7. Een stiekeme tocht

Toen Lisa om vijf uur bij de achterdeur van de keuken kwam, was Janet net bezig het brood in te laden.

'Ga maar gauw zitten,' zei ze. 'En wel meteen duiken. Niemand mag je zien.' Het was heerlijk warm in de bestelauto van Janet en het rook er zo lekker. Lisa zat in elkaar gedoken op de bodem, voor de stoel van de bijrijder. Nu stapte ook Janet in. Ze ritselde met iets in haar tas en hield Lisa een soesje voor. 'Voor onderweg.'

Heel voorzichtig beet Lisa erin om de slagroom niet alle kanten op te laten spuiten. 'Het is al een oud beestje,' riep Janet met volle mond. Meteen klonk er een afgrijselijk geronk en gepuf. Het dreunde in Lisa's borst, haar voeten trilden, maar toch had ze zich nog nooit zo vrolijk gevoeld in een auto. Ze gingen op weg naar Sofie! Als ze haar nu maar snel konden vinden ...

Na een paar minuten nam het geraas en gerammel af en ging het over in gepruttel en gesputter. Opeens stond het autootje stil. Lisa wilde al overeind komen, toen Janet bezwerend haar hand op haar hoofd legde.

'Nog niet!' zei ze. 'Eerst moet ik nog iets afgeven bij mevrouw Boulanger. Die woont hier tussen de beide gebouwen in, dus blijf goed weggedoken zitten, want ze mag je absoluut niet zien.' Daarna sloeg Janet het portier van het autootje met een klap dicht, zodat alle ramen hevig narammelden. Na ongeveer drie minuten kon Lisa zich niet langer beheersen. Haar knieën deden pijn, haar voeten jeukten, maar vooral wilde ze heel graag zien hoe het huis van Boulanger eruitzag. Langzaam kwam Lisa overeind, ging op haar knieën zitten en stak haar hoofd boven de rand van het raampje uit. Het huis van mevrouw Boulanger was veel groter en mooier dan Lisa zich ooit had kunnen voorstellen. Het was geel, met een witte deur in het midden en grote ramen aan weerszijden. Op het dak lagen glimmende blauwe dakpannen. Lisa staarde ernaar en al gauw was ze vergeten dat ze alleen maar even snel zou kijken. Ze schrok op toen ze naast het huis iets zag bewegen. Bella! Voorovergebogen liep ze iets te zoeken op het tuinpad en in het gras. 'Ritsaart!' riep ze zachtjes, maar omdat ze niet ver van het autootje van Janet af was, kon Lisa haar goed horen. Snel liet Lisa zich terugzakken in haar schuilplaats. Als dat kind maar niet in het autootje keek! Lisa's hart klopte in haar keel.

'Ritsaart!' klonk het nu, wanhopiger dan eerst, maar nog steeds gedempt. Wedden dat haar moeder hier niets van afweet, dacht Lisa. Meteen daarna hoorde ze aan de achterkant van de auto een plofje, gevolgd door zacht getrippel. Tussen de beide voorstoelen door loerde Lisa naar achteren. Janet had de achterklep van haar auto open laten staan. Na een paar tellen zag Lisa iets bewegen. Het was klein, het was bruin en het had een staartje. Een rat! Het beest rende kriskras door de wagen, totaal verward door al die heerlijke geuren. Voorzichtig strekte Lisa haar hand uit, die nog kleverig was van de slagroom. De rat stak zijn trillende snuitje in de lucht en kwam toen op Lisa's vingers af. Snuffelend ging hij van haar vingertoppen naar de palm van haar hand en verder naar haar pols toe. Op dat moment greep Lisa hem stevig vast. Er klonk een angstig piepje toen Lisa haar buit naar zich toe trok. 'Hebbes!' fluisterde ze. Buiten de auto, op een paar meter afstand, riep Bella nog steeds zachtjes: 'Ritsaart! Ritsaart!' Opeens stak Lisa haar hoofd voor het raampje. Triomfantelijk hief ze haar handen in de lucht met de hevig spartelende Ritsaart daartussen. Bella's ogen werden groter. 'Zoek je die soms?' vroeg Lisa. 'Ja!' zei Bella, en door de manier waarop ze schielijk achterom keek naar het prachtige witte huis, wist Lisa genoeg. Mama Boulanger wist inderdaad niets af van het bestaan van Ritsaart. Met de ene hand draaide Lisa het raampje open, terwijl ze met de andere Ritsaart tegen zich aan drukte.

