62
Crawford richtte de lichtbundel van de schijnwerper op het gapende gat dat de mariniers hadden gemaakt in de berg puin die de gang versperde.
Aan de andere kant van het gat verscheen een bestoft gezicht met een zandkleurige helm op. ‘Het is niet makkelijk, maar we kunnen erdoor,’ zei de marinier.
‘Mooi zo,’ reageerde Crawford. ‘Het gaat allemaal lukken.’
‘Kolonel, aan deze kant ligt veel bloed,’ merkte korporaal William Shuster heel zakelijk op. ‘Plus een paar vingers en andere dingen. Geen fraaie aanblik. Waarschijnlijk ligt er onder het puin ook nog van alles. Volgens mij kan niemand een dergelijke explosie hebben overleefd.’
Crawford hield zijn gezicht in de plooi. ‘Al-Zahrani is er ook uit gekomen. We moeten zorgen dat niemand hem dat na kan doen.’
Shuster klauterde over het puin, met in zijn hand een zaklamp en de M16 over zijn schouder. Zijn andere hand had hij gebald tot een vuist, en toen hij die opende waren er tal van metalen bolletjes te zien, bedekt met een plakkerig laagje. Typisch het soort kogeltjes dat in de vesten van zelfmoordterroristen wordt verwerkt. ‘Deze lagen op de grond,’ vertelde hij. ‘Met een laagje c-4 erop. Ik snap niet waarom iemand zich hier zou willen opblazen. Je zou toch zeggen dat ze beter hadden kunnen wachten totdat er een paar van ons in de buurt waren voordat ze op het knopje drukten... Dan hadden ze mooi een paar ongelovigen mee kunnen nemen naar het paradijs.’
‘Mysterie opgelost,’ grauwde Crawford voor de show. Niets van wat er was gezegd, verbaasde hem. Niet alleen de geur van motorolie had hem doen raden wat de oorzaak van de explosie was geweest. Stokes had hem op de hoogte gebracht van de onhandige schutter die om zich heen had geschoten terwijl een ander van het stelletje terroristen met kneedbommen was beplakt. Doordat de camera’s geen beeld meer verstuurden, had Stokes echter niet geweten welke grote schade er was aangericht. En de rustige stilte aan de andere kant van het puin was verontrustend. Crawford had juist activiteit verwacht. Heel veel activiteit. En niet van de opgesloten Arabieren. ‘Ik wil dat er een paar mannetjes door het gat gaan. Ik wil weten hoever die gang doorloopt, en ik wil heel zeker weten dat die verlaten is.’
‘We kunnen de PackBot sturen,’ stelde Shuster voor.
Daar wilde Crawford niet van horen. ‘Er is geen tijd voor robots. Niet denken, maar doen, korporaal.’
Het verwonderde Shuster dat Crawford zo door deze gang werd geobsedeerd, vooral na de verwoestende aanval die het peloton slechts ternauwernood had weten af te slaan, omdat Crawford had geweigerd om versterking aan te vragen. De hospik was door de ontvoerders van Al-Zahrani vermoord, zodat de gewonden zo goed en zo kwaad als het ging voor elkaar moesten zorgen. Iedere marinier die daartoe in staat was, had moeten helpen puin in de gang te ruimen. Niemand kon nog bevestigen dat Crawford om versterking had gevraagd, en daardoor was het peloton gaan mopperen en zette het vraagtekens bij Crawfords motieven. Bovendien was sergeant Richards spoorloos verdwenen, en dat zorgde voor nog meer onrust en onvrede onder de manschappen.
Crawford wendde zich tot de zes mannen die dicht op elkaar gepakt in de gang stonden. ‘Ramirez, Holt, jullie kruipen door dat gat en gaan met korporaal Shuster kijken wat daar allemaal is.’ De mariniers keken elkaar aan met een blik die duidelijk maakte dat ze op het punt stonden een bevel te negeren. Nog een reden om snel te handelen. ‘Heren, het is hier geen democratie. Zaklampen, wapens, en hup door dat gat. En aan jullie zenders hebben jullie niks in deze berg, dus laat die maar hier.’
De aangewezen mannen pakten met tegenzin hun M16 en lampen op, liepen langs Crawford en klauterden de berg puin op.
‘En waar is die verdomde Koerd?’ blafte Crawford.
‘Hier, kolonel,’ klonk het zacht van achter in de rij.
De vier mariniers maakten plek zodat Hazo zich langs hen kon wringen.
Crawford rechtte zijn rug. Hij moest erg zijn best doen niet te reageren op het uiterlijk van de Koerd. De tolk zag er uitgeput en koortsig uit, en zijn ogen waren rood. Het leek allemaal sterk op de eerste symptomen die Al-Zahrani had vertoond. Vanaf het begin van Operatie Genesis was Stokes heel duidelijk geweest over een virus dat uitsluitend mannen van Arabische afkomst ziek maakte. ‘Niet alleen terroristen zullen eraan overlijden, maar ook de onschuldige vaders van toekomstige terroristen zullen er slachtoffer van worden,’ had Stokes gezegd. Crawford keek de Koerd strak aan. ‘Als er overlevenden in die gang zijn, moet je ze maar tot rede brengen. Zeg maar dat ze verstandig moeten zijn en zich moeten overgeven. Kan ik op je rekenen?’
‘Jezus,’ zei Shuster opstandig, ‘die jongen is toch niet in staat om...’
Crawford zette zijn borst op, als een haan. Vervolgens stapte hij op Shuster af en hield zijn gezicht vlak bij dat van Shuster. Hun neuzen raakten elkaar bijna. ‘Korporaal, je gaat te ver.’
‘Laat maar,’ zei Hazo, en hij legde zijn hand op Shusters arm. ‘Ik help jullie graag.’
‘Ik hoop dat er niks vreselijks van komt,’ mopperde Shuster.
De aderen op Crawfords rood aangelopen gezicht zwollen op.
Shuster haalde het M9-pistool uit de holster en bood het Hazo aan. ‘Als je dan toch door dat gat gaat, kun je beter dit meenemen.’
Hazo knikte en pakte het pistool aan. Maar wat er ook te gebeuren stond, hij wilde niets doen wat tegen zijn geloof indruiste.
Gauw liet Shuster Hazo zien hoe de veiligheidspal van het wapen moest en hoe hij het kon afvuren. ‘Blijf achter ons,’ zei hij nog.
‘Doe ik,’ reageerde Hazo, en onhandig hield hij het wapen een eindje bij zijn lichaam vandaan.
Shuster klauterde omhoog en verdween door het gat.
‘Succes,’ zei Crawford tegen Hazo.
Zonder te reageren klom Hazo naar het gat.