste gebit van de vloot, zoals men zei, had onmiddellijk, nadat hij weer bijgekomen was, verklaard, dat hij al voor de vlucht uit de Omaso voor alle zekerheid een noodbericht had uitgezonden via de hypergolf. In ieder geval was de zender doordat de hoofdstroomreactor net begon te lopen en daarom nog niet veel capaciteit had, nauwelijks in staat geweest om een grote afstand te overbruggen.

Het aanvankelijke optimisme van deze snelle en doordachte handeling was bedaard, toen ze na het staken van het vuren van de Omaso gezien hadden, dat de Space-jet een wrak was. Niets functioneerde meer.

Beide motoreenheden waren vernietigd. In de reactieruimte was een brand uitgebroken, die ze niet konden bestrijden, omdat de blusinstallatie uitgevallen was. Hain Mungu hoopte dat de brand, die louter moleculair scheen te zijn, door het afsnijden van de zuurstof zou verstikken. Als er een atomaire reactie zou volgen, was deze maatregel natuurlijk zinloos. De mannen hadden het te kwaad. Niemand wist of ze door de vreselijke belasting niet inwendige wonden opgelopen hadden. Hestinger bloedde al een minuut uit neus en oren. Mungu dacht dat hij zou stikken en Tunither had last van ondragelijke pijnen.

De Jet vloog nu in vrije val op een onbekend doel af. Daarbij draaide hij zich tegelijkertijd om twee assen.

 

'Stilte!' riep de officier voor de derde keer. Deze keer wat zachter. Hain Mungu, de man met het bio-chirurgisch gerepareerde gezicht, hield op met zijn kreunende geluiden. Het leek wel alsof de gigantische gloeiende band van de naburige Melkweg door de doorboorde transparante koepel van de opengescheurde schotel naar binnen wilde zweven. Bij iedere beweging van het schip ging de Melkweg aan een fictieve horizon op en even later weer onder.

Pen Tunither lette niet op het grandioze schouwspel. Hij luisterde naar het vreemde geluid, dat uit Hestingers borstzak scheen te komen.

'Weer dat geluid.'

'Wat is dat?' vroeg Tunither opgewonden. 'Hestinger, voor den duivel, wordt wakker. Wat heb je in je zak zitten?'

Hestinger richtte zich op. Hij lag lang uit over het in de bodem uitgespaarde machinehoofdluik en probeerde een paar scheuren met een zelfverhardend plakmiddel uit zijn noodvoorraad dicht te maken. In m'n zak? Ik, oh, maar natuurlijk een visifoon. Waarom?' 'Waarom? Omdat er in je zak een klok luidt, duffe aap,' brulde de eerste woedend. 'Geef hier dat apparaat. Iemand roept ons op. Luister, weer!'

'Roept iemand ons?' Hestinger glimlachte ongelovig. 'Met permissie, Sir, u bent niet goed bij uw hoofd! Een zakvisifoon werkt, zoals iedereen weet, met ultrakorte golven en die zijn nu eenmaal niet sneller dan het licht. Een oproep zou in het beste geval van de Omaso afkomstig kunnen zijn, maar die zou ik liever niet willen beantwoorden.'

 

Tunither stortte zich met een roekeloze sprong op de slanke sergeant, draaide hem met een snelle greep op zijn rug en rukte de magnetische sluiting van zijn borstzak open.

Hestinger kreunde. 'Verdomme, ik heb al genoeg blauwe plekken. Hou eens op met die onzin, Sir. Die beïnvloede kerels willen ons te pakken nemen en controleren of we nog leven. Misschien weet iemand dat ik als gewetensvolle leerling van de school voor ultrasuperfrequentie altijd een zaktoestel bij me heb. Dat heeft zo zijn voordelen.'

Tunither piekerde er niet over om op de opmerkingen van de sergeant in te gaan. Hij trok het apparaat uit zijn zak en drukte op de ontvangstknop. Op het kleine beeldscherm werden troebele lijnen zichtbaar. Het geluid kwam dadelijk. '... meldt u zich. Ik herhaal: Lordadmiraal Atlan, chef Morgenroodvloot roept radiosergeant Hestinger op. We hebben uw SOS-kreet ontvangen en bevinden ons met een speciaal schip slechts op een afstand van tien kilometer bakboord. Meldt u zich. Uw Jet is zwaar beschadigd. Hestinger ... melden ...!' Het beeldscherm trilde nog steeds. Hestinger was rood geworden. 'Sir, luister naar me! Dit is een truc; een vuile truc om vast te stellen of we nog leven. Het bericht is afkomstig van de Omaso. Die kunnen wel raden dat onze supergevoelige zender uitgevallen is. Er zijn genoeg mensen, die weten, dat ik altijd een zaktoestel bij me heb. Luister, antwoord niet. Sir ...!' Het laatste woord schreeuwde hij eruit. Hij raakte in paniek. Tunither duwde hem weg. Het gezicht van de dikke man was plotseling hard geworden.

 

'Dat is mijn zaak, Hestinger. Ik riskeer het. Wil je lekker langzaam braden in dit brandende, motorloze wrak? Atlan kan inderdaad in de buurt zijn. Ik ken zijn stem. Hij kan het best zijn. Blijf liggen, Hestinger! Het beeld wordt zo helder!' Hain Mungu zei geen woord. Het kon hem allemaal niets meer schelen. Hestinger keek om zich heen alsof hij gek geworden was. Hij durfde de Tunither, sterk als een beer, niet aan te vallen. Tunither begon plotseling te slikken. Op dat moment kroop Hestinger op handen en voeten naar de eerste officier en keek naar het heldere beeld. Atlans markante gezicht was duidelijk te herkennen.

 

'... chef Uso roept radiosergeant Hestinger op. Meldt u zich. We ...!' 'Hier Tunither,' riep de eerste officier in de microfoon. 'Sir, overste Pen Tunither, eerste officier van de Omaso hier. Hoort u mij?' De verbinding was vlekkeloos. Atlan antwoordde onmiddellijk. 'Doe maar rustig aan, Mr. Tunither. U bent gered. Wie is er nog meer bij u? Maak het kort. Alleen de belangrijkste details nu. Wie is er behalve u nog meer aan boord?' Tunither kreeg zijn zelfbeheersing weer terug. Zijn stem werd vaster. 'Radiosergeant Gilbert Hestinger en ingenieurkorporaal Hain Mungu. Wij zijn vreemd genoeg niet gevoelig voor de invloed van de kristallen. Hestinger en ik hebben elkaar getroffen in de radioruimte. We wilden allebei een noodkreet uitzenden, maar werden gehinderd.

Mungu kwam er later bij. Ik had hem bijna neergeschoten. Alle andere mannen zijn willoos; slaven, Sir. Als Phil Hagenty, die vervloekte onruststoker er niet geweest was, had overste Dentcher het radiobevel waarschijnlijk uitgevoerd en het vuur geopend op het kristal.' 'Daar wat meer over. Hoe kwam het zover?'

'Sir, onze zenuwen stonden op knappen. Eenentwintig dagen lang met een nieuw model van de Multi-Stardustklasse achter een kristal aan vliegen, maakt de stomste aap razend. Dentcher voelde zich een balling. Eigenlijk indirect gestraft en afgeschoven naar een post, die iedere kosmonautische baby met remak had kunnen bezetten.' Kom, schiet op. Op de Omaso starten de machines.'

 

'Majoor Phil Hagenty is eerst met een Jet op het object geland. Daar hebben de kristallen hem te pakken genomen. Dat merkten we later pas.'

'Goed, dat is voldoende. Details zijn nu overbodig. Is de totale kristalmassa aan boord?' 'Jawel, Sir. Het reuzending heeft zich gesplitst en is de twintig korvethangars binnengedrongen. De sloepen werden eerst door de beïnvloede bemanning naar buiten gebracht en in de vrije ruimte atomair tot ontploffing gebracht. Dat konden we niet verhinderen. We zijn er door gekomen en ...!' 'Dat is nu onbelangrijk. Hoe is het met de wil tot verzet van de bemanning?'

'Moeilijk te zeggen. Toen Hestinger en ik met onze uitbraakpoging begonnen, handelden de mannen nog als slecht opgevoede jonge honden. Alles ging langzaam, aarzelend en zelfs met het nodige verzet. Het schijnt lang te duren, voordat een gezond iemand geestelijk volkomen beïnvloed wordt door de kristallen. Hebt u de aanval gezien?' 'Ja. De salvo's waren slecht.' 'Een teken, dat onze mannen nog steeds passief ingesteld zijn. We hebben een prima artillerieofficier aan boord. Die had ons normaliter met een schot neergelegd. Nu opgelet, Sir. Ik weet niet wat u van plan bent, maar die dingen zijn gevaarlijk. Als wij wisten, wat er aan de hand was met die kristallen, was dit nooit gebeurd. We waren allemaal even nieuwsgierig. Niemand begreep, waarom we na eenentwintig dagen plotseling met alle transformatiekanonnen op dat object moesten schieten. Het zag er zo onschuldig uit.'

 

'Daar later meer over. Besef goed, dat overste Dentcher de verantwoordelijkheid moet dragen. Ik zal me ook bezighouden met Hagenty en hem voor de krijgsraad gooien. Daar zijn wetten voor. Denkt niet dat u en andere officieren alles op Dentcher kunt afschuiven, hoewel hij natuurlijk in laatste instantie verantwoordelijk is voor de Omaso.

U wordt nu opgepikt door een sloep van de Francis Drake. Bent u zwaar gewond?'

 

Atlan kon Tunithers antwoord geestelijk niet meer verwerken. De vrije handelaars in de peilcentrale moesten plotseling gek geworden zijn. Zo'n chaos had Atlan zelden uit de luidsprekers horen galmen. Hij en Roi probeerden vruchteloos en met razende snelheid weer orde te scheppen.

Toen het eindelijk lukte, waren er al acht glimmende groene punten zichtbaar op de reliëf schermen. De peilchef had de eigen tasters van de Francis Drake ingeschakeld, toen hij met de troebele energie-echo's niets meer wist te beginnen. De catastrofe kwam sneller dan Atlan verwacht had. 'Acht bollen, kennelijk eenheden van de solaire vloot, naderen de Omaso. Hoge snelheid, zestig procent van de lichtsnelheid, zwermen uit. Aanvalsformatie, twee schepen maken zich los. Energie-impulsen van de motoren bewijzen duidelijk, dat het solaire eenheden zijn.' Atlan begon te tieren. Roi Danton zei geen woord. Hij stond alleen maar op, riep een paar woorden naar Hims en rende naar het mysterieuze apparaat in het midden van de centrale.

'Radiocontact, onmiddellijk,' schreeuwde Atlan. 'Ik wil de commandant hebben. Wie heeft deze idioot opdracht gegeven het wild te verjagen? Kijk eens, de Omaso verhoogt zijn snelheid. De commandeur ...!'

 

Negen seconden later kwam de hypercomverbinding tot stand. Op het beeldscherm verscheen het gezicht van een Terraanse commodore. Hij straalde ook nog! Atlan beheerste zich met veel moeite toen de man zich stram in de houding meldde.

'Commodore Ansuna, chef drieënzestigste flottielje, negentiende slagkruisereenheid. Wij hebben het laatste radiobericht van de opperregent opgenomen, ontcijferd en de positie van de Omaso berekend. Ik ben blij, Sir, dat ik u kan bijstaan. Uw bevelen, Sir?' 'Hij, die u het beste zou kunnen meenemen, namelijk de duivel, neemt van mij geen bevelen aan,' brulde de Arkonide, buiten zichzelf van woede. 'Wat bezielt u om mijn plannen te bederven? De Omaso duikt over een minuut de lineairruimte in! Dank zij uw verschijnen, mijnheer! Wat denkt u wel? Waarom zou ik de Morgenvloot achtergelaten hebben? In deze situatie kan alleen een schip succesvol opereren. Van wie heeft u bevel gekregen om in te grijpen? Spreek op!' De commodore stond stokstijf voor zijn kamera en zocht naar woorden.

'Ik... ik dacht dat het juist was, om u te helpen. Ik heb geen bevelen gekregen.'

'Als de Omaso definitief ontsnapt, dan zal uw tactisch genie verantwoordelijk zijn voor de zwaarste verliezen die de mensheid ooit geleden heeft. Mijnheer, een cadet op de academie weet al, dat je een schuw stuk wild niet met pauken en trompetten moet benaderen. Anders verjaag je het meteen. Blijf op dezelfde positie, en redt de drie mannen van de Omaso, die vlak naast ons in de ruimte drijven, omdat ze nog niet beïnvloed zijn.' 'Niet... niet beïnvloed?' stamelde de officier met bleek gezicht. 'Natuurlijk. Zoiets is toch heel goed mogelijk. Begin eens te peilen. Je hebt toch ook de Omaso gevonden. Trek je daarna terug naar de Morgenroodvloot en meld admiraal Con Bayth, wat je hebt uitgespookt. Bevel aan Bayth: Radioverbod wordt onmiddellijk opgeheven. Zendt bericht aan Perry Rhodan. Wij achtervolgen de Omaso met een speciaal apparaat door de lineairruimte. Heeft u dat begrepen?' Commodore Ansuna had het begrepen! Op de peilschermen van zijn vlaggeschip, de moderne slagkruiser Asurban werd de Francis Drake steeds kleiner.

 

De Omaso was in een rechte hoek ten opzichte van het plotseling opgedoken schip ontsnapt. Ansuna had niet meer de geringste kans om de hoge snelheid van zijn eenheden op te heffen, of om een poging tot koersaanpassing te wagen. Zeker niet bij zestig procent van de lichtsnelheid.

De Omaso was allang buiten de actieradius van het 63ste flottielje. Alleen het schip van de vrije handelaars, dat bijna stil in de ruimte gehangen had, kon snel en exact genoeg de achtervolging inzetten. Atlan verbrak de radioverbinding met een voor hem unieke vloek. 'Mensen, die het heel goed menen, mag ik graag,' riep hij tegen Rasto Hims, die met een maskerachtig gezicht achter zijn instrumentenbord zat. 'Die eeuwige goedzakken en helpende handen zijn slechter te taxeren dan de kwadratuur van de cirkel. Lukt het? De Omaso verhoogt zijn snelheid met bijna zevenhonderd kilometer per vierkante seconde. Gaat het?' 'Geen problemen, we gaan sneller met onze noodcapaciteit.' 'O, neem me niet kwalijk, ik vergat alweer jullie modernste ontwikkelingen! Het slagschip kan ieder ogenblik de lineairruimte in duiken. Zijn we dichtbij genoeg om het schip te kunnen volgen met uw half ruimteverkenner?' 'Kijk eens admiraal, dat is ons eigenlijk probleem,' verklaarde Hims kalm. U hebt het snel begrepen.' 'Edelman Hims!' riep Roi vanuit het midden van de centrale, 'geef alstublieft ondubbelzinnige inlichtingen.'

 

Atlan veegde in zijn tranende ogen, een teken van opwinding. Van de eenheid van de ongelukkige commodore was niets meer te zien. 'Ik hoop dat dat genie in ieder geval overlevenden vindt,' zei de Lordadmiraal voor zich uit. 'Mr. Hims, wat voor moeilijkheden hebt u?' 'Die kist is te ver weg. De afstand tussen de Omaso en ons is ongeveer vierenveertig lichtminuten. Na de snelle toename van de snelheid vergrootte de afstand,' hij las de gegevens van zijn instrumentenbord af, '... tot de huidige drie en een half miljard kilometer, afstand wordt groter. Als hij nu zeer snel de lineairruimte in duikt, hebben wij het gewonnen. Gaat hij echter door met het verhogen van zijn snelheid met maximale waarden, dan duurt het nog vijf minuten voor we ons aangepast hebben en hem langzaam gaan inhalen. Dat moment duurt dan nog ongeveer tien lichtminuten. Bij de manoeuvre kunnen behoorlijke problemen opduiken. We kunnen hem kwijt raken. De halfruimteverkenner werkt alleen tot volle tevredenheid met scherpe bundeling. Het zoeken met de taststraal zal met toenemende afstand steeds moeilijker worden.' 'Ik begrijp het. Paradoxaal genoeg, moeten we er dus op hopen, dat ze met een geforceerde manoeuvre de libatiezone in duiken.' 'Exact.'

 

Twee seconden later begonnen op de Francis Drake de alarmfluiten te gieren, de Omaso was plotseling verdwenen.

Atlan hoorde Dantons bevelen nog. Daarna werd het schip van de vrije handelaar, beschermd door een brullend Kalup tegen de energie-invloeden van de vier- en vijfdimensionale ruimte, de neutrale tussenzone in geslingerd. De flonkerende pracht van de Melkweg verdween. De mysterieuze diepten van een zone, die met het verstand niet te bevatten was, het gebied tussen de dimensies, nam het schip op.

 

8.

Roi Danton had zich na de tweede oriëntatiemanoeuvre van de Omaso verwaardigd, Atlan enkele gegevens te verstrekken over de halfruimteverkenner. Het apparaat werkte feilloos. Na een paar slopende minuten hadden ongeveer twintig specialisten van het schip van de vrije handelaars de Omaso zo gevonden. De eerste experimentele toepassing van een peilapparaat, dat je in de lineairruimte kon gebruiken, was door de Terraanse wetenschap doorgevoerd na de ontdekking van het Blauwe Stelsel en de Akonen.

Na een paar successen waren er alleen nog maar mislukkingen gevolgd, vanaf het moment, dat de peilers in gebruik werden genomen. Men had, alleen eigenlijk om een passende term te vinden voor het nog steeds onopgeloste middel, gesproken van 'frequentiedissonatie door onbekende energie-invloeden'.

De tweede libropeiler, die mensen hadden zien werken, was door de Meesters van de Eilanden ingezet. Omdat dit apparaat maar een keer tijdens een gevecht was opgedoken, dacht men, dat het onderhevig was aan dezelfde fouten als de Terraanse constructie.

En nu dook er plotseling een min of meer onaanzienlijk iemand op, een jonge man nog, die de op een na machtigste man van de Melkweg een vlekkeloos werkende peiler verschafte.

 

Danton keek wel uit om te spreken over zijn zwager, Dr. Geoffry Abel Waringer, die er in was geslaagd om aan de hand van oude gegevens een volkomen nieuw principe in daden om te zetten.

Atlan kon alleen maar raden, dat met de mannen en vrouwen, van wie Danton zijn uitrusting kreeg, een nieuw tijdperk was aangebroken in de geschiedenis van het wetenschappelijke onderzoek. Deze mensen schenen van plan te zijn, niet voort te borduren op verwerkte kennis van vreemde volkeren, maar alleen op basis van eigen ideeën moderne constructies te creëren.

Danton had uitgelegd, dat de halfruimteverkenner werkte met tussendimensionale libroflex-impulsen, die alleen opgewekt konden worden, als een zogenaamde 'omvormer' de vierdimensionaal-stabiele impulsen zou aanpassen aan de toestand van de ultra-neutranto's, die qua energie neutraal waren. Wat ultra-neutranto's waren, kon of wilde Roi Danton niet uitleggen.

In ieder geval functioneerde de verkenner op normale echobasis. Daaruit kon je dus de conclusie trekken, dat een zender impulsen uitzond, die door een lichaam werden weerkaatst en door een ontvanger weer konden worden geabsorbeerd.

Maar dat dit in de tweedimensionale tussenruimte mogelijk was, had Atlan niet gedacht. De ondeugdelijke Terraanse verkenner had uitsluitend kunnen functioneren door het 'inpeilen' van vreemde impulsen van motoren. Dat was verder de bron van alle fouten. Atlan had tenslotte niet verder aangedrongen bij Danton. De Omaso had na zijn tweede oriëntatiemanoeuvre opnieuw zijn snelheid opgevoerd. Slechts elf minuten later was hij exact voor de doelster beland.

Het libroflexscherm van de halfruimteverkenner was meteen donker geworden. In plaats daarvan was de normale peiler ingeschakeld.

 

Maar drie uur na de overhaaste start van het slagschip werd het weer rustig.

Toen Atlan verzocht had, hij wilde geen bevelen meer geven, om de snelheid van de Francis Drake te minderen, om een veilige afstand aan te houden, was niemand op zijn verzoek ingegaan. De Drake raasde nog steeds achter het Terraschip aan, met zijn snelheid van hooguit 50.000 km/sec, en maakte de afstand geringer. 'U bent onbegrijpelijk roekeloos of u bent gek, monsieur!' zei Atlan tegen de vrije handelaar. Roi Danton had nu een minuut zijn witgepoederde pruik op. Atlan beschouwde het als pure komedie; Roi als een noodzakelijke vermomming tegen de scherpe, doordringende ogen van de Arkonide. 'Gek?' Roi greep naar zijn hart. 'Maar, Sire! Het lijkt wel of u deze gedachte al eens eerder hebt gehad.'

 

Rasto Hims liet al een paar uur zijn beruchte grijns zien. Het scheen hem niet te storen, dat de Francis Drake steeds meer naderde. De Omaso gleed binnen het bereik van de camera en was als een helder reliëfbeeld op het scherm te zien. Atlan trok een nors gezicht. 'Danton, wat wil dat gespuis? Als ze boven een beetje opletten, hebben ze ons nu al in de peiling. Ben je gek geworden?'

'Weer zo'n belediging,' jammerde Roi. Oro gaf hem zwijgend het reukflesje. 'Sire, u moet eens letten op de trillende lijnen die over het tastbeeld schuiven. Weet u, eh, dat is nou een bepaald soort peilbescherming, een nieuwe ontwikkeling dus eigenlijk, die, de hemel sta me bij, wat is er? Oro, roep de dokter. Sire...!'

Atlans gezicht was dieprood geworden. Trillend zat hij in zijn stoel. Met zijn handen omklemde hij de leuningen.

Danton deinsde terug onder de blikken van de Arkonide. 'Denk toch om uw bloeddruk, Sire.'

Atlan onderbrak hem met gejaagde stem.

'Zo is 't welletjes, Danton. Jullie hebben een degelijke peilbescherming. Gefeliciteerd! Ik heb het verwerkt. Waarom blijven jullie zo boven op onze neus zitten? Om jullie toestel te testen? Of zijn jullie misschien van plan om de Omaso door een vuuroverval met jullie transformatiekanonnen in atomaire gassen te veranderen?'

'Dat zou de simpelste, verstandigste en veiligste methode zijn om de kristallen te vernietigen!' zei Rasto Hims ongebruikelijk ernstig. 'U zult er wel niets op tegen hebben als man en paard eens genoemd worden.'

Atlan keek hem peinzend aan. 'U bevalt me wel, edelman Hims! Inderdaad waardeer ik het ten zeerste als men openhartig spreekt. Zou u het voor elkaar krijgen om te schieten op veertienhonderd willoze, onschuldige mensen? Met transformatiekanonnen?'

De Epsalees haalde zijn enorme schouders op. Hij zweeg. 'Dus niet. Of heeft uw zwijgen een andere betekenis?' 'Nee. We hebben 't al over een uitweg gehad. Vraag maar aan de koning.'

Roi Danton kuchte gemaakt. Zijn kanten zakdoekje was te klein om zijn verdacht trillende lippen te bedekken. Roi had last van inwendige lachkrampen.

 

Hij begon voor Atlan op en neer te trippelen, genoot intens van dat moment en zei daarna: 'We hebben dus een nieuw soort beveiliging, waarmee je ...!' Kasoms voet schoot uit als een afgevuurde raket. De platte hak van zijn laars, ongeveer maat 85, naar Terraanse maatstaven, kwam terecht op het uiteinde van Roi's ruggengraat en bracht daar de energie van de beweging over op een in rust zijnd lichaam.

Dat had tot gevolg, dat de koning van de vrije handelaars met gestrekte armen, zijn hoofd recht vooruit en met wild trappelende voeten door de centrale raasde, alsof hij een trainingsvliegtuig wilde inhalen.

Roi's avontuurlijke 'loopbaan' eindigde zeer spectaculair tegen een grillig versierde drank- en muziekautomaat, die door de schok onmiddellijk de oud-Terraanse wijs God Save the Queen begon te spelen, terwijl uit drie verschillende tuiten drie verschillende dranken spoten. Kasom brulde als een beest. Atlan lachte met gierende uithalen en Oro Masut, die net nog bereid was om zijn landsman naar de keel te vliegen, rende door de centrale om zijn gekwetste heer overeind te helpen.

 

Negenhonderd vrije handelaars, allemaal via het beeldnet met de centrale verbonden, piekerden er niet over, medelijden te hebben met hun koning. Hoe pijnlijk deze gebeurtenis ook was voor Rhodans zoon, alias Roi Danton, zijn charmante schurken produceerden een lachsalvo, dat de doden tot leven had kunnen wekken. Roi verdroeg het waardig. Ondersteund door Oro's machtige armen huppelde hij terug naar zijn plaats. Moedig smoorde hij een kreet van pijn. De pruik was naar voren gegleden en hing voor zijn ogen. 'Eh, doe uw vizier omhoog,' zei Kasom grijnzend. 'Hier wordt niet gestoken! En als u nog een keer de term 'nieuwe ontwikkeling' gebruikt, zult u eens meemaken, wat een ervaren Ertruser uitspookt met een bengel van uw leeftijd. We laten ons niet steeds in de maling nemen.'

'Kalm, kalm,' zei Roi en schoof zijn pruik terug. 'Dit soort stappen ken ik goed. Ik kende een man, die ...' Oro kneep zo hard in de arm van de koning, dat deze begon te kreunen. Kasom werd plotseling argwanend.

'Hoe bedoelt u dat? Kennen wij elkaar zo goed?'

'Die doet natuurlijk dit soort stappen regelmatig,' jammerde Roi om zijn strikvraag te ontwijken. 'Nee, nee, we kennen elkaar helemaal niet goed. Parbleu, hebt u staal in uw zolen?'

'Onder andere loden gewichten,' zei Kasom onverstoorbaar. 'Ik ben gewend aan 3,4 gravos. Waarom vraagt u dat?'

Atlan lachte nog steeds. Precies op dat moment minderde de Omaso vaart en begon aan een ruime cirkelbaan rond de voornaamste zon van een dubbelster. Een minuut later waren de experts van de Francis Drake er al achter gekomen, dat dit de planeetloze ster Darla-Copus was, een dubbelster dus. Hij bevond zich aan de zogenaamde Eastside van de Melkweg en was 2.400 lichtjaren verwijderd van de opmarssector Morgenrood.

 

Darla-Copus was een van de weinige bakens met zelf bedachte naam, die de vloot als oriëntatiepunt gebruikte. Niemand begreep, waarom de kristallen, eigenlijk de heersers op de Omaso, nou juist naar deze dubbelzon waren gevlogen. Waarschijnlijk was het bestaan ervan zo hecht verankerd in Dentchers herinneringsbewustzijn, dat de kristallen daarop waren teruggevallen.

Roi besloot om verder niet te reppen over het onaangename voorval. Melbar Kasom was in zijn jeugd zijn persoonlijke lijfwacht geweest. Aan hem hadden Roi en zijn tweelingzuster het te danken, dat ze niet door een geheime kosmische organisatie waren ontvoerd. Danton ging heel voorzichtig op een draaistoel zitten en gaf een paar bevelen door.

De Francis Drake begon onmiddellijk met volle kracht te remmen en staakte kennelijk de achtervolging. De manoeuvre duurde een kwart seconde. Toen bevond de vrije handelaar zich in de rode sector van de Omaso, waarvan de bemanning waarschijnlijk bevel had gekregen om in een baan rond de hoofdster te gaan vliegen. Deze oude truc, die bescherming verleende tegen langeafstandspeiling, was door de kristallen snel uit het geheugenreservoir van de menselijke breinen gelicht.

 

De metgezel van de rode reus was een kleine groene ster. De Francis Drake hield een afstand van een miljard kilometer aan. Het nieuwe antipeilscherm functioneerde optimaal. Roi verklaarde, dat naderende impulsen geabsorbeerd werden of in ongevaarlijke richtingen gereflecteerd. Terugkomen als echo kon niet meer. Atlan stelde geen vragen meer. Aan boord van dit koopvaardijschip waren kennelijk alleen installaties, waar aardbewoners geen kaas van hadden gegeten.

De machines van de vrije handelaar verstomden. Op de reliëfschermen van de energietaster glansde een troebele vlek. Het was het solaire vlaggeschip Omaso.

 

Atlan had om een bespreking verzocht. De dingen, die hij wilde voorleggen, konden alleen in het brein van een man ontstaan, die beschikte over specialisten en een geheime dienst, die alles op dit gebied in het hele melkwegstelsel overtrof. Zelfs Allan D. Mercant, chef van de solaire veiligheidsdienst, ook wel galactische veiligheidsdienst genoemd, gaf toe, dat de USO praktisch onoverwinnelijk was door zijn legendarische hulpmiddelen. Roi Danton was links van Atlan gaan zitten. Kasom en Oro Masut stonden aan de smalle kant van de rekenkamer. Rasto Hims en de kosmonautische officieren waren ook aanwezig.

 

Atlan legde de patentschrijfstift weg en leunde achterover. 'Het zou makkelijk zijn om een sloep naar Con Bayth te sturen en hem op te roepen met de Morgenroodvloot. Maar dat zou verkeerd aflopen. De vernietiging van de Omaso met alle beïnvloede mensen blijft over als laatste uitweg. We moeten deze gedachte onder ogen zien; hoe bitter dat eventueel ook moge zijn. Maar er zijn nog andere mogelijkheden. Hoe goed zijn uw mannen in toneelspel, monsieur?' Danton fronste zijn voorhoofd. 'O, heel goed, denk ik.' 'Hm!' Atlan lachte sarcastisch. Ik geloof u op uw woord. De als waarschijnlijk veronderstelde intelligentie van de kristallen wordt een echte intelligentie, zodra een grotere massa verzameld is. We kunnen er zeker van zijn, dat de reusachtige hoeveelheid in de hangars van de Omaso door het incident met commodore Ansuna tot de conclusie is gekomen, dat het slagschip als onopvallend transportmiddel niet meer kan worden gebruikt. Men zal het voor noodgevallen willen behouden, maar er ook op uit zijn om een ander ruimtevaartuig met bemanning te kapen. De kristalagenten kennen hun macht. Ze zullen die meedogenloos gebruiken, het liefst anoniem. Daar heb je een onopvallend ruimteschip voor nodig, dat niet door de hele vloot achterna wordt gezeten. Laten we dus de Francis Drake aanbieden, omdat die ondubbelzinnig te boek staat als handelsschip.'

 

'Zonder mij!' zei Hims. 'Luister eens, ik wil geen spelbreker zijn, maar door dit soort dingen laat ik me niet meeslepen.' 'Dat is mijn bedoeling ook niet!' werd hem verteld. Danton begon te glimlachen. Atlan was op zijn hoede.

'Zijn er misschien bezwaren, voordat ik verder ga?'

'Nee. Ik vind het alleen verbazend, dat u bijna exact mijn eigen gedachten verwoordt. Maar gaat u alstublieft verder, Sire!' 'We zitten in het gebied van de Blues. Het is bekend dat de strijdende volkeren, duizenden in getal, een verbitterde broederoorlog voeren, al honderden jaren. Wij doen net of we tijdens een reis zware schade hebben opgelopen. Dat is niet zomaar geloofwaardig te maken. Het plan moet vlekkeloos zijn. Onderschat de activiteiten van die micromonsters niet.' 'Ik zal u met een paar nieuwe ontwi...' Roi zweeg en keek naar Kasom, '-neemt u mij niet kwalijk! Is het gepermitteerd om het gesmade begrip nogmaals te gebruiken?' Kasom grijnsde en maakte een royaal gebaar.

'Heel mooi, merci bien, mon ami. Goed, Sire, ik kan u met een bepaalde installatie van dienst zijn. Zwak bewapende vrachtvaarders, overgeleverd aan de willekeur van boosaardige lieden!' Roi zweeg en wachtte geduldig tot Atlan uitgehoest was. 'Neem me niet kwalijk, monsieur. Ik verslikte me.'

'... boosaardige lieden, moeten bepaalde veiligheidsmaatregelen treffen. Laten we zeggen, het is een bepaald soort toneelspel. Ik neem aan, dat u vanwege uw parapsychische ongevoeligheid, die een goed wapen vormt tegen de hypnosuggestieve invloed van de kristallen, aan boord van de Omaso gaat.' De blikken van de mannen kruisten elkaar opnieuw. 'U hebt het begrepen, Danton!' 'Voila, Sire, dan zal ik ook van de partij zijn. Nee, weiger niet. Mijn brein is door een verlammende schok met 'para-energie, geperst door bepaalde zenuwkanalen, psychostabiel geworden. O, krijgt u het weer te kwaad?'

 

Roi hield zijn lorgnet voor zijn ogen en keek de lordadmiraal met een onnozele blik aan. Atlan verloor bijna zijn zelfbeheersing. Kasom meende, dat hij zijn tanden hoorde knarsen. 'Afgezien van deze fantastische uitspraak: Waar haalt u het wetenschappelijk begrip 'psychostabiel' vandaan? Deze eigenschap, aangebracht door een chirurgische ingreep, kan maar op een planeet van de Melkweg worden uitgevoerd. Specialist Melbar Kasom bijvoorbeeld heeft zich aan dit procedé onderworpen, om immuun te worden tegen parapsychische invloeden -Ik kan me herinneren, dat hij weken heeft gevochten tegen de schimmen van de waanzin.' Roi kuchte.

'Ik ook, Sire, ik ook. Laten we 't maar vergeten. De bewuste planeet is het medocenter Tahun, de medische basis van de USO. Ik ben zo vrij geweest, daar een tijdje geleden op te duiken. Ik zal dus aan de door u voorgestelde actie meedoen. Drie man moet voldoende zijn om de hele bemanning te kunnen bestrijken.'

Een patentschrijfstift brak stuk tussen Atlans vingers. 'Over die operatie hebben we het nog wel, jongeman,' zei hij hijgend. 'Dat is ongelooflijk! Er zijn maar weinig mannen en vrouwen in mijn gelederen, die daar toestemming voor hebben gekregen. Van de tienduizend mensen is in het beste geval één persoon lichamelijk en geestelijk geschikt om dit proces te doorstaan. U had ongeneeslijk ziek kunnen worden. Ik vraag me af of het wel verantwoord is om een waaghals van uw kaliber nog langer met transformatiekanonnen door het heelal te laten vliegen. Nou, we hebben het er niet meer over. Wat hebt u behalve uw gestabiliseerde brein en de niet nader omschreven hulpmiddelen tegen de boosaardige willekeur van sommige lieden, nog meer te offreren? Ik heb speciale wapens nodig. Geen mens kan vierhonderd tegenstanders achter elkaar met schokstralers verlammen. Daar wordt meestal wel wat aan gedaan. Alstublieft!' Danton begon te praten. Toen hij uitgesproken was, was Atlan nog verblufter.

Hij stond op en verliet zonder groeten de rekenruimte. De andere mannen volgden hem. Alleen Oro Masut en Roi Danton bleven achter.

 

9.

Tusin Randta, de tweede officier, stormde de centrale in en zakte hijgend in elkaar. Zijn lichaam was een grote brandwond. Vijf andere bemanningsleden schenen verrast te zijn door een naaldendouche met thermisch effect. De kleding van de mannen kon het gruwelijke tafereel nauwelijks verbergen, was namelijk op minstens tien plaatsen doorboord. Atlan stond voor de tweede officier van de Francis Drake en keek naar zijn beroete gezicht. 'Heel goed, edelman Randta. Straks bent u werkelijk bewusteloos. De schmink op uw linker wang bedekt de opgeplakte wond. Veeg het af.' 'Waar? Hier?' Randta ging met een vinger over de korst. 'Ja. Goed zo. Die maskermakers van jullie kunnen er wat van! Doden liggen er meestal niet zo mooi bij. Ga alstublieft van die bedden af en ga verkrampt op de stalen vloer liggen. Die man helemaal links, pak nog een keer de brander en laat de kunstaderen bij de derde schotwond wat dikker worden, anders gelooft niemand 't.' De 'dode' pakte zonder iets te zeggen een soort aansteker en liet de steekvlam over zijn jasje glijden. Rook steeg op.

'Goed, dat is genoeg. Blijf nu liggen. Het ingeademde verdovende gas gaat over vijf minuten werken. Dan voel je die ongemakkelijke houding niet meer. Wees maar gerust. In deze parapsychische slaaptoestand ben je gewoon doof, in alle opzichten. Als de Omaso arriveert, dat hopen we tenminste, zal hij ons enteren. Officieel zijn alleen Roi Danton, Melbar Kasom en ik in leven. Hallo, Danton, hoe ziet 't er bij jullie uit?'

Dantons gezicht verscheen op een beeldscherm.

'Uitstekend. Tachtig zogenaamde doden en drie overlevenden, lijkt me geloofwaardig genoeg. Dentcher weet niet hoe groot mijn bemanning in werkelijkheid is. Normaliter zijn 83 specialisten voldoende voor de bediening van een volledige geautomatiseerd handelsschip. De mannen zien er afgrijselijk uit.'

'Des te beter. Oro Masut heeft een mooie ring om zijn middelvinger, nietwaar? Laat hem die over je voorhoofd halen, zodat je een mooie, echte, bloedende wond krijgt, voordat hij bewusteloos is.'

Ook dat nog,' zuchtte Danton, die al een paar uur de onrustbarende activiteit van Atlan probeerde te temperen. Maar Atlan was niet meer te stuiten.

 

Hij had de maskerade van iedere man afzonderlijk geïnspecteerd. De gesimuleerde verwondingen moesten een echte indruk maken. Dat was niet moeilijk te beoordelen voor de Arkonidenadmiraal. Hij wist maar al te goed hoe de gevallenen in het verwoeste interieur van een aangeschoten ruimteschip er uitzagen.

'Rasto Hims spreekt,' bulderde de stem van de eerste officier. 'Acht sloepen klaar voor vertrek. Kan ik eindelijk verdwijnen? Het bevalt me hier niet zo.'

Atlan ging voor het beeldscherm staan.

'Klaar. Jullie kunnen vertrekken. Heb je de achtentwintig vrije handelaars goed verdeeld?' 'Per boot ongeveer honderd man. Ik herhaal: We gaan met alle eenheden onmiddellijk de lineairruimte in en wachten op een afstand van drie lichtjaren op uw radiobericht. De Morgenroodvloot krijgt van mij per richtstraler het alarmsignaal. We komen niet tevoorschijn voordat alle veertienhonderd mannen van de Omaso bewusteloos zijn.' 'Laten we hopen dat het lukt. Kijk uit, dat je antennes niet diffuus stralen. Het is een riskant spelletje. Randta is nu bewusteloos. Hij beweegt zich niet meer. De verdoving duurt vijf uur. Vliegen maar! Succes!'

 

'Dat kunnen ze beter tegen jullie zeggen!' antwoordde Hims, en in zijn stem klonk een zeker respect. Vijf minuten later waren de acht sloepen met hun middellijn van zestig meter van de Francis Drake vertrokken.

'Grote Epsal!' klonk Hims' stem opeens. 'Weten jullie hoe de Francis Drake er van buiten uitziet?' 'Hopelijk als een zeef.' 'Dat is geen vergelijking. De camouflage is fantastisch. Dat heb ik nog nooit gezien. Ik projecteer het beeld op jullie scherm. Nou, mooi hé?'

Atlan hield zijn adem in. Op het grote beeldscherm, dat door Hims' camera werd bestreken, verscheen het schip van de vrije handelaars in volle glorie. Hoewel volkomen intact, leek het van buiten een wrak. Dit was Roi's 'defensieve wapen'; niets anders dan een fantastische beeldprojectie, die de hele romp besloeg. Speciale instrumenten, die met veel moeite op de buitenkant van de romp waren gemonteerd, gebruikten de spiegelende romp als gebogen projectieoppervlak. De zo geproduceerde beelden waren minstens op vijftig manieren te variëren. Allerlei soorten schade, van een opengereten jet tot aan de doorboorde en brandende romp, konden met een bedrieglijke echtheid voorgetoverd worden. Roi had deze keer niveau 30 gekozen. Door deze beeldprojectie moest een toeschouwer de indruk krijgen, dat de Francis Drake door enkele grotere schepen beschoten was. De romp vertoonde op ongeveer veertig plekken verdikkingen. De smeltranden bewezen dat hier sprake was van een bombardement door thermokanonnen. Gedeeltes van de machinekamer hingen er in flarden bij. Twee van de grote impulsmotoren stonden helemaal open. Het leken wel gesmolten schroothopen. 'Als dat geen effect heeft!' zei Atlan. 'Bedankt, Hims. Verhoog nu je snelheid. Hoe doet de camouflage het op hypersnelle tasters en echobeelden?'

'Helemaal niets. Op het reliëfscherm zijn alleen maar vage omtrekken te zien. De tasters signaleren alleen het lichaam. De normale optische peiling levert alleen maar een grote chaos op.' Hims nam afscheid. De acht korvetten verhoogden hun snelheid en verdwenen in het heelal. Daarna werd het stil op de Francis Drake. Deze bevond zich op een afstand van anderhalve lichtmaand van de dubbelster Darla-Copus. Dat was de afstand die je met een noodzender nog goed kon overbruggen. Veel verder reikte de kleine hypercom natuurlijk niet. Tot die conclusie zouden ook de radiotechnici van de Omaso komen. Verder vertrouwde Atlan op de wiskundigen aan boord van het grote Terraschip. Als zich nu plotseling een kennelijk lam geschoten vrije handelaar in de buurt van de dubbelzon over de radio meldde en om hulp riep, moesten ze wel concluderen, dat de bemanning van dat schip geen weet had van de gebeurtenissen op de Omaso. Het was 6.18 uur, 21 oktober 2435. Tegen middernacht,  standaardtijd, was de Omaso in de lineairruimte verdwenen en ongemerkt gevolgd. Geen mens zou durven beweren, dat het plotseling SOS seinende vrachtschip in feite achter het slagschip aanzat.

 

Atlans plan was gebaseerd op deze louter logisch opgestelde berekeningen. Het was een goed plan, als de kristallen tenminste een beetje logisch dachten. Ze zouden intussen wel weten, dat een achtervolging door de lineairruimte onmogelijk was. Dantons halfruimteverkenner was een nieuwe ontwikkeling, een geheim nog. Niemand op de Omaso wist er iets van.

 

Roi kwam de centrale in. Op zijn voorhoofd gaapte een lange, hevig bloedende wond. Melbar Kasom kwam met de centrale lift. Hij stapte voorzichtig over de 'gevallenen' heen, bestudeerde met geroutineerde blik de maskerade en liep toen naar Atlan. 'In orde. Alles rustig aan boord, Sir. Dat gevechtsgas is geweldig. Ik heb de tachtig mannen in een sluis opgesloten en daarna een vingerhoed van dat spul naar binnen geblazen. Daarna heb ik ze naar hun posten gestuurd. Na exact twintig minuten vielen ze versuft neer. Dat is een strijdmiddel met tijdsontsteking, Sir. Nu, vijfentwintig minuten na het naar buiten stromen van het gas, is het effect volkomen verdwenen. Als we dat op de Omaso kunnen doen, vallen de veertienhonderd mannen twintig minuten later om. O, koning wat ziet u er slecht uit!'

'Wat dacht je,' zei Roi klagelijk. 'Uw landgenoot heeft me een aai gegeven, zoals hij zelf zei. Ik geloof dat ik een hersenschudding heb. Oro, mijn reukflesje, zo, die kerel slaapt ook al. Nou goed, dan maar niet. Op dat gepeupel kun je toch niet vertrouwen. Sire, ik voel me niet zo goed.'

'Zolang je niet malende wordt, ben je wel te verdragen,' stelde Atlan nuchter vast. Hij keek op zijn horloge.

'Het wordt tijd. Ga naar de radiocentrale en druk op de knoppen. De specialisten hebben een universele uitzending voorbereid. We worden over een afstand van ongeveer twee lichtmaanden nog redelijk verstaan. Laten we hopen, dat er niet toevallig andere schepen, in de buurt zijn!'

Vijf minuten later waren ze klaar met de laatste voorbereidselen. Een medo-robot diende de mannen een injectie toe met een hogedrukspuit: Het immuniteitsmiddel. Daardoor zou het gevechtsgas geen enkel effect hebben. Atlan vroeg maar niet, wie die duivelse goedje had uitgevonden.

 

Aldus voorbereid zette Roi de kleine noodzender aan. Deze werd van energie voorzien door een reservebank vlak onder de bolvormige centrale.

De noodkreet werd uitgezonden via de intergalactisch erkende en altijd open gehouden noodfrequentie. Er was geen enkele hypermarconist, die niet voortdurend een van zijn toestellen op deze frequentie had staan. De tekst werd door de bandcomputer een keer kompleet, en een keer in morseseinen uitgezonden. Dat was de gebruikelijke manier om een noodbericht uit te zenden.

Atlan keek nog eens naar zichzelf in het spiegelende oppervlak van een beeldscherm. Op het borstgedeelte van zijn moderne gevechtspak zat het glanzende symbool van de USO. Ook Melbar Kasom had zijn uniform met dit embleem laten versieren.

Omdat ze vermoedden, dat de uitstekende kwaliteit van de gevechtspakken van het type SHK-II/UL-TRA CNEIF ook op de Omaso bekend was, konden ze net doen of de dragers van deze beschermende kleding de overval hadden overleefd. Kasom en Atlan hoefden dus alleen maar een uitgeputte indruk te maken.

Maar Danton droeg over zijn versierde kanten hemd een normaal koopvaardijuniform, dat zo te zien slechts met moeite de thermische belasting had doorstaan. De pruik was op kunstige wijze gesmoord. Het wachten begon. Voordat de automatische zender van de Francis Drake de eerste kreten om hulp uitzond, drukte Atlan op het contact van een draagbaar stuurapparaat. In de vuurleidingcentrale van de vrije handelaar gaf de ontvanger een signaal en werd het teken 'vuur vrij' gegeven.

 

Het thermische geschut begon het eerst te brullen. Uit de koepels van het grote schip werden nucleaire thermozuilen de ruimte ingezwiept. Vijf seconden later begonnen de transformatiekanonnen. Hooguit een kilometer verderop ontstonden gloeiende gigazonnen, die zoveel energie produceerden, dat de supersnelle tasters van de Omaso ze in geen geval over het hoofd konden zien. De Francis Drake werd uit zijn koers geperst door het continue bombardement. De snelheid bedroeg een dertigste van de normale lichtsnelheid, ongeveer tienduizend kilometer per seconde. Ook dat was geloofwaardig, namelijk heel gewoon voor een vrachtvaarder, na een onderduikmanoeuvre. Het tsjirpende geluid van de zender werd door het donderende lawaai van het geschut overstemd. Ver voorbij de vrije handelaar, in de richting van de dubbelzon, die nog duidelijk zichtbaar was op de beeldschermen, ontstonden de laaiende nucleaire energiebollen, heet als de zon.

 

De drie mannen persten hun handen tegen hun oren. De zender zond continu.

'Vrijhandelsschip Francis Drake, positie, één-vijf lichtmaanden West Darla-Copus, sector 1846-D-1847, Eclips -25-graden, V-24-67, SOS ... SOS ... SOS ... Aanval Blueseenheid. Effectieve treffers, veiligheidshelm valt uit. SOS ... Francis Drake, commandant Roi Danton, bij nadering zonnebaken Darla-Copus, op weg naar locatie, aanval wachtende Blueseenheid. Zware treffers. Positie ...!' Nadat de kanonnen nog een paar salvo's hadden afgevuurd, werd de tekst veranderd.

 

'SOS ... SOS ... Francis Drake, Koning van vrije handelaars Roi Danton. Blues staken vuur, slaan op de vlucht. Drie overlevenden. Vlucht met sloepen geprobeerd. Neergeschoten door Blues na vertrek uit sluis. Vraag om hulp. SOS ... aan allen, help! Ben in staat om te manoeuvreren ...'

 

De kanonnen zwegen. Het wankelende bolvormige object kwam weer tot rust. Atlan perste zijn pinken uit zijn oren.

'Aardig vuurwerk, monsieur. Als dat niet gepeild is, heet ik geen Atlan meer.'

'Wat dacht u van Roi Danton?' kreunde de koning van de vrije handelaars en liet zich in zijn stoel glijden.

'Als u uw stoel houdt en ik de mijne, waarom niet? Het spel begint, vrienden. Melbar, hang de gaspatronen in de rugzakken van de gevechtspakken!'

 

10.

Het was 8.45 uur, 21 oktober 2534. Een stalen monster, bolvormig, met een middellijn van achthonderd meter, spoot de lineairruimte uit.

De manoeuvre was net zo exact als men verwachten kon van een Terraanse bemanning. Toen de Omaso op de schermen van de Francis Drake opdoemde, remde hij al krachtig af. De geschutstorens waren naar buiten geschoven. Zware transformatiekanonnen gaven het schip een dreigend uiterlijk.

'Daar is hij!' zei Atlan abnormaal kalm. 'Nu kalm blijven. Het loopt op rolletjes. Ze hebben er lang over gedaan om dit besluit te nemen. Roi, speel je rol net zo goed als we van je gewend zijn.' 'Sire, u krenkt me.' 'Dat was al een hele goeie. De bemanning van de Omaso kent je net zo goed als alle andere Terranen. Doe je naam eer aan. Ik durf te wedden, dat Dentcher alleen contact opneemt via de visifoon. Hij zal niet dichterbij komen dan tien kilometer. Dat geeft hem prima infraroodbeelden.'

 

Roi bleef om hulp roepen. Hij gebruikte nog steeds de noodzender. Slechts elf minuten later had de Omaso zijn geforceerde manoeuvre beëindigd. Ook al was de bemanning sterk beïnvloed - hun ruimtevaarttechnische kennis hadden ze nog niet vergeten. Plotseling, het was even voor negenen, gaf de visifoon een signaal. Stem en beeld waren onmiskenbaar. Overste Dentcher was persoonlijk aan de lijn. Atlan dacht huiverend aan al het geschut dat nu op het vrachtschip was gericht. Als iemand op een knop drukte, was het gedaan met de onbeschermde Francis Drake. 'Overste Dentcher, commandant slagschip Omaso, solaire vloot, roept Francis Drake,' galmden de luidsprekers. 'Staak uw hyperzending. Meld u.'

 

Roi, zoeven nog de rust zelve, begon nu weer de verwijfde slappeling uit te hangen. Met een hoog kreetje schakelde hij beeld en geluid in, strekte vlak voor de kamera zijn armen uit en riep bijna snikkend: 'Welkom, welkom, mijn edele vriend, mijn redder, mijn weldoener, welkom. Je suis enchanté de vous voir, monsieur. U ziet een geslagene, een vernederde en vertrapte koning. Waar bent u? Ik zie u niet. Men heeft het gewaagd, mij te verwonden. Waar bent u?' Roi's gejammer verstomde. Hij lag met schokkende schouders over de schakeltafel voor de visifoon gedrapeerd.

Dentcher vertrok geen spier van zijn gezicht.

'Omaso aan Francis Drake. Ik heb 't begrepen. Uw schip schijnt zwaar beschadigd te zijn. Kan het gerepareerd worden met de normale scheepsuitrusting?' Atlan hield zijn adem in. Kasom kreeg een gekwelde uitdrukking op zijn gezicht. Daarover hadden ze het niet gehad! Een factor had Atlan over het hoofd gezien! De kristalagenten hechtten alleen waarde aan een onbeschadigd schip. Een wrak was voor hen nog nuttelozer dan de gezochte Omaso.

Roi onderdrukte een ironische glimlach. Hij had het dadelijk begrepen.

'Maar natuurlijk, monsieur, natuurlijk,' zei hij klagelijk in de microfoon. 'Juist dit feit kwelt me zo. Mijn mannen zijn met achterlating van de tachtig gesneuvelden en mijn, op dat moment nog bewusteloze, persoon, gevlucht met de sloepen. Ze werden allemaal door de Blues vernield. Er zijn maar twee impulsmotoren uitgevallen. Een lineairvlucht is mogelijk, zodra de kapotgeschoten stroomgeleiders opgelapt zijn. Stelt u zich eens voor, men verlaat mij en een betrekkelijk goed functionerend schip. Ik breek innerlijk in duizend stukken. O, die wond op mijn voorhoofd. Ik voel opnieuw een aanval van bewusteloosheid naderen. Help! Ik zal u rijkelijk belonen.' Dentcher mediteerde.

 

Een ogenblik verkrampten zijn ledematen, alsof hij zich innerlijk tegen de bevelen uit het niets wilde verzetten, daarna werden zijn ogen weer dof.

'Ik heb het begrepen. Hoeveel overlevenden zijn er aan boord?' 'Ik en nog twee man. Maar deze personen zijn de schuld van mijn ongelukkig lot. Ik heb vijfduizend ton Howalgonium aan boord. Men heeft me gedwongen, de vindplaats te verraden en twee USO-specialisten aan boord te nemen. Ik zou nooit naar het zonnebaken Darla-Copus gevlogen zijn als ik niet opnieuw gechanteerd was. Deze USO-officier, die ze zouden moeten guillotineren, dwong me nogmaals om iets tegen mijn zin te doen. Ik zal protesteren bij de opperregent. De USO is niet bevoegd om vrije vaarders te betuttelen. Kijk toch eens, daar zijn die twee schurken, die dank zij hun uitstekende gevechtspakken duizend graden hitte zomaar hebben overleefd. Ik ben natuurlijk geblesseerd. O, mijn voorhoofd. Een arts, vlug, een arts.'

 

Atlans parool had geklonken. De beslissende minuut brak aan. Hij deed een stap naar voren en rukte de microfoon uit de hand van de vrije handelaar.

Atlans gezicht was hard en afwijzend. Nu moest hij bevelen geven! Hij kon het zich niet permitteren om een lagere officier te bidden en te smeken; anders zou hij toegegeven hebben, dat hij op de hoogte was van het lot van de Omaso. 'Atlan, opperbevelhebber USO aan overste Dentcher; hou alstublieft op met dat vragen stellen en stuur nu een sloep. Waar wacht u eigenlijk nog op? Dit is een schip in nood en u vindt het nodig, een verhoor te houden via de visifoon? Mijn aanwezigheid op een vrijhandelsschip gaat u nog minder aan dan die koning. Staar me niet als een uil aan. Ik kom net terug uit de Bluessector. Mijn individuele actie moet door die schotelkoppen doorzien zijn, anders hadden ze me niet opgewacht bij het zonnebaken Darla-Copus. Voor den duivel, heb je je tong verloren? In dit vrachtschip liggen tachtig doden! Verder zijn honderd man bij hun ongeoorloofde vlucht recht in het vuur van de Blues gevlogen. Dood! Wat staar je me aan? Een sloep, onmiddellijk!' De laatste woorden brulde hij in de microfoon. Dentcher nam automatisch de houding aan, hoewel hem dit zeker niet ingefluisterd was. Roi zorgde ervoor, dat de camera's functioneerden. Op Dentchers schermen verschenen de afdelingen, waar de 'doden' lagen. Eindelijk begon de commandant van de Omaso te reageren. Atlan had gewonnen. De kristallen hadden bliksemsnel begrepen, dat deze man door zijn onwetendheid wat betreft bepaalde gebeurtenissen, wel bevelen moest! 'Neem me niet kwalijk, Sir. Ik herkende u niet meteen,' zei Dentcher dof. 'Uw bevelen, Sir?' 'Die hebt u toch al gehoord?' tierde de Arkonide verder. 'Een sloep! U brengt me nu naar sector Morgenrood. De Francis Drake wordt door uw technische personeel gerepareerd, dat wil zeggen klaar gemaakt voor lineairvlucht. Stuur driehonderd man. De commanderende officier moet met het schip nakomen, zodra de ergste schade is gerepareerd. De uitgebrande vertrekken kunt u voorlopig zo laten. Het schip is, machinaal gezien, beter in orde dan op het eerste gezicht lijkt. Stuur een bericht naar de Morgenroodvloot. Tekst: Blues bezitten nieuw apparaat voor het hypnotisch beïnvloeden. Specialist Kasom en Atlan zijn door hun parapsychische ongevoeligheid aan het gevaar ontsnapt. Aankomst met Omaso. Wat zoekt u hier eigenlijk? U hoort toch nog tot mijn vloot? Bewakingspositie?'

 

Het duurde weer een paar seconden.

'Jawel, Sir. Bewaking van Darla-Copus. In de Francis Drake ziet het er niet best uit.'

'Had je soms gedacht, dat de Blues met bonbons schieten?' tierde Atlan. 'Einde bericht. Stuur een Space-jet.'

Hij drukte op de knoppen. Het beeldscherm werd dof. Danton keek gelaten naar de Arkonide. Kasom veegde het zweet van zijn voorhoofd.

'Dat was gewaagd, Sir. Maar kennelijk juist. We leven namelijk nog. Kijk, de Omaso nadert. Waarom worden we eigenlijk niet vergast op een hypnosuggestief front? Of voelt u al iets? Op Old Man signaleerde ik de invloed, zonder mee te hoeven gaan.'

'Ik ook. De kristalagenten vinden het niet verstandig om drie overlevenden, waarvan er twee toch al immuun zijn, aan te vallen. U wordt later zeker te grazen genomen. Ze hebben onze schijndoden te goed kunnen zien. Bovendien weet iedere Terraan, dat ik beschik over een geactiveerd extrabrein. Dentcher heeft dat onbewust aan zijn meesters doorgegeven. Maak contact. Fase twee begint.' Roi drukte op de knop. Deze keer verscheen er een officier, een majoor, aan het apparaat. 'Naam?' snauwde Atlan. 'Majoor Phil Hagenty, tweede officier van de Omaso,' antwoordde hij.

'Dat clubje slaapmutsen zal ik eens mores leren. Vertel uw commandant, dat het reparatiecommando voorlopig niet aan boord van de Francis Drake hoeft te komen. Ik zal om een vloottender vragen. U bent me namelijk niet rap genoeg.' 'Begrepen, Sir. We komen er aan. De Space-jet is startklaar. Heeft u een dokter nodig?' 'Nee. Mijn Ertrusische specialist ook niet. De kapitein van het vrijhandelsschip kan daar verzorgd worden. Hij heeft een hoofdwond. Houd uw mond, monsieur Danton. Ik beveel hier nog steeds! Kasom, help die vent overeind. Majoor Hagenty de jet moet nu landen bij de bovenste poolsluis. We komen er aan. Sluiten.'

 

Toen Atlan dit maal de verbinding verbrak, was het spel al voor de helft gewonnen.

'Klaar maken. Is de speciale uitrusting goed opgeborgen? De zichtbare wapens zullen onmiddellijk ingepikt worden.'

'O, ik heb een lorgnet, Sire,' glimlachte Danton. 'Verder nog een paar onlangs ontwikkelde ...!' Hij zweeg abrupt, keek naar Kasom en sprong uit zijn stoel. Atlan speelde het klaar, in deze netelige situatie te lachen. Daarna lieten de drie mannen zich door de centrale lift naar boven brengen. Om 9.32 uur meerde een Space-jet van het Terraanse slagschip Omaso af bij de bovenste poolsluis. De piloot zei alleen het aller-noodzakelijkste. Hij vloog goed, alleen had hij veel weg van een verstard grijnzende robot.

 


11.

In deze situatie kon niemand tijd verspillen; noch de drie mannen van de Drake, noch de kristalagenten met hun slaven.

Atlan en Melbar Kasom droegen de moderne gevechtspakken, die uiterlijk op de USO-modellen leken. Roi zag er erg ongelukkig uit in zijn ruimtepak, dat verder veel taaier was dan je zou denken. Alle drie hadden ze de normale energie- en luchtverversingspaketten op hun rug hangen. Daarin waren de hogedrukpatronen met het gevechtsgas gemonteerd.

 

Toen de druk geneutraliseerd was en de binnendeuren opengleden, bevonden ze zich in het klimaat- en luchtverversingscircuit van de Omaso. Atlan kende de constructie goed. Zolang de overal aangebrachte waarschuwingstasters geen luchtverontreiniging, drukverlies of kritieke temperatuurverschillen registreerden, werd de voorziening van goed gedoseerde frisse lucht verzorgd door de bijbehorende robotcentrale. Maar Roi had ze verzekerd dat het gas een bijzonder biologisch gevechtsmiddel was, waar de tasters niet op reageerden! Daarom was het voor Atlan de gewoonste zaak van de wereld geweest om meteen na het aanfloepen van de groene lampen het ventiel te bedienen en de inhoud van zijn hogedrukfles naar buiten te laten stromen.

 

Het sissende en fluitende geluid werd geabsorbeerd door het verwachte geraas van het binnenluik dat open gleed. Voordat het helemaal open was, verstomde het hoge gefluit al. De gasmassa was voldoende om twee schepen van de orde van grootte van de Stardustklasse te bedwelmen: Het was de hoogste tijd. Dentcher, Hagenty en een ingenieurofficier stonden in de hal van de sluis. Ze keken de naderende mannen met lege ogen aan. Rechts en links van de wanden stonden ongeveer twintig zwaar bewapende soldaten van de landingspatrouille. De glanzende lopen van hun thermostralers waren op de 'overlevenden' gericht.

 

'Geen gezeur!' riep Dentcher met trillende stem. 'Handen omhoog, Sir! U ook, Mr. Peruton!' De ingenieur, een reusachtige majoor met grijs haar, deed een stap opzij, ontweek de vuurlijn en kwam op de mannen af, die stokstijf waren blijven staan.

'Zijn jullie nou helemaal gek geworden?' zei Atlan ijzig. 'Ik zag meteen al, dat er iets met jullie niet in orde is. Majoor Peruton, de commandant, wordt met ingang van heden ontheven uit zijn functie.' Niemand zei iets. De leidende ingenieur kwam naar ze toe. Melbar Kasom liet langzaam zijn hand zakken. Een straalschot zwiepte vlak langs hem tegen de stalen wand, zodat het hete, vloeibare metaal tegen zijn benen spetterde. Kasom bleef roerloos staan. De gepantserde buitenkant van zijn gevechtspak was nog onbeschadigd. 'We menen het serieus. Mij zal niemand arresteren,' verklaarde Dentcher met een vluchtige glimlach. Die ebde meteen weer weg. 'Salmon, opschieten.'

 

Atlan had voor het vertrek de lijst met bemanningsleden doorgenomen. Majoor Salmon Peruton was een van de beste chef-ingenieurs van de vloot.

Atlan bleef onbeweeglijk staan. Hij hield zijn handen ter hoogte van zijn borst.

'Wat is hier aan de hand, Dentcher? Muiterij?'

'Misschien, Sir. Wees verstandig. Laat u ontwapenen.' 'Hartelijk bedankt. Zeer voorkomend van u. Ik zal u voor de krijgsraad gooien.'

De lange, slanke man met zijn tanige gezicht en zijn forse, fiere neus; een man, die als koel tacticus en superieur spotter bekend stond, reageerde niet. Hij luisterde naar zijn innerlijke stem.

Majoor Peruton pakte de wapens van de mannen. Hij betastte de gevechtspakken en zei na een korte aarzeling:

'Uitkleden. Onmiddellijk. Ze hebben ingebouwde deflectorschermen en veiligheidsschermprojectors.'

'Dat is normaal bij gevechtscombinaties van de USO, Mr. Peruton,' schreeuwde Atlan. 'Mag ik nu eens weten wat voor spelletje er hier wordt gespeeld? Wilt u soms overlopen naar de Blues?' 'Als dat alles was, Sir!' stamelde majoor Hagenty, waarna hij met een kreet van pijn op de grond viel. Roi zag verbijsterd, dat deze officier werd gestraft. Hij scheen plotseling last te hebben van afschuwelijke hoofdpijn.

 

Hagenty, de man die de commandant had overgehaald om in zee te gaan met de kristalagenten, scheen nog behoorlijk verzet te bieden. Zoeven had hij zomaar een helder ogenblik gehad. De straf was ontzettend.

Roi redde de situatie door klagelijk te jammeren:

'En ik? Wie heeft de euvele moed om mijn bloedingen te negeren? Wie waagt het mijn blessure over het hoofd te zien? Ik val flauw.' Roi viel inderdaad om. Op hetzelfde ogenblik vond de lang verwachte aanval van de kristalagenten plaats. Ze sloegen toe met een fantastische suggestieve kracht. Atlan en Kasom ervaarden de aanval in de vorm van een toenemende druk op hun hersenen. Roi voelde alleen maar een milde spanning, waaruit de manier van bevelen makkelijk af te lezen was. Niemand kon weten dat de bij hem toegepaste hersenincisie veel ingrijpender was geweest dan bij Kasom of Atlan.

 

Roi besloot zich bewusteloos te houden. Atlan en Melbar Kasom stonden met vertrokken gezichten voor de gespannen hypnoslaaf en verzetten zich tegen de bevelen. Ze werden gedwongen om zich met luider stem als dienaar kenbaar te maken.

'Zo zit dat dus!' hijgde Atlan na een poosje. 'Ik begrijp alles! Ter informatie, Dentcher: Ik heb de bezetting van de reuzenrobot Old Man meegemaakt. Ik ken deze krachten. Jammer genoeg ben ik immuun. Het gaat al stukken beter.' 'Dat is bekend,' zei Dentcher. 'Het was een experiment... Maar wat heeft u eraan, Sir? U bent alleen, of bijna alleen in ieder geval.' 'Hadden we die noodkreet maar niet uitgezonden,' zei Kasom met dreunende stem. 'Peruton, haal je handen weg of ik word kwaad. Weg!'

Roi Danton kwam plotseling weer bij en mummelde: 'Oro, nat scheren, graag. Ik -rrr...!'

Roi viel achterover. Atlan keek ongemerkt op zijn horloge. Sinds het naar buiten stromen van het gas waren er exact elf minuten verstreken. Ze moesten nog negen minuten overbruggen ...

Precies om 9:45 uur moest het middel effectief worden, met een tolerantiegrens van plus-minusgrens van dertig seconden. Dit was een variabele door de verschillende snelheden, waarmee de afzonderlijke afdelingen van frisse lucht werden voorzien. Atlan trad opnieuw handelend op.

 

'Breng ons naar de centrale. Daar is mijn plaats. Ik ben bereid om contact op te nemen met jullie meesters. Ze zullen naar me luisteren. Ik heb enkele voorstellen te doen, als intelligent wezen ten opzichte van andere intelligente wezens.' Atlan kon niet horen wat voor bevelen Dentcher kreeg. De agenten uit het 'niets' schenen nieuwsgierig te worden; een eigenschap die je niet van ze zou verwachten. Kasom begreep de wenk. Hij rukte zo snel mogelijk de sluitingen van zijn combinatie open en liet hem op de grond glijden. Atlan was iets eerder klaar. Salmon Peruton was tevreden. Hij deed een stap achteruit. Hij lette niet op Roi's gewone vrachtvaarderspak. Atlan vloekte innerlijk. Uitgerekend de vrije handelaar had weer eens de beste kaarten getrokken. 'Volg me,' zei Dentcher op doffe toon. 'U hebt toestemming om de door u vermelde commandopost te bezoeken. Uw beschermende kleding blijft hier.'

 

Atlan zette zich snel in beweging. Kasom hees de 'bewusteloze' vrije handelaar op zijn schouder en volgde zijn chef.

Het kijken op het horloge werd vanaf dat moment een martelende ervaring. Na de vijfde keer werd Atlan overspoeld door paniek. Hij dacht dat zijn horloge stuk was, hij dacht dat de dosis gas te klein was geweest.

Kasom had de zelfde indruk. Alleen Roi Danton observeerde alles met de vereiste nuchtere blik. Hij liet zich niet beïnvloeden. Hij wist hoe mensen onder hypnose zich bewogen en hoe ze er uitzagen. 'Sneller,' snauwde hij tegen Kasom. 'Verdomme, zijn we nou nog niet bij die centrale?' Kasom kon niet sneller. Atlan beheerste zich met moeite. De controleruimte was de sleutel tot hun succes. Van daaruit konden alle sluizen en hermetische ruimtes door het bedienen van de catastrofeschakelaar luchtdicht worden afgesloten; maar dan ook alleen van daaruit!

 

Maar het was noodzakelijk dat alle afdelingen en hoofdsluizen werden afgesloten om de in twintig hangars geconcentreerde kristalmassa vast te kunnen houden. De weg naar de centrale antizwaartekrachtlift werd een marathon voor de uitgeputte mannen, die alleen maar de meest onverkwikkelijke episode uit de geschiedenis van de Terraanse ruimtevaart zo snel mogelijk wilden vergeten. Atlan keek weer op zijn horloge. Nog acht minuten voor het effect. De wijzers schenen stil te staan.

Het plan was zorgvuldig voorbereid, logisch, psychologisch en technisch tot in details gefundeerd. Toch was het mislukt als Melbar Kasom er niet was geweest. Een minuut voor het kritieke tijdstip, het was 9:53 standaardtijd, waren ze gearriveerd bij het centrale hoofdluik. Het snelle openingsmechanisme deed er zoals gewoonlijk dertig seconden over. Resterende tijd: Dertig seconden of minder, als de tolerantiegrens anders uitviel. Misschien wat meer, als de plusfaktor optrad. Niemand kon het precies zeggen. Roi bungelde nog steeds met slappe armen en benen over Kasoms schouder. Zijn vreemde lorgnet, waarin allerlei technische snufjes verborgen zaten, had hij onopvallend kunnen pakken. Een tweede aanval van de hypnosuggestieve indringers had hij rustig over zich heen laten gaan. De aanval was alleen voor hem bedoeld geweest. Hij had zich volgens het bevel moeten laten vallen en daarna omhoog springen. De test van de kristalagenten was negatief uitgevallen. Deze koning van de vrije handelaars moest bewusteloos zijn.

 

Het luik gleed eindelijk open. Atlan duwde, zogenaamd doordat hij struikelde, zo hard tegen overste Dentcher, dat deze door de zekeringruimte werd geslingerd. Hij struikelde over de drempel van de openstaande ingang. 'Kijk toch uit,' schreeuwde Atlan, kennelijk buiten zichzelf van woede. 'Sinds wanneer staat een Terraanse commandant niet meer vast op zijn voeten? Waar blijft het contact met jullie opdrachtgevers? Ik kan ze helaas niet rechtstreeks verstaan. Mr. Peruton, zijn er technische hulpmiddelen?' Terwijl hij dat zei, stapte Atlan de centrale in. Kasom duwde Hagenty en Peruton opzij en volgde hem. Drie bewakers trokken hun wapens. Ze zouden meteen geschoten hebben als Atlan zijn handen niet omhoog had gedaan. De lopen zakten weer.

 

Op dat moment hadden de reusachtige luchtverversingsinstallaties van de Omaso al drie keer het gas door het kringloopsysteem gejaagd. Roi's voorspelling kwam uit: De chemische automatische tasters hadden de verontreiniging niet kunnen vaststellen! Op dat moment kreeg een korporaal van de wacht opeens glazige ogen en viel als door de bliksem getroffen op de grond. De tolerantieduur tussen de eerste reactie en het algemeen worden van het effect bedroeg volgens Roi in extreme gevallen tien seconden. Dat klopte; Kasom had dat gecontroleerd bij het verdoven van de tachtig vrije handelaars. Toen de eerste man abrupt buiten westen raakte, waren er nog geen twintig minuten verstreken. Dit incident was niet voorgevallen als hij niet erg gevoelig was geweest en op een andere plek had gestaan. Peruton, de reus met het grijze haar, riep iets. Twintig gewapende mannen slingerden met typische Terraanse reactiesnelheid hun stralers omhoog. Ze wisten nog niet, waar ze op moesten mikken. Dat was een geluk voor Atlan. De Arkonide stond met zijn handen in de lucht naast de hoofdingang en maakte daardoor een onschuldige indruk.

 

De korte aarzeling was voldoende. De gewapende mannen stortten plotseling neer alsof ze door de bliksem waren getroffen. Alleen Peruton, Hagenty en twee anderen bleven op de been. Ze kregen onmiddellijk bevel om aan te vallen.

'Dood ze!' hoorde Roi langs hypnosuggestieve weg.

 

Zijn waarschuwende kreet volgde sneller dan de reus met het grijze haar kon schieten. Melbar Kasom had zich allang op dit moment voorbereid.

Hij spreidde zijn armen; zijn vuisten kwamen tegelijkertijd neer op de hoofden van Hagenty en Dentcher, die ook nu onbeschrijflijk taai bleek te zijn. Dat was wel in het voordeel van zijn redders. De beide officieren renden de centrale in, alsof ze door stoomhamers waren de belaagd. De twee andere bewakers, die nog in de sluis waren, zouden het beulswerk opgeknapt hebben als Kasom en Roi niet tegelijk waren opgetreden. De ragfijne straal uit Roi's lorgnet raakte de gewapende man. Hij verstijfde en begon te wankelen. Een tweede schot was er niet meer van gekomen als de Ertruser niet achteruit was gesprongen en tegen de vijand gebotst was. Kasom haalde uit. Zijn tegenstander was de enige dode aan boord van de Omaso.

 

Atlan rende al weg. Hij dacht alleen maar aan de rode hendel die in een van de leuningen van de commandostoel gemonteerd was. Hij sprintte door de grote ruimte, sprong over bewusteloze mannen en stopte pas, toen hij tegen de stoel botste.

Abrupt rukte hij de hendel naar voren. Toen het schrille geloei van de alarmsirenes weerklonk en overal in het schip de luiken dichtklapten, stond behalve de drie bezoekers nog maar een man stevig op zijn benen.

Het was majoor Salmon Peruton, die niet alleen Kasoms klap, maar ook het gas had getrotseerd. Hij ontzekerde zijn wapen en begon te schieten.

De stoel van de commandant explodeerde voor Atlans ogen. De Arkonide werd door de golf hete lucht achteruit geperst. Voordat hij op de grond viel, stormde Kasom al door de ruimte. Perutons tweede schot siste langs Melbars hoofd en produceerde een metalen vulkaan naast Danton, die met zijn kleine wapen de rondzwalkende commandant verdoofde.

Het volgende ogenblik was Peruton ook bewusteloos. Kasom had alleen even met zijn vlakke hand zijn hoofd aangeraakt. Plotseling heerste er een doodse stilte in de Omaso. Atlan kwam overeind, wreef langs zijn arm en keek om zich heen. De sirenes zwegen. 'Voorbij!' zei Roi luid. 'Voel je 't ook?

Onze kristallen vrienden zijn razend. De controlelampen branden allemaal. Totale afsluiting alleen vanuit centrale te regelen. Hartelijk bedankt, Melbar! Deze jongeman hier wilde me in de rug schieten. Afschuwelijk! Wat zou ik er walgelijk uitgezien hebben!' Roi trok een heel vies gezicht. Toen zag hij dat de bewaker dood was. Kasom kwam stampend aangelopen en duwde hem opzij. 'Let er maar niet op. Het spijt me heel erg. Hij stond al op het punt om te schieten en in de opwinding sloeg ik te hard. Kijk maar niet. Die arme kerel is gestorven, zonder te weten waarvoor.'

 

Danton stond op. Zijn lorgnet bungelde aan zijn gouden ketting. 'Er zijn al vele miljoenen mensen gestorven, zonder te weten waarom. Kijk maar naar de geschiedenis van onze gemeenschappelijke moederplaneet. Valse idealen hebben miljoenen mensen het dodelijke vuur van anderen in gejaagd, anderen, die net zo min wisten waarom ze hun gezondheid en leven riskeerden. "Geen andere mogelijkheid", zeiden ze dan. "Vaderland of vrijheid, wij of een dode vijand". Zij kunnen niets inbrengen tegen de zonden van degenen, die het bevel gaven tot deze massamoorden. Niets anders dan een zinloze daad van verzet. U vergist zich danig in de militairwetenschappelijk vastgestelde verliesgrenzen.' 'Hou je mond,' zei Atlan zeer luid, maar kalm. 'Wat weet jij nou van de geschiedenis van de mensheid?' Roi's ogen schenen vuur te spuwen.

'Ik had een hele goeie leraar, Sire.' Atlan zocht naar woorden. Kasom begaf zich naar de grote radiocentrale en bracht de zenderaggregaten op gang.

 

Vijf minuten later zonden de antennes het afgesproken codesignaal uit. Rasto Hims meldde zich ogenblikkelijk.

'Kom terug,'beval Atlan. 'Wij zijn in de Omaso. De kristaleenheden zitten absoluut luchtdicht opgesloten in de twintig sloepenhangars. Kom niet te dicht in de buurt. Veilige afstand minstens tienduizend kilometer. Is admiraal Con Bayth op de hoogte?'

'Hij wacht op mijn verslag, Sir.' Atlan glimlachte. Hims scheen steeds meer respect voor hem te krijgen.

'Zeg hem dan, dat hij met de veertiende offensieve USO-vloot onverwijld naar Darla-Copus moet vertrekken. Peil hem en loods hem naar de juiste plaats. De bewustelozen aan boord van de Omaso worden overgebracht naar de Francis Drake. We zullen een robotpatrouille op pad sturen. Dat duurt wel even. Voordat ze bijkomen, moeten ze op het vrijbuiterschip zijn.' 'Vrije handelaars, verdomme!' 'Goed, langzamerhand heeft u wel recht op die titel. Start en stuur ons een van uw sloepen. Op veilige afstand de bemanning de sluis uit en langeafstandsbediening inschakelen. Per lading vijfhonderd man erin. Schiet op.'

'Breng mijn reukflesje mee, edelman Hims,' kreunde Roi. 'Zoals u ziet, ben ik ernstig geblesseerd. Snel, ik lijd vreselijk.' De eerste die na uren weer hartelijk kon lachen, was Rasto Hims. Hij lachte nog, toen zijn acht sloepen na een perfect uitgevoerde lineaire manoeuvre op de voorgeschreven veilige afstand de Einsteinruimte in doken.

Hij riep de daarop voorbereide automatische piloot van de Francis Drake met een codesignaal op en haalde het reuzenschip door middel van langeafstandsbediening weg uit de dodelijke invloedssfeer van de kristallen.

 

Omstreeks 10:35 uur meerde het korvet, dat ook uit de verte werd bestuurd, af langs de onderste laadsluis van de Omaso. Vijfhonderd verdoofde mannen werden door geherprogrammeerde robots naar beneden gebracht en in het kleine schip gedeponeerd. De noodverbinding, een slang van kunststof, functioneerde uitstekend. Niemand, zelfs Atlan niet, merkte dat Danton in deze chaos alleen op pad ging.

Hij was plotseling verdwenen. Toen hij terugkwam, gaf hij aan Atlan twee hermetische afgesloten en stralingsvrije tanks. Die werden normaliter voor laboratoriumexperimenten gebruikt. 'Stel maar geen vragen, Sire. In beide tanks zit een stuk kristal, zo groot als een biljartbal. Deze geringe massa, bovendien goed afgesloten, is ongevaarlijk. De zwakke hypno-impulsen kunnen door iedereen genegeerd worden, vooral omdat ze ongemotiveerd en niet gericht zijn. Ik dacht dat dit wel interessant zou zijn voor de Terraanse wetenschap.'

Atlan werd bleek.

'Hoe, hoe ben je die hangars in gekomen? Roi, ben je helemaal schoon? Heb je niks meegenomen?'

'Geen spoor. Om binnen te komen, maakte ik gebruik van een afgesloten luchtkoker, die ik natuurlijk eerst opende. Als vluchtweg diende het kleine manluik in de buitendeur. Maar zo snel als u denkt, kunnen geconcentreerde kristalmassa's niet vervluchtigen en als stof een specifieke koers aanhouden. Ik houd me beschikbaar voor detectoronderzoek.'

 

Dat gebeurde dan ook, nadat de laatste man van de Omaso in de veiligheidssluis van de Francis Drake getest was. De tasters konden het kleinste kristalstofje door zijn hypnotiserende straling onmiddellijk signaleren. Daar stonden Roi's ervaren technici garant voor. De Omaso veranderde in een dood schip, waarin alleen nog reusachtige kristalmassa's vertoefden. Hun hypnosuggestieve aanvallen werden zelfs nog op een afstand van dertigduizend kilometer gesignaleerd; maar niemand kon worden gedwongen om op deze wanhoopsbevelen in te gaan. Toen Con Bayth met zijn achthonderd ruimteschepen arriveerde, hoefde hij het werk alleen maar af te maken. Atlan offerde een waardevol slagschip op, in het besef, dat er geen andere mogelijkheid bestond om de herauten van de dood, afkomstig uit het 'niets', te overwinnen. Het solaire vlaggeschip Omaso explodeerde in een gierende hagelstorm uit tweehonderd transformatiekanonnen, waardoor hij de kern van een snel uitdovend reuzenzon werd.

 

12.

Vlak na de aankomst van de veertiende offensieve USO-vloot onder commando van Con Bayth, was een kruiser van de Morgenroodvloot gearriveerd. Daarop bevonden zich de drie niet-beïnvloede mannen van de Omaso. Ze waren door commandant Ansuna opgepikt, medisch verzorgd en naar de Morgenroodvloot gebracht. De mannen meldden zich goed uitgerust en met schone uniformen aan op Bayths vlaggeschip, de ultrareus Tomaso. Atlan ontving ze in de admiraalskajuit. Danton, Con Bayth, Melbar Kasom en Oro Masut waren ook aanwezig.

 

Overste Pen Tunither beschreef de gebeurtenissen op de Omaso. Daaruit bleek,dat overste Dentcher lang had geaarzeld voordat hij toestemming had gegeven voor een verkenningsvlucht. Commandant van de landingspatrouille was majoor Phil Hagenty geweest. Hij was kennelijk ook als eerste beïnvloed. Atlan nam afscheid van de mannen met de suggestie, dat ze als getuige van de gebeurtenissen konden optreden. De behandeling voor de krijgsraad zou onder voorzitterschap van Perry Rhodan aan boord van de Crest IV plaatsvinden. 'Waarom?' informeerde Roi, toen Tunither, Mungu en Hestinger verdwenen waren.

Atlan liep naar de drankenautomaat. Hij liet een beker vol lopen, draaide zich om en zei: 'Zodat ik de zekerheid heb dat Dentcher en consorten eerlijk en juridisch-exact behandeld worden. Er zijn vele vlootcommandanten die de psychologische aspecten van deze zaak liever over het hoofd zouden zien. Volgens mij is een starre toepassing van de wet hier niet de aangewezen weg. Als men bij de staf al weet dat Dentcher in bepaalde opzichten labiel is en bij overbelasting van zijn vermogens de psychogrens overschrijdt, dan moeten ze hem ook niet het commando over een slagschip geven. Als stafofficier zou hij op grond van zijn vermoedelijke capaciteiten ontslagen zijn.'

 

Dentchers handelwijze moet zorgvuldig doorgelicht worden, voordat hem moreel de nek wordt gebroken. Toch heb ik nu geen andere keuze dan hem meteen degraderen. Dat is hard. Als hij daar kapot aan gaat, zal dat hem helpen bij het vonnis. Dan zal hij namelijk in ieder geval als een zieke worden beschouwd en zullen ze hem misschien vrijspreken. In ieder geval is het dan gedaan met zijn carrière. Men zal verder zeggen: "Zand erover."

 

Hoe gaat het met de drenkelingen?'

'Ze zijn allemaal ontwaakt. De hypnosuggestieve invloed is geweken. Ze weten wat er tot de aanval van de kristallen is gebeurd. De gebeurtenissen daarna zijn niet in hun geheugen verankerd. Ik heb net ter informatie de beeldnotities aan de mannen laten vertonen. Er zijn er genoeg.'

 

Op het beeldscherm van de admiraalskajuit doofde langzaam de reusachtige atoomzon. Dat was alles, wat restte van de Omaso. Atlan dronk zijn beker leeg en stond weer op.

'Dan gaan we maar eens. Ga maar mee. Dentcher moet in tegenwoordigheid van zijn bemanningsleden gedegradeerd worden' 'Een tamelijk hard gebaar, Sire! Kan het niet onder vier ogen?' Roi's gezicht verstrakte. Atlan keek hem lang aan, voordat hij zei: 'Jonge vriend, je hebt nog niet goed begrepen hoe moeilijk het is om een sterrenrijk bijeen te houden. Omdat voor elkaar te krijgen heb je op de eerste plaats betrouwbare bemanningen nodig met nog betrouwbaardere commandanten. Ik moet je verzoeken om je in ieder geval niet met de procedure te bemoeien. Je hoort niet bij de vloot.' Roi keek de drie mannen na. Oro Masut zocht in de automaat naar een alcoholisch drankje.

 

'Wat een klap! Ze weten van wanten bij de USO!'

'Geen afleidingsmanoeuvres alsjeblieft. Oro, ik heb mijn vader nog nooit benijd om zijn functie. Nu helemaal niet! Wat zal hij doen als die overste met zijn haakneus voor hem staat?'

Oro nam duidelijk genietend een slok.

'Hm. Atlan heeft gelijk. Je moet nog veel leren. Op onze elegante manier zijn die dingen niet op te lossen. Je vader moet hard zijn. Maar niet zo hard, dat het algemene opschudding verwekt. Dat noemen ze nou psychologie. Een man, die in zulke situaties ook de juiste middenweg weet te vinden, is in staat om een imperium te leiden.' Danton schikte zijn pruik, schoof zijn degen in de schede en schreed naar de deur. De robots salueerden.

'Charmant, charmant!' mompelde Roi verstrooid.

 

Buiten in de gang stonden nog meer wachtposten. Ze hoorden bij de bemanning van de Tosoma. Roi Danton begon dadelijk te trippelen en door zijn lorgnet te gluren.

Een officier groette. 'Prima, mijn beste, prima,' lispelde de koning van de vrije handelaars. 'Van wie hebt u die goede manieren? Was uw vader misschien boven het ordinaire gepeupel verheven?'

'Nou en of,' grijnsde de tanige USO-kapitein, 'Hij is nog steeds directeur van een bekend slachthuis op Sirina-Delta. We verwerken alles wat eetbaar is en blikken het in. Af en toe zit er een vrije handelaar bij.'

Roi liep verder. Met koloniale Terranen discussiëren was bijna nog erger dan je inlaten met op aarde geboren Terranen.

 

 

Perry Rhodan was gedwongen een slagschip van de solaire vloot op te offeren om de mysterieuze vijand onschadelijk te maken.

Daarmee is een gevaar voor de mensheid afgewenteld maar wel hangt de reuzenrobot Old Man nog als een groene maan boven Jelly City. Hij houdt het leger slaven in het oog…

 

 

Perry Rhodan 0307 - De macht van de glazigen
0307 - De macht van de glazigen.htm
Section0001.xhtml