Aarzelend kwam Bella dichterbij. Het leek alsof ze bang was dat Lisa op het laatste moment het raampje weer zou sluiten. Plechtig zette Lisa Ritsaart op Bella's uitgestoken handen. Alsjeblieft,' zei ze.

'Wil je ... mijn moeder ...' Lisa had Bella nog nooit zo nederig gezien. 'Ik zeg niets,' zei Lisa.

'Hoe ziet je zusje eruit?' vroeg Janet toen ze het

complex van de onderbouw naderden.

'Ze heeft blond haar,' zei Lisa. Ze wilde over

Sofie's staartjes beginnen, toen ze haar zusje

opeens weer voor zich zag zoals ze langs het

sportveld voortploeterde.

'Ik weet het eigenlijk niet,' zei ze. 'Ze is

natuurlijk in uniform. Ze ziet eruit als iedereen.'

'Hoe heet ze?'

'Sofie.'

'Oké, jij blijft hier,' zei Janet, terwijl ze de parkeerplaats op draaide. 'Misschien vind ik wel een manier om haar even hier te krijgen.'

In Janets stem klonk twijfel door. Lisa zat nog steeds op de vloer van de auto, zodat toevallige voorbijgangers haar niet konden zien. Ze hoorde hoe Janet een krat achter uit de auto haalde. Daarna waren er haar voetstappen, die zich steeds verder verwijderden, en toen niets meer. Er klonk geen enkel geluid, geen enkele kinderstem. Zou Sofie het nog akeliger hebben dan zij? Lisa's maag trok samen bij die gedachte. Het was zeker tien minuten later toen Lisa de stem van Janet weer hoorde. Ze praatte met iemand bij de schooldeur.

'Als er klachten zijn, hoor ik het wel.' Janets lach was het enige vrolijke dat er in de wijde omtrek te horen was. Lisa hoorde haar weer dichterbij komen. Ze wist het zeker: het was niet gelukt. Janet had Sofie niet kunnen vinden. Ze had immers al afscheid genomen. Toen werd het portier aan haar kant met een ruk geopend. Bijna viel ze achterover naar buiten. Ze kon zich nog net aan de stoel vastgrijpen, toen ze een blije kreet hoorde. 'Lisa!' 'Sssst!' deed Janet. Maar Lisa was niet meer te houden. 'Sofie!' riep ze zo zacht als ze kon. 'Ai!' zei Janet. 'Lawaaischoppers! Ga maar even op mijn plaats zitten, Sofie, dan kunnen jullie praten. Maar wel op de grond!'

Janet ging in de achterbak van haar wagentje zitten. Ze knabbelde hoorbaar op een cracker. Lisa en Sofie keken naar elkaar. Ze pakten eikaars handen en knepen erin tot het pijn deed. 'Hoe is het?' fluisterde Lisa. 'Slecht,' zei Sofie. 'Het is afschuwelijk daar. Ik moet deze week elke dag afwassen. En de lessen zijn stom en sommige meisjes ook. En bij jou?' 'Hetzelfde,' zei Lisa.

'Konden we elkaar maar vaker zien,' zei Sofie. 'Misschien verzin ik wel iets,' zei Lisa. Ze zou niet weten wat, maar Sofie zag er zo somber uit. 'Meiden, ik moet weer terug. Anders valt het op. Nemen jullie afscheid?'

Lisa kuste Sofie op de wang, en even liet Sofie haar hoofd opzij zakken tegen dat van Lisa aan. 'Ik ga,' zei ze. Ze wurmde zich omhoog en sprong naar buiten. Lisa keek haar na. Toen bleven haar ogen hangen op de plek voor Janets stoel. De plek waar zojuist nog haar zusje zat